Overleg gebruiker:I90Christian/Werkpagina

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Gebruiker:I90Christian/Kladpagina[brontekst bewerken]


Voorbeeld[brontekst bewerken]

Kingdom of the Netherlands in its region.svg

Ashton (Zuid-Afrika)[brontekst bewerken]

Ashton
Roodewal
Dorp in Zuid-Afrika Vlag van Zuid-Afrika
I90Christian/Werkpagina (Zuid-Afrika)
I90Christian/Werkpagina
Situering
Provincie West-Kaap
District Kaapse Wynland
Gemeente Langeberg
Coördinaten 33° 50′ ZB, 20° 3′ OL
Overig
Postcode 6715
Tijdzone ZAST
Portaal  Portaalicoon   Zuid-Afrika

Ashton (Nederlands, verouderd: Roodewal) is een dorp in de Zuid-Afrikaaanse provincie West-Kaap. Ashton behoort tot de gemeente Langeberg, dat onderdeel van het district Kaapse Wynland is.

Zie ook[brontekst bewerken]

Script[brontekst bewerken]

%%Paginanaam%%[brontekst bewerken]

%%Plaats%% is een %%Soort%% in de Zuid-Afrikaaanse provincie %%Provincie%%. %%Plaats%% behoort tot de gemeente %%Gemeente%% dat onderdeel van het district %%District%% is.

Zie ook[brontekst bewerken]

[[Categorie:%�tegorie%%]]

%%Interwiki%%


Abbotsdale, Albertinia (Zuid-Afrika), Arniston, Ashton (Zuid-Afrika), Aurora (Zuid-Afrika), Barrydale, Bettysbaai, Birkenhead (Zuid-Afrika), Boggomsbaai, Bonnievale, Brenton-on-Sea, Caledon (Zuid-Afrika), Calitzdorp, Chatsworth (Zuid-Afrika), Clanwilliam, Danabaai, Darling (Zuid-Afrika), De Doorns, De Kelders, Dennehof, Die Dorp Op Die Berg, Doringbaai, Ebenhaeser, Elandsbaai, Elgin (Zuid-Afrika), Elim (Zuid-Afrika), Fisherhaven, Franskraalstrand, Friemersheim (Zuid-Afrika), George (stad), Glentana, Gouda (West-Kaap), Gouritsmond, Greyton, Groot-Jongensfontein, Grottobaai, Haarlem (Zuid-Afrika), Hartenbos, Hawston, Heidelberg (West-Kaap), Herbertsdale, Heroldsbaai, Hopefield, Hotagterklip, Infanta (Zuid-Afrika), Kalbaskraal, Keurboomsrivier, Klapmuts (plaats), Klawer, Klein Brakrivier, Kleinbaai, Koekenaap, Koringberg, Kurland Estate, Kylemore, L' Agulhas, Laigsburg (plaats), Lambertsbaai, Langebaan, Langebaanweg, Languedoc (Zuid-Afrika), Leeu-Gamka, Lutzville, McGregor (Zuid-Afrika), Merweville, Montagu (Zuid-Afrika), Moorreesburg, Murraysburg, Napier (Zuid-Afrika), Nature's Valley, Nelspoort, Oudtshoorn (stad), Pacaltsdorp, Paternoster (Zuid-Afrika), Pearly Beach, Pniel, Port Beaufort, Porterville (Zuid-Afrika), Prince Alfred's Hamlet, Pringlebaai, Prins Albert (plaats), Rawsonville, Rheenendal, Riebeek-Kasteel, Riebeek-Wes, Riversdal, Riviersonderend, Robertsvlei, Saron (Zuid-Afrika), Sedgefield, Sint Helenabaai, Stanford (Zuid-Afrika), Suiderstrand, Suurbraak, Touwsrivier, Tulbagh, Uniondale (Zuid-Afrika), Velddrif, Vermont (Zuid-Afrika), Victoriabaai, Volmoed, Wittedrift, Wolseley (Zuid-Afrika), Yzerfontein, Zoar (Zuid-Afrika).

Politieke crisis Curaçao[brontekst bewerken]

Overige incidenten[brontekst bewerken]

Minister Monk

Oordeel[brontekst bewerken]

De Commissie-Rosenmöller presenteerde zijn rapport op 30 september 2011. De Commissie-Rosenmöller heeft inzage gehad in het screeningsrapport en schrijft daarover:

Reactie van Curaçao[brontekst bewerken]

Asjes zorgt voor resolutie van Parlatino


Aanleiding:

Na rapport:

etalagenominatie[brontekst bewerken]

Verwantschap tussen Afrikaans en Nederlands[brontekst bewerken]

Het artikel Verwantschap tussen Afrikaans en Nederlands heb ik geschreven als vervolg op Nederlands in Zuid-Afrika, dat tevens een etalage-artikel is. Net zoals bij de voordracht van het artikel over Columbus (hieronder) loopt de review nog door. Al heb ik samen met MADe - tijdens het reviewproces - het hele artikel flink bekeken. Op- en aanmerkingen over het artikel kunnen zowel hier als op de reviewpagina gemaakt worden. I90Christian (overleg) 12 feb 2012 18:23 (CET)

Voor opname Verwantschap tussen Afrikaans en Nederlands[brontekst bewerken]

  1. ...

Tegen opname Verwantschap tussen Afrikaans en Nederlands[brontekst bewerken]

  1. ...

Commentaar Verwantschap tussen Afrikaans en Nederlands[brontekst bewerken]


MK[brontekst bewerken]

MK
Type Muziekzender
Land Vlag van Zuid-Afrika Zuid-Afrika
Eigenaar Naspers
Uitzendgroep M-Net
Omroepsoort Muziek
Genre Pop, rap, hiphop
(Afrikaans en Engels)
Ontvangen
Satelliet DStv
Website
Lijst van televisiezenders
Portaal  Portaalicoon   Televisie

MK (acroniem van Musiek Kanaal) is een Afrikaanstalig televisiekanaal uit Zuid-Afrika.

De Goede Hoop[brontekst bewerken]

De Goede Hoop is 'n privaat koshuis in Pretoria. Die koshuis is in 2017 deur AfriForum gestig. Die stigting van die koshuis het opslae gemaak, omdat dit Afrikaans as enige kommunikasietaal gebruik en geen raskwota gebruik nie. Aangesien De Goede Hoop 'n private koshuis is, hoef dit nie te voldoen aan die raskwota van die Universiteit van Pretoria nie, waar minstens 43% van die nuwe geplaaste studente in koshuise swart moet wees.[1]

De Goede Hoop Studentevereniging is by die Universiteit van Pretoria geregistreer as studentevereniging. Sodoende kan inwoners van De Goede Hoop deelneem aan studente-aktiwiteite by dié universiteit.

Stigting[brontekst bewerken]

Planne om die koshuis te stig, is in 2015 ontwikkel. 2016 is benut om die koshuis te ontwikkel. De Goede Hoop het vervolgens op 28 Januarie 2017 sy deure geopen.[2]

AfriForum het met die stigting van die koshuis die doel gehad om Afrikaanse studenten se deelname aan die studentelewe te kan verseker, nadat dit volgens AfriForum tydens die FeesMustFall-betogings onder druk gekom het. By die FeesMustFall-betogings het duisende studente betoog teen hoë fooie en Afrikaans as onderrigtaal. Dit het gely tot die afskaffing van Afrikaans as onderrigtaal by die Universiteit van Pretoria.

Cornelius Jansen van Rensburg is die bestuursraadsvoorsitter van die koshuis.

