Marie Curie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nobelprijswinnaar  Maria Salomea Skłodowska-Curie
7 november 18674 juli 1934
Maria Skłodowska-Curie, Officiële foto bij het winnen van de Nobelprijs, geretoucheerd 1911.
Maria Skłodowska-Curie, Officiële foto bij het winnen van de Nobelprijs, geretoucheerd 1911.
Geboorteland    Polen
Geboorteplaats    Warschau
Plaats van overlijden    Passy, Frankrijk
Nobelprijs voor de    Natuurkunde
In    1903
Reden    "Voor hun onderzoek naar de stralingsfenomenen ontdekt door Henri Becquerel."
Samen met    Pierre Curie
Gedeeld met    Antoine Henri Becquerel
Voorganger(s)    Hendrik Antoon Lorentz
Pieter Zeeman
Opvolger(s)    John William Strutt Rayleigh
Nobelprijs voor de    Scheikunde
In    1911
Reden    "Voor haar ontdekking van radium en polonium en voor haar studie naar de aard en samenstelling van deze opmerkelijke elementen."
Voorganger(s)    Otto Wallach
Opvolger(s)    Victor Grignard
Portaal  Portaalicoon   Natuurkunde
Scheikunde
Pierre en Marie Curie in hun lab, geretoucheerd
Eerste Solvay Conferentie (1911). Marie Curie zit als tweede van rechts, rechts van haar zit Henri Poincaré aan haar linkerzijde zit Jean Baptiste Perrin.

Beluister

(info)

Maria Salomea (Marie) Skłodowska-Curie (Warschau, 7 november 1867Passy, 4 juli 1934) was een Pools-Frans schei- en natuurkundige. Zij was een pionier op het gebied van de radioactiviteit, ontving twee Nobelprijzen en ontdekte de elementen polonium en radium. In haar tweede vaderland Frankrijk is ze bekend als Marie Curie en ze wordt vaak aangeduid als Madame Curie, de titel van de biografie door haar dochter Ève.

Levensloop[bewerken]

Portret omstreeks 1898

Maria Skłodowska werd op 7 november 1867 geboren in het door Rusland bezette deel van Polen. Ze was de jongste van vijf kinderen van Władysław Skłodowski (1832-1902) en Bronisława Boguska (1836-1878). Beide ouders waren afkomstig uit verarmde families die behoorden tot de lagere landadel. Haar jeugd werd getypeerd door het overlijden in 1878 van haar zus Zofia aan vlektyfus en twee jaar later dat van haar moeder aan tuberculose.

Als 15-jarige haalde ze cum laude het examen van de middelbare school, maar kort daarna kreeg ze last van neerslachtigheid en werd ze door haar vader naar familie op het platteland gestuurd waar ze een jaar met plezier verbleef. Vanwege Russische maatregelen na de mislukte Januariopstand in 1863 werd het onderwijs in Polen 'gerussificeerd'. Op universiteiten werd de voertaal Russisch, werd het Pools verboden en werd vrouwen de toegang ontzegd.[1] Hierdoor werd Marie in 1883 niet toegelaten tot de Keizerlijke Universiteit van Warschau (tegenwoordig Universiteit van Warschau). Maries vader, leraar wis- en natuurkunde en directeur van een gymnasium, verloor zijn baan. Om bij te dragen in de kosten van levensonderhoud werkte Marie als lerares. In de avonduren volgde ze colleges aan de clandestiene Vliegende Universiteit van Warschau, een geheime 'mobiele' universiteit waar Poolse vrouwen wel in het door Rusland bezette Polen les konden krijgen

Parijs[bewerken]

