Donna Summer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Donna Summer in 2005

Donna Summer (pseudoniem van LaDonna Adrian Gaines), (Boston, 31 december 1948) is een Amerikaans zangeres, songwriter en artiest. Ze is het bekendst van haar discohits uit de jaren '70, die haar de bijnaam "koningin van de disco" opleverden. Als een van de weinige discosterren is ze er ook in geslaagd om later met andere genres, zoals de R&B, hits te blijven scoren.

Inhoud

[bewerken] Beginjaren

Gaines groeit op in een gezin van zeven kinderen met vrome, christelijke ouders. Ze wordt beïnvloed door de Amerikaanse zangeres Mahalia Jackson en zingt reeds op jeugdige leeftijd in de kerk. Volgens haar eigen zeggen beleefde zij tijdens haar eerste solo in de kerk een goddelijke openbaring, waarin haar te verstaan werd gegeven haar stem te gebruiken om later een ster te worden. Als tiener formeert zij kleine zanggroepjes, onder meer met haar zus en een nicht, waarmee zij muziekgroepen als The Supremes en Martha & The Vandellas imiteert. Aan het eind van de jaren '60 wordt zij beïnvloed door Janis Joplin en wordt zij leadzanger van een psychedelische-rockgroep, de Crow, nadat zij inmiddels haar opleiding heeft gestaakt. In 1968 doet zij auditie voor de rol van Sheila in de Broadwaymusical Hair. Ze krijgt de rol niet, maar later, wanneer de musical naar Europa gaat, wordt haar de rol alsnog aangeboden en vertrekt zij naar Duitsland, waar zij tijdens een langdurig verblijf onder meer meezingt in de musicals Godspell en Show Boat en zich aansluit bij de Weense Volksopera (de Volksoper Wien).

[bewerken] De jaren '70

Nadat ze in München is gaan wonen, trouwt Gaines met de Oostenrijkse acteur Helmuth Sommer. In deze periode neemt ze haar artiestennaam Donna Summer (een verengelsing van het Duitse woord sommer (zomer) aan. In 1971 komt ze in Nederland met haar eerste solosingle Sally Go Round the Roses, maar haar eerste grote internationale hit scoort ze in 1974 met The Hostage. Donna Summer tekende daarvoor een albumcontract in Nederland. Lady of the Night heette het album uit 1974, met daarop de internationale hit The Hostage en de vooral in Nederland succesvolle single Lady of the Night (eigenlijk een Engelstalige smartlap over een prostituee/escortmeisje). Met deze laatste single breekt ze in Nederland in 1974 door. Het is haar eerste doorbraak als soloartieste, dankzij optredens met de singles Lady of the Night en The Hostage in de in die jaren satirische en vaak controversiële televisieshow van Dolf Brouwers alias Sjef van Oekel. Bovendien werd Nederland in die tijd als belangrijk trendsettend land gezien voor de popmuziek. Nederland is min of meer de bakermat van haar succes. Haar eerste album wordt echter al met al een matig succes.

Donna Summer brengt de volgende jaren veel singles uit. In 1975 wordt in veel landen Love To Love You Baby uitgebracht. Het nummer slaat in als een bom. Het orgasmische gekreun dat Summer in dit nummer ten gehore brengt, is een tijd lang het gesprek van de dag. Het nummer schiet in veel landen naar de eerste plaats in de hitlijsten. In de VS wordt het nummer eerst niet uitgebracht, maar wel door enkele radiozenders gedraaid als import uit Europa. Uiteindelijk wordt het ook in de Verenigde Staten uitgebracht en ook daar een grote hit. Een aantal radiozenders boycot de single echter wegens de obscene geluiden. Haar naam is dan echter wel gevestigd. Op dezelfde leest als Love to love you baby zijn Could it be magic (1976) en Down deep inside (1977) geschoeid. Het laatste is de titelsong uit de film The deep met in de hoofdrollen onder anderen Nick Nolte, geproduceerd door John Barry (onder andere James Bond).