Karakter[brontekst bewerken]

Die koshuis is 'n Afrikaanse koshuis, gegrond op Christelike waardes.[3] Enige student kan aansoek doen vir verblyf.

Kritiek[brontekst bewerken]

So 2 maande na die opening van die koshuis was daar opslae oor die karakter van die koshuis. Volgens die aktivis Yusuf Abramjee is die karakter 'eksklusief' en kom dit neer op segregasie.[4] Abramjee het 'n klag by die Universiteit van Pretoria sowel as by die Kommissie vir die bevordering en beskerming van die regte van kulturele, godsdienstige en taalgemeenskappe ingedien.[5]

Reaksie van die Universiteit van Pretoria[brontekst bewerken]

Volgens Candice Jooste, 'n woordvoerder vir die Universiteit van Pretoria, veroordeel die Universiteit die koshuis "ten sterkste" en distansieer hulle hulself daarvan.[6]

Ligging en uitleg[brontekst bewerken]

Die koshuis is geleë op die hoek van Jorrisen- en Verdoornstraat in Walkerspruit, Pretoria, sowat een kilometer van die Universiteit van Pretoria (Tuks) se hoofkampus en sowat twee kilometer van die Groenkloof-kampus. Mans en dames bly in verskillende vleuels op dieselfde perseel.

Primarii[brontekst bewerken]

Die koshuis het 'n primarius (vir die mansvleuel) sowel as 'n primaria (vir die damesvleuel).

Jaar Primarius Primaria
2017 Arie Oelofse Joanné le Roux

Verwysings[brontekst bewerken]

{{Verwysings}}

Eksterne skakels[brontekst bewerken]

{{Koördinate|25|45|26.1|S|28|12|52,6|O|aansig=titel}}

List of the territorial entities where Afrikaans and Dutch are official languages[brontekst bewerken]

Legal statuses Afrikaans and Dutch:
Countries where Dutch is an official or recognized language
Countries where Afrikaans is an official or recognized language
Dutch is a former official or recognized language of these countries
Countries with a amount number of Dutch or Afrikaans speaking immigrants

{{Pie chart |caption=Percentages of Afrikaans and Dutch speakers (assuming a rounded total of 46 million) worldwide. |value1=47.8 <!--or 22 million people--> |label1=Native Dutch |color1=#088A08 |value2=15.5 <!--or 7.1 million people--> |label2=Native Afrikaans |color2=#08088A |value3=22.4 <!--or 10.3 million people--> |label3=Afrikaans as second language |color3=#A9BCF5 |value4=14.3 <!--or 6.6 million people--> |label4=Dutch as second language |color4=#82FA58 }} The following is a list of the territorial entities where Afrikaans and Dutch are official languages. It includes countries, which have Afrikaans and/or Dutch as (one of) their nationwide official language(s), as well as dependent territories with Afrikaans and/or Dutch as a co-official language.

Worldwide, Afrikaans and Dutch as native or second language are spoken by approximately 46 million people. There is a high degree of mutual intelligibility between the two languages,[7][8][9] particularly in written form.[10][11][12] As an estimated 90 to 95% of Afrikaans vocabulary is ultimately of Dutch origin,[13][14][15] there are few lexical differences between the two languages;[16] however, Afrikaans has a considerably more regular morphology, grammar, and spelling.[7][11]

Afrikaans and Dutch as official languages[brontekst bewerken]

Afrikaans and/or Dutch are the official language of five sovereign countries, which lie in the Americas, Africa Europe. These countries are referred to as the Nederlands taalgebied (Dutch language area). The Netherlands, Belgium and Suriname are member states of the Dutch Language Union; South Africa refuses to become a member state although Afrikaans is integrated in the task statement of the Dutch Language Union.

Country Population
2011[17]
Speakers Notes
(native)[18][19][20] (second)[18][19][20]

Dutch
17,116,000 15,449,000 (90%) 687,000 (4%) De facto national language

Afrikaans
51,770,000 6,860,000 (14%) 10,300,000 (19%) De jure nationwide co-official language

Dutch
11,303,000 6,215,000 (55%) 1,469,000 (13%) De jure nationwide co-official language (majority language in Flemish Region and minority in Brussels-Capital Region)

Dutch
540,000 325,000 (60%) 215,000 (40%) De jure sole nationwide official language

Afrikaans
2,113,000 220.000 (10,4%) lingua franca Recognized national language
Total 82,834,000 29,069,000 12,671,000+

Dependent entities[brontekst bewerken]

Afrikaans and/or Dutch are co-official language in several dependent entities. At certain administrative levels in the Kingdom of the Netherlands and Belgium the Dutch language is a co-official language. The same happens with Afrikaans in South Africa.

Kingdom of the Netherlands[brontekst bewerken]

In the Kingdom of the Netherlands Dutch is the only language that has an official status in all spheres of administration. At the federal level, in most provinces and municipalities Dutch is the sole administrative language. However, in some constituent countries, a province and some municipalities Dutch is a co-official language, together with West Frisian, Papiamento or English.

Region Status of the region Status of the language
constituent country Dutch is a co-official language, together with Papiamento
constituent country Dutch is a co-official language, together with Papiamentu and English
constituent country Dutch is the de facto national language, except for Friesland and the Caribbean Netherlands
province Dutch is a co-official language, together with West Frisian
municipality Dutch is a co-official language, together with Papiamentu
municipality Dutch is a co-official language, together with English
municipality Dutch is a co-official language, together with English
constituent country Dutch is a co-official language, together with English

Belgium[brontekst bewerken]

At the federal level Dutch, French and German are co-official languages. In the Flanders Region Dutch is the sole official language. In Brussels-Capital Region Dutch and French are co-official languages. In the Wallonia Region French and German are co-official languages, but in 4 municipalities limited government services are also available in Dutch.

Region Status of the region Status of the language
(Dutch: Vlaanderen) Region Dutch is the sole official language. In 12 municipalities limited government services are also available in French
(Dutch: Wallonië) Region French and German are the sole official language in different areas. In 4 municipalities limited government services are also available in Dutch
Comines-Warneton Belgium.svg Comines-Warneton (Dutch: Komen-Waasten) municipality French is the sole official language, but limited government services are also available in Dutch
Armoiries Enghien commune.svg Enghien (Dutch: Edingen) municipality French is the sole official language, but limited government services are also available in Dutch
Blason ville be Flobecq.svg Flobecq (Dutch: Vloesberg) municipality French is the sole official language, but limited government services are also available in Dutch
(Dutch: Moeskroen) municipality French is the sole official language, but limited government services are also available in Dutch
(Dutch: Brussels Hoofdstedelijk Gewest) Region Dutch and French are co-official languages

South Africa[brontekst bewerken]

Between 1910 and 1961 Dutch was a co-official official language of South Africa, together with English. In 1961 Dutch was replaced by Afrikaans as a co-official language. However, between 1925 and 1984 Dutch and Afrikaans were seen as two varieties of the same language by the Official Languages of the Union Act, 1925 and later article 119 of the South African Constitution of 1961. After a short period (1984-1994) where Afrikaans and English were the two co-official languages of South Africa, Afrikaans has been one of eleven official languages since 1994.

Since 2012 a new language policy has been implemented where working languages of all government institutions were established. Every government institution is required to establish three working languages out of the eleven official languages. Provinces and municipalities are obligated to taken into account the local language demographics before establishing three working languages.