Met haar oudere zus Bronisława (Bronia) sloot Marie een overeenkomst: Bronia zou naar Parijs gaan om medicijnen te studeren, terwijl Marie werk zou zoeken als lerares. Met haar verdiensten zou zij bijdragen aan het levensonderhoud van haar zus in Frankrijk. Wanneer Bronia eenmaal arts zou zijn, zou Marie op haar beurt naar Parijs komen en zou Bronia haar helpen om haar studie te bekostigen. Van 1886 tot 1889 werkte Marie als gouvernante in Szczuki, bij de familie Żorawski, waar ze verliefd werd op de oudste zoon Kazimierz Żorawski. De rijke familie was tegen een verbintenis van hun zoon met een meisje zonder geld. Ze verloor haar baan als gouvernante, totdat ze een andere betrekking vond bij de familie Fuchs in Sopot, aan de Oostzeekust.

In 1891 kon ze naar Parijs verhuizen om scheikunde, natuurkunde en wiskunde te studeren aan de Sorbonne bij Gabriel Lippmann en de wiskundige Paul Appell. In de zomer van 1893 slaagde Marie als beste van haar jaar voor haar licentiaat natuurkunde en het jaar daarop behaalde ze het licentiaat in de wiskunde. Op voorspraak van natuurkundedocent Lippmann mocht ze begin 1894 voor de Société d'encouragement pour l'industrie nationale (Genootschap ter bevordering van de nationale industrie) onderzoek doen naar de magnetische eigenschappen van gehard staal. Voor haar onderzoek had ze een goede instrumentele opstelling nodig en via professor Józef Kowalski kwam ze in contact met een natuurkundige die aan de École de Physique et Chimie onderzoek deed naar magnetisme: Pierre Curie.

Radioactiviteit[bewerken]

Na de promotie van Pierre traden Marie en Pierre op 26 juli 1895 in het huwelijk. Van het geld dat ze cadeau kregen van een neef kochten ze twee fietsen en vertrokken daarmee op huwelijksreis op de wegen en paden van Frankrijk. In 1897 rondde ze haar onderzoek naar de magnetisering van gehard staal af. Op 12 september dat jaar werd hun eerste kind geboren, Irène. Nadat Marie voldoende hersteld was van haar zwangerschap begon ze – op advies van Pierre – voor haar promotie onderzoek te doen naar het door Becquerel ontdekte verschijnsel van 'uraniumstralen'. Later ontdekte Marie dat deze stralen een eigenschap zijn van de atoomkern en gaf er de naam 'radioactiviteit' aan.

Op 25 juni 1903 verdedigde ze aan de Sorbonne haar proefschrift Recherches sur les Substances Radioactives, het eerste proefschrift in de natuurkunde geschreven door een vrouw. Ze verkreeg haar doctorsgraad met het predikaat très honorable. Na het toekennen van de Nobelprijs werd Pierre benoemd tot hoogleraar aan de Sorbonne en Marie tot hoofd van het bijbehorende natuurkundig laboratorium. Na een moeizame zwangerschap kreeg Marie op 6 december 1904 een tweede dochter, die ze Ève noemden.

Latere leven[bewerken]

Na het verongelukken van Pierre in 1906 wijdde Marie zich aan onderwijs en onderzoek. Door inspanningen van verscheidene wetenschappers kende de faculteitsraad op 11 mei 1906 unaniem de leerstoel van Pierre toe aan Marie Curie en werd ze tevens benoemd tot lector. Hiermee was zij de eerste vrouwelijke hoogleraar aan de Sorbonne. In 1910 schreef Marie de tweedelige Traité de Radioactivité (Verhandeling over radioactiviteit) waarin ze al haar kennis optekende die ze had verworven over radioactiviteit.

