Sichem

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Dit artikel gaat over de Bijbelse stad. Voor de Belgische plaats zie Zichem
Sichem (Israël)
Jeruzalem
Jeruzalem
Sichem
Sichem
Ligging van Sichem

Sichem of Shechem (Hebreeuws voor Schouder) was een stad die genoemd wordt in de Bijbel. De ruïnes van de stad liggen twee kilometer ten oosten van Nablus.

Sichem was de eerste plaats waar Abraham stopte nadat hij Kanaän was binnengetrokken en hij richtte er een altaar voor de Heer op (Gen 12:6-7). De dochter van Jakob, Dina, werd door de kroonprins van Sichem verkracht. Hierop namen twee van Jakobs zonen, Levi en Simeon, wraak door alle mannelijke inwoners te doden.

Nadat de Israëlieten Kanaän hadden veroverd, riep Jozua de stammen van Israël bijeen in Sichem, richtte een steen op bij de heilige eik en liet de stammen trouw zweren aan God. Ook werd Kanaän onder de verschillende Israëlitische stammen verdeeld. Sichem werd aan de stam van Efraïm toegewezen. De stad werd belangrijk binnen Israël omdat ze dicht bij Bethel en Silo, twee heilige plaatsen, lag.

Na de dood van Salomo verzamelden de stammen van Israël zich in Sichem om Rechabeam tot koning te zalven. De noordelijke stammen eisten echter dat Rechabeam de dwangarbeid afschafte en de belastingen verlaagde. Toen de nieuwe koning de eisen weigerde in te willigen, scheidden de tien noordelijke stammen (waaronder Efraïm) zich af en richtten o.l.v. Jerobeam het noordrijk Israël op. Sichem werd de eerste hoofdstad van dit nieuwe koninkrijk. Toen koning Omri Samaria tot zijn hoofdstad maakte, boette Sichem aan belang in. Toen Israël in 722 v.Chr. in handen van de Assyriërs viel, deelde de stad het lot van Samaria.

Na de Babylonische ballingschap werd Sichem het centrum van de Samaritanen, een aan de joden verwante sekte. De stad wordt onder de naam Sychar vermeld in het Evangelie volgens Johannes. Tijdens de Tweede Joodse Opstand werd de stad vernietigd.

Ook buiten de Bijbel wordt Sichem veelvuldig vermeld. De stad was volgens de Amarna-brieven het centrum van een Kanaänitische stadstaat. Archeologische overblijfselen gaan terug tot ca. 2000 v.Chr..