Region Status of the region Status of the language
20px Western Cape (Afrikaans: Wes-Kaap) province Afrikaans is a co-official language, together with English and Xhosa
Coat of arms of Cape Town, South Africa.jpg City of Cape Town (Afrikaans: Stad Kaapstad) municipality Afrikaans is a co-official language, together with English and Xhosa. Afrikaans is the mother tongue of half of the population
20px Northern Cape (Afrikaans: Noord-Kaap) province Afrikaans is a co-official language, together with Tswhana, Xhosa and English. Afrikaans is the mother tongue of the majority of the population

Other legal statuses[brontekst bewerken]

Dutch is not an official language in Indonesia, but the language is widely used in Indonesia as a source language after a 350-year colonial period. Certainly in law, Dutch has some official status as many colonial laws are available in Dutch only.

Although Dutch is the native language of people in French Flanders, Dutch is not an official language in France or French Flanders.

International institutions[brontekst bewerken]

Afrikaans and/or Dutch are an official languages of the following international institutions:

See also[brontekst bewerken]

References[brontekst bewerken]

  1. UP “60-40” quota a misinterpretation, Perdeby, 2 Mei 2013, geraadpleeg op 4 Mei 2017.
    In die artikel staan: "According to the university’s 2011 policy for residence placement, the minimum quota for first-year black students is 43%."
  2. De Goede Hoop Koshuis 'n tuiste vir enige Afrikaanse Tukkie, AfriForum, 28 Januarie 2017, geraadpleeg op 4 Mei 2017.
  3. Afrikaans-speaking student res adamant "not exclusive", 702.co.za, 1 mei 2017.
  4. UP urged to condemn new ‘Afrikaans-only’ residence, The Citizen, 22 Maart 2017, geraadpleeg op 4 Mei 2017.
  5. CRL complaint laid against 'Afrikaans only' residence, News24, 23 Maart 2017, geraadpleegd op 4 mei 2017.
  6. http://ewn.co.za/2017/03/24/up-distances-itself-from-afrikaans-only-residence
  7. a b Holm, Jdohn A., Pidgins and Creoles: References survey. Cambridge University Press (1989), p. 338. Geraadpleegd op 2010-05-19.
  8. Encyclopedia of bilingualism and bilingual education. Multilingual Matters Ltd. (1997), p. 302. Geraadpleegd op 2010-05-19.
  9. Language change: contributions to the study of its causes. Walter de Gruyter (1987), p. 232. Geraadpleegd op 2010-05-19.
  10. Sebba, Mark, Spelling and society: the culture and politics of orthography around the world. Cambridge University Press (2007). Geraadpleegd op 2010-05-19.
  11. a b Sebba, Mark, Contact languages: pidgins and creoles. Palgrave Macmillan (1997). Geraadpleegd op 2010-05-19.
  12. The Contribution of Linguistic Factors to the Intelligibility of Closely Related Languages. Journal of Multilingual and Multicultural Development, Volume 28, Issue 6 November 2007 445–467. University of Groningen (2007). Geraadpleegd op 19 mei 2010.
  13. Mesthrie, Rajend, Language and Social History: Studies in South African Sociolinguistics. New Africa Books (1995), p. 214. Geraadpleegd op 2008-08-23.
  14. The Dutch Language: A Survey. Brill Archive (1985), p. 132. Geraadpleegd op 2008-11-03.
  15. Mesthrie, Rajend, Language in South Africa. Cambridge University Press (2002), p. 205. Geraadpleegd op 2010-05-18.
  16. See: List of countries and dependencies by population
  17. a b Eurobarometer 2012 - Annex
  18. a b af. Ethnologue.
  19. a b Dutch. Ethnologue.
  20. Révision portant sur le traité de 1958(2008)

{{Countries and languages lists}}

Dutch-speaking countries and territories Afrikaans Dutch Afrikaans Dutch language Cultural regions

Amerikaans-Nederlandse drugsbestrijding in het Caribisch gebied[brontekst bewerken]

Amerikaans-Nederlandse drugsbestrijding in het Caribisch gebied
Verdrag inzake samenwerking tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika betreffende toegang tot en gebruik van faciliteiten in de Nederlandse Antillen en Aruba voor drugsbestrijding vanuit de lucht
Achtergrond
Betrokken partijen Vlag van Nederland Koninkrijk der Nederlanden
Vlag van de Verenigde Staten Verenigde Staten
Uitvoerder Vlag van de Verenigde Staten United States Air Force
Locatie Caribisch Gebied
Vliegvelden Vlag van Aruba Internationale luchthaven Koningin Beatrix
Vlag van Curaçao Hato Airport
Verdrag
Getekend 3 maart 2000
Plaats Oranjestad, Aruba
In werking 2 november 2001
Duur 10 jaar
Verlenging Na afloop elke vijf jaar (onbeperkt)
Status Geldig
Werking
Uitvoering United States Air Force
Nederlandse controleur Commandant der Zeemacht in het Caraïbisch Gebied (CZMCARIB)
Overig
Vergelijkbare organisaties Vlag van Nederland Kustwacht Caribisch Gebied
Vlag van Nederland Koninklijke Marine

Achtergrond[brontekst bewerken]

De Nederlandse krijgsmacht en het leger van de Verenigde Staten houden zich samen intensief bezig met het bestrijden van drugstransporten op de Caribische Zee. In het kader van deze "war on drugs" hebben de Verenigde Staten een militaire luchtmachtbasis op Curaçao. Deze "Forward Operating Location" (FOL) op Curaçao is er gekomen toen de VS hun militaire aanwezigheid in Panama moesten beëindigen. Op 13 april 1999 tekende het Koninkrijk der Nederlanden een verdrag met de Verenigde Staten over de vestiging van een Forward Operating Location op het internationale vliegveld van Curaçao, Hato Airport. (Curaçao) en Reina Beatrix (Aruba). Deze kan steeds voor een periode van 5 jaar verlengd worden.

Doel[brontekst bewerken]

Vlieglocaties[brontekst bewerken]

Verdragsbepalingen[brontekst bewerken]

Amerikaanse rechten en plichten[brontekst bewerken]

Op grond van het FOL-verdrag is er geen sprake van financiële verplichtingen jegens de VS. De autoriteiten van Aruba en Curaçao verlenen zonder kosten overeengekomen faciliteiten, grond, erfdienstbaarheden en recht van doorgang dat nodig is ter ondersteuning van activiteiten in verband met het FOL-verdrag. Tegen redelijke tarieven kunnen de VS gebruikmaken van openbare voorzieningen en diensten (water, elektriciteit etc.). Voorts verlenen Aruba en Curaçao alle benodigde medewerking met betrekking tot prompte afhandeling van alle door plaatselijke wetten en voorschriften vereiste administratieve procedures. De VS zijn geen landingsgelden dan wel haven- en loodsgelden verschuldigd voor luchtvaartuigen, vaartuigen en voertuigen die ingezet worden in het kader van dit verdrag. De regering van de Verenigde Staten betaalt redelijke tarieven voor verzochte en geleverde diensten.

Naast een vaste groep van tien a vijftien man op Curaçao en Aruba, zullen permanent 300 man op rotatiebasis aanwezig zijn. Vijf straalvliegtuigen (F-16's of F-15's) en drie kleinere verkenningsvliegtuigen zijn permanent aanwezig. Op rotatiebasis zijn per locatie maximaal acht vliegtuigen - maritieme patrouillevliegtuigen, een Awacs en een tankvliegtuig - gestationeerd. Voor het goed functioneren van de FOL's voor operaties in Colombia moeten de spionagevliegtuigen over het Venezolaanse grondgebied vliegen. Venezuela weigert echter toestemming te verlenen. President Chávez zag het als een aantasting van de soevereiniteit van Venezuela. Op 22 december 2009 had president Chávez het Koninkrijk ervan beschuldigd dat het spionagevluchten van de VS vanaf Curaçao en Aruba mogelijk maakt vanuit de Forward Operating Locations. Ook heeft hij toen verklaard dat de eilanden Aruba, Bonaire en Curaçao zich binnen de territoriale wateren van Venezuela bevinden.

