Tongewelf

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Schematische doorsnede van een tongewelf
Schematische doorsnede van een tongewelf

Een tongewelf is een gewelf dat over de gehele lengte dezelfde vorm heeft en waarvan de dwarsdoorsnede een halve cirkel vormt, zodat het gewelf een halve cilinder vormt. Ook zijn varianten bekend waarbij de boog een ellips, parabool of spitsboog vormt. Tongewelven in strikte zin zijn gemetseld, echter worden ook houten en gepleisterde overkappingen met dezelfde vorm tongewelven genoemd.

Het gemetselde gewelf werd veel toegepast in de romaanse bouwstijl. Het gewelf ontstaat door de muren in een boogvorm op te metselen, zodat de kruin van het gewelf uit één rechte lijn bestaat.

Het tongewelf is het eenvoudigste gewelftype. Het heeft een grote draagkracht maar drukt ook zwaar op de muren, die hierdoor zeer dik moeten zijn en slechts kleine vensters kunnen bevatten. Door de grote belasting konden scheuren optreden evenwijdig aan de as; om de schade te beperken werden soms gordelbogen toegepast. Bij veel romaanse bouwwerken werden de tongewelven later vervangen door de sterkere kruisgewelven en kruisribgewelven. Houten tongewelven, die door hun geringe gewicht de constructie niet noemenswaardig belasten, werden op grote schaal toegepast in de late gotiek, het classicisme en de barok.


 
Persoonlijke instellingen