Johan II van Nassau-Wiesbaden-Idstein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Johan II
Grafmonument voor Johan II in de Dom van Mainz
Grafmonument voor Johan II in de Dom van Mainz
Banner of the Electorate of Mainz.svg Aartsbisschop-keurvorst van Mainz
Regeerperiode 1397-1419
Benoeming 26 januari 1397 door de paus
Voorganger Godfried van Leiningen
Opvolger Koenraad III van Dhaun
Huis Nassau-Wiesbaden-Idstein
Vader Adolf I van Nassau-Wiesbaden-Idstein
Moeder Margaretha van Neurenberg
Geboren 1360
Gestorven 23 september 1419
Aschaffenburg
Begraven Dom van Mainz
Religie Rooms-Katholiek
Wapenschild
Wapen van aartsbisschop Johan II

Johan II van Nassau-Wiesbaden-Idstein (1360[1][2][3][4] - Aschaffenburg 23 september 1419)[1][2][3] was vanaf 1397 aartsbisschop en keurvorst van Mainz. Hij kwam uit het Huis Nassau-Wiesbaden-Idstein, een zijtak van de Walramse Linie van het Huis Nassau.

Biografie[bewerken]

Goudgulden, Mainz, aartsbisschop Johan II van Nassau (1397–1419), geslagen tussen 1399 en 1402 in Frankfurt-Höchst. Voorzijde: Johannes de Doper met kruisscepter, de rechterhand tot zegening verheven, tussen de voeten een Johannitterkruis, randschrift: IOH(ann)IS AR(chi)EP(iscop)VS MAGV(n)T(inus). Keerzijde: vierpasbogen, in het midden het wapen van Nassau, in de bogen de schilden van Keur-Mainz, Keur-Keulen, Keur-Trier, en Beieren (voor de Keurpalts). Randschrift: MONETA OP(p)IDI IN HOIESTEN.

Johan was de zevende zoon van graaf Adolf I van Nassau-Wiesbaden-Idstein en Margaretha van Neurenberg,[1][2][3][4] dochter van burggraaf Frederik IV van Neurenberg en Margaretha van Görz en Tirol.[1]

Johan, door zijn tijdgenoten en historici gekarakteriseerd als ambitieus, intelligent en sluw, was eerst domheer in Mainz. Verder was hij o.a. proost van het Sint-Georgenbergklooster bij Worms.

Benoeming tot aartsbisschop[bewerken]

Bij de verkiezing van een opvolger van zijn broer (de op 6 februari 1390 overleden aartsbisschop en keurvorst van Mainz, Adolf I) werd hij verslagen, toen het kapittel van de Dom van Mainz Koenraad II van Weinsberg verkoos. Zes jaar later verloor hij een tweede keer, dit keer van Godfried van Leiningen. Hij slaagde echter, met de steun van enkele kanunniken, de stad Mainz en paltsgraaf Ruprecht II, om de pauselijke erkenning van Godfried te voorkomen en in plaats daarvan op 26 januari 1397 door paus Bonifatius IX zijn eigen benoeming tot aartsbisschop, als Johan II, te verkrijgen. Na lang onderhandelen deed Godfried definitief afstand van de bisschopsstaf en werd hij met het lucratieve ambt van domproost schadeloos gesteld.

Rijkspolitiek[bewerken]

Johan was een aanhanger van de paltsgraven en streefde sinds 1398 met de andere Rijnlandse keurvorsten, waaronder Ruprecht van de Palts, naar de afzetting van de controversiële koning Wenceslaus. Op de vorstendag in Frankfurt am Main op 22 mei 1400 slaagde Johan er echter niet in om de verkiezing van Ruprecht tot koning door te zetten, omdat ook hertog Frederik van Brunswijk-Lüneburg als kandidaat werd voorgesteld. Frederik werd echter op zijn thuisreis op 5 juni 1400 bij Kleinenglis vermoord door graaf Hendrik VII van Waldeck-Waldeck en zijn trawanten Frederik III van Hertingshausen en Koenraad van Falkenberg, die allen ofwel leenmannen of bondgenoten van Mainz waren.[5] Tien weken later, op 20 augustus 1400, werd Wenceslaus door Johan en de drie andere Rijnlandse keurvorsten op Kasteel Lahneck in Oberlahnstein voor afgezet verklaard. Ruprecht werd de volgende dag in plaats van Wenceslaus tot koning gekozen.

Reeds vier jaar later, toen Ruprecht bewees dat hij geen gedwee werktuig in Johans handen was en bovendien door zijn pogingen om zijn eigen Hausmacht te versterken, in territoriale conflicten met Mainz terecht kwam, werd aartsbisschop Johan zijn onverzoenlijke tegenstander. In 1405 zette hij de zogenaamde Marbacher Bund op, een alliantie van Mainz met graaf Everhard III van Württemberg, markgraaf Bernhard I van Baden en 17 Zwabische steden tegen de koning. Hij verbond zich zelfs met de roofridderbende "Zum Luchs" en ging een vazalrelatie met aan Frankrijk om zich tegen Ruprecht te verzetten.

Kerkpolitiek[bewerken]

Het conflict tussen de koning en de aartsbisschop verscherpte zich gedurende het kerkelijke schisma, toen Johan in 1409 overging naar de zijde van de door het Concilie van Pisa gekozen paus Alexander V, terwijl Ruprecht trouw bleef aan paus Gregorius XII. Omdat landgraaf Herman II "de Geleerde" van Hessen ook aan de zijde van Gregorius bleef en, zoals ook de paltsgraaf en de aartsbisschop van Trier, van kerkrechtelijke volmachten werd voorzien, werd Johan nu van verschillende kanten omsingeld, zowel in territoriaal als kerkpolitiek opzicht. De dood van Ruprecht in 1410 gaf Johan aanvankelijk een adempauze. Bij de volgende koningsverkiezing stemde hij voor Jobst van Moravië, maar hij schikte zich reeds in 1411 met de verkiezingswinnaar Sigismund, nadat deze hem grote concessies had verleend.

De poging om het schisma te beëindigen door beide pausen af te zetten en een nieuwe te kiezen, leidde ertoe dat drie pausen met elkaar de strijd aangingen. Het kapittel van de Dom van Mainz had in eerste instantie Johan gevolgd, maar veranderde van mening na de verkiezing van paus Martinus V op het Concilie van Konstanz. Gelijktijdig werd de door Frankrijk gesteunde tegenpaus Johannes XXIII afgezet, wiens zaak Johan op het concilie vertegenwoordigde, en waaraan hij onverstoorbaar bleef vasthouden. Pas in 1417 kwam er het tot een schikking tussen het domkapittel en de aartsbisschop.

Overlijden en grafmonument[bewerken]

Johan overleed op 23 september 1419 in Aschaffenburg en werd begraven in de Dom van Mainz.[2][3] Zijn grafmonument is waarschijnlijk gemaakt door Madern Gerthener, in opdracht van Johans opvolger Koenraad III van Dhaun.[6]

Buitenechtelijk kind[bewerken]

Johan had één buitenechtelijk kind bij een onbekend gebleven vrouw:[1]

  1. Johan van Nassau, woonde sinds 1417 te Bingen, laatst vermeld in 1443. Huwde op 30 mei 1400 met Idechin van Heinsberg, dochter van Gerhard van Heinsberg (muntmeester te Bingen), laatst vermeld in 1443.

Externe links[bewerken]

Voorganger:
Godfried van Leiningen
Banner of the Electorate of Mainz.svg Aartsbisschop-keurvorst van Mainz
1397-1419
Opvolger:
Koenraad III van Dhaun