Verder zijn Amerikaanse officials bij verdrag toegestaan om aan boord van Kustwacht of Marine schepen drugstransporten te [laten] onderscheppen en te verzoeken geweld in te zetten volgens Amerikaans recht. Deze regeling is wel zo praktisch omdat de Nederlandse wetgeving voor acties buiten de eigen territoriale wateren beperkter is dan de Amerikaanse.

Nederlandse bevoegdheden[brontekst bewerken]

Samenwerking[brontekst bewerken]

Resultaat[brontekst bewerken]

Links: http://www.tni.org/article/de-vestiging-van-de-fols-op-aruba-en-curaçao https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dossier/32389/kst-29653-10.html https://zoek.officielebekendmakingen.nl/dossier/32774/kst-32500-V-148.html http://www.soaw.org/take-action/bridges-not-bases/233-bridges-not-bases/3649-curazao http://wetten.overheid.nl/BWBV0001980/geldigheidsdatum_03-05-2012

Categorie:Amerikaanse luchtmacht Categorie:Mens en maatschappij in Aruba Categorie:Mens en maatschappij in Curaçao Categorie:Nederlandse marine Categorie:Politiek in Nederland

Navigatie Stichting Zuid-Afrikahuis Nederland[brontekst bewerken]

Categorie:Wikipedia:Sjablonen taalkunde Categorie:Wikipedia:Sjablonen Zuid-Afrika


Transformatie[brontekst bewerken]

Transformatie
De verwijdering van het standbeeld van Cecil Rhodes van de campus van de Universiteit van Kaapstad in 2015.
Algemene info
Ontstaan 22 december 1997 (als beleid aangenomen)
Locatie Zuid-Afrika
Politiek spectrum
Links
Stromingen
Demografische transformatie
Herverdelende transformatie
Organisaties
Politieke partijen African National Congress
Economic Freedom Fighters
Vakbonden Congress of South African Trade Unions
National Council of Trade Unions
South African Federation of Trade Unions
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Transformatie (Afrikaans: transformasie; Engels: transformation) is een politiek begrip uit Zuid-Afrika waarmee het door overheidsingrijpen teweegbrengen van grootschalige sociale veranderingen in de samenleving wordt bedoeld.[1] Transformatie is het politieke proces om integratie tussen de verschillende raciale groepen in Zuid-Afrika tot stand te brengen.

Het begrip transformatie werd in 1997 geïntroduceerd en aangenomen als beleidsspeerpunt door het African National Congress, dat verschillende groepen uit de Zuid-Afrikaanse samenleving door middel van overheidsoptreden met elkaar wilde laten integreren.

Tot 1991 leefden zwarte, blanke, bruine en Aziatische Zuid-Afrikanen door apartheid (1948-1991) strikt gescheiden van elkaar en hadden zij elk hun eigen leefgebieden en instituties zoals scholen, ziekenhuizen, kranten en tijdschriften. Dit resulteerde in gescheiden leefwerelden, die ook na 1991 bleven voortbestaan. Met transformatie wilde het ANC elk segment van de samenleving transformeren, waaronder bedrijven, de overheid en maatschappelijke organisaties.

Met speciaal beleid worden veel transformatieprocessen door de overheid gestuurd.

Aanleiding[brontekst bewerken]

Het ANC stelde dat de transitie van macht met het aannemen van de (definitieve) nieuwe grondwet van Zuid-Afrika in 1996 voltooid was. Afrikaners (en de Nationale Partij) hadden hun politieke macht opgegeven in ruil voor een onderhandelde grondwet, die hen van economische en culturele vrijheden voorzag. Zuid-Afrika zou een liberale staat worden, waarin mensenrechten, individuele vrijheden en groepsrechten een belangrijke pijler van een democratische samenleving zou zijn.

Voor de Nationale Partij en veel Afrikaners was de nieuwe grondwet een soort eindpunt van de overdracht, die zij zelf in 1991 met het afschaffen van de apartheid hadden ingezet. Toen in 1996 de transitie klaar was, ontstond er een verschil van inzicht over hoe de maatschappelijke veranderingen zich in Zuid-Afrika verder moesten voltrekken. De Nationale Partij vond op basis van haar conservatieve beginselen dat de maatschappij zelf de nodige veranderingen moest doorvoeren, geholpen door de rechten en plichten uit de grondwet. Het ANC vond op basis van haar socialistische beginselen echter dat de staat actief invulling moest geven aan maatschappelijke veranderingen en deze zelfs moest beginnen.

Daarop stapte de Nationale Partij op 30 juni 1996 uit de regering van nationale eenheid. Het ANC kreeg daarmee, mede dankzij haar meerderheid in het Zuid-Afrikaanse parlement, vrij baan om zelf beleid op te stellen om maatschappelijke veranderingen teweeg te brengen.

Grondwet[brontekst bewerken]

In de inleiding van de grondwet van Zuid-Afrika staat dat de onrechtmatigheden door apartheid, de anti-apartheidsstrijd en kolonialisme erkend worden en dat deze onrechtmatigheden ongedaan gemaakt moeten worden.[2] Hoewel transformatie niet als politiek begrip of visie in de grondwet voorkomt,[3] zijn er verschillende perspectieven op de rol van de grondwet bij (het ontstaan van) transformatie, die voornamelijk te maken hebben met politieke en filosofische interpretaties van de grondwet.

Sommige academici wijzen erop dat de grondwet het veranderen van de Zuid-Afrikaanse samenleving als groter doel heeft en dat transformatiewetgeving als kop op de grondwet dient, terwijl andere academici zeggen dat de grondwet zelf al voldoende mogelijkheden biedt om de samenleving vanuit de maatschappij te veranderen, aangezien er beperkingen op een aantal grondrechten geplaatst zijn.[3] Zo is bijvoorbeeld het eigendomsrecht beperkt, zodat mensen die hun land door de Wet op Naturellengrond van 1913 kwijtraakten wel weer terug konden krijgen. Daardoor zou transformatiewetgeving overbodig of zelfs in strijd met de grondwet zijn.[2]

Hoofdrechter Pius Langa van het Constitutioneel Hof van Zuid-Afrika verwees naar transformatie als een sociale en economische revolutie uitgevoerd door de staat.[2][4] Zijn opvolger Mogoeng Mogoeng benadrukte echter de veranderingen die de grondwet in de Zuid-Afrikaanse samenleving wil zien en vindt dat transformatie in de geest van de grondwet is.

