Grote schorseneer

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Grote schorseneer
Schwarzwurzeln.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae, planten
Stam: Embryophyta, landplanten
Klasse: Spermatopsida, zaadplanten
Clade: bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Campanuliden
Orde: Asterales
Familie: Asteraceae, composietenfamilie
Onderfamilie: Cichorioideae
Geslachtengroep: Cichorieae
Subtribus: Scorzonerinae
Geslacht: Scorzonera, Schorseneer
Soort
Scorzonera hispanica
L. (1753)
Eerste jaars planten
Eerste jaars planten
Gekookte schorseneren
Gekookte schorseneren
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De grote schorseneer, Scorzonera hispanica, is een plant uit de composietenfamilie, Asteraceae. Het is een tweejarige plant. In het eerste jaar wordt er een bladrozet en een vlezige penwortel gevormd. De plant bloeit in het tweede jaar na zaaien met citroengele bloemen. De plant wordt toegepast als groente die voor de Tweede Wereldoorlog vrij algemeen gegeten werd maar na de oorlog in diskrediet is geraakt, mogelijk door zijn bewerkelijkheid. Bij het schillen van de langwerpige, donkere wortels komt namelijk een kleverig melksap vrij. Dit feit heeft de groente de bijnaam "keukenmeidenverdriet" of "huisvrouwenleed" opgeleverd. Bijnamen die ook aan de verwante paarse morgenster, Tragopogon porrifolius, of haverwortel worden gegeven. Andere bijnamen zijn: "winterasperge", "armeluisasperge" en "winterstaaf". Schorseneren zijn een typische wintergroente, met de grootste aanvoer in februari.

Schorseneren kunnen aangetast worden door de schimmels echte meeldauw of wit (Erysiphe cichoracearum) en witte roest (Albugo tragopogonis).

Bereiding[bewerken]

De schorseneer wordt na het schillen in stukjes gesneden en gekookt, met een scheutje azijn om verkleuring tegen te gaan. In verband met het kleverige melksap worden bij het schillen keukenhandschoenen gedragen. Ze kunnen ook onder water met wat azijn worden geschild. Dit voorkomt het uittreden van het melksap en dus verkleuring van handen en wortel. Wat ook handig is, is om de schorseneren eerst met kokend water te overgieten, ze te laten schrikken met koud water en dan pas te schillen. Mochten de handen en/of pannen toch kleverig zijn geworden dan kan men ze schoonmaken met een beetje spijsolie. Daarna kan het eventueel met zeep worden gewassen.

Herkomst[bewerken]

In de 16e eeuw is de schorseneer vanuit het Middellandse Zeegebied naar de Lage Landen geïmporteerd. De naam is volgens sommigen afgeleid van het Italiaanse woord voor zwarte adder, "scorzone", maar veel waarschijnlijker is dat de Italianen de schorseneer "scorza nera" of "scorza negra" doopten, dat "zwarte schil" betekent. Zoals gezegd raakte de schorseneer na de Tweede Wereldoorlog uit de mode. Sinds 1995 komt de schorseneer weer mondjesmaat terug.

Teelt[bewerken]

Schorseneren worden op zandgrond ter plaatse gezaaid tussen maart en half april. Bij te vroeg zaaien kunnen de planten gaan bloeien, maar de wortels blijven wel eetbaar. De afstand tussen de rijen is 25-30 cm en in de rij 5-6 cm. De oogst begint vanaf begin september. De wortels zijn winterhard en kunnen de gehele winter, zolang de grond niet bevroren is, worden geoogst. De wortels kunnen tot 60 cm lang worden. Voor de oogst met de hand wordt er met een ploeg langs de wortels een diepe sleuf gegraven, waarna ze uit de grond kunnen worden gehaald.

Rassen[bewerken]

  • Lange Jan
  • Triplex of Géante de Russie'
  • Verbeterde Reuzen Nietschieters

Voedingswaarde[bewerken]

De voedingswaarde van 100 gram verse schorseneer is:

Energetische waarde 289 kJ/69 Ĕkcal
Koolhydraten 12,5 gram
Eiwit 1,5 gram
Vet 0,5 gram
Vitamine C 5 mg
Vitamine B1 0,05 mg
Vitamine B2 0,02 mg
Kalium 400 mg
Calcium 60 mg
IJzer 1,5 mg

Trivia[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Biologische zaaitabel

Externe link[bewerken]