Zuid-Gelders
| Zuid-Gelders | ||||
| Nederlands dialect | ||||
![]() |
||||
| Het Zuid-Gelders in kaart gebracht | ||||
| Gesproken in | Nederland | |||
| Taalgebied | Nijmegen & omgeving | |||
| Streekdialecten | Zuid-Gelders, Pella-Nederlands | |||
| Stadsdialecten | Nijmeegs | |||
|
||||
Het Maas-Rijnlandse dialectcontinuüm
Zuid-Gelders (of Dialect in het gebied van de grote rivieren)[1][2] is de groep Centraal Nederfrankische dialecten die gesproken worden in het rivierengebied van Gelderland: met name in de Veluwezoom, het Rijk van Nijmegen, het Land van Maas en Waal, de Bommelerwaard, de Tielerwaard, de Betuwe en de Liemers.
Inhoud |
[bewerken] Geografische afbakening
Jo Daan heeft de volgende grenzen van het Zuid-Gelders gedefinieerd: Naar het noorden is er een overgang tot het nauw verwante Utrechts die wordt gedefinieerd door de gij/jij-isoglosse, die ten noorden van Arnhem de grens met het Veluws vormt[3]. In het oosten vormen de dialecten van de Liemers een ongewoon brede overgangszone tussen het Nederfrankisch en het Nedersaksisch, met als grens de eenheids-pluralislijn. De zuidoostgrens valt samen met de rijksgrens (Jo Daan onderzocht de dialecten in Duitsland niet). In het zuiden is de grens met het Noordbrabants en Noordlimburgs de zuidelijke heget- en doeget-vorm van "heeft" en "doet" [4]
[bewerken] Alternatieve indelingen
Het Zuid-Gelders wordt gerekend tot de Centrale Groep, waartoe ook het Brabants behoort. De afgrenzing met het Brabants is door diverse auteurs verschillend benaderd. Zo rekent Jo Daan het Noord-Limburgse Kleverlands tot het Brabants, terwijl Jan te Winkel[5] Jacques van Ginneken[6] en Jan Goossens[7] de grens trekken bij de ijs/ies-isoglosse. Tielewaards, Nederbetuws en Land van Maas en Waals worden zo onder het Brabants ingedeeld. Zoals uit de problematiek van de afbakening blijkt worden de zaken bemoeilijkt wanneer men de Nederlandse dialecten geografisch wil beschrijven met inachtneming van de Nederlands-Duitse staatsgrens. Bij de grens met Duitsland lopen de Nederfrankische dialecten van het noordelijke Rijnland ten noorden van de Uerdinger Linie geleidelijk in de Zuid-Gelderse over. In Noord-Limburg en Noordoost-Brabant spreekt men dialecten die ook tot deze groep behoren. Het Zuid-Gelders, het Noord-Limburgs en een groep dialecten over de Duitse grens vormen samen het Kleverlands Het Kleverlands vindt een Bergisch-Rijnlandse, zuidoostelijke voortzetting in het Oost-Bergisch, dat gesproken wordt in een smalle strook aan de grens van Westfalen.
[bewerken] Maas-Rijnlands
Al in de middeleeuwse literatuur is er een onderscheid tussen de schrijftaal van West-Nederland en die van Zuidoost Nederland. De filoloog Ahrend Mihm heeft voor de gemeenschappelijke schrijftaal van het zuidoosten - die in het Nederrijngebied in Duitsland doorloopt - de term Rheinmaasländisch bedacht. De afbakening hiervan loopt iets ten westen van Nijmegen langs de Diest-Nijmegen linie (de houden/halten isoglosse).