Doelstellingen[brontekst bewerken]

De Zuid-Afrikaanse ANC-regering zegt dat het de grondwettelijke plicht heeft om een verenigde, gelijke en democratische samenleving te bevorderen. Om deze samenleving te bereiken, gebruikt zij wetgeving om bepaalde doelstellingen en wettelijke manieren om deze doelstellingen te behalen vast te leggen.[2]

De doelstellingen worden bereikt door het invoeren van minimumquota op het gebied van ras, geslacht, leeftijd, handicap en andere vormen van ongelijkheid.[4]

Transformatie is onderverdeeld in twee vormen. Ten eerste is er de herverdelende transformatie, ook wel rechtstellende actie genoemd, waarbij bezit dat door apartheid erg geconcentreerd was in bepaalde bevolkingsgroepen door de overheid wordt herverdeeld onder andere groepen. De belangrijkste wet voor herverdelende transformatie is de Wet op Breedgebaseerde Zwarte Economische Bemachtiging. Daarnaast is er demografische transformatie, waarbij organisaties in demografisch opzicht representatief voor de Zuid-Afrikaanse samenleving moeten worden door voldoende mensen uit verschillende groepen aan te nemen. De belangrijkste wet voor demografische transformatie is de Wet op Gelijke Indienstneming, waarin de overheid bepaalde minimumquota's heeft vastgesteld.

In de economie[brontekst bewerken]

In de economie is er vooral sprake van herverdelende transformatie. Tijdens apartheid konden alleen blanke Zuid-Afrikanen (aandelen in) grote bedrijven bezitten. Ook waren er veel functies, vooral managementfuncties, voorbehouden aan blanken. Daarom heeft de Zuid-Afrikaanse regering in 2003 de Wet op Zwarte Economische Bemachtiging ingevoerd. Deze wet werd in 2007 gewijzigd en staat sindsdien bekend als de Wet op Breedgebaseerde Zwarte Economische Bemachtiging. Daarnaast geldt de Wet op Gelijke Indienstneming ook voor bedrijven met meer dan 50 personeelsleden.

Zwarte economische bemachtiging[brontekst bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Black Economic Empowerment voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Transformatie van de economie wordt vooral bepaald door zwarte economische bemachtiging (ZEB) en breedgebasseerde zwarte economische bemachtiging (BBZEB). ZEB was beleid dat tussen 1998 en 2007 en werd toen vervangen door BBZEB. BBZEB is een puntensysteem, waarmee elk bedrijf verplicht moet laten zien in hoeverre zij zwarte Zuid-Afrikanen helpt om hun maatschappelijke positie te verbeteren.

Het puntensysteem bestaat uit vijf verschillende categorieën, waarin bedrijven punten kunnen verdienen. Het bedrijf krijgt punten voor de mate waarin[5]

  1. het bedrijf eigendom van zwarte Zuid-Afrikanen is,
  2. het bedrijf door zwarte Zuid-Afrikanen bestuurd wordt,
  3. het bedrijf handelt met andere bedrijven die goede BBZEB-punten hebben,
  4. het bedrijf aan vaardigheidsontwikkeling doet van zwarte Zuid-Afrikanen en
  5. het bedrijf doet aan socio-economische ontwikkelingen in haar omgeving.

Hoewel het niet verplicht is om mee te doen, krijgen bedrijven die veel punten halen meer mogelijkheden om zaken met de staat te doen.[6] Daarnaast willen bedrijven, die wel zaken willen doen met de overheid, ook geen zaken meer doen met bedrijven met een lage score, omdat dat hun eigen score negatief beïnvloed. Dit zorgt er dus voor dat bedrijven die een lage score hebben omdat zij het eigendom zijn van blanke Zuid-Afrikanen of veel blanke medewerkers hebben, economisch buitenspel komen te staan.

Alle bedrijven die een jaarlijkse omzet hebben van R 50 miljoen (3,5 miljoen euro) of meer moeten hun punten uit alle vijf categorieen publiceren, terwijl bedrijven met een jaarlijkse omzet tussen de R 10 miljoen (700.000 euro) en R 50 miljoen hun punten uit vier categorieën moeten publiceren.[5]

Door dit puntensysteem is BBZEB omstreden.[7][8] Het puntensysteem telt alleen de bevoordeling van zwarte Zuid-Afrikanen, en in mindere mate kleurlingen en Aziatische Zuid-Afrikanen.[5][6]

Herverdeling van landbouwgrond[brontekst bewerken]

Vanaf 1994 was de herverdeling van landbouwgrond een belangrijk thema. Voor 1991 konden zwarte mensen geen grond in grote delen van Zuid-Afrika bezitten, omdat de Zuid-Afrikaanse regering hen niet als Zuid-Afrikaanse burgers beschouwde. Slechts in de Bantoestans en voormalige reservaten konden zwarte mensen grond bezitten.

Na de afschaffing van apartheid is er een programma geïmplementeerd dat grond moest herverdelen. Zwarte Zuid-Afrikanen konden claims op landbouwgrond indienen indien dat na de invoering van de Wet op Naturellengrond in 1913 van hen afgenomen was. Indien de claim terecht was, konden zij kiezen om de landbouwgrond of stedelijke erven in hun bezit te krijgen of voor een financiële vergoeding. Van alle ingediende claims wilde slechts 10% de grond van zijn of haar voorouders terug; 90% van de eisers had voorkeur voor een financiële compensatie.[9] Deze compensatie werd betaald door de overheid. Wanneer eisers hun grond terugkregen, kocht de Zuid-Afrikaanse regering de eigenaar van de grond uit. Tot en met 1997 konden zwarte Zuid-Afrikanen eisen instellen. Vanaf 2014 konden zwarte Zuid-Afrikanen opnieuw grond terugeisen, deze termijn loopt tot en met 2019.

Naast het stelsel om landbouwgrond terug te eisen, is er een stelsel opgezet om landbouwgrond te verdelen onder nieuwe boeren. De Zuid-Afrikaanse regering heeft daarvoor een opkoopprogramma opgetuigd, waarbij de regering op basis van vrijwillige verkoop de landbouwgrond van een blanke boer koopt. De regering verhuurt de landbouwgrond vervolgens aan een nieuwe zwarte boer.[10][11]

De herverdeling van landbouwgrond gaat volgens de regering te traag. Daardoor wilde president Zuma in 2015 overgaan op een stelsel waar blanke boeren hun landbouwgrond zonder vergoeding zouden moeten delen met niet-blanke boeren. Zonder de grond te splitsen zouden blanke en niet-blanke boeren dan elk 50% van de boerderij in handen krijgen.[12][13] In 2018 lanceerde president Ramaphosa een plan om landbouwgrond te confisqueren.[14]

De herverdeling van landbouwgrond is tot op heden geen succes geweest. In 2010 was 90% van de boerenbedrijven die aan nieuwe zwarte boeren gegeven waren niet meer commercieel actief.[15] Deze boerderijen liggen braak, worden gebruikt voor bestaanslandbouw of worden gekraakt door vreemden. Nieuwe boeren hebben het vaak financieel moeilijk, omdat ze het land niet in eigendom krijgen, maar slechts kunnen huren van de overheid. Zo kunnen ze hun landbouwgrond niet als onderpand gebruiken of geen stuk van hun land verkopen om voldoende financiën te verzamelen voor investeringen.[11]

Bij de overheid[brontekst bewerken]

Transformatie bij de overheid en overheidsbedrijven is vooral gericht op demografische transformatie. De demografie van het ambtenarenapparaat en van medewerkers van overheidsbedrijven en staatsdeelnemingen moet een afspiegeling worden van de nationale demografie. Regelgeving is vastgelegd in de Wet op Gelijke Indienstneming.

Aanloop[brontekst bewerken]

Het overheidsapparaat, dat tot 1994 grotendeels uit blanke ambtenaren bestond, werd vanaf 1996 getransformeerd. Hoewel Zuid-Afrika voor 1994 een minderheidsdemocratie (aristocratie) was, was het overheidsapparaat goed georganiseerd en werden de meeste democratische principes ten opzichte van de blanke bevolking gehandhaafd. Ondanks het overwicht van blanken in het parlement en binnen het overheidsapparaat hadden de bruine en Aziatische bevolkingsgroepen hun eigen departementen met hun eigen ambtenaren.

