Hindoeïstische mythologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Met hindoeïstische mythologie bedoelt men de mythen, verhalen en sagen die in het hindoeïsme voorkomen. Vele van de verhalen en mythen zijn vaak duizenden jaren oud. Voor de gelovigen zelf betreft het geen mythen, maar traditionele overlevering. De belangrijkste geschriften zijn de Ramayana, Mahabharata en de 18-delige purana's.

Bronnen[bewerken]

De vier Veda's, vooral de hymnen van de Rig-Veda, bevatten allusies naar verschillende mythemen.

In de periode van het klassiek Sanskriet werd veel mythologisch materiaal in de Sanskriet epen bewaard, de Ramayana en de Mahabharata. Naast de mythen zelf leveren deze epen tegelijk informatie over de oude Indiase samenleving, filosofie, cultuur, religie en levenswijze.

De Puranas bevatten verhalen die mythologisch ouder zijn dan de epen (Purana in het Sanskriet betekent "oud"). Maar de teksten zelf zijn meestal van na de epen en gaan terug tot de Vroege Middeleeuwen.

De Bhagavatam (ook Srimad Bhagavatam of Bhagavata Purana genoemd) zijn waarschijnlijk de meest populaire en meest gelezen purana's. Ze verhalen over de god Vishnu en zijn incarnaties (avatara's).

Vedische mythologie[bewerken]

De wortels van de mythologie die ontstaan is in het klassiek Hindoeïsme stammen uit de tijd van de Vedische cultuur en de oude Vedische religie. De figuren die samen met de filosofische concepten en de verhalen deel uitmaken van de oude Vedische mythen zijn onlosmakelijk verbonden met het geloof van de Hindoe.

Cyclussen[bewerken]

Valmiki schrijft de Ramayana

De epen spelen zich af in verschillende Yuga's (epochen) of tijdsperioden in de Hindoemythologie. Het Ramayana, geschreven door de dichter Valmiki, beschrijft het leven en de tijd van Heer Rama (de zevende avatar van Heer Vishnoe) en speelt zich af in het Sat yuga.

Het Mahabharatha beschrijft het leven en de tijd van de Pandava's en vindt plaats in het Dvapara yuga, een periode die met Heer Krishna (achtste avatar van Heer Vishnoe) wordt geassocieerd.

Kosmogonie[bewerken]

Prithu jaagt op Prithvi, hier in de vorm van een koe

De Hindoemythologie bevat, zoals veel andere mythologieën, meerdere verhalen over het ontstaan van de kosmos. Het populairste is de visie van de Hiranyagarbha (gouden baarmoeder of gouden omhulsel). Hiranyagarbha dreef in het oerwater in de leegte en de duisternis van het niets. Dit gouden ei splitste zich en daarmee ontstond de kosmos. Svarga dook op uit het bovenste gedeelte van Hiranyagarbha, en Prithvi uit het zilverkleurig onderste gedeelte.

Goden, godinnen en heiligen[bewerken]

De Waarheid (tattva) kent in het hindoeïsme drie aspecten. Het onpersoonlijk goddelijke Brahman, de overal aanwezige Opperziel, Paramatma en de persoonlijk God, Bhagavan. Deze drie aspecten vormen de hindoeïstische drieëenheid. De goden en godinnen zijn emanaties van Bhagavan of van Zijn vrouwelijke Wederhelft (Shakti).

Literatuur[bewerken]

  • Callewaert, Winand, Mythen en verhalen uit het oude India. Leuven (Davidsfonds) 1997.
  • Daniélou, Alain, The Myths and Gods of India, Rochester, Vermont (Inner Traditions International) 1991.
  • Dimmit, Cornelia & J.A.B. van Buitenen, J.A.B., Classical Hindu mythology. A reader in the Sanskrit Purāṇas, Philadelphia (Temple University Press) 1978.
  • Oldenberg, Herman, Die Religion des Veda. 1894. 2e druk 1916. The Religion of the Veda. Delhi etc. (Motilal Banarsidass) 1988. Reprint 2004.
  • Prick van Wely, M.A., Mythen en Sagen van India, Houten (Unieboek, De Haan) 2e druk 1988.
  • Puhvel, Jaan, Comparative Mythology, 1987. Baltimore/London 1989.
  • Verbruggen, H., Hindoese mythen. Vertaald en bewerkt, Den Haag (Mirananda) 1994.
  • Wilson, William Joseph, Hindu Mythology, Vedic and Pūranic, Calcutta etc. 1882. Reprint (Elibron Classics) 2005.
  • Singh, Vijay, Een Godin Wordt Een Rivier Zwijsen, Holland, 1994; Moonlight Publishing, London, 1994; Gallimard Jeunesse, Paris, 1993; Kaufmann-Klett, Germany 1994.