In de jaren daarna brengt Summer meerdere singles uit. Al die singles worden grote hits. Er wordt in die periode gezegd dat "alles wat Donna Summer aanraakt, verandert in goud". Ze krijgt in 1975-1976 de officiële titel The Queen of Disco en de officieuze titel The First Lady of Love, de laatste mede vanwege haar vele min of meer erotisch getinte liefdesliedjes in die periode. Ze is een van de weinige discoartiesten die ook veel aandacht aan elpees besteedt. Een greep uit de vele singles die ze uitbracht:

  • Spring Affair en Winter Melody (1976)
  • I Love You
  • I Feel Love en I Remember Yesterday (1977)
  • Heaven Knows
  • MacArthur Park (een discocover van de hit van Richard Harris)
  • Last Dance (1978, uit de discofilm Thank God It's Friday)
  • Hot Stuff, Bad Girls en No More Tears (Enough is Enough) (1979).

No More Tears (Enough is Enough) is een duet samen met Barbra Streisand. Het werd een wereldhit en de eerste platinum maxisingle in de Verenigde Staten. Bekend is dat beide diva's zo onder de indruk van elkaar waren dat beiden zelf (ondanks eerdere pogingen) het nummer apart hebben ingezongen. De langzame intro is zelfs door de songwriters voor Streisand geschreven, omdat disco toch meer Summer op het lijf geschreven was. Summer heeft in 1978-1979 vier nummer 1-hits op rij weten te scoren in de Billboard Hot 100. Dat was toen een unicum en voor zover bekend is dat nadien door geen enkele andere artiest geëvenaard.

Daarna volgt nog eind 1979 de grote hit On the Radio, waarna Summer compleet instort. De enorme druk van haar grote successen wordt ondraaglijk en ze krijgt psychische klachten en gezondheidsklachten. Ze keert terug tot het geloof (christendom) en krabbelt begin jaren '80 weer uit haar diepe dal omhoog.

[bewerken] De jaren '80

Ze is na dit herstel begin jaren '80 een geheel andere weg ingeslagen, zowel persoonlijk als artistiek. Dit wellicht omdat ze meer het eigen heft in handen neemt wat haar imago en muzikale richting betreft. Dat is ook duidelijk terug te vinden in haar nummers. Er staan vanaf dan regelmatig nummers op haar albums met invloeden van de gospel. Regelmatig benadrukt ze dat ze haar inspiratie put uit haar geloof en God. Er ontstaat een gerucht[1] dat Summer zich tegen homoseksuelen heeft uitgelaten, wat nooit echt is bewezen en zelfs publiekelijk door haar is ontkend. Toch blijft dit gerucht regelmatig de kop opsteken. Vermeld dient hier wel te worden dat zij daarna mee heeft gedaan aan vele benefietoptredens en donaties voor homoseksuelen. Haar carrière leeft vervolgens weer wat op, maar zakt midden jaren '80 weer in. Summer is nog steeds verbonden als The Queen of Disco met haar glorieuze discoperiode en kan zich na het einde van de discohype moeilijk daarvan lostrekken. Of zijn het haar bewonderaars die Summer als discokoningin blijven zien? Wel is zij de enige superster die de discoperiode blijvend heeft nagelaten.

Het nieuwe album The Wanderer in 1980 is een matig succes, en het volgende album, I'm a Rainbow, wordt niet uitgebracht in 1981, maar pas in 1996. De reden is dat David Geffen van Geffen Records de plaat niet goed genoeg vindt, en hierna Summer combineert met Quincy Jones. Het is de bedoeling van de producenten dat dat haar hoogtepunt zal gaan worden in haar carrière. Verder eindigt in die tijd de langdurige samenwerking met Giorgio Moroder en Pete Belotte. Het album dat dan in 1982 uitkomt heet Donna Summer. Met het nummer State of Independence (oorspronkelijk van Vangelis en Jon Anderson) scoort ze in 1982 een nummer 1-hit in de Top 40. In de Nationale Hitparade komt het tot de derde plaats. Grote namen die in het achtergrondkoor zitten, zijn onder anderen Michael Jackson, Lionel Richie, Dionne Warwick, Quincy Jones, Stevie Wonder, Christopher Cross en Brenda Russell. Het album verkoopt uiteindelijk goed, maar zou niet haar bestverkochte album worden; dat is nog steeds het album Bad Girls uit 1979. Verdere hits van het album uit 1982 zijn Love Is In Control (Finger on the Trigger) en The Woman in Me.

