Sint-Romboutskathedraal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sint-Romboutskathedraal
De Sint-Romboutskathedraal (2004)
De Sint-Romboutskathedraal (2004)
Plaats Vlag Mechelen Mechelen
Gebouwd in 13e eeuw-16e eeuw
Restauratie(s) Na WO I
Begraafplaats Niet aanwezig
Gewijd aan Sint-Rombout
Architectuur
Architect(en) Jean d'Oisy,
Bouwmeestersgeslacht Keldermans
Bouwmateriaal Witte Brabantse zandsteen en Doornikse kalksteen
Stijlperiode Gotiek
Afmeting lengte 118m, breedte transept 41,20m, hoogte gewelf 28m
Klokkentoren Onafgewerkte monumentale westertoren, 97,9m
Geplande hoogte 167m
Portaal In westertoren en
aan noord- en zuidtransept
Interieur
Altaar Barokaltaar met reliekschrijn van Sint-Rombout van Lucas Faydherbe
Diverse Schilderijen van Antoon van Dyck, Michiel Coxie en Gaspar de Crayer

Apostelbeelden en grafmonument door Lucas Faydherbe

Portaal  Portaalicoon   Christendom
Sint-Romboutstoren, Mechelen
Onderdeel van de werelderfgoedinschrijving:
Belforten van België en Frankrijk
Sintromboutskathedraal 10-08-2008 15-37-17.JPG
Land Vlag van België België
Coördinaten 51° 2′ NB, 4° 29′ OL
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria ii, iv (Uitleg)
Inschrijvingsverloop
UNESCO-volgnr. 943-015
Inschrijving 1999 (23e sessie)
Uitbreiding 2005
Kaart
Sint-Romboutskathedraal
Sint-Romboutskathedraal
UNESCO-werelderfgoedlijst

De Sint-Romboutskathedraal in Mechelen is de hoofdkerk van het aartsbisdom Mechelen-Brussel. Als zetel van de metropoliet van de Belgische kerkprovincie is zij de metropolitane kerk van België. De kathedraal is vooral beroemd vanwege de ruim 97 meter hoge toren met zijn twee beiaarden. De toren is als onderdeel van een groep van 56 belforten en kerktorens in België en Frankrijk opgenomen op de lijst van werelderfgoed ID 943-016 van UNESCO.

Bouwgeschiedenis[bewerken]

De kathedraal is gewijd aan de Ierse missionaris Sint-Rombout of Rumoldus. Het gebouw is een driebeukige kruiskerk waarvan de bouw startte in de 13e eeuw. In die tijd werden het dwarsschip, het schip en drie traveeën van het koor gebouwd. De kerk werd in 1312 gewijd. Zij had de functie van een collegiale kerk.

Rond 1335 begon een nieuwe bouwcampagne, waarbij de middenbeuk hoger werd opgetrokken en het koor verder werd vergroot. Er werd een kooromgang met zeven straalkapellen bij gebouwd. Mogelijk is deze aanbouw ontworpen door bouwmeester Jean d'Oisy. Het gewelf van het koor was in 1451 gereed. Vervolgens ging alle aandacht uit naar de bouw van de toren (zie onder). Ten slotte werden rond het jaar 1500 de kapellen aan de noordelijke schipzijbeuk toegevoegd.

In 1559 werd het bisdom Mechelen opgericht. De Sint-Romboutskerk werd toen bevorderd tot kathedraal. Tijdens de godsdienstoorlogen in de 16e eeuw is veel van het oude meubilair en het zilverwerk verloren gegaan. Bij de Engelse Furie in 1580 werd de inboedel verwoest. Het gebeente van Sint-Rombout, de patroonheilige van de stad, werd verstrooid maar weer verzameld door de vrome bevolking. Tijdens het calvinistische bewind tussen 1580 en 1585 werd de kerk voor de protestantse eredienst gebruikt en werd alles wat aan de roomse eredienst herinnerde verwijderd. Op 4 augustus 1585 kon de kerk gereconcilieerd worden.

De toren werd tijdens de Eerste Wereldoorlog beschadigd door een Duits artilleriebombardement, nadat Belgische militairen ondanks een Duits ultimatum vanaf de toren met vlaggen signalen bleven geven naar het Fort van Walem. In 1972 richtte een brand opnieuw schade aan.