Vanaf 1994 werd begonnen met het ineenschuiven van de blanke, bruine en Aziatische overheidsdepartementen. Zo bestond bijvoorbeeld het ministerie van gevangenissen sinds 1984 uit drie verschillende departementen: het blanke departement ging over de gevangenissen voor blanken, het bruine departement ging over gevangenissen voor bruine mensen, het Aziatische departement ging over gevangenissen voor Aziatische Zuid-Afrikanen en gezamenlijk gingen ze over de gevangenissen voor Zwarte Zuid-Afrikanen. Deze drie departementen moesten verantwoordelijkheid afleggen aan hun eigen Kamer van het Zuid-Afrikaanse driekamerparlement. Al deze dubbele overheidsdiensten werden vanaf 1994 gefuseerd. Ook de kleinere ministeries van de thuislanden werden geïntegreerd.

Omdat zwarte Zuid-Afrikanen voor 1994 alleen eigen bestuurlijke eenheden op lokaal niveau hadden en de ministeries van de thuislanden niet heel groot en verspreid waren, waren er na 1994 weinig zwarte ambtenaren op het niveau van de landelijke overheid.

Gelijke indienstneming[brontekst bewerken]

Na het vallen van de regering van nationale eenheid in 1996 begon het tweede kabinet-Mandela met een visie op het grotendeels blanke ambtenarenapparaat. De regering kwam met de Wet op Gelijke Indienstneming. Daarin werd bepaald dat bij twee gelijke sollicitanten, dan moest de persoon uit een door apartheid benadeelde groep de baan krijgen.[16]

Tegelijk begon de regering op grote schaal ruimte te maken voor het aannemen van nieuwe zwarte ambtenaren door een ontslagvergoeding aan te bieden aan zittende (blanke) ambtenaren. Daarmee kregen veel zwarte Zuid-Afrikanen voor het eerst kans op een baan bij de nationale overheid.

Na 2010 hervormingen vond het ANC dat de transformatie van het overheidsapparaat en overheidsbedrijven niet snel genoeg ging. Dat de samenstelling van het overheidsapparaat meer een afspiegeling van de samenleving moest zijn, veranderde in de politieke eis dat het overheidsapparaat bijna helemaal een afspiegeling van de samenleving moest zijn. De Wet op Gelijke Indienstneming werd daarvoor in 2014 gewijzigd.[17] Tegelijk met de hervorming van Zwarte Economische Bemachtiging verschoof ook de focus op deelname van bruine en Aziatische Zuid-Afrikanen naar deelname van zwarte Zuid-Afrikanen. Overheidsinstellingen en staatsbedrijven moesten raciale doelen instellen om te bereiken dat minstens 80% van hun medewerkers bestaat uit zwarte Zuid-Afrikanen. Hoewel het geen verplichte quota zijn, zijn er wel gevolgen voor overheidsinstellingen en overheidsbedrijven als zij deze doelen niet halen. Wegens het verschuiven van de focus zijn er geen semi-verplichte doelen voor het aantal bruine, Aziatische of blanke medewerkers meer.

Problemen bij overheden[brontekst bewerken]

De transformatie van de overheid en overheidsbedrijven verliep niet soepel. Een van de grootste problemen die ontstonden was dat nieuwe zwarte ambtenaren niet de juiste vaardigheden hadden om hun nieuwe baan als ambtenaar uit te kunnen voeren.[18] Zwarte Zuid-Afrikanen hadden tijdens apartheid geen toegang tot hogere administratieve banen - deze waren bij wet exclusief voor blanken gereserveerd, ook bij private bedrijven. Daarom werd er in het (aparte) onderwijs voor zwarte Zuid-Afrikanen geen aandacht besteed aan administratieve vaardigheden. Tegelijk vertrokken zoveel blanke ambtenaren dat de achterblijvende ambtenaren niet in staat waren de nieuwkomers al werkend te laten leren.

Daarnaast was het moeilijk de nieuwe ambtenaren de gewoonten van het oude, gewantrouwd overheidsapparaat te laten overnemen. Het ANC deed aan kader-ontplooiing, waarbij leden van het partijkader als ambtenaren baantjes kregen bij de overheid.[19] Het overheidsapparaat werd daarmee langzaamaan een verlengstuk van de regeringspartij.[20]

Vanaf 2000 vormde de fusie tussen blanke gemeenten en grotere zwarte lokale autoriteiten voor problemen. Nepotisme vierde hoogtij in bijna alle gemeenten met een ANC-meerderheid.[20][18] Nadat oppositiepartij Democratische Alliantie in 2006 het beheer van de gemeente Kaapstad overnam, was zij jaren bezig om onkundige en partijdige ambtenaren te ontslaan, die tussen 2002 en 2006 waren aangesteld onder het ANC.[21] In 2014 bleek dat slechts 17% van alle gemeenten in Zuid-Afrika volledig naar behoren functioneerde. De rest had minstens in een bepaalde mate te lijden had onder financieel wanbestuur.[18]

Daarnaast zorgen de gestelde raciale doelen voor problemen. Zo staan er veel vacatures open in gebieden waar de zwarte bevolking een minderheid vormt, maar nog steeds 80% van het overheidsapparaat moet uitmaken. Wanneer een vacature voor een zwarte kandidaat bedoeld is, maar er alleen blanke, bruine of Aziatische kandidaten reageren, wordt de vacature weer ingetrokken. Dit zorgt ervoor dat de functie onvervuld blijft en werk blijft liggen. In 2016 waren er meer dan 45.000 gemeentelijke functies vacant. Dat is 15% van het totale aantal functies bij gemeenten en gestegen van 13% in 2015.[22] In de provincie West-Kaap, waar slechts 30% van de bevolking zwart is, heeft dit geleid tot enkele rechtzaken. Geschikte bruine gevangenisbewaarders solliciteerden op een hogere post die eigenlijk voor een zwarte kandidaat bedoeld was, waarop het Ministerie van Gevangeniswezen de vacature introk omdat er geen zwarte kandidaten waren. Uiteindelijk wonnen een aantal gevangenisbewaarders hun rechtszaak en moesten ze alsnog aangesteld worden. Het Constitutioneel Hof bevond dat de nationale overheid niet alleen de nationale demografie in ogenschouw moest nemen, maar ook de streeksdemografie.[23]

In het onderwijs[brontekst bewerken]

Het onderwijs maakt ook een transformatieproces door. Naast ras speelt taal een belangrijke factor bij het transformatieproces. Transformatie is op alle onderwijsniveau's aanwezig. Veel Zuid-Afrikanen, voornamelijk zwarte Zuid-Afrikanen, studeren of gaan naar school in een tweede taal, omdat onderwijs niet of nauwelijks in hun moedertaal aanwezig is, terwijl blanke, bruine en Aziatische scholieren en studenten wel in hun moedertaal (Afrikaans of Engels) onderwijs kunnen krijgen.