[bewerken] Brabantse kenmerken
Typisch Brabantse kenmerken zijn:
- Verbuigingen als mèrège (morgen), nij (nieuw) en het weglaten van de eind-d's en -t's (da en nie in plaats van "dat" en "niet");
- Bij het gebruik van een persoonlijk voornaamwoord in de tweede persoon enkelvoud wordt vaak gekozen voor "gij"/"ge" (de Standaard-Nederlandse j is hier eigenlijk een allofoon van de g in ge). Dit "gij"/"ge" wordt op dezelfde wijze gebruikt als in het Brabants. In vragende zinnen wordt bijvoorbeeld in plaats van het Standaard-Nederlandse "wil je" vaak gekozen voor wil-de waarbij de uitgang -de voortkomt uit een assimilatie van "wilt ge" . Spreekt men een oudere of onbekende aan, dan versterkt men met "gij", waardoor er een tautologische uitdrukking ontstaat: kun-de gij, wil-de gij.
[bewerken] Utrechtse kenmerken
In de Betuwe manifesteert de invloed van het dicht in de buurt gesproken Stad-Utrechts zich in de "platte" a. Enkele andere typisch Utrechtse klanken vindt men ook terug in het Betuws[bron?].
[bewerken] Nijmeegs
Opvallend is dat het stadsdialect van Nijmegen, het Nimwaegs, sterk afwijkt van de plattelandsdialecten uit de directe omgeving.
[bewerken] Classificatie
- Indo-Europees
- Germaans
- West-Germaans
- Nederfrankisch
- Zuid-Gelders
- Nederfrankisch
- West-Germaans
- Germaans
[bewerken] Woordenboeken
Er zijn twee thematische woordenboeken beschikbaar die delen van het oorspronkelijke definitiegebied van het Zuid-Gelders bevatten:
- WGD Woordenboek van de Gelderse Dialecten (Gelders Rivierengebied en de Gelderse Veluwe)[8] [9]
- WALD Woordenboek van de Achterhoekse en Liemerse Dialecten[10] (ook wel omschreven als de taal van Achterhook naar Gönnekant)[11].
[bewerken] Externe links
- Staringinstituut
- WGD Woordenboek van de Gelderse Dialecten
- Lijst van dialectwoordenboeken in Gelderland
[bewerken] Zie ook
Bronnen, noten en/of referenties:
- ↑ Jo Daan en D. Blok, 1969, Van Randstad tot Landrand. Bijdragen en Mededelingen der Dialectcommissie van de KNAW XXXVI. Amsterdam: Noord-Hollandsche Uitgevers Maatschappij, 54 pagina's met kaart en grammofoonplaat.
- ↑ Jo Daan en D. Blok, 1968, Blad X-2 Dialecten en Naamkunde, in Atlas van Nederland, Stichting Wetenschappelijke Atlas van Nederland 1963-1977
- ↑ Sinds de publicatie van Daan is de jij/gij grens opgeschoven naar de Rijn en wordt tegenwoordig in Arnhem "jij" gebruikt[1]
- ↑ Hol, A.R. (1965). De G in 'Hij heeft het' en in 'Ik, gij (enk.), hij en gij ( meerv.) doet het' en dergelijke ww-vormen. Taal en Tongval 17, 32-40
- ↑ Dr. J. te Winkel, 1898, Geschiedenis der Nederlandse taal, Uitg. Blom en Olivierse, Culemborg
- ↑ Jacques van Ginneken, Overzichtskaart der Nederlandse Dialecten, Malmberg 1917
- ↑ - Indelingskaart uit: Jan Goossens (1970), 'Niederländische Mundarten – vom Deutschen aus gesehen', Niederdeutsches Wort 10, 61-80
- ↑ WGD Woordenboek van de Gelderse Dialecten HET HUIS (Rivierengebied) 25 november 2005
- ↑ WGD Woordenboek van de Gelderse Dialecten DE MENS (Rivierengebied) 16 november 2006
- ↑ WALD Woordenboek van de Achterhoekse en Liemerse Dialecten, Staringinstituut
- ↑ De "overzijde" van de Rijn vanuit Kleef gezien
| Streektalen in Nederland en Vlaanderen |
|---|
|
Nederfrankisch en Friso-Frankisch: Amelands · Bildts · Brabants · Hollands (Utrechts-Alblasserwaards · Zuid-Hollands) · Kleverlands · Limburgs · Oost-Vlaams · Stadsfries · West-Fries · West-Vlaams · Zeeuws · Zuid-Gelders |