In het jaar 1911, het jaar van haar tweede Nobelprijs, bracht Marie ook een bezoek aan het koudelaboratorium van de Leidse natuurkundige Heike Kamerlingh Onnes. Doel van haar bezoek was het effect te bestuderen van lage temperaturen op radioactiviteit. Het radiumpreparaat dat ze hierbij meenam is nog steeds in het bezit van Museum Boerhaave.[2]

Tijdens de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) reed Marie, samen met haar oudste dochter Irène, met een röntgenapparaat langs het oorlogsfront. Een liefdesaffaire met de Franse natuurkundige Paul Langevin zorgde voor een schandaal. Hoewel rond 1930 de dagelijkse leiding werd overgenomen door haar oudste dochter bleef Marie tot haar dood directeur van het Radiuminstituut. Ze overleed in 1934 in het Franse sanatorium Sancellemoz op 66-jarige leeftijd aan leukemie, vrijwel zeker ontstaan doordat zij door haar werk aan een enorme stralingsdosis was blootgesteld.[3] Ze werd naast haar man in Sceaux begraven.

Werk[bewerken]

Aanvankelijk bestudeerde ze staal voor een metaalbedrijf, haar enige onderzoek waar radioactiviteit geen rol bij speelde. In december 1895 verschoof haar aandacht toen Wilhelm Röntgen de röntgenstraling ontdekt, en kort daarna, de Fransman Henri Becquerel ontdekte dat mineralen die uranium bevatten ook een onbekende straling afgaven. Om te onderzoeken of andere materialen over dezelfde eigenschap bezaten testte Marie allerlei mogelijke stoffen die ze kon verkrijgen. Ze vond dat thorium, na uranium het zwaarste element, eveneens stralingsactief was.

Samen met haar (latere) echtgenoot bestudeerde Curie radioactieve materialen, met name uraniumerts, ook wel uraniniet of pekblende genoemd. Pekblende bleek sterker radioactief te zijn dan het uranium en thorium dat eruit werd gewonnen, terwijl er geen andere radioactieve elementen bekend waren. De logische verklaring hiervan was dat pekblende sporen van een andere, onbekende, radioactieve stof moest bevatten, die veel meer straling produceerde dan uranium. Echter, de stralingsactieve substantie in pekblende was zó gering dat die zich aan iedere chemische analyse onttrok en alleen aantoonbaar was dankzij de gevoelige elektrometer van Pierre Curie.

Van de hogeschool kregen Pierre en Marie toestemming om achter de school in een oude, onverwarmde schuur een primitief laboratorium in te richten. Marie paste verschillende chemische scheidingstechnieken toe op het pekblende en ging alleen verder met het residu dat de sterkste stralingsactiviteit vertoonde. Door verscheidene jaren van onophoudelijk werk isoleerden zij uit een aantal ton erts uiteindelijk twee nieuwe scheikundige elementen.[4] Het eerste element werd polonium genoemd naar Maries geliefde, onderdrukte vaderland en het tweede radium, vanwege de intense radioactiviteit van het element. Marie Curie heeft het achteraf betreurd dat polonium veel minder toegepast werd dan radium. Samen met haar man Pierre ontving ze in 1903 de Davy-medaille en in 1904 de Matteucci Medal. Speciaal voor haar werk kwam in 1914 het l’Institut du Radium (Radiuminstituut) te Parijs gereed.

Nobelprijzen[bewerken]

De Nobelprijs van 1911

Samen met haar man ontving Marie Curie in 1903 de Nobelprijs voor de Natuurkunde, "als erkenning voor de buitengewone diensten die zij hebben bewezen door hun gezamenlijke onderzoek naar de stralingsverschijnselen ontdekt door professor Henri Becquerel". Hiermee was ze de eerste vrouw die een Nobelprijs in ontvangst mocht nemen. Door de zwakke gezondheidstoestand van Marie konden Marie en Pierre de prijs niet persoonlijk in ontvangst nemen.

Acht jaar later ontving Marie opnieuw een Nobelprijs, deze keer de Nobelprijs voor de Scheikunde, "als erkenning voor haar diensten ter bevordering van de scheikunde door de ontdekking van de elementen radium en polonium, door de isolatie van radium en de studie van de aard en samenstelling van dit opmerkelijke element".