Universiteiten[brontekst bewerken]

Tijdens apartheid waren er veertien universiteiten, waaronder blanke, bruine en zwarte universiteiten, de meeste Engels, sommige Afrikaans en andere weer Bantoetalig. Sommige universiteiten waren raciaal en/of talig gemengd, maar hadden gescheiden onderwijs op hun campus. Na 1994 werden alle universiteiten toegankelijk voor alle raciale groepen. De voormalig blanke Engelstalige universiteiten trokken relatief makkelijk zwarte studenten aan. Voor de Afrikaanstalige universiteiten was het aantrekken van zwarte studenten lastiger, aangezien slechts vijf procent van alle Afrikaanssprekenden zwart is. Wel trokken enkele universiteiten, waaronder de Universiteit Stellenbosch, snel meer bruine studenten. De regering vond dit proces echter niet snel genoeg gaan. In 2000 waren er zeven Afrikaanstalige universiteiten, waaronder drie universiteiten die ook in het Engels lesgaven. In 2002 stelde een verslag van de Zuid-Afrikaanse regering voor om twee hoofdzakelijk Afrikaanstalige universiteiten te behouden, de Universiteit Stellenbosch in het zuiden en de Potchefstroomse Universiteit in het noorden. De rest van de universiteiten zouden meertalige of Engelse instellingen worden. Als eerste universiteit liet de Universiteit van Wes-Kaapland het Afrikaans als lestaal los.

Overheidshervormingen[brontekst bewerken]

In 2005 werden de eentalige Randse Afrikaanse Universiteit (in Johannesburg) en de Afrikaanstalige Potchefstroomse Universiteit opgeheven en ondergebracht bij andere instellingen, respectievelijk de Universiteit van Johannesburg en de Noordwest-Universiteit. Hoewel de bedoeling was dat deze twee universiteiten meertalig zouden zijn, lukte dat alleen de Noordwest-Universiteit, die het Afrikaans als primaire lestaal op de Potchefstroomcampus handhaafde. Op de Universiteit van Johannesburg, die primair in het Engels zou gaan lesgeven en Afrikaans als tweede lestaal zou gebruiken voor nadere uitleg en vragen van studenten, verliep de verengelsing snel. Waar in 2005 nog 15.000 Afrikaanstalige studenten (voornamelijk van de RAU) bij de Universiteit Johannesburg studeerden, was dat aantal in 2010 gedaald tot ongeveer drieduizend. De meeste Afrikaanstalige scholieren uit Johannesburg besloten voortaan naar de Universiteit van Pretoria of de Noordwest-Universiteit te gaan.

AfrikaansMustFall-protesten[brontekst bewerken]

Vanaf 2010 begon het Afrikaans als primaire lestaal op andere universiteiten onder druk te komen. Hoewel het aantal Afrikaanstalige studenten gelijk bleef, groeide het aantal Engelstalige studenten op de voormalige Afrikaanstalige universiteiten hard.[24] De Universiteit van Pretoria bood slechts nog enkele populaire opleidingen in het Afrikaans en Engels aan, kleinere studies waren al compleet verengelst. De samenstelling van de universiteiten veranderde door de komst van veel Engelstalige studenten en rond 2015 waren Afrikaanstalige studenten een minderheid op bijna alle Afrikaanstalige universiteiten. De groei van Engelstalige studenten in Stellenbosch leidde zelfs tot een afname van het aantal bruine studenten, die naar andere universiteiten besloten te gaan.

De zwarte meerderheid vond het discriminatie dat Afrikaanstalige studenten wel in hun moedertaal konden studeren, terwijl zij dat niet konden. Na de #FeesMustFall-protestoptochten, die in het najaar van 2015 veel universiteiten plat lieten leggen, kwamen er in Stellenbosch, Pretoria en Bloemfontein (Vrystaat) protesten onder de noemer #AfrikaansMustFall. Op verschillende universiteiten wilden protesterende studenten colleges verstoren en universiteitscampussen laten sluiten, wat andere studenten weer probeerden te verhinderen. Op de Universiteit van de Vrystaat probeerden protesterende studenten een rugbywedstrijd te verstoren, wat spelers en supporters niet accepteerden. Een vechtpartij tussen honderden studenten was het gevolg. In 2016 besloten de drie universiteiten een voor een dat zij vanaf 2017 het Engels als primaire lestaal in alle colleges zouden gaan gebruiken.

In 2016 besloot ook de Universiteit van Zuid-Afrika (voor afstandsonderwijs) het Afrikaans als lestaal te schrappen, ondanks 30.000 Afrikaanstalige studenten (10% van het totaal). Ook werd de campusstructuur van de Noordwest-Universiteit gecentraliseerd. De autonomie van de verschillende NWU-campussen, die tot tot dan toe gezorgd had voor het voortbestaan van Afrikaans als primaire lestaal op de Potchefstroomcampus, werd opgeheven. Thans is de Potchefstroomcampus bezig om zijn taalbeleid te veranderen.

Private universiteiten[brontekst bewerken]

De toekomst van Afrikaanstalig universitair onderwijs is ongewis. Aan openbare universiteiten is geen plek voor hen meer. Ondanks dat er 60.000 Afrikaanstalige studenten zijn, verengelsen steeds meer instellingen. Dat heeft geleid tot de oprichting van twee Afrikaanstalige private universiteiten in 2011, waaronder de Academie voor Reformatorische Opleiding en Studies (voor onderwijskundige opleidingen) en Akademia. Deze universiteiten hebben geen winstoogmerk en profileren zich als gemeenschapsuniversiteiten.

Veranderingen per universiteit[brontekst bewerken]
Universiteit Voor hervorming Jaar van hervorming Nu
Universiteit van Wes-Kaapland Afrikaans en Engels 1989 Engels
Universiteit van Pretoria Afrikaans en Engels 2017 Engels
Universiteit Stellenbosch Afrikaans 2014-2017 Engels
Universiteit van die Vrystaat Afrikaans en Engels 2017 Engels
Potchefstroomse Universiteit voor Christelijk Hoger Onderwijs Afrikaans 2004 Opgeheven, verder als deel van de Noordwest-Universiteit
Noordwest-Universiteit (Potchefstroomcampus) Afrikaans 2016 Afrikaans, Engels en Tswana
Randse Afrikaanse Universiteit Afrikaans 2004 Opgeheven, verder als de Universiteit van Johannesburg
Universiteit van Johannesburg Afrikaans en Engels 2010 Engels
Universiteit van Zuid-Afrika Afrikaans en Engels 2017 Engels

In de openbare ruimte[brontekst bewerken]

Transformatie vindt ook in de openbare ruimte plaats, zo worden plaatsen, straten en pleinen die naar het verleden vernoemd zijn van naam veranderd.

Direct na de afschaffing van apartheid was er een deal tussen het ANC en de NP om steden en dorpen die naar apartheidsleiders vernoemd waren, een andere naam te geven. Ook werden standbeelden van apartheidsleiders uit de publieke ruimte verwijderd. Daarnaast kregen alle vliegvelden die naar politici waren vernoemd een neutrale naam en zouden niet langer naar politici vernoemd worden. Zo werd de plaats Verwoerdburg hernoemd tot Centurion en werd de D.F. Malan-lughawe in Kaapstad hernoemd tot Kaapstad Internasionale Lughawe. Wel konden de talloze Afrikaanse scholen vernoemd naar apartheidsleiders hun naam behouden en werden straatnamen niet van bovenaf veranderd.

Op lokaal niveau veranderde er tot 2000 weinig, omdat de lokale vertegenwoordigende overgangsraden, die in 1995 boven de blanke gemeenten en de zwarte lokale autoriteiten geplaatst werden, niet over de openbare ruimte gingen. Pas toen de blanke gemeenten in 2000 gefuseerd werden met nabije zwarte lokale autoriteiten ontstond er een situatie waarin een zwarte meerderheid het voor het zeggen kreeg in de (voormalig) blanke steden en dorpen.

