Panslavisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De Slavische gebieden van Europa

De term panslavisme (ook wel pan-slavisme) dateert uit de eerste helft van de 19e eeuw en werd voor het eerst gebruikt door de Slowaak Herkel. De Slowaakse dichter Ján Kollár droeg wezenlijk bij tot de eerste (onwetenschappelijke) formuleringen van het panslavisme. Het panslavisme staat voor het streven van alle Slavische volken naar politieke eenheid. In 1848 vond het eerste pan-Slavische congres plaats in Praag. De term werd voor het eerst gebruikt door de Amerikaanse journalist A. Brito in "The Washington Paper". De term werd vooral na de Eerste Wereldoorlog verspreid doordat het voor veel historici mee aan de basis lag van het uitbreken ervan. [bron?]

Oorspronkelijk oriënteerde het panslavisme, dat alle Slavische volkeren in eenheid verbonden wilde zien, zich op Rusland. Rusland was immers sterk genoeg om weerstand te bieden aan de in de 19e eeuw ingezette politiek van germanisering van de Slavische volken (vooral die in Oostenrijk-Hongarije). Onder de bescherming van Rusland wilde dit vroege romantische panslavisme over de grenzen heen een culturele en economische verbondenheid scheppen.

Idee[bewerken]

Het panslavisme was als idee heterogeen. Er waren voorstanders van slechts losse samenwerking op cultureel gebied, maar ook voorstanders van het smeden van een politieke federatie waarin alle Slavische volkeren zouden moeten opgaan. Zo pleitte de Russische filosoof Vladimir Solovjov voor het opgaan van alle Slaven in een groot Rusland onder leiding van de Rooms-katholieke Kerk, waarmee hij het Russisch imperialisme met het rooms-katholieke universalisme wilde verzoenen. De Sloveen Matija Majar Ziljski pleitte voor het creëren van een nieuwe Slavische taal, geschreven met het cyrillische schrift, waartoe als eerste pragmatische stap het Sloveens met het Kroatisch zou moeten samengaan; analoog daaraan wilde Ján Kollár het Slowaaks en Tsjechisch in één taal verenigen. Ook zijn in de loop der geschiedenis pogingen ondernomen tot het creëren van een universele Slavische taal[1]. Een modern voorbeeld hiervan is het Slovianski.

Vooral onder Tsjechen, Kroaten en Slovenen vond het panslavisme aanhang, waarbij moet worden opgemerkt dat de panslavistische idee in het begin nagenoeg uitsluitend door intellectuelen werd aangehangen en brede steun in de bevolking ontbeerde.

Het centrum van de 19e-eeuwse pan-Slavische beweging lag in Oostenrijk-Hongarije en op de Balkan, waar de invloed en zelfbeschikking van Slavische volkeren werd beperkt door de twee grote rijken uit die tijd: Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk.

Veel gebruikte symbolen zijn de pan-Slavische kleuren: rood, wit en blauw, en het pan-Slavische volkslied: Hej Sloveni.

Oorsprong[bewerken]

Panslavisme begon net zoals pangermanisme, na de napoleontische oorlogen en kan in relatie tot de romantiek en het opkomende nationalisme worden geplaatst. Onder leiding van Klemens von Metternich werd het Oostenrijkse keizerrijk na het Congres van Wenen gerestaureerd, waarbij aan een verbetering van de positie van met name Tsjechen en Kroaten werd voorbijgegaan.

Panslavistische ideeën breidden zich eveneens uit in Servië, dat na de verschillende Balkanoorlogen onafhankelijkheid verwierf.

Panslavisme in het noorden[bewerken]

Panslavisme was vaak anders tussen het noorden en het zuiden. De Tsjechen, Slowaken en Polen wilden meer zelfbeschikking, een grote autonomie verwerven. Met name de Tsjechen beschikten over het kroonland Bohemen, dat reeds lang een juridische status in de monarchie had. De Slowaken leefden grotendeels ook onder Hongaarse jurisdictie, hetgeen het doorzetten van hun eisen veel minder geaccepteerd maakte. Het eerste pan-Slavische congres werd gehouden in Praag in 1848, en was specifiek anti-Oostenrijks en anti-Russisch. De relatie tussen de Russen en deze beweging was altijd al troebel, vooral omdat Rusland het slechts zag als een instrument om rechtstreeks invloed uit te oefenen op de politiek in de Oostenrijkse monarchie.

Panslavisme in het zuiden[bewerken]

Panslavisme in het zuiden was anders. Het was van jongere datum en speelde vooral een rol vanaf het laatste kwart van de 19e eeuw. Enerzijds ging het om meer zelfstandigheid voor de Kroaten, die sinds 1867 onder de Hongaarse kroon vielen. Anderzijds ging het om de opkomende gedachte dat Serven en Kroaten met elkaar verbonden waren en dienden te streven naar een eigen eenheid, weliswaar binnen de Oostenrijks-Hongaarse monarchie. De annexatie en latere inlijving van Bosnië en Herzegovina maakte deze eenheid volgens velen nog dringender. Servië zag er ook een middel in om zijn traditionele vijand Oostenrijk mee te destabiliseren. Ten slotte speelde het ook voor de Slovenen, die anders dan de Kroaten en Bosniërs in het Oostenrijkse rijksdeel leefden verspreid over verschillende kroonlanden, waarin ze in geen geval behalve een, de meerderheid hadden. Het panslavisme was voor hen een overlevingskwestie.

Moderne ontwikkelingen[bewerken]

Na de Eerste Wereldoorlog was de pan-Slavische beweging relatief succesvol. Tsjecho-Slowakije creëerde een pan-Slavische staat in het noorden. In het zuiden kon Joegoslavië enige Slavische volkeren verenigen. De problemen in deze nieuwe landen waren onder meer dat de meerderheidsbevolking dominant werd: de Serviërs in Joegoslavië, en de Tsjechen in Tsjecho-Slowakije. Deze dominantie leidde uiteindelijk tot de ineenstorting van deze staten.

De idee van eenheid voor alle Slavische volkeren is grotendeels verdwenen samen met het communisme. De oorlog in Joegoslavië heeft de idee van de vereniging van Slavische volkeren gediscrediteerd. Indien eenheid zelfs niet op deze kleine schaal kon worden uitgevoerd, was vereniging op een grote schaal onmogelijk. Het eens invloedrijke idee van Slavische vereniging is nu verdrongen door de moeilijkheden in het herbouwen van de Oost-Europese economie en de Europese Unie.

Panslavistische stromingen[bewerken]

Andere op het panslavisme gebaseerde ideeën ontstonden gedurende de 19e eeuw. Deze hadden een concreter programma, waarbij naast de oprukkende germanisering vooral het vraagstuk van de houding tegenover Rusland en de positie van het katholieke geloof centraal stonden.

Noten[bewerken]

  1. constructed slavic languages

Zie ook[bewerken]