Zij is daarmee een van de vier mensen die ooit twee Nobelprijzen hebben gewonnen (de anderen waren Linus Pauling, John Bardeen en Frederick Sanger) en één van twee mensen die Nobelprijzen in twee disciplines won (Linus Pauling was de andere).

Nageslacht[bewerken]

Marie Curie na haar dood[bewerken]

Marie Curie was in 1995 de eerste vrouw die op grond van haar eigen verdiensten samen met haar man Pierre werd bijgezet in het Panthéon, Parijs. Tijdens een periode van hyperinflatie stond de beeltenis van Madame Curie op de Poolse bankbiljetten van 20.000 złoty, en ze stond samen met haar man afgebeeld op het 500 Franse frankbiljet; ook werd er in 1997 een gouden munt geslagen van 500 frank met daarop op de voorzijde een afbeelding van het echtpaar Curie en op de keerzijde een vijzel met stamper en de tekst Ra 226,0, een verwijzing naar het isotoop 226Ra. Op dit isotoop is een eenheid voor radioactiviteit, de curie gebaseerd, en ook deze eenheid is vernoemd naar Marie en Pierre Curie. Tegenwoordig wordt de eenheid curie nauwelijks nog door fysici gehanteerd, maar gebruikt men de becquerel. Ook het element curium (Cm) is vernoemd naar het echtpaar bij wijze van eerbetoon.

Vernoemd[bewerken]

Naar haar vernoemd zijn onder meer

  • Marie Curiebeurzen van de Europese Unie, bestemd voor post-docs en meer ervaren wetenschappelijke onderzoekers om internationale samenwerking te bevorderen.
  • Marie Curie Cancer Care, een Britse liefdadigheidsorganisatie: een stichting die kankerpatiënten gratis verpleegt en medisch onderzoek doet. Sinds 2004 zet zij zich in om terminale patiënten thuis te laten overlijden. In 1948 werd de National Health Service in Engeland opgericht en werd het Marie Curie Ziekenhuis daarin opgenomen. De naam van het ziekenhuis verdween, maar haar naam werd gebruikt voor de stichting Marie Curie Cancer Care die sinds 1952 officieel staat geregistreerd.
  • Marie Curie, studievereniging voor natuurkunde aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
  • Het element Curium.
  • De eenheid Curie.
  • Een McDonnell Douglas MD-11 toestel (registratie PH-KCC) van de Koninklijke Luchtvaart Maatschappij met de naam Marie Curie.

Literatuur[bewerken]

Bibliografie[bewerken]

  • Curie, Ève, Madame Curie, Gallimard, Parijs 1937, klassieke biografie door haar dochter. Geautoriseerde vertaling uit het Frans door Willy Corsari, Madame Curie. Haar leven en werk, Leopold, Den Haag 1937.
  • Emling, Shelley, Marie Curie and Her Daughters: The Private Lives of Science's First Family, Palgrave Macmillan 2012, 256 pp. (Over de laatste 20 jaar van haar leven.)
  • Giroud, Françoise, Une femme honorable, Fayard, 1981. Vertaling van Marjolijn van Riemsdijk, Een vrouw van eer, Fontein, Baarn 1983
  • Goldsmith, Barbara, Marie Curie, portrait intime d’un génie obsessionnel, 2006
  • Labbé, Brigitte en Puech, Micançoise, Une femme honorable, Fayard, 1981. Vehel, Marie Curie, 2006
  • Laurent-Petit, Xavier, Marie Curie, 2005
  • Pflaum, Rosalynd, Grand obsession. Madame Curie and her world, Doubleday, New York-London, 1989. Biografieën van Marie, haar dochter Irène en schoonzoon Frédéric Joliot, de nadruk ligt op biografie, niet op de wetenschap
  • Quinn, Susan, Marie Curie, a life, New York 1995 (met weinig aandacht voor wetenschappelijk werk)
  • Ziegler, Gillette G., Correspondance (1905-1934), briefwisseling tussen Marie Curie en Irène Joliot-Curie, Éditeurs français réunis, Parijs 1974