De gedeelten van de kerk die vanaf de 14e eeuw tot stand kwamen, gelden als het vroegste voorbeeld van de Brabantse gotiek. De hier toegepaste stijl kreeg navolging, onder meer in de vormgeving van het koor van de Sint-Gummaruskerk in Lier.

Interieur[bewerken]

Schip[bewerken]

Het schip is uitgevoerd in gotische stijl, op de zuilen staan beelden van de apostelen.

De naturalistische preekstoel uit eik is een voorbeeld van barokbeeldhouwkunst gesneden door Michiel van der Voort met de assistentie van Theodoor Verhaegen (1721-1723). Hij bevat zoveel verhalende elementen dat men eigenlijk nog nauwelijks over een meubel kan spreken. Als in een 'tableau vivant' is de bekering van Norbertus te zien, de kruisiging en de bekoring van Adam en Eva. Het klankbord is niets anders dan de kruin van de boom van de kennis van goed en kwaad. De architectonische onderdelen zijn zodanig geïntegreerd dat het niet meer mogelijk is ze van elkaar te onderscheiden. Oorspronkelijk was dit werk vervaardigd voor het Norbertinessenklooster van Leliëndaal. Na de vernieling van het klooster werd de preekstoel in 1809 overgebracht naar de kathedraal. Beeldhouwer Jan-Frans Van Geel voegde een nieuwe achterkant toe en bouwde de kansel rondom een zuil weer op. Een bewaard terracotta model uit 1721 laat toe om deze veranderingen te herkennen.

Achteraan het schip staat een neogotisch doksaal met het groot orgel. In de zijbeuk bevindt zich het altaarstuk van St Anna Christus aan het kruis geschilderd door Antoon van Dyck in 1630. Dit werk is afkomstig uit de Minderbroederskerk.

Koor[bewerken]

Het hoogaltaar werd in 1665 uitgevoerd door Lucas Faydherbe. Deze beeldhouwer had een belangrijk aandeel in de barokke aankleding van de kathedraal. Van zijn hand is onder meer het grafmonument voor aartsbisschop Andreas Creusen, links van het hoofdaltaar. Er bevinden zich nog verscheidene andere grafmonumenten van aartsbisschoppen in de kathedraal, onder meer van Matthias Hovius.

Andere schilderijen zijn onder meer van Abraham Janssens, Gaspar de Crayer en Michiel Coxie.

Kerkschat[bewerken]

Tot de belangrijkste stukken behoort het groot schrijn van St Rombaut. Verschillende stukken edelsmeedwerk en liturgisch vaatwerk in neostijlen zijn bewaard. Bij de inval van de Fransen in 1792 en 1794 ging een deel van de zilverschat verloren. Ook de verzameling liturgisch textiel is zeer belangrijk en bevat verschillende grote pontificale gewaden voor liturgische diensten. Deze werden vaak besteld in opdracht van het metropolitaans kapittel. Tot de topstukken behoort ook een groot wit zijden gewaad geschonken aan Kardinaal Mercier en een pontificaal gouden stel van Mgr. D'Alcase.

De toren[bewerken]

De beroemde toren beheerst het stadsbeeld van Mechelen en geldt als een van de bekendste in België. De geplande hoogte was 600 Mechelse voet (ca 167 meter). De bouw werd geleid door leden van het bouwmeestersgeslacht Keldermans waarbij de funderingswerken startten in 1449 en de eerste steen van de toren werd gelegd op 22 mei 1452 door communiemeester Jan Van Musene. Per jaar werd er ongeveer 1,5 meter aan de toren bijgebouwd.

De toren werd door geldproblemen niet voltooid volgens het oorspronkelijke plan. De godsdienstoorlogen slorpten veel geld op en de oude Zandpoort, waar buskruit in lag opgeslagen, ontplofte in 1546 waarbij een derde van de oude stad verwoest werd en 200 mensen omkwamen. Hierdoor verslechterde de financiële situatie nog meer. Men is nog wel begonnen met het eerste stuk van de achthoekige torenspits, dat is het deel vanaf de trans waar de torenwachter zijn ronde deed om branden in de stad op te sporen, maar rond 1520 is de bouw definitief stilgelegd op een hoogte van 97,28 meter.

