Maria I van Portugal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Maria I
Rainha D. Maria I, séc. XVIII,.jpg
Koningin van Portugal
Regeerperiode 1777 - 1816 (met Peter III1786)
Voorganger Jozef I
Opvolger Johan VI
13e Hertog(in) van Bragança
Regeerperiode 1777 - 1816
Voorganger Jozef I
Opvolger Jozef II
Huis Bragança
Vader Jozef I van Portugal
Moeder Marianne Victoria van Bourbon
Geboren 17 december 1734
Lissabon
Gestorven 20 maart 1816
Rio de Janeiro
Wapenschild
Wapenschild als koningin van Portugal

Maria Francisca Dorothea Josefa Antonia Geertruida Rita Johanna van Bragança (Portugees: Dona Maria I de Portugal) (Lissabon, 17 december 1734 - Rio de Janeiro, 20 maart 1816), bijgenaamd de Vrome of de Krankzinnige, was koningin van Portugal en de Algarve vanaf 1777 en koningin van Brazilië vanaf 1815 tot aan haar dood.

Biografie[bewerken]

Maria was de oudste dochter van koning Jozef I van Portugal en van koningin Marianne Victoria. Op de dag van haar geboorte, creëerde haar grootvader, Koning Johan V, haar tot Prinses van Beira. Toen haar vader, Jozef I, koning van Portugal werd, in 1750, werd Maria zijn erfgenaam en kreeg ze de traditionele titel, Prinses van Brazilië en Hertogin van Bragança.

Op 6 juni 1760 trad ze in het huwelijk met haar vaders jongste broer, Peter, haar oom. In 1777 werd zij de eerste regerende koningin van Portugal en de Algarve en de 26ste (volgens sommige historici de 27ste) Portugese monarch. Haar man werd koning-gemaal, en staat in de geschiedenis ook wel bekend als koning Peter III.

Haar eerste daad als koningin was het ontslaan van de impopulaire eerste minister, Sebastião José de Carvalho e Melo, beter bekend als de Markies van Pombal, die de macht van de reactionaire aristocratie dankzij de Tavora affaire had gebroken, gedeeltelijk vanwege de Verlichtende Politiek van Pombal en diens anti-Jezuïeten beleid. Opmerkelijke gebeurtenissen in deze periode waren het lidmaatschap van Portugal in het verbond van Gewapende Neutraliteit (juli 1782) en de in 1781 verkregen Maputobaai van Oostenrijk.

Koningin Maria leed aan een godsdienstmanie en melancholie. Dit veroorzaakte mentale zwakheid (misschien ten gevolge van porfyrie, dat ook bij koning George III van het Verenigd Koninkrijk was geconstateerd). Dit zorgde ervoor dat zij niet in staat was om staatszaken te regelen vanaf 1799. Haar oudste zoon, Prins Johan Maria, werd in 1799 prins-regent voor zijn in 1786 weduwe geworden moeder.

Maria was tevens de initiatiefneemster voor de bouw van de Basílica da Estrela in Lissabon.

Oorlog met Frankrijk[bewerken]

Koningin Maria I met haar man koning-gemaal Peter III

In 1801 viel de Spaanse dictator Manuel de Godoy Portugal binnen, met steun van de Franse Eerste Consul (later keizer) Napoleon Bonaparte. Maar de campagne werd in hetzelfde jaar gestaakt. Maar door het Verdrag van Badajoz, dat werd gesloten op 6 juni 1801, moest Portugal de stad Olivenza en delen van Guyana afstaan aan Spanje. De weigering van de Portugese regering om het Continentaal stelsel (of blokkade) te steunen tegen Groot-Brittannië, leidde tot de Frans-Spaanse invasie van Portugal in 1807, geleid door generaal Junot. Op aandringen van de Britse regering, vluchtte de gehele Bragança familie naar Brazilië op 13 november 1807 en werd er een hof in ballingschap gesticht in Rio de Janeiro. Junot werd tot gouverneur van Portugal verheven en hij deed er alles aan om Napoleons wil en wet uit te voeren.

Op 1 augustus 1808 landde de Britse Generaal Arthur Wellesley (later Hertog van Wellington) met een Brits leger in Lissabon. Daarmee werd de Spaanse Onafhankelijkheidsoorlog (ook wel de Peninsular War in het Engels en de Guerra Peninsular in het Portugees) een feit. De eerste overwinning van Wellesley tegen Junot, in Vimeiro (21 augustus 1808), werd door zijn superieuren in de Conventie van Sintra (30 augustus 1808) tenietgedaan. Niettemin, keerde Wellesley (nu Lord Wellington) terug naar Portugal op 22 april 1809 om de campagne te hervatten. Portugese strijdkrachten onder Brits gezag werden ingezet tijdens de verdediging van de Linies van Torres Vedras (1809-1810) en tijdens de invasies van Spanje en Frankrijk.

In 1815 besloot de regering onder de prins-regent tot het verheffen van Brazilië tot een koninkrijk en werd Maria I koningin van het Verenigd Koninkrijk van Portugal, Brazilië en de Algarve. Toen Napoleon uiteindelijk werd verslagen in 1815, bleven Maria en haar familie in Brazilië. De koningin stierf in Rio de Janeiro in 1816. De prins-regent volgde haar op als koning Johan VI van Portugal, Brazilië en de Algarve.

Kinderen[bewerken]

Koningin Maria kreeg met Peter III de volgende kinderen: