Veda's

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Rig-Veda, exemplaar in het Devanagari uit begin 19e eeuw

Veda (meervoud: Veda's) (Sanskriet: वेद) is de verzamelnaam voor de geschriften die de basis vormen voor de upanishaden, de Indiase filosofie en veel van de religies die tot het hindoeïsme gerekend worden. Ze bestaan uit religieuze hymnen over God(en), spirituele filosofie, het universum, de natuur en de juiste levenswijze. Het woord 'Veda' is etymologisch verwant aan het werkwoord weten en betekent kennis. 'Veda' betekent 'weten', een religieus, theologisch weten.[1] De vroegste Veda's zijn ontstaan tussen 1500 en 1000 voor Christus.

Oorsprong[bewerken]

De inhoud van de Veda's wordt verondersteld door zogenoemde rishi's (Sanskriet: zieners) geschouwd te zijn (schouwen = kennis door directe waarneming in zuiver bewustzijn; vandaar de Vedische aanduiding: absolute kennis, dat wil zeggen onveranderlijk en eeuwig). De hindoe kent aan deze teksten een canonieke waarde toe, hij gelooft dat de Veda's eeuwige, universele kennis bevatten en geschonken zijn door god aan de mensheid.

Tekstanalyse laat zien dat de Veda's niet een schrijver hadden, maar geleidelijk samengesteld zijn uit eerder door mondelinge overlevering doorgegeven hymnen en verhandelingen. Het in de Veda's beschreven kastenstelsel, hoewel minder streng dan dat uit latere tijden, regelde dat het priesterschap voorbehouden was aan de machtige brahmanen. Speciale leden van deze priesterkaste, zogenaamde pandits, hadden ten taak de verzen uit het hoofd te leren. Dit voorrecht werd vaak per familie doorgegeven. Speciale versvormen en ritmes vergemakkelijkten het uit het hoofd leren en zorgden ervoor dat de teksten intact konden blijven. Pas later werden de teksten opgeschreven en samengevoegd, omdat het als een teken van verval werd beschouwd indien de eeuwenoude kennis niet meer gewoon onthouden kon worden.

De oudste van de vier Veda's is de Rig Veda, geschreven in de meest archaïsche vorm van het Sanskriet. De Rig Veda kreeg zijn huidige vorm aan het einde van het tweede millennium v.Chr. maar bevat teksten en hymnen die nog verder teruggrijpen. De andere Veda's zijn later vastgelegd, waarschijnlijk in het begin van het eerste millennium v.Chr..

Inhoud[bewerken]

Alle vier Veda's bevatten een verzameling hymnen (Samhita), een gedeelte dat de exegese van rituelen beschrijft (de Brahmana's), een beschrijving van religieuze riten en voorschriften (de sutra's) en een serie filosofische verhandelingen (de Upanishads en Aryanka's).[2]

In de Veda's vonden de oude Indische priesters de benodigde spreuken, hymnen, formules, enzovoort voor religieuze plechtigheden. In totaal waren er vier priesters nodig bij een dienst: de roeper, de zanger, de celebrant en de opperpriester. Daarom zijn er ook vier Veda's, één voor elke priesterlijke functie.[3]

De 4 Veda's zijn:

  • de Rig-Veda: de 'Veda van de Verzen'; het weten omtrent de Lofzangen;[1] basisveda met de hymnen (lofzangen) die ook in de andere deels worden herbruikt
  • de Sama-Veda: de 'Veda der Liederen'; het ware weten;[1] zangvorm
  • de Yajur-Veda: de 'Veda van de Offerspreuken'; het weten omtrent de offerformules [1]
  • de Atharva-Veda: de 'Veda van de Atharvan'; het weten omtrent de magische formules;[1] rituelen

Er zijn daarnaast ook nog sub-Veda's, zoals de Ayurveda die over de geneeskunst gaat, Gandharva Veda, geeft de muziek met raga's weer, Sthapatya Veda geeft oerprincipes voor bouwkunst van woningen in meerdere verdiepingen en steden. Deze hebben geen religieuze inhoud. Bekender dan de Veda's zelf zijn de Upanishads, waarin uitleg wordt gegeven over de filosofie achter de Veda's.

De Veda's bevatten geen complete mythologie. De hindoeïstische mythologie werd pas ten volle vastgelegd in de Purana's en heldendichten als de Mahabharata en Ramayana.[4] Deze teksten zijn enkele eeuwen na de Veda's ontstaan en opgeschreven.

Henotheïsme of monotheïsme[bewerken]

Vooral de latere Veda's zijn monotheïstisch. De invloedrijke westerse Indiakundige Max Müller noemde ze henotheïstisch. Daarmee bedoelde hij het geloof in meerdere goden, waarvan een enkele aanbeden wordt en als superieur gezien wordt. Hij twijfelde of hij het niet toch als monotheïstisch moest benoemen, aangezien sommige verzen op monotheïsme leken te wijzen.

De meeste hindoes beroepen zich voor hun monotheïstische visie o.a. op het vers: "Aan wat één is geven de wijzen vele namen. Ze noemen het Agni, Yama, Matarisvan" (Rig Veda, 1.164.46). Ze geloven dat dit aangeeft dat met de 'verschillende goden' verschillende aspecten van één God bedoeld worden.

Interpretatie[bewerken]

De Veda's zijn geschreven in een zeer oude vorm van Sanskriet. Woorden kunnen hierin een groot aantal verschillende betekenissen hebben. Hierdoor zijn er veel verschillende interpretaties van één tekst mogelijk. Soms lijkt dat de bedoeling, maar vaak ook niet. Zo lazen voorstanders van de Arische invasietheorie in een bepaald vers dat een Arische god-koning een irrigatiesysteem vernielt van de donkergekleurde dasa's. In dezelfde tekst kan ook een uitleg van de waterkringloop gezien worden.

Middeleeuwse commentaren op de Veda's zijn geschreven door o.a. Sayana en Mahidhara. Recentere commentaren zijn opgesteld door Sanskrietdeskundige Swami Dayanand, die de Arya Samaj oprichtte. Er zijn ook Engelse vertalingen door westerse indologen zoals Max Müller, Wilson en Griffith die zich soms baseren op de middeleeuwse commentaren. Veel hindoes hebben kritiek op deze vertalingen en wijzen erop dat zij in de koloniale periode werkten en betaald werden door christelijke missionarissen.

Bronnen & voetnoten[bewerken]

  1. a b c d e Hans Joachim Störig: 'Geschiedenis van de filosofie', Uitg. Het Spectrum BV, 1988
  2. Thapar (2004)
  3. Hans Joachim Störig: Geschiedenis van de filosofie, 33.
  4. Thapar (2004)

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • (fr) Angot, M.; 2001: L'Inde classique, Soc. éd. Les Belles Lettres, Paris, ISBN 2251410155
  • (en) Jamison, S.W. & Witzel, M.; 1992: Vedic Hinduism
  • (en) Thapar, R.; 2004: Early India: From the Origins to AD 1300, University of California Press, ISBN 0520242254.

Externe links[bewerken]