Sinéad O'Connor

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Sinéad O'Connor
Sinéad O'Connor tijdens een optreden in 2007
Sinéad O'Connor tijdens een optreden in 2007
Achtergrondinformatie
Volledige naam Sinéad Marie Bernadette O'Connor
Geboren 8 December 1966
Land Vlag van Ierland Ierland
Jaren actief 1986-heden
Genre(s) Alternative rock, pop rock, folk rock
Beroep(en) Muzikant, songwriter,
Instrument(en) zang
Label(s) Ensign, Vanguard, Chocolate and Vanilla
[[1] Website]
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Sinéad Marie Bernadette O'Connor (Dublin, 8 december 1966) is een Iers singer-songwriter. Haar voornaam wordt uitgesproken als 'shi-need'.

Inhoud

[bewerken] Biografie

[bewerken] Jeugd

O'Connor groeide op in Glenageary, een voorstadje van Dublin, als middelste van vijf kinderen. Ze was acht toen haar ouders, Sean en Marie O'Connor, na een moeizaam huwelijk gingen scheiden en het gezin daarbij in tweeën werd gesplitst. O'Connor bleef bij haar moeder die haar geestelijk, lichamelijk en seksueel mishandelde; na vier jaar kreeg ze er genoeg van en trok ze bij haar hertrouwde vader in. Een verbetering was dit niet want O'Connor veranderde in een rebelse tiener die van school spijbelde en winkeldiefstalletjes pleegde.[bron?]

Op haar vijftiende werd O'Connor op een tuchtschool geplaatst; ze werd er aan het strenge regime van de nonnen onderworpen, maar ook ontwikkelde ze er haar muzikale kwaliteiten. Dit leidde tot een opname (Take My Hand) met de formatie In Tua Nua die haar echter niet aannam vanwege haar leeftijd.[bron?]
Een jaar later ging O'Connor naar een kostschool in Waterford waar de regels een stuk soepeler waren; met hulp van de leraar Iers nam ze er haar eerste demo op bestaande uit twee covers en twee eigen songs die later op haar debuutalbum kwamen te staan.

Via een advertentie die ze in het muziekblad Hot Press[1] had geplaatst maakte O'Connor in 1984 kennis met Columb Farrelly. Samen richtten ze de band Ton Ton Macoute op en verhuisden ze naar Dublin; Sinead stopte met school om zich op haar zangcarrière te richten.

Ton Ton Macoute leunde op thema's als hekserij, mystiek en wereldmuziek; de naam was ontleend aan de zombies uit de Haïtiaanse mythen. O'Connor werd door het publiek omarmd als blikvangster en drijvende kracht. Ze stapte echter uit de band nadat haar moeder op 10 februari 1985 bij een auto-ongeluk om het leven kwam.

[bewerken] Vroege carrière

O'Connor verhuisde naar Londen en dankzij de met Ton Ton Macoute opgebouwde credits tekende ze een contract bij Ensign Records. Ze werd gekoppeld aan manager Fachtna O'Ceallaigh en nam Heroine op voor de soundtrack van de film Captive; dit nummer schreef ze met U2-gitarist The Edge.

O'Ceallaigh, een man met een uitgesproken mening over muziek en politiek, was voorheen werkzaam bij het door U2 opgerichte platenlabel Mother maar werd ontslagen nadat hij in een interview zijn werkgevers afkraakte. O'Connor werd hierdoor aangestoken en liet van zich spreken als pro-IRA en anti-U2 (Vandaar het nummer This Is A Rebel Song).

Ook haar producer Mick Glossop moest het uiteindelijk ontgelden. Vier maanden zaten ze in de studio en ze konden het maar niet eens worden over hoe het debuutalbum moest klinken; uiteindelijk werden de opnamen vernietigd. Daar kwam ook bij dat de twintigjarige O'Connor zwanger was van de latere Transvision Vamp-drummer John Reynolds en dat de platenmaatschappij een abortus eiste.[bron?] Dankzij de overtuigingskracht van O'Ceallaigh mocht O'Connor zelf haar album produceren. En om duidelijk te maken dat ze zich geen trendy image liet opdringen schoor ze haar hoofd helemaal kaal.

[bewerken] The Lion and the Cobra

Eind 1987 verscheen The Lion and the Cobra; dit album werd lovend ontvangen en leverde de singles Troy, Mandinka en I Want Your Hands On Me (met rapster MC Lyte in de remix-versie) op.
In 1989 nam ze een duet op met The The-frontman Matt Johnson (Kingdom of Rain) voor het album Mind Bomb.

