Charles-François Dumouriez

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Generaal Dumouriez

Charles-François du Périer, markies Dumouriez, genaamd Dumouriez of Du Mouriez (Cambrai, 26 januari 1739Henley-on-Thames, 14 maart 1823) was een Frans generaal.

Als zoon van een officier in het leger onder het Ancien Régime zorgt zijn vader voor een goede en breed georiënteerde opleiding. Als knaap studeert hij aan het Collège Louis-le-Grand; na het voltooien van zijn opleiding begint hij in 1757 zijn militaire carrière als vrijwilliger tijdens de Zevenjarige Oorlog in de Slag bij Roßbach. Na het beëindigen van deze oorlog kan hij als kapitein, met een onderscheiding (Kruis van St. Louis) en een klein pensioen, naar huis. Een rondreis door het zuiden van Europa volgt. Zijn brieven aan Étienne-François, hertog van Choiseul over Corsicaanse aangelegenheden maken zo’n diepe indruk, dat hij een staffunctie in het expeditieleger voor Corsica krijgt aangeboden in de rang van luitenant-kolonel. Na de periode op Corsica wordt hij geheim agent voor koning Lodewijk XV. Een missie naar de Confederatie van Bar in Polen (thans in Oekraïne gelegen) volgt in 1770, waar hij naast zijn politieke inspanningen een Poolse militie helpt opzetten.

De val van de hertog van Choiseul zorgt ook voor zíjn ondergang en er volgen zes maanden van opsluiting in de Bastille, waarna hij in Caen in detentie verblijft tot de troonsbestijging van Lodewijk XVI in 1774.

In die periode huwt hij met zijn nicht, mejuffrouw de Broissy. Maar door zijn ontrouw strandt het huwelijk. In 1789 volgt een scheiding en neemt zijn vrouw haar toevlucht in een klooster.

Begaan met de situatie in het land, zendt hij vele memoranda naar de regering waaronder één over de verdediging van Normandië en de belangrijke haven van Cherbourg. In 1778 levert hem dat een benoeming op tot commandant over Cherbourg, dat hij tien jaren met verve verdedigt.

Met zijn grote geldingsdrang ruikt hij bij de Franse Revolutie zijn kans en gaat hij naar Parijs, komt in aanraking met de beweging van de jakobijnen en sluit er zich bij aan. De plotselinge dood van de graaf de Mirabeau, op wie hij zijn kaarten had gezet, was een tegenslag, maar na als luitenant-generaal tot commandant van Nantes te zijn benoemd, schaart hij zich, na de vluchtpoging van Lodewijk XVI, aan de zijde van de Girondijnen. Op 15 maart 1792 volgt zijn benoeming tot minister van Buitenlandse Zaken waar hij een groot stimulator is in de oorlogsverklaring aan de Oostenrijkers (20 april). Na het ontslag van een aantal collega-ministers neemt hij het roer over van Servan op het ministerie van Oorlog, maar verlaat dat al na twee dagen omdat de koning hem niet aanvaardt en wordt hij weer militair onder maarschalk Nicolaus von Luckner.

Na de verwikkelingen rond de stormloop op de Tuilerieën en de vlucht van La Fayette krijgt hij het commando over het Centrale leger en later dat van het Noordelijk leger (l’Armee du Nord). Op 27 oktober 1792 doet hij een inval in de Zuidelijke Nederlanden. Door zijn overwinning in de Slag bij Jemappes wordt hij als een gevierd persoon in Parijs onthaald.

Vervolgens kreeg Dumouriez de opdracht om de Nederlanden binnen te vallen. Begin februari 1793 vielen Venlo en Stevensweert in handen van de Franse troepen.[1] Hij kreeg assistentie van Daendels met tachtig ruiters van het Bataafs Legioen en ca 2.800 manschappen. Op 17 februari vond de hoofdaanval plaats; via Breda zouden de troepen opstoten naar Dordrecht. Klundert en Bergen op Zoom vielen rond 25 februari. Willemstad kreeg een beleg te verduren van twee weken. Op 2 maart proclameerde de Conventie steun van het Franse volk aan de Bataven, [2] maar het beleg van Maastricht werd op die dag opgebroken. Geertruidenburg viel op 4 maart. Breda koos op 5 maart een "Revolutionaire" gemeenteraad. Op 8 maart kreeg Dumouriez opdracht zich terug te trekken. Hij moest op 18 maart een nederlaag incasseren bij de Slag bij Neerwinden en Aldenhoven.