Verdiepingen[bewerken]

De toren heeft zeven niveaus:

Doorsnede van de Sint-Romboutstoren.
  1. De Kraankamer: dit is de ruimte waar een grote hijsinstallatie staat opgesteld die onder meer de klokken (tot wel acht ton) kon optakelen. De kraan werd bediend door negen mensen die in een enorm tredrad liepen en zo de zware goederen optilden van de begane grond tot in de kraankamer.
  2. De Smidsekamer: dit is de ruimte waar de smid allerhande kleinere reparaties uitvoerde. Hier hangen ook de gewichten voor het uur-, slag-, en trommelspeelwerk.
  3. De Klokkenkamer: dit is de ruimte waar de oude beiaard staat opgesteld. Het instrument omvat 49 klokken. De oudste klok dateert uit 1480, terwijl de meeste klokken in 1674 gegoten zijn door Pierre Hemony in Amsterdam, als een van zijn laatste werkstukken. Vandaag wordt deze beiaard niet vaak meer met de hand bespeeld [1] en de ruimte doet dan ook hoofdzakelijk dienst als museum. Alleen de speeltrommel speelt om de 7½ minuut op deze klokken.[2] De oude beiaard is beroemd geworden door Jef Denyn, beiaardier, stichter en voormalig directeur van de beiaardschool van Mechelen aan het begin van de 20e eeuw. De Spoorwegen lieten speciale treinen rijden om mensen van heinde en ver naar Mechelen te brengen om deze kunstenaar te beluisteren op de beiaard. Er bestaan enkele oude opname's van op 78t platen. De basklokken van de oude beiaard dienen zowel als speelklokken dan wel als luidklokken.[3] Om te gaan luiden (bewegen) moeten de klepels van het voetklavier van de beiaard worden afgekoppeld. De luidklokken werden vroeger door de torenwachter en zijn helpers boven op de klokken met de voeten getreden om geluid te worden voor de H. missen in de kathedraal en ook in noodsituaties zoals brand en oorlog. Iedere klok of een serie klokken had zijn eigen functie bij het luiden. In de nieuwe situatie worden ze met een motor aangedreven.[4] Zeluiden dankzij hun rechte assen. In 2011 is door de torenwachter Nick Vanhaute het gelui gerestaureerd en daarbij weer compleet luidbaar gemaakt, waarbij sommige klokken van een nieuwe klepel zijn voorzien. Een deel van de luidklokken is in de loop der jaren alleen als basklok voor de beiaard in gebruik geweest maar kan nu ook weer luiden. Het dagelijks luiden van het Angelus gebeurt in de vieringtoren op het dak van de kathedraal.
  4. De Uurwerkkamer: dit is de ruimte waar een 17e-eeuws uurwerk met slagwerken voor het hele- en halve uur en een speeltrommel staan opgesteld. Het speelwerk wordt aangedreven door een half kanon gevuld met lood met een gewicht van ± 1000 kg. De gewichten voor zowel de speeltrommel als de uur- en slagwerken, worden tegenwoordig automatisch opgehesen. Vroeger was de torenwachter daar iedere dag zeker een half uur mee bezig om de vier zware gewichten handmatig omhoog te draaien. Het uurwerk bediende vroeger vier wijzerplaten met elk één wijzer op de vier zijden van de toren. Door een Duitse beschieting tijdens de Eerste Wereldoorlog werden de wijzerplaten zwaar beschadigd en in 1963 zijn de roestige resten verwijderd tijdens de toren restauratie. De wijzerplaten hadden een diameter van 14 meter en waren de grootste in zijn soort ter wereld. Torenwachter Nick Vanhaute restaureerde de uur- en slagwerken en de speeltrommel die sindsdien als een van de meest perfecte speelwerken in Vlaanderen, ja zelfs van de Benelux functioneert. Jaarlijks wordt het speelwerk 'verstoken' (van nieuwe melodieën voorzien) in de week voor Pasen. Dit gebeurt door de stadsbeiaardier in samenwerking met leerlingen van de Koninklijke Beiaardschool 'Jef Denyn'.[5] De oude beiaard heeft zowel hamers voor de speeltrommel als een stokkenklavier dat de klepels in de klokken bedient. De speeltrommel draait iedere zeven en halve minuut, dus acht keer per uur en speelt dan de melodie die bij dat tijdstip hoort. Het is een wens om in de toekomst de wijzerplaten weer aan te brengen nu het uurwerk weer zo perfect functioneert. Mede omdat het stadsbestuur hier niet financieel aan wil bijdragen is de torenwachter per 1 mei 2013 opgestapt.
  5. De Beiaardkamer: dit is een niveau waar in de jaren 80 een betonnen vloer werd gegoten om de nieuwe beiaard op te plaatsen. Deze nieuwe concertbeiaard bestaat uit 49 klokken en is in 1981 gegoten door Eijsbouts te Asten in Nederland. Op de klokken staat de naam van André Lehr † de beroemde campanoloog van deze klokkengieterij. Deze nieuwe beiaard is voorzien van elektromagnetisch gedreven hamers voor automatisch spel aangestuurd door een ponsband, wat sinds de her-ingebruikname van de speeltrommel voor de historische beiaard, niet meer gebruikt wordt. De nieuwe beiaard wordt dus thans alleen met de hand bespeeld op een stokkenklavier.[6]
  6. De Askelder: helemaal bovenaan, maar dit is dan ook de kelder van de nooit gebouwde spits. Hier werd de mortel ("assche") voor de verdere bouw opgeslagen.
  7. De SkyWalk van de toren werd in 2009 aangepast voor interactieve bezoeken die vanaf dat jaar mogelijk waren. Daarbij werd boven op de toren een glazen uitkijkpunt geplaatst. Bij helder weer kan men vanaf hier in het noorden de Onze Lieve Vrouwe Kathedraal van Antwerpen zien, en in het zuiden het Atomium van Brussel.