[bewerken] I Do Not Want

O'Connor mat zich een millimeterkapsel aan, en begon aan haar tweede album te werken met o.a. de ex-Adam and the Ants muzikanten Marco Pirroni en Kevin Mooney. I Do Not Want What I Haven't Got verscheen begin 1990 en de single Nothing Compares 2 U (geschreven door Prince) betekende de doorbraak, mede dankzij de videoclip (met de beroemde traan). O'Connor stond acht weken lang op nummer 1 in de Nederlandse Top 40 en zeven weken in de Nationale Hitparade. Dit was in 1990 de bestverkochte single van Nederland.[bron?]
Ook Amerika viel voor O'Connor; ze won een Grammy Award maar kwam deze niet ophalen. Wel kocht ze een tweede huis in Los Angeles en had ze een kortstondige relatie met Red Hot Chili Peppers-frontman Anthony Kiedis (die daar later verslag van deed in het nummer I Could Have Lied).

Ondertussen werd er een tweede single uitgebracht, het als een spijtbetuiging klinkende Emperor's New Clothes; dit nummer werd geremixt door Hank Shocklee van Public Enemy.
In de zomer van 1990 verleende O'Connor haar medewerking aan de opvoering van The Wall van Roger Waters in Berlijn na de val van de Berlijnse Muur. Ook was ze een van de artiesten die een nummer van Cole Porter opnam voor het AIDS-bewustzijnsalbum Red Hot & Blue; voor de videoclip van You Do Something To Me zette ze een blonde pruik op.

De tributes en samenwerkingen gingen verder, want eind 1991 was haar versie van Elton John's Sacrifice te horen op Two Rooms (Celebrating The Songs Of Elton John & Bernie Taupin); 's mans laatste haartransplantatie vond ze echter "zielig".

[bewerken] Am I Not Your Girl?

Speciaal voor haar zus en haar zesjarige zoon Jake keerde O'Connor in 1992 terug naar Dublin; ze bracht een album uit (Am I Not Your Girl ?) in het verlengde van You Do Something To Me waarop ze nummers uit jaar jeugd coverde maar aan het succes leek een eind gekomen.

O'Connor verscheen op 3 oktober 1992 in de Amerikaanse televisieshow Saturday Night Live (na dit eerder te hebben geweigerd vanwege de vrouwonvriendelijke uitspraken van Andrew Dice Clay) en citeerde Bob Marley's War alvorens een foto van de paus ("de echte vijand") te verscheuren. Dit namen de Amerikanen haar niet in dank af en twee weken later tijdens het concert ter gelegenheid van Bob Dylan's 30-jarig jubileum werd ze door het publiek uitgefloten en toegejuicht. Ze zou een nummer ter ere van Bob Dylan doen, maar het publiek was te luidruchtig. Na twee pogingen begon ze uit protest Bob Marley's War te zingen dat ze twee weken daarvoor bij de Amerikaanse televisieshow Saturday Night Live ook gezongen had.

[bewerken] Het succes loopt terug

O'Connor trok zich na dit incident terug en bij wijze van therapie ging ze belcanto studeren. In 1993 nam ze een nummer op voor de soundtrack van de film In The Name Of The Father; het door Bono medegeschreven You Made Me The Thief Of Your Heart.
Dit was een voorproefje van het in 1994 uitgebrachte Universal Mother. In oktober van dat jaar kwam een langharige O'Connor naar Nederland voor o.a. de platen-tiendaagse.

Haar deelname aan de Lollapalooza-tournee van 1995 moest ze door zwangerschap afbreken; ze werd vervangen door de Britpopformatie Elastica.

Eind jaren '90 werd ze door Michael Cox, een Ierse bisschop binnen de Orthodox Catholic and Apostolic Church (een katholiek kerkgenootschap dat los staat van de Rooms-katholieke Kerk) tot priester gewijd. Omdat de wijding van vrouwen in strijd is met de leer van de Rooms-katholieke Kerk, waarvan O'Connor lid was, werd ze om die reden door de Rooms-katholieke Kerk geëxcommuniceerd. Cox benoemde haar tot priester omdat O'Connor ooit in een interview had gezegd dat ze het liefst priester was geworden als ze niet was gaan zingen. Als priester wilde ze Mother Mary Bernadette genoemd worden.

In 2003 kondigde ze aan de muziek te verlaten om zich te gaan wijden aan het overbrengen van het geloof aan jonge kinderen.[bron?]

[bewerken] Throw Down Your Arms

Op 3 oktober 2005 is Throw Down Your Arms verschenen, een dubbel-cd met klassieke reggaenummers, waarbij de eerste cd de composities bevat zoals ze door de oorspronkelijke artiesten zijn geschreven, en de tweede cd "dub" versies bevat met de persoonlijke interpretatie van O'Connor.

