Frederik Willem III van Pruisen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Frederik Willem III
1770-1840
FWIII.jpg
Koning van Pruisen
Periode 1797-1840
Voorganger Frederik Willem II
Opvolger Frederik Willem IV
Vader Frederik Willem II van Pruisen
Moeder Frederika van Hessen-Darmstadt
Dynastie Hohenzollern
Frederik Willem III en zijn vrouw Louise

Frederik Willem III (Duits: Friedrich Wilhelm III.) (Potsdam, 3 augustus 1770 - Berlijn, 7 juni 1840) was koning van Pruisen van 1797 tot 1840. Hij was in personele unie de soevereine vorst van het Vorstendom Neuchâtel (1797-1806 en opnieuw 1813-1840).

Leven[bewerken]

Frederik Willem was de zoon van Frederik Willem II en Frederika van Hessen-Darmstadt, een dochter van landgraaf Lodewijk IX. Hij was een schuchtere, terughoudende en preutse, maar zeer rechtschapen man die opviel door zijn merkwaardige, elliptische en onderwerploze taalgebruik met veel infinitieven.

Op 24 december 1793 trad hij in het huwelijk met de later zeer populaire Louise, dochter van Karel II van Mecklenburg-Strelitz. Deze verbintenis zou in vergelijking met andere vorstelijke huwelijken uit die tijd opmerkelijk gelukkig zijn.

Frederik Willem besteeg de troon na de dood van zijn vader op 16 november 1797. Hij voerde aanvankelijk een neutrale politiek - zo zag hij af van deelname aan de Tweede Coalitieoorlog, hetgeen echter tot afhankelijkheid van Frankrijk en politieke isolatie leidde - maar leed na Napoleon de oorlog te hebben verklaard een vernietigende nederlaag in de Slag bij Jena (1806). Van zijn gebied, dat met Franse hulp in 1803 en 1806 was uitgebreid, moest hij bij de Vrede van Tilsit (1807) meer dan de helft afstaan (slechts Brandenburg, Oost-Pruisen en Silezië resteerden).

Om Pruisen te reorganiseren zag hij zich hierop genoodzaakt zijn oude adviseurs, onder wie Wilhelm Lombard en Karl Friedrich von Beyme, te ontslaan om Karl August von Hardenberg, Heinrich Friedrich Karl vom und zum Stein, Wilhelm von Humboldt, August Neidhardt von Gneisenau en Gerhard von Scharnhorst de Pruisische hervormingen te laten doorvoeren, die de situatie van het land aanmerkelijk verbeterden.

Frederik Willem nam in 1813 met tegenzin deel aan de Bevrijdingsoorlogen tegen Napoleon. Toen zijn land na het Congres van Wenen opnieuw een grootmacht werd, stopte hij met zijn hervormingspolitiek ten gunste van een reactionaire restauratiepolitiek. Onder invloed van Klemens von Metternich voerde hij de censuur in en in 1820 vonden de zogenaamde demagogenvervolgingen plaats. De beloofde nationale volksvertegenwoordiging kwam er niet, slechts Provinciale Staten werden ingevoerd. De Julirevolutie, die ook in Pruisen onrust veroorzaakte, sterkte de koning en zijn regering in hun beleid.

Als lid van de Heilige Alliantie nam Frederik Willem deel aan de congressen van Troppau en Laibach, waar tsaar Alexander II en Metternich tot gewapende ingrijpen in de vrijheidsbewegingen in Italië en Spanje besloten. Bij de Belgische Revolutie en de Franse interventie daarin zag hij werkeloos toe.

Zijn bijzondere interesse had voorts de vereniging van de evangelische en gereformeerde kerken in Pruisen, welke hij in 1817 met de Evangelische Kirche der Union realiseerde. Daar Louise reeds in 1810 was gestorven, hertrouwde hij in 1824 morganatisch met gravin Auguste von Harrach. In de jaren die volgden mengde hij zich minder in de politiek. Na zijn dood in 1840 werd hij opgevolgd door zijn oudste zoon Frederik Willem IV.

Componist en muziekliefhebber[bewerken]

Frederik Willem III was liefhebber van de militaire muziek en hij gaf op 10 februari 1817 het Koninklijk Besluit:

Om de regimenten in het Pruisische leger in het aanbod van goede militaire muziek hulp te verlenen, heb ik een selectie van beproefde muziekstukken gemaakt en ieder regiment een verzameling daarvan bestemd. Omdat de troepen op deze manier in het bezit van goede muziek komen, zo is het mijn wil dat bij alle feestelijke plechtigheden, grote parades en revues, en in het bijzonder als ikzelf deze plechtigheden bezoek, geen andere marsen worden gespeeld. Ondertekend Frederik Willem.

Sindsdien zijn er in Pruisen drie verschillende verzamelingen van militaire marsen, langzame marsen, parademarsen en vanaf 1824 Cavaleriemarsen, ieder verzameling is doorgenummerd. De Pruisische koning bleef het voorbehouden, voor de opname in deze verzameling een besluit te nemen.

Na 115 jaren, in 1932, telden de drie verzamelingen:

Verzameling I: 98 Presenteer-marsen
Verzameling II: 260 parademarsen
Verzameling III: 104 Cavaleriemarsen

Ook de in Duitsland bekende Große Zapfenstreich (ook: Russische Zapfenstreich) ontstond door het koninklijke besluit van Frederik Willem III op 10 augustus 1813 in het Silezische Neudorf.

Als componist schreef hij zelf de (Pruisische) Presenteermars (AM I, 1a Präsentiermarsch)[1], die nog altijd bij bezoeken van staatshoofden in Duitsland gespeeld wordt. Verder is hij componist van een andere presenteermars, die vooral in Rusland heel bekend is, de Mars van de lijfgarde van het Sint-Petersburg regiment. Hij bracht ook van zijn reizen marsen mee, en nam het besluit deze in de verzameling van marsen op te nemen (1817 uit Torgau,1822 uit Napels).

Kinderen[bewerken]

Media[bewerken]

  1. (Pruisische) Presenteermars