Académie des sciences

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Lodewijk XIV brengt in 1671 een bezoek aan de Académie.
Bezigheden in de academie in 1698

De Académie des sciences (de Franse academie van wetenschappen) is een wetenschappelijk genootschap dat de Franse wetenschap stimuleert en haar belangen verdedigt. De academie werd in 1666 gesticht werd door Lodewijk XIV op advies van Jean-Baptiste Colbert en is één van de oudste nationale academies van wetenschappen. Tijdens de Verlichting speelde de academie een vooraanstaande rol in de ontwikkeling van de wetenschap in Europa.

Geschiedenis[bewerken]

De oprichting van de Académie was het werk van Jean-Baptiste Colbert, die een groep geleerden uitkoos die op 22 december 1666 in de koninklijke bibliotheek bij elkaar kwamen. Vanaf dat moment kwamen de geleerden tweemaal per week bij elkaar. De eerste dertig jaar van de Académie bleven de contacten informeel omdat er geen statuten waren.

Op 20 januari 1699 gaf koning Lodewijk XIV het genootschap zijn eerste reglement. De Académie kreeg het predicaat Koninklijk en vestigde zich in het Louvre in Parijs. Na de Franse Revolutie werden op 8 augustus 1793 alle academies ontbonden door de Nationale Conventie. Op 22 augustus 1795 werd in de plaats een "nationaal instituut voor wetenschap en kunst" gesticht, dat de oude academies van wetenschappen, literatuur en kunst verving. In 1816 werd de Académie des sciences weer zelfstandig, als onderdeel van het Institut de France. Het Franse staatshoofd bleef daardoor patroon van de Académie. Van 1835 tot 1965 werden de bezigheden van de academie gepubliceerd onder de naam Comptes Rendus de l'Académie des sciences.

Heden[bewerken]

Tegenwoordig is de Académie één van de vijf academies die samen het Institut de France vormen. Leden worden verkozen en blijven levenslang lid. Momenteel zijn er ongeveer 150 volle leden, 300 corresponderende en 120 buitenlandse "geassocieerden". De leden zijn verdeeld in twee groepen: de theoretische vakgebieden (wiskundigen en natuurkundigen) en de praktische vakgebieden (scheikunde, biologie, geologie en geneeskunde).

Externe links[bewerken]