Naamsveranderingen[brontekst bewerken]

Sinds 2003 werden meer dan 70 plaatsnamen veranderd, vooral in de provincies Limpopo, Mpumalanga, KwaZulu-Natal en de Oost-Kaap. Veel Afrikaans- en Nederlandstalige namen werden vervangen door namen in of uit andere talen, soms na groot protest van de daar wonende Afrikaners.[25][26] Ook in veel van deze steden zijn straatnamen in het voormalig blanke centrum veranderd. Het gaat hierbij niet alleen om straatnamen van apartheidsleiders, maar ook om straatnamen vernoemd naar andere Afrikaners zoals Paul Kruger en neutrale Afrikaanstalige straatnamen zoals Kerstraat. Veelal worden de straten vernoemd naar anti-apartheidstrijders of politici van het ANC.

In 2012 vroeg de Federasie van Afrikaanse Kultuurvereniginge aan de Nederlandse premier Rutte diplomatieke druk uit te oefenen toen het ANC een hoop straatnamen in Pretoria wilde veranderen, waaronder de Koningin Wilhelminalaan, waar ook de Nederlandse ambassade gevestigd is.[27][28][29] Nederland wilde geen diplomatieke druk uitoefenen en het ANC veranderde de straatnamen. Daarop besloot AfriForum de gemeente Tshwane (waarin Pretoria ligt) voor de rechter te dagen, omdat de straatnamen veranderd waren zonder dat er inspraak van de bevolking was geweest. Nadat AfriForum door verschillende rechtbanken in het gelijk gesteld werd, stapte Tshwane naar het Constitutioneel Hof van Zuid-Afrika. In 2016 gaf het Constitutioneel Hof gaf de gemeente Tshwane in een meerderheidsuitspraak gelijk.[30]

Standbeelden[brontekst bewerken]

Hoewel standbeelden die te maken hadden met apartheid al in 1994 uit de publieke ruimte verwijderd werden, bleven andere standbeelden en monumenten staan, waaronder standbeelden van blanke Zuid-Afrikaanse leiders uit de negentiende eeuw, van de (Britse) koningen van Zuid-Afrika en voor de Eerste en Tweede Wereldoorlog.

In het voorjaar van 2015 kwam het echter tot uitbarsting op de Universiteit van Kaapstad. Aanleiding was dat president Zuma tijdens de staatsrede had gezegd dat "de problemen van Zuid-Afrika begonnen met de aankomst van Jan van Riebeeck" in Zuidelijk Afrika in 1652.[31] Revolutionaire studenten eisten daarna dat het academische curriculum getransformeerd zou worden en ontdaan zou worden van zijn westerse eigenschappen. Deze studenten, die veelal geassocieerd waren met de Economic Freedom Fighters (EFF),[32][33] begonnen de campussen te zuiveren van westerse en koloniale eigenschappen. Er vonden boekverbrandingen plaats, schilderijen in universiteitsgebouwen werden vernield en er vonden protesten plaats tegen het standbeeld van Cecil Rhodes op de campus van de Universiteit van Kaapstad. Uiteindelijk werd het standbeeld van Cecil Rhodes in 2015 van de campus verwijderd en haalde de universiteit schilderijen van blanke kunstenaars in 2017 weg.[34][35]

Ook in de rest van Zuid-Afrika gingen EFF-aanhangers de straat op om te protesteren tegen standbeelden van blanke, bruine en Aziatische historische figuren. Zij vonden het straatbeeld te blank, te Europees en te weinig vertegenwoordigend. Daarnaast vonden betogers deze standbeelden een permanente verheerlijking van misdaden als kolonialisme, apartheid en onderdrukking. Als onderdeel van deze protesten werden tientallen standbeelden besmeurd, vernield of in brand gestoken, allen standbeelden van niet-zwarte minderheden in Zuid-Afrika. Onder de getroffen standbeelden waren het standbeeld van Paul Kruger in Pretoria,[36][37] het standbeeld van Jan van Riebeeck en het standbeeld van Louis Botha in Kaapstad,[38][39] het standbeeld van Koningin Victoria in Port Elizabeth, het standbeeld van Gandhi in Durban en een gedenkplaat voor Saartjie Baartman in Hankey.[40][41]

Maatschappelijke organisaties[brontekst bewerken]

Ook grote maatschappelijke organisaties krijgen van overheidswege te maken met transformatie-eisen. Als maatschappelijke organisaties zich niet aan transformatie-eisen voldoen, verliezen zij miljoenen aan overheidssubsidies.[42]

Sport[brontekst bewerken]

In Zuid-Afrika hebben verschillende sportbonden, voornamelijk bonden die sporten aanbieden die voornamelijk populair zijn onder de blanke, bruine en Aziatische bevolking te maken met rassenquota's.[43] Ondanks het verbod op rassendiscriminatie en overheidsinmenging dat veel internationale sportbonden hebben, krijgen Zuid-Afrikaanse sportbonden krijgen te maken met quota waarin bepaald wordt hoeveel spelers er van bepaalde raciale afkomst afgevaardigd, opgesteld en/of gewisseld kunnen worden.[42] Aangezien de transformatie in de sport volgens de overheid niet snel genoeg gaat, legt de overheid steeds dwingender en hogere quota's op.[42] Sportbonden als SA Rugby weigeren zich uit te spreken tegen deze quota,[44] bang om sportsubsidies te verliezen.

Religieuze instellingen[brontekst bewerken]

In 2016 deed de Commissie voor de bevordering en de bescherming van de rechten van culturele, godsdienstige en taalkundige gemeenschappen het voorstel om alle religieuze instellingen als kerken, tempels, moskeeën en synagoges in Zuid-Afrika te reguleren. Zo wil de commissie dat voorgangers bij de staat een vergunning moeten vragen om voor te mogen gaan aanvragen.[45] Tegenstanders vrezen dat regulering van voorgangers een eerste stap is om transformatie-eisen op kerken af te dwingen.[46]

Verzet tegen transformatie[brontekst bewerken]

De wijze waarop transformatie met overheidsingrijpen op alle sferen van de samenleving wordt afgedwongen, stuit op ook op verzet, vooral onder minderheidsgroepen in Zuid-Afrika. Vooral organisaties uit de Solidariteit Beweging verzetten zich: burgerrechtenorganisatie [[AfriForum probeert transformatie internationaal op de agenda te zetten, de vakbond Solidariteit voert tientallen rechtszaken voor leden die zich benadeeld voelen door demografische transformatie en de werkgeversorganisatie AfriSake verzet zich tegen herverdelende transformatie door te protesteren tegen grondeisen.

Hoorzitting van VN-comité[brontekst bewerken]

AfriForum brengt sinds 2013 elk jaar verslag uit aan het Forum voor Minderheidsaangelegenheden van de Verenigde Naties. Daarnaast diende AfriForum in 2015 klachten in bij het VN-comité inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie.[47] Zij hielden in 2016 een hoorzitting waar de Zuid-Afrikaanse regering zich moest verantwoorden.[48] Het VN-comité had vooral vragen of de transformatiequota niet neerkomen op (verboden) rassenquota en over de duur van transformatiewetgeving, aangezien strenge transformatieregels destijds al meer dan 10 jaar golden.[49] Het VN-comité vond dat Zuid-Afrika zich in de toekomst opnieuw verantwoorden over de rigide implementatie van transformatiewetgeving.

Zie ook[brontekst bewerken]

Externe links[brontekst bewerken]