In 1983 scoort ze nog een hit met She Works Hard for the Money. De overige singles uit 1982 en 1983 scoren nog redelijk. Het album uit 1984 (Cats Without Claws), met onder andere de matig scorende hit Supernatural Love en There Goes My Baby, scoort ook als album redelijk. Wel krijgt zij een Grammy voor het gospelnummer Forgive Me. Het volgende album uit 1987 (All Systems Go) scoort zelfs matig, evenals de twee singles daarvan (All Systems Go en Dinner with Gershwin). Steeds meer neemt het succes af, tot ze eind jaren '80 gaat samenwerken met Stock, Aitken & Waterman. Van dit album komen de grote hits I Don't Wanna Get Hurt, Love's About To Change My Heart en This Time (I Know It's For Real).

[bewerken] De jaren '90 en daarna

Halverwege de jaren '90 scoort zij een grote hit met een remix van I Feel Love, de rest van de in de jaren '90 uitgebrachte singles verkopen aanzienlijk minder. Een aantal titels daarvan zijn Work that Magic (1991), Melody of Love (Wanna be Loved) (1994), clubremixen van The State of Independence (1996), Carry On en I Will Go With You (1999) en voor de film Pokémon het nummer The Power of One (2001). Ook zingt zij voor de Disneyfilm De Klokkenluider van de Notre Dame, uit 1996, de soundtrack Someday en een duet met Liza Minnelli, Does He Love You. De meeste van deze nummers scoren wereldwijd echter wel hoog in de dancehitlijsten. Met de single Carry On (een hernieuwde samenwerking met Giorgio Moroder) wint zij de eerste Grammy in de categorie Dance. In 1994 komt er een compleet kerstalbum uit, getiteld Christmas Spirit. Dit album oogst veel gunstige recensies, de verkopen echter zijn ook hier niet erg hoog. Verder volgen in de jaren '90 onder meer nog optredens bij Oprah Winfrey en op de Divas III-concerten.

Rond de eeuwwisseling brengt zij een cd/dvd uit onder de titel Live & More Encore van een concertregistratie in New York, waarop ze ook een paar nieuwe nummers ten gehore brengt. Verder schildert ze al vanaf de jaren 'm80. Hiermee treedt zij in de 21e eeuw steeds meer naar buiten. Ook schrijft ze begin 21e eeuw nog een boek over haar eigen leven en volgt er een daarop gebaseerde musical, getiteld Ordinary Girl. In de jaren daarna toert zij nog regelmatig door Amerika en is ze in Europa te zien op Night of the Proms-concerten.

Op 20 mei 2008 verschijnt, na een stilte van 17 jaar, weer een compleet nieuw studioalbum, getiteld Crayons. Met drie nummers, I'm A Fire, Fame (The Game) en Stamp Your Feet, haalt ze wederom de nummer 1-positie, ditmaal in Billboards Hot Dance Club Songs. Ze treedt op in verschillende programma's. In 2009 maakt zij een grote concerttournee door Amerika met haar nieuwe album en doet zij ook Europa aan (Parijs, Berlijn, Lokeren). Momenteel is zij diverse keren voorgedragen voor de "Rock and Roll Hall of Fame" maar nog niet toegelaten. Eind 2009 trad zij op bij de uitreikingsceremonie van de Nobelprijs voor de Vrede in Oslo.

In augustus 2010 verschijnt op iTunes haar nieuwste single, To Paris With Love. Deze single wordt eind oktober 2010 nummer 1 in Billboards Hot Dance Club Songs.

