Vierkant (meetkunde)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zoek dit woord op in WikiWoordenboek
Een vierkant

Een vierkant is in de meetkunde een tweedimensionale figuur met vier gelijke zijden en vier rechte hoeken tussen die zijden. Het is de meest regelmatige vorm van de vierhoek. Het is dan ook een voorbeeld van een regelmatige veelhoek.

Een vierkant is een bijzondere rechthoek: het is een rechthoek waarbij alle zijden even lang zijn.

Een vierkant is ook een bijzondere ruit: het is een ruit waarbij alle hoeken gelijk zijn.

Een vierkant is tevens een bijzonder parallellogram: het is een parallellogram, waarbij de zijden loodrecht op elkaar staan en van gelijke lengte zijn.

Een kubus heeft zes zijvlakken die elk de vorm van een vierkant hebben.

Eigenschappen[bewerken]

  • De oppervlakte van een vierkant met zijde is:
  • De omtrek is:
  • De lengte van de diagonaal is:
  • De overstaande zijden van een vierkant zijn evenwijdig.
  • Een vierkant heeft vier rechte hoeken.
  • De beide diagonalen van een vierkant zijn even lang, ze staan loodrecht op elkaar, delen de hoeken middendoor en snijden elkaar in het midden.
  • Een vierkant heeft twee symmetrieassen door het midden van de zijden, en tevens zijn de diagonalen symmetrieassen.
  • Een vierkant is draaisymmetrisch over 90°, 180° en 270°.

Vierkant bij schaken[bewerken]

In het schaakspel is het vierkant een hulpmiddel om in een oogopslag te bepalen of de vijandelijke koning kan voorkomen dat een vrijpion promoveert dan wel het door promotie ontstane stuk direct kan slaan.

Zie ook[bewerken]