Kasselrij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het kasselrijgebouw van Ieper

De kasselrij of burggraafschap (in het Frans châtellenie, afgeleid van het Middellatijn castellania, castellatura), was het belangrijkste gerechtelijk en bestuurlijk onderdeel van het graafschap Vlaanderen. Sommige kasselrijen werden verder onderverdeeld in ambachten.

Historische ontwikkeling[bewerken]

Toen de Karolingische gouwindeling niet langer voldeed, werd ze rond het midden van de 11e eeuw door graaf Boudewijn V van Vlaanderen vervangen door een systeem van kasselrijen, georganiseerd rond een grafelijke burcht. Het aanvankelijk sterk militair getinte karakter van deze reorganisatie doet vermoeden dat ze in de eerste plaats werd doorgevoerd om een invasie vanuit Frankrijk te kunnen tegengaan.

Aan het hoofd van een kasselrij stond een burggraaf. Deze had zijn functie in erfleen, terwijl de burcht en het grondgebied aan de graaf bleven. Deze laatste wist immers maar al te goed hoe snel een leengoed de facto een eigendom werd. De burggraaf was belast met een militaire, een bestuurlijke en een gerechtelijke opdracht: de bewaking van de burcht, het bestuur van de kasselrij namens de graaf en het voorzitterschap van de schepenbank van de kasselrij. Hiervoor werd hij bijgestaan door een schepencollege.

In de 12e eeuw hadden enkele van deze burggraven voldoende macht verworven om de graaf de voet dwars te kunnen zetten. Daarom werden ze vanaf omstreeks 1200 geleidelijk vervangen door burgerlijke ambtenaren, de baljuws. Deze waren afzetbaar en werden door de graaf betaald, wat ze veel betrouwbaarder maakte. De kasselrijen bleven als bestuurlijke en gerechtelijke indeling voortbestaan tot het einde van het Ancien Régime (1795).

Indeling van het graafschap Vlaanderen in kasselrijen[bewerken]

Aanvankelijk installeerde Boudewijn V van Vlaanderen vijf kasselrijen:

In het huidige Frans-Vlaanderen ontstaan later ook kasselrijen: Rijsel, Dowaai en Orchies.

Het aantal kasselrijen werd later nog uitgebreid:

  • Het aantal kasselrijen werd nog een laatste maal uitgebreid bij het begin van de 14e eeuw. Omdat Vlaanderen na het Verdrag van Athis-sur-Orge jaarlijks een oorlogsbelasting aan de Franse koning moest betalen, werd de administratieve inning aan de kasselrijen toevertrouwd. Er was echter geen militaire of gerechtelijke bevoegdheid meer verbonden aan de kasselrijen. Al te grote gebieden werden toen opgedeeld in kleinere. Volgende gebieden verwierven de status van kasselrij.

Externe link[bewerken]