Infectieziekte

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Besmettelijke ziekte)
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.

Een infectieziekte is een ziekte bij dier of mens die de gastheer nadeel berokkent en wordt veroorzaakt door een pathogeen: micro-organismen, zoals een bacterie, een virus, een schimmel, of een afwijkend eiwit (prion). Een individu kan een infectieziekte oplopen door bijvoorbeeld inname van besmet voedsel of dranken, de inademing van besmette lucht, door vectoren zoals geïnfecteerde insecten, of door contact met besmette personen.

Lang niet alle infectieziekten zijn overdraagbaar van mens (of dier) op mens, dit geldt alleen voor de besmettelijke ziekten. Besmettelijke of overdraagbare ziekten verspreiden zich door direct contact met een reeds geïnfecteerd individu, via druppels in de lucht door hoesten of niezen, door contact met lichaamsvloeistoffen van geïnfecteerde individuen, of met voorwerpen die besmet zijn door een geïnfecteerd individu. In een enkel geval verloopt besmetting door de lucht. Infectieziekten kunnen worden onderverdeeld naar de weg waarlangs ze worden overgebracht (bijvoorbeeld geslachtsziekten), of naar het orgaansysteem waar ze betrekking op hebben (bijvoorbeeld luchtweginfecties). Infectieziekten bij de mens die (mede) door besmette dieren worden overgedragen worden zoönose genoemd.

Infectiviteit is het vermogen van een micro-organisme in een gastheer binnen te dringen, er te overleven en zich te vermenigvuldigen. Besmettelijkheid is het gemak aan waarmee de ziekte kan worden overgedragen op andere gastheren. Daarnaast kan een micro-organisme zich vestigen (koloniseren) in een gastheer, zonder dat deze ziek wordt. De gastheer wordt daarmee drager van het micro-organisme, voorbeeld MRSA-dragerschap.

Classificatie[bewerken | brontekst bewerken]

Van het enorme aantal soorten micro-organismen in de natuur is maar een klein deel pathogeen. Infectieziekten zijn het resultaat van een interactie tussen een pathogeen en de verdedigingsmechanismen van de door de pathogeen geïnfecteerde gastheer. De ernst van een ziekte hangt af van het vermogen van de pathogeen om de gastheer te beschadigen en de beschermingsmechanismen van de gastheer te weerstaan. Infectieuze micro-organismen, of microben, worden onderscheiden in primaire en opportunistische pathogenen, afhankelijk van het vermogen tot verdediging van de gastheer.

Primaire pathogenen veroorzaken ziekte in een voorheen gezonde gastheer en hun virulentie is het gevolg van hun behoefte tot reproductie en verspreiding. Veel primaire pathogenen infecteren alleen de mens, alhoewel veel ernstige ziekten veroorzaakt worden door micro-organismen die zich in de omgeving bevinden of die niet humane gastheren (dieren) infecteren.

Micro-organismen die een infectieziekte veroorzaken in een gastheer met verminderde weerstand zijn opportunistische pathogenen. Een opportunistische ziekte kan veroorzaakt worden door microben die onderdeel zijn van het normale microbioom van de gastheer, zoals bacteriën of schimmels in het maag-darmkanaal of in de luchtwegen. Ook kan de verwekker van een opportunistische infectieziekte afkomstig zijn van een andere gastheer, zoals bij Clostridium difficile-colitis.

Opportunistische ziekten kunnen ontstaan bij een stoornis in de afweermechanismen als gevolg van een genetische afwijking, zoals chronische granulomateuze ziekte, blootstelling aan antimicrobiële middelen of aan immuunsuppressieve geneesmiddelen (chemotherapie tegen kanker), of aan ioniserende straling. Ook infectie met hiv maakt het optreden van een groot aantal opportunistische infectieziekten mogelijk.

Om te bewijzen dat een bepaald micro-organisme de verwekker van een infectieziekte is, moet worden voldaan aan de postulaten van Koch. Bij sommige infectieziekten moet langs andere wegen bewezen worden dat een gegeven micro-organisme de verwekker is.

Epidemiologie[bewerken | brontekst bewerken]

Epidemiologie is een belangrijk instrument om ziekte in een populatie te bestuderen. Voor een infectieziekte helpt het om te bepalen of een optredende ziekte een sporadisch geval is of dat er sprake is van een epidemische verheffing.

Diagnostiek[bewerken | brontekst bewerken]

De diagnostiek van een infectieziekte is een klassiek onderdeel van de interne geneeskunde en de medische microbiologie. De internist gebruikt daarbij anamnese, lichamelijk onderzoek en laboratoriumonderzoek. In het medisch microbiologisch laboratorium kan de laboratoriumdiagnose worden gesteld, die, gevoegd bij de klinische waarschijnlijkheidsdiagnose (ook wel werkdiagnose genoemd), tot de einddiagnose kan voeren.

Bestrijding[bewerken | brontekst bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Meldingsplicht infectieziekten voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Infectieziektebestrijding richt zich op het voorkomen of beperken van besmetting met virussen en bacteriën via lucht, voedsel en lichamelijk contact. Het gaat dan met name om:

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]


Zie de categorie Infectious diseases and disorders van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.