[bewerken] Indeling carrière in fasen

Terugkijkend op Donna Summers carrière kunnen drie fasen worden onderscheiden. In de jaren '70 is zij de sensuele en aantrekkelijke, wat wilde jonge zangeres die veel meisjes tot voorbeeld dient en ook door veel jongens als aantrekkelijke vrouw wordt gezien. Het succes wordt haar te veel (overigens waardeert zij het zelf helemaal niet dat ze in die periode min of meer wordt afgeschilderd als seksbom, vooral naar aanleiding van nummers als I Love to Love You Baby, Try Me, I Know We Can Make It, I Feel Love, Deep Down Deep Inside en Hot Stuff). De combinatie van haar sensuele verschijning, haar stem met een hoog en breed bereik en de samenwerking met producenten Pete Bellotte en Giorgio Moroder zorgt voor de rest. Ze wordt een ster, een idool. Haar samenwerking met Giorgio Moroder en Pete Bellotte heeft in hoge mate bijgedragen aan de doorbraak van zowel de disco als de latere techno. Met name het nummer I Feel Love was zijn tijd (1977) ver vooruit. Elk nummer op dat betreffende album, I Remember Yesterday, belichaamde de muziekstijl van een decennium uit de 20e eeuw. I Feel Love was het laatste nummer van dit album en moest de jaren '90 belichamen. Achteraf gezien heeft het grote invloed gehad op enkele muziekstijlen uit de jaren '90, met name de techno en house. Het latere album The Wanderer, uit 1980, is samen met het album Bad Girls uit 1979 van invloed geweest op de muziekstijlen van andere grote namen later in de jaren '80, zoals David Bowie, Billy Idol, Whitney Houston, Cyndi Lauper en Madonna.

Na de discoperiode, Summers grootste tijd, worden veel van haar liedjes in de jaren '80 echter minder onstuimig, deels in de geest van de tijdsperiode van de jaren '80, deels waarschijnlijk vanwege haar eigen rustigere levensfase. Ze blijft wel nog steeds haar eigen liedjes schrijven en verdient miljoenen aan royalty's van haar oude hits. Haar nieuwe albums en singles verkopen nog steeds redelijk tot goed.

In de jaren '90 scoort zij echter vrijwel geen grote hits meer. Wel is ze met nieuwe singles in de dancehitlijsten nog steeds succesvol. Grote aantallen worden er echter niet meer verkocht van haar nieuwe album(s) en de verschillende nieuwe singles. Veel van haar nieuwe singles bevatten een groot aantal verschillende remixen van hetzelfde nummer. In 2008, 14 jaar na haar laatste nieuwe album uit 1994, verschijnt er weer een nieuw album, Crayons, waarmee zij een hitrecord vestigt (drie nummers van dit album krijgen een nummer 1-notering in Billboards dancehitlijst) over een periode van meer dan 40 jaar. Met dit laatste album lijkt ze door te gaan op haar muzikale weg. Ze schrijft haar nummers nog steeds grotendeels zelf, in plaats van te rusten of alleen nog maar klassiekers op te nemen. Ze blijkt nog steeds grote waardering te krijgen voor haar zang en schrijf talenten en mag zich scharen onder een van de meest beste vocalisten van haar tijd.

[bewerken] Verkopen en onderscheidingen

Tot nu toe zijn er ruim 187 miljoen albums van Donna Summer verkocht. Ze won Grammy Awards in 1978 (Last Dance), 1979 (Hot Stuff), 1983 (He's a Rebel), 1984 (Forgive me) en 1997 (Carry On). Last Dance ontving een Oscar voor Best Original Song, maar de prijs staat op naam van Paul Jabara, die tekst en muziek schreef. Ze heeft wel een Golden Globe nominatie voor Down Deep Inside (1977), naast nog andere onderscheidingen. Ze heeft een eigen ster op de Walk of Fame.