Afwerking van de toren[bewerken]

Een student aan de toenmalige School voor technisch ingenieurs De Nayer onderzocht in de jaren zeventig of de toren nog kon worden afgebouwd. Hij kwam tot de conclusie dat de spits er wel op zou kunnen komen, ondanks hoge druk op het metselwerk bij hevige wind. Destijds zou er een druk zijn van 6.5 kg/cm2 op de ondergrond; met de spits zou die stijgen tot amper 7.5 kg/cm2, terwijl de ondergrond tot 13 kg/cm2 zou kunnen verdragen.[7] Recente[bron?] diverse graafwerken in de buurt toonden aan dat dit een zand- en geen minder betrouwbare moerasgrond was.

Beroemdheden die de toren beklommen[bewerken]

Mechelen, de toren van de Sint-Romboutskatedraal, tekening van Léon van Dievoet, 1934.

Fotogalerij[bewerken]

Wetenswaardigheden[bewerken]

  • De toren staat niet op ezel- of koeienvellen zoals soms wel wordt beweerd, maar staat op een fundering in de vorm van een gewelf.
  • Op zondag 12 oktober 2003 liet de Familievereniging Scone Jhan door E.H. Van den Bossche een nieuw Mariabeeld zegenen en inhuldigen in de Schoonjans-kapel, die in de eerste helft van de 15e eeuw door ene Jan Scoenejans gesticht werd.

Enkele afmetingen[bewerken]

  • De grootste lengte bedraagt 118 meter
  • De lengte van het dwarsschip bedraagt 41,20 meter
  • De gewelfhoogte in het middenschip bedraagt 29 meter
  • De middenbeuk van het koor is 13,30 meter breed
  • De totale oppervlakte bedraagt 3870 vierkante meter
  • De toren is 97,28 meter hoog
  • De toren heeft welgeteld 538 treden.

Wijzer of geen wijzer?[bewerken]

Op zondag 5 oktober 2014 werd in Mechelen een referendum gehouden met de vraag of de Sint-Romboutstoren replica's van de 18e-eeuwse wijzerplaten mochten krijgen of niet. Inwoners van Mechelen die 16 jaar of ouder zijn konden hun stem uitbrengen. In totaal brachten 5974 inwoners hun stem uit; 3230 (54,06%) stemden tegen, 2667 (44,64%) voor en 77 (1,28 procent) onthielden zich van stemming.[8] Het referendum is bindend tijdens de huidige legislatuur (2013-2018).

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]