Dan komt er kritiek uit jakobijnse hoek; de nederlaag heeft zijn positie ondermijnd. Er komt een onderzoek naar zijn militair leiderschap. Ontgoocheld over de radicalisering van de revolutie en de politiek, waarbij de Nederlanden als bezet gebied en wingewest behandeld worden, laat hij de onderzoekscommissie gevangennemen en aan de vijand uitleveren. Dan poogt hij zijn troepen te overtuigen naar Parijs te gaan om de revolutionaire regering omver te werpen, maar als hij daarin niet slaagt, loopt Dumouriez rond 30 maart met de hertog van Chartres (de latere koning Lodewijk Filips I) en diens broer, Antoine-Philippe, hertog van Montpensier (1775-1807) over naar het kamp van de Oostenrijkers. Of begaf Dumouriez zich in krijgsgevangenschap? Zijn verraad ging in elk geval gepaard met de desertie van een aantal troepen.

Hij doolt daarna van land naar land (onder andere Pruisen en Rusland) en houdt zich bezig met kuiperijen voor de hertog van Chartres en het vestigen van een Orléanistische monarchie. Uiteindelijk strijkt hij neer in Engeland (1804), waar de regering hem als waardevolle informant voor het Engelse ministerie van Oorlog in de strijd tegen Napoleon een jaarlijks pensioen van £ 1200 toekent .

Vanuit Engeland doet Dumouriez nog pogingen om door Lodewijk XVIII te worden benoemd tot maarschalk van Frankrijk , maar slaagt daarin niet. Nimmer werd hem toestemming gegeven naar Frankrijk terug te keren. Op 14 maart 1823 overlijdt hij, 84 jaren oud, in Turville Park nabij Henley-on-Thames.

Zijn eerste memoires verschenen in Hamburg (1794). Een herziene editie La Vie et les mémoires du Général Dumouriez verschijnt in 1823 (Parijs). Dumouriez schrijft tijdens zijn leven vele politieke pamfletten.

Referenties[bewerken]

  1. Rosendaal, J. (2003), p. 382.
  2. Rosendaal, J. (2003), p. 392.

Bronnen[bewerken]

  • Charles François Dumouriez: Mémoires du général Dumouriez, écrits par lui-même, 2 delen, Hamburg / Leipzig 1794
  • Charles François Dumoeries: Denkwürdigkeiten des Generals Dumouriez, Duitse vertaling in 2 delen, met aantekeningen van Christoph Girtanner, 2 delen, Berlin [u.a.] 1794
  • La vie et les mémoires du général Dumouriez, met aantekeningen en verhelderende historische overzichten door Saint-Albin Berville en Jean-François Barrière, 4 delen, Paris 1822 (ook op microfiche beschikbaar; Georg Olms Verlag, Hildesheim 1994–1998)

Waard te vermelden zijn ook:

  • Cyrus Valence [e.a.]: Lettres du Général Valence pour servier de suite aux mémoires du général Dumouriez, Francfort 1794
  • Développement succint des principes constitutionnels par les faits des Jacobins au général Dumouriez d'après ses mémoires de 1794, door onbekend persoon uit het departement d'Auvergne, o. O. [1794]
  • Correspondance inédite de Mademoiselle Théophile de Fernig, aide de camp du général Dumouriez …, met inleiding en noten van Honoré Bonhomme, Parijs 1873
  • Jean-Pierre Bois: Dumouriez, héros et proscrit: un itinéraire militaire, politique et moral entre l'Ancien Régime et la Restauration, Paris 2005
  • Isabelle Henry e.a.: Dumouriez, général de la Révolution (1739–1823): biografie, Parijs 2002, moderne, deels geromantiseerde biografie
  • Arthur Chuquet: Dumouriez, Paris 1914
Wikisource NL Meer bronnen die bij dit onderwerp horen, kan men vinden op de pagina Manifest van generaal Dumouriez op de Nederlandstalige Wikisource.