[bewerken] Trivia

  • Donna Summer heeft nooit deel uitgemaakt van de Three Degrees, in tegenstelling tot wat sommigen denken. Ook worden Summer en Diana Ross weleens door elkaar gehaald.
  • Summer stond in de jaren '70 in de Sovjet-Unie op een lijst met ongewenste buitenlandse personen vanwege haar volgens de regering van dat land te erotisch getinte nummers.
  • Haar stem uit haar nummers wordt ook nu nog gebruikt door andere producenten, dj's en remixers voor eigen nummers. Een voorbeeld is het Franse duo Cassius met het nummer 1999 (remix, radio edit); hierin is de stem van Summer uit If it Hurts Just a Little van het album Donna Summer uit 1982 gesampled.
  • Summer heeft drie dochters: Mimi, Brooklyn en Amanda.
  • Summer steunt beginnende artiesten door middel van een door haar opgericht fonds. Verder is ze nog regelmatig te zien op grote evenementen, zoals de Night of the Proms (in 2005 in Antwerpen, België, en eind 2007 in Rotterdam, Nederland).
  • Summer is de enige artiest die achter elkaar nummer 1 in Amerika heeft gestaan met dubbelalbums: Once Upon A Time, Live & More, On the Radio en Bad Girls.
  • Summer heeft als enige zangeres in elk van de laatste vijf decennia (nummer 1-)hits op haar naam staan.
  • Men schat het totale aantal verkochte platen van Summer op 187 miljoen.
  • Naast zangeres is Summer ook songwriter. Ze heeft het grootste deel van haar repertoire zelf (mee)geschreven en ontvangt hiervoor nog steeds grote bedragen aan royalty's.

[bewerken] Discografie

[bewerken] Albums

Album(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Album Top 20/50/75/100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
Lady of the night 01-02-1975 27 7
I remember yesterday 13-08-1977 11 13
Greatest hits 29-10-1977 30 6 Verzamelalbum
Live and more 25-11-1978 17 10 Livealbum
Bad girls 09-06-1979 8 22
On the radio - Greatest hits 1 & 2 10-11-1979 21 7 Verzamelalbum
Donna Summer 31-07-1982 3 33
She works hard for the money 02-07-1983 11 12
Cats without claws 15-09-1984 15 7
All systems go 03-10-1987 49 4
Another place and time 25-03-1989 19 16
The best of Donna Summer 15-12-1990 43 14 Verzamelalbum
Endless Summer - Donna Summer's greatest hits 03-12-1994 61 5 Verzamelalbum
The journey - The very best of Donna Summer 04-09-2004 57 4 Verzamelalbum

[bewerken] Singles

Single(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Top 40
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
The hostage 10-08-1974 2 9
Denver dream 28-09-1974 tip16 -
Lady of the night 14-12-1974 4 10
Love to love you baby 22-03-1975 17 6
Could it be magic 01-05-1976 2 11 Alarmschijf
Try me, I know we can make it 03-07-1976 tip8 -
Spring affair 18-12-1976 tip8 -
I feel love 06-08-1977 1(1wk) 11
Down deep inside 08-10-1977 6 8 Alarmschijf
I remember yesterday 15-10-1977 24 4
Love's unkind 18-02-1978 32 4
Last dance 01-07-1978 8 11
Rumour has it 02-09-1978 22 5
MacArthur park 04-11-1978 9 9
Hot stuff 26-05-1979 14 7
Bad girls 21-07-1979 7 9
Dim all the lights 22-09-1979 tip4 -
No more tears (Enough is enough) 10-11-1979 20 6 met Barbra Streisand
On the radio 16-02-1980 20 4
Sunset people 28-06-1980 tip14 -
The wanderer 20-09-1980 26 4 Alarmschijf
Love is in control (Finger on the trigger) 31-07-1982 6 9
State of independence 09-10-1982 1(1wk) 9 Alarmschijf
The woman in me 27-11-1982 7 8
She works hard for the money 04-06-1983 17 6
Unconditional love 13-08-1983 tip2 - met Musical Youth
There goes my baby 15-09-1984 31 3
Dinner with Gershwin 12-09-1987 34 3
This time I know it's for real 18-03-1989 5 11
I don't wanna get hurt 17-06-1989 30 4
Love's about to change my heart 16-09-1989 tip3 -
Melody of love 12-11-1994 tip3 -
I feel love (Remix) 23-09-1995 26 4

[bewerken] Externe links


Referenties
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen