Levensmiddelentechnologie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Levensmiddelentechnologie is de wetenschap die zich bezighoudt met de productie, samenstelling, kwaliteit, opslag en bewaring, veiligheid van levensmiddelen. Kort gezegd houdt de levensmiddelentechnologie zich bezig met het constant verbeteren van voedings-producten en de bijbehorende productiemethoden.

Reikwijdte[bewerken]

Alle bewerkingsstappen die ons voedsel ondergaat na de primaire productie (landbouw) vallen onder het vakgebied van de levensmiddelentechnologie. Levensmiddelentechnologie vervult dus een brugfunctie tussen de primaire productie en de voedings- en dieetkunde (die zich vooral richt op de mens, zowel de sociale als gezondheidseffecten).

Belangrijke onderdelen van de levensmiddelentechnologie zijn :

  • Levensmiddelenchemie (geur, smaak, kleur, samenstelling....)
  • Levensmiddelennatuurkunde (structuur, dikte, schuimen...)
  • Levensmiddelenmicrobiologie (de relatie met nuttige bacteriën, maar ook voedsel- bederving en -veiligheid)
  • Industriële productbereiding
  • Productontwikkeling en productontwerpen
  • Procesontwikkeling en procesontwerpen
  • HACCP hygiëne en kwaliteitssystemen bij levensmiddelenbedrijven

Productgroepen[bewerken]

Er kan ook een indeling gemaakt worden naar productgroepen, zoals zuivelkunde, vleeskunde, brood- en bakkerijtechniek, dranken etc.

Aanverwant[bewerken]

Aanverwante vakgebieden, die deels onder de levensmiddelentechnologie vallen, deels onder andere vakgebieden, zijn proceskunde, kwaliteitskunde, verpakkingstechnologie, voedselveiligheid, en voedselzekerheid.

Beroepsgroep[bewerken]

Levensmiddelentechnologen werken op alle niveaus binnen de levensmiddelenindustrie, maar ook bij de overheid, bij controle-organisaties (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit), het Voedingscentrum, de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA), bij instituten en onderwijsinstellingen. In Wageningen is er de studievereniging Nicolas Appert voor alle studenten Levensmiddelen-/voedingsmiddelentechnologie.

Opleidingen[bewerken]

In Nederland kan je levensmiddelentechnologie studeren op :

  • MBO-niveau via een agrarisch opleidingscentrum of een private aanbieder:
    • AOC Friesland
    • AOC Oost
    • AOC Aeres groep
    • AOC Helicon
    • AOC Lentiz Onderwijsgroep
    • AOC Clusius College
    • LSBL

In Vlaanderen bestaat een opleiding, o.m. te:

Ontstaan van levensmiddelentechnologie op MBO niveau[bewerken]

In 1966 zijn vanuit het ministerie van landbouw de landelijke organen voor het leerlingwezen opgericht. Van 1966 tot 1994 bestond het landbouwonderwijs in Nederland uit drie leerlingstelselorganisaties:

  • Landelijke Stichting ter bevordering van de opleiding in het leerlingwezen in de land- en tuinbouw en de landbouwambachten (LSLL)
  • Landelijke Stichting Beroepsopleiding Levensmiddelenindustrie (LSBL)
  • Landelijk Orgaan voor het Leerlingwezen in de Bosbouw (LOLB)

Het verschil met de huidige situatie is dat deze organisaties niet alleen opleidingsinstituut waren, maar ook kenniscentrum. Doelstelling van de stichtingen was om schoolverlaters met vakgerichte opleidingen de beroepsbekwaamheid in de voedingsindustrie bij te brengen.

Oude LSBL[bewerken]

Het LSBL was als leerlingstelselorganisatie gevestigd in Apeldoorn. Deze organisatie bediende met circa 50 docenten in vaste dienst de volledige voedingsindustrie met opleidingen. Iedereen die in die tijd een MBO opleiding volgde in de voedingsindustrie werd opgeleid via LSBL. LSBL verzorgde de volgende opleidingen:

  • A-opleiding (2-jarige opleiding, voorloper van de huidige niveau 2 opleiding)
  • B-opleiding (2-jarige opleiding, voorloper van de huidige niveau 3 opleiding)
  • Voortgezette Opleiding Algemeen (VOA), smalle opleiding op niveau 4
  • Voortgezette Opleiding Branchespecifiek (VOB), smalle opleiding op niveau 4
  • Kaderopleiding (smalle opleiding op niveau 4)
  • Technologische Bedrijfskontrole (TBK)
  • Microbiologische Bedrijfskontrole (MBK)

LOBAS[bewerken]

In 1994 fuseerden het LSLL, LSBL en LOLB. Hieruit ontstond het Landelijk Orgaan Beroepsopleidingen Agrarische Sectoren (LOBAS). Bij het ontstaan van LOBAS zijn de CREBO (Centraal register beroepsopleidingen) erkende opleidingen opgegaan in dertien regionale Agrarisch opleidingscentra (AOC's). De overige activiteiten bleven binnen het LOBAS. Deze organisatie is sinds 1996 één van de door de overheid aangewezen kenniscentra beroepsonderwijs voor het bedrijfsleven. In 2001 werd het LOBAS omgedoopt tot Aeqor. Als kenniscentrum wordt Aequor vertegenwoordigd in het Centraal Orgaan van Landelijke Opleidingsorganen van het bedrijfsleven (COLO).

Agrarische Opleidingscentra[bewerken]

De dertien AOC's verzorgen landbouwonderwijs als dagonderwijs, de zogenaamde beroepsopleidende leerweg (BOL) en het deeltijdonderwijs, de zogenaamde beroepsbegeleidende leerweg (BBL). Het vak levensmiddelentechnologie zoals dat vroeger vanuit LSBL werd verzorgd in de industrie wordt nog door enkele AOC's aangeboden. Het leerlingenaantal in het dagonderwijs in de levensmiddelentechnologie neemt de laatste jaren af.

Huidige LSBL[bewerken]

Als uitzondering op de AOC's is in 1993 ook een private aanbieder van levensmiddelentechnologie ontstaan. In haar aanbod zijn vooral de bekende Korte Technologische Kursussen (KTTK) opgenomen uit het oude LSBL. De organisatie staat geregistreerd als LSBL Services V.O.F. en verzorgt diplomerende en maatwerkopleidingen in de levensmiddelentechnologie. De organisatie presenteert zich sinds 2011 weer als LSBL.

Zie ook[bewerken]