Marianne van Oranje-Nassau

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Marianne der Nederlanden)
Ga naar: navigatie, zoeken
Prinses Marianne van Oranje-Nassau, door Henricus Wiertz
Stamboom.png Stamboom

Wilhelmina Frederica Louisa Charlotte Marianne (Berlijn, paleis van de prins van Oranje, Unter den Linden nr. 36, 9 mei 1810 – Schloss Reinhartshausen, Erbach im Rheingau, 29 mei 1883), prinses der Nederlanden, prinses van Oranje-Nassau, was een dochter van koning Willem I der Nederlanden en prinses Wilhelmina van Pruisen.

Leven[bewerken]

Marianne was het jongste kind van Willem I en Wilhelmina. Haar broers Willem (de latere koning Willem II) en Frederik waren 17 en 13 jaar ouder dan zij. Marianne werd in 1810 gedoopt te Berlijn. Een van haar peetooms was haar broer Willem. In 1828 verloofde zij zich met Gustaaf van Holstein-Gottorp, een zoon van de Zweedse ex-koning Gustaaf IV Adolf, maar onder politieke druk moest zij deze verloving verbreken. Een nieuwe verbintenis met Pruisen werd nuttiger geacht en dus trouwde ze in 1830[1] met haar neef Albert van Pruisen, een jongere broer van de latere keizer Wilhelm I.

Huwelijk en kinderen[bewerken]

Prinses Marianne van Oranje-Nassau - een schilderij van Johan Philip Koelman uit 1846
Foto van Marianne omstreeks 1850
graf van Marianne

Uit het huwelijk met Albrecht kwamen vijf kinderen, van wie er twee jong stierven:

Het huwelijk tussen Marianne en Albert was slecht. In 1845 verliet Marianne haar man en Berlijn om zich in Voorburg te vestigen. Hier leefde ze openlijk samen met haar koetsier, Johannes van Rossum, van wie ze in 1849, even na haar officiële scheiding van Albert[2], een zoon kreeg:

Daarop kwamen de contacten met het Oranjehuis onder grote druk te staan en was ze ook zeer ongewenst in Pruisen. Daarmee werd feitelijk ook het contact tot haar kinderen ontzegd. Haar kinderen kwamen echter in 1849 per trein naar Nederland. Marianne werd na haar dood begraven in het graf van Van Rossum, in het Duitse Erbach in de Rheingau. Zij was de laatste Oranje vóór Friso van Oranje-Nassau van Amsberg (2013) die ter aarde werd besteld. Alle andere Oranjes werden - al dan niet gebalsemd - bijgezet in een grafkelder, meestal te Delft.

Het Kasteel Kamenz, de woning van prinses Marianne 1835-1845

Prinses Marianne heeft in de tijd dat zij in Duitsland woonde, in de buurt van Breslau (tegenwoordig Wrocław), veel voor de streek betekend. Zij heeft veel geïnvesteerd in de aanleg van wegen en de (glas)industrie. In Seitenberg (nu Stronie Śląskie) staat nu nog de Violetta glasfabriek, waarvan zij de oprichting mogelijk heeft gemaakt. In Bad Landeck (nu Lądek Zdrój) staat nog een monumentje ter herinnering aan haar inbreng in de aanleg van een belangrijke ontsluitingsweg in het gebied. De tekst op dit monumentje is ten tijde van de Russische overheersing weggeslepen. Vanaf augustus 2006 zijn pogingen ondernomen om tot herstel van de plaquette te komen. Op 24 juni 2010 is het gerestaureerde monumentje onthuld, mede dankzij financiële bijdragen van de Rotaryclub Goeree-Overflakkee en de gemeente Goedereede.

De componiste[bewerken]

Prinses Marianne was ook een componiste. Zij componeerde in 1836 een Parademars. Dit is een typische cavalerie-mars. In Pruisen bestond een verzameling van marsen voor het leger, de Preußische Armeemarsch-Sammlung. Deze bestond uit drie onderdelen. Het 1e deel bestond uit langzame marsen voor de Infanterie en presenteermarsen voor de voettroepen, het 2e deel uit Geschwindmärsche für die Infanterie en de parademarsen voor de voettroepen. In het 3e deel waren de marsen van de cavalerie opgenomen. Omdat de mars die prinses Marianne had gecomponeerd, een cavalerie-mars was, behoorde hij eigenlijk tot het 3e deel, maar hij werd als Armeemarsch I, 21 (kort: AM I, 21) in het 1e deel ondergebracht.

Ook haar dochter Charlotte en haar zoon Albert, alsmede haar kleindochter prinses Maria Elisabeth van Saksen-Meiningen hebben verschillende bijdragen aan deze verzameling geleverd en marsen gecomponeerd.

Trivia[bewerken]

  • Voor de Oude Kerk van Voorburg staat een klein standbeeld van de prinses. De Prinses Mariannelaan en het Marianneviaduct in deze plaats zijn naar haar genoemd.
  • In de eerder genoemde Oude Kerk is in 1878 door de orgelbouwer Bätz-Witte een kerkorgel gebouwd. De prinses (die in deze kerk regelmatig ter kerke ging) zou zich naar verluidt bijzonder geërgerd hebben aan de slechte kwaliteit van het orgel dat destijds in de kerk aanwezig was. Op haar initiatief en door een van haar afkomstige financiële bijdrage werd de bouw van het nieuwe (huidige) orgel mogelijk. Het orgel heet daarom nog altijd Marianne-orgel.

Externe link[bewerken]

Een licht geromantiseerde biografie die ontleend is aan Jacqueline Doorn: "Nederland, Oranje en de doofpot" (1979) ISBN 90-288-5093-7.

Noten
  1. Den Haag, paleis Noordeinde, 14 september 1830
  2. Echtscheiding uitgesproken Geheime Raadkamer bij het Koninklijke Kamergerecht in Berlijn 28 maart 1849, ingeschreven in Den Haag 31 augustus 1849, goedgekeurd door de koning van Pruisen 5 juni 1853