Fictie[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Biografie Marie Curie op Notable Names Database
  2. Berghuis, Harmke. "Let op straling!". Mare - Leids Universitair Weekblad (6 oktober 2011)
  3. Wie was Marie Curie? op Marie Curie studievereniging voor natuur- en sterrenkunde.
  4. Pierre en Marie Curie (1898). Sur une nouvelle substance radio-active, contenue dans la pechblende. Comptes rendus de l'Académie des Sciences 127: 175-187 .
Personen die zijn begraven in het Panthéon

1791: Honoré Gabriel de Riqueti, graaf van Mirabeau · Voltaire · 1793: Louis-Michel Lepeletier de Saint-Fargeau · Auguste Marie Henri Picot de Dampierre · 1806: François Denis Tronchet · Claude-Louis Petiet · 1807: Jean-Baptiste-Pierre Bevière · Louis-Joseph-Charles-Amable d'Albert de Luynes · Jean-Étienne-Marie Portalis · Louis-Pierre-Pantaléon Resnier · 1808: Antoine-César de Choiseul-Praslin · Jean-Frédéric Perregaux · Jean-Pierre Firmin Malher · Pierre Jean Georges Cabanis · François Barthélemy Beguinot · 1809: Girolamo Luigi Durazzo · Jean-Baptiste Papin · Joseph-Marie Vien · Pierre Garnier de Laboissière · Justin Bonaventure Morard de Galles · Jean-Pierre Sers · Emmanuel Crétet · 1810: Louis Charles Vincent Le Blond de Saint-Hilaire · Jean Lannes · Giovanni Battista Caprara · Charles Pierre Claret de Fleurieu · Jean-Baptiste Treilhard · 1811: Nicolas Marie Songis des Courbons · Charles Erskine de Kellie · Alexandre-Antoine Hureau de Sénarmont · Michel Ordener · Louis Antoine de Bougainville · Ippolito Antonio Vincenti-Mareri · 1812: Jan Willem de Winter · Jean Marie Pierre Dorsenne · Auguste Jean-Gabriel de Caulaincourt · 1813: Joseph-Louis Lagrange · Jean-Ignace Jacqueminot · Hyacinthe-Hughes Timoléon de Cossé-Brissac · Justin de Viry · Jean Rousseau · Frédéric Henri Walther · 1814: Jean-Nicolas Démeunier · Jean Louis Ébenezel Reynier · Claude Ambroise Régnier · 1815: Claude Juste Alexandre Legrand · Antoine-Jean-Marie Thévenard · 1829: Jacques-Germain Soufflot · 1885: Victor Hugo · 1889: Théophile Malo Corret de La Tour d'Auvergne · Lazare Carnot · Jean-Baptiste Baudin · François Séverin Marceau · 1894: Marie François Sadi Carnot · 1907: Marcellin Berthelot · 1908: Émile Zola · 1920: Léon Gambetta · 1924: Jean Jaurès · 1933: Paul Painlevé · 1948: Paul Langevin · Jean Perrin · 1949: Félix Éboué · Victor Schoelcher · 1952: Louis Braille · 1964: Jean Moulin · 1987: René Cassin · 1988: Jean Monnet · 1989: Henri Grégoire · Gaspard Monge · Nicolas de Condorcet · 1995: Marie Curie · Pierre Curie · 1996: André Malraux · 2002: Alexandre Dumas père · 2011: Aimé Césaire

Vista-kmixdocked.png
Door op de afspeelknop te klikken kunt u dit artikel beluisteren. Na het opnemen kan het artikel gewijzigd zijn, waardoor de tekst van de opname wellicht verouderd is. Zie verder info over deze opname of download de opname direct. (Meer info over gesproken Wikipedia)