Throw Down Your Arms besluit met het nummer War van Bob Marley, gebaseerd op de toespraak die Haile Selassie op 4 oktober 1963 voor de Verenigde Naties hield. Aangezien cd's in de Verenigde Staten altijd op dinsdag verschijnen[bron?], werd de cd exact 42 jaar na dato uitgebracht. Tevens valt de datum van verschijning samen met Rosj Hasjana in 2005, het traditionele begin van het nieuwe Joodse jaar.
De tweede cd - met de meer persoonlijke versies - wordt ingeleid met Micha 4:1-5 over "Het koningschap van de Heer", waarbij O'Connor de laatste zin heeft veranderd in "All the peoples walk each in the name of their Gods" ("Laat alle volken hun eigen goden volgen").

In 2007 liet O'Connor in een aflevering van de Oprah Winfrey Show weten dat ze vier jaar eerder de diagnose bipolaire stoornis had gekregen en zelfmoordneigingen had gehad.
In 2008 trad O'Connor op tijdens de jaarlijkse Night Of The Proms. Voor het eerst sinds 1990 zong ze haar eerste single Troy.

Momenteel werkt ze met Marco Pirroni aan een nieuw album "vol liedjes over liefde".[bron?]

O'Connor is viermaal getrouwd geweest en ze heeft vier kinderen. In april 1999 nam zij haar dochter Róisín onbevoegd mee van vader John Waters. Zij had oorspronkelijk afstand gedaan van de zorg voor haar dochter.[bron?] In 2002 maakte ze bekend biseksueel te zijn.

[bewerken] Discografie

[bewerken] Albums

Album(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Album Top 20/50/75/100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
The lion and the cobra 1987 05-12-1987 5 40
I do not want what I haven't got 03-1990 24-03-1990 1(6wk) 44
Am I not your girl 22-09-1992 26-09-1992 6 25
Universal mother 13-09-1994 24-09-1994 10 10
Gospel oak 03-06-1997 -
So far... The best of Sinéad O'Connor 1997 29-11-1997 54 10 Verzamelalbum
Faith and courage 13-06-2000 24-06-2000 46 5
Sean-nós nua 08-10-2002 26-10-2002 93 1 Ierse folkmuziek
She who dwells in the secret place of the most high shall abide under the shadow of the almighty 2003 - Verzamelalbum
Collaborations 2005 - Verzamelalbum
Throw down your arms 04-10-2005 -
Theology 04-2007 - Dubbel-cd naar aanleiding van 9/11
Album(s) met hitnoteringen in
de Vlaamse Ultratop 50/100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
So far... The best of Sinéad O'Connor 1997 15-11-1997 20 17 Verzamelalbum
Faith and courage 2000 24-06-2000 20 6
Sean-nós nua 2002 19-10-2002 34 3 Ierse folkmuziek
She who dwells in the secret place of the most high shall abide under the shadow of the almighty 2003 11-10-2003 46 1 Verzamelalbum
Collaborations 2005 18-06-2005 48 2 Verzamelalbum

[bewerken] Singles

Single(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Top 40
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
Troy 1987 19-12-1987 5 9
Mandinka 1988 05-03-1988 30 4
I want your (Hands on me) 1988 -
Jump in the river 1989 -
Nothing compares 2 U 1990 03-02-1990 1(8wk) 16 Hit van het jaar 1990 / Best verkochte single van 1990 / Alarmschijf
The emperor's new clothes 1990 11-08-1990 23 5
I am stretched on your grave 1990 -
Three babies 1990 03-11-1990 tip2 -
My special child 1991 -
Silent night 1991 14-12-1991 tip7 -
Success has made a failure of our home 1992 26-09-1992 15 6
Don't Cry For Me Argentina 1992 21-11-1992 tip2 -
You made me the thief of your heart 1994 -
Fire on Babylon 1994 03-09-1994 tip2 -
Famine / All apologies 1995 -
Thank you for hearing me 1996 -
This is a rebel song 1997 -
This is to mother you 1997 -
No man's woman 2000 13-05-2000 tip12 -
Jealous 2000 21-10-2000 tip20 -
Troy (The phoenix from the flame) 2002 - Heruitgave
Tears from the moon 2003 - met Conjure One
Guide me God 2003 - met Ghostland en Natacha Atlas
Single(s) met hitnoteringen in
in de Vlaamse Ultratop 50
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
 Hoogste 
positie
 Aantal 
weken
 Opmerkingen 
Troy (The phoenix from the flame) 2002 10-08-2002 35 4

[bewerken] Radio 2 Top 2000

Nummer(s) met noteringen
in de Radio 2 Top 2000
1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011
Nothing compares 2U 90 115 200 216 126 172 247 224 343 203 254 269 300
Troy 122 72 124 123 131 140 177 195 268 162 221 254 273

[bewerken] Externe link

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Het Ierse antwoord op de New Musical Express.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen