Deurganckdok

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Locatie
Containerkaaien van het Deurganckdok, aansluiting met de Schelde, gezien vanop het Scheldeveer Lillo-Doel
Kaaimuur van het Deurganckdok in aanleg. De kaaimuur is ongeveer 21 meter hoog. De resterende grondmassa tussen de kaaimuren (links op de foto) zal later door een baggerschip worden weggezogen.

Het Deurganckdok is een dok in de Antwerpse Haven, gelegen aan de linkeroever van de Schelde, net ten zuiden van het polderdorp Doel. Het dok staat rechtstreeks (zonder sluizen) in verbinding met de Noordzee, waardoor schepen veel sneller de haven kunnen bereiken. Het betekent ook dat het water in het dok onder invloed staat van de getijden. Daardoor zijn er onderhoudsbaggerwerken noodzakelijk. De jaarlijkse kostprijs van deze onderhoudsbaggerwerken wordt geraamd op 20 à 25 miljoen euro.

Het dok kan 6 tot 7 miljoen standaardcontainers (TEU) per jaar aan, en krijgt volgens plan in totaal meer dan 5 kilometer kaaimuren. Daarmee wordt het het grootste getijdendok ter wereld. Als het dok volledig operationeel is, kan er gemiddeld om de 3 seconden een vrachtwagen het dok verlaten.

Het dok is vernoemd naar de Deurganck, een grote geul of zijarm van de Schelde, die Doel scheidde van Liefkenshoek en lag op de plaats waar zich nu het dok bevindt.

Ondertussen zijn er alweer plannen voor nog een ander dok meer stroomafwaarts aan de Schelde: het Saeftinghedok.

Plannen en bouw[bewerken]

Het Deurganckdok dook vanaf 1995 in plannen van de Administratie Waterwegen en Zeewezen van het Vlaamse gewest op. Op 20 januari 1998 keurde de Vlaamse regering de bouw van het Deurganckdok goed en de eerste werken startten in oktober 1999. Kort daarna ontstond echter een hevige juridische strijd tussen de Vlaamse regering enerzijds en het Actiecomité Doel 2020, de Werkgroep Natuurreservaten Linkeroever-Waasland en het Vlaams Agrarisch Centrum anderzijds. Bij de wijziging van de gewestplannen had de Vlaamse regering procedurefouten gemaakt en de Raad van State schorste tot twee keer toe (op 6 juni 2000 en op 8 maart 2001) de bouwvergunningen die steunden op de gewestplanwijziging. Na de tweede schorsing lagen de werken maandenlang stil.

Volgens parlementaire kringen kostte de stillegging van de werken circa 18 miljoen BEF per dag door onder andere schadeclaims, onderhoudswerken, het derven van inkomsten en het afbetalen van leningen. Om nieuwe veroordelingen door de Raad van State te vermijden stemde het Vlaams parlement op 14 december 2001 voor het zogenoemde Nooddecreet of Validatiedecreet: voor de werken aan het Deurganckdok is tegen de normale regelgeving in geen verwijzing naar het gewestplan nodig en de bouwvergunningen van de minister van Openbare Werken worden door het Vlaams parlement bekrachtigd, zodat geen beroep meer bij de Raad van State mogelijk is. Op basis van de in het parlement goedgekeurde bouwvergunningen werden de werken hervat op 13 april 2002.

Op 18 februari 2005 liep het eerste water vanuit de Schelde in het dok en de officiële opening vond plaats op 6 juli 2005. Op 14 september 2005 werd het eerste deel van het dok voor alle scheepvaart vrijgegeven, en op 19 september loste het eerste containerschip zijn lading. De westelijke containerkades zullen worden geëxploiteerd door Hesse–Noord Natie, een filiaal van PSA International, de oostelijke door P&O Ports Consortium.

Om het Deurganckdok helemaal operationeel te maken, zijn aanvullende infrastructuurwerken nodig (zoals de aanleg van de Oosterweelverbinding). Het prijskaartje wordt in de media geschat op 3 miljard euro. Doordat dit een getijdendok is slibt het dok vrij snel dicht met zand en modder dat de Schelde er in afzet. Hierdoor is het noodzakelijk het dok te baggeren om de benodigde diepte voor de schepen te waarborgen, hetgeen ook kosten met zich meebrengt.

Archeologische vondsten[bewerken]

Bij de aanleg van het Deurganckdok werden noodopgravingen uitgevoerd. Daarbij kwamen in 2000 de resten van twee houten schepen naar boven, een grote en een kleinere kogge. Dendrochronologisch onderzoek wees uit dat de grootste en best bewaarde kogge, de zogenaamde "Doelse kogge", uit de 14e eeuw dateerde en het hout uit Noordwest-Duitsland afkomstig is. Het gaat om een zeldzaam en vrij gaaf bewaard exemplaar van een ooit courant scheepstype in Noord-Europa. De kleinere kogge is afkomstig uit het Oostzeegebied en minder goed bewaard.

Aan de noordelijke oever van de voormalige Deurganck, aan de aansluiting met de Schelde zijn ook sporen aan het licht gekomen van een uit de geschreven bronnen onbekende nederzetting. De nederzetting vertoonde een planmatige structuur en is in 1407 ontstaan en in 1424 bij een overstroming in de golven verdwenen.

Galerij[bewerken]

Externe links[bewerken]