Verdrag van Verdun

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Verdrag van Verdun (Verdun, augustus 843) regelde de verdeling van het Karolingische rijk na de dood van Lodewijk de Vrome (840) onder zijn drie overlevende zonen, Lotharius (de oudste), Lodewijk de Duitser en Karel de Kale. Het verdrag beëindigde weliswaar een drie jaar lange Karolingische Burgeroorlog, maar het Verdrag van Verdun en latere delingen van het Frankische Rijk lagen aan de basis van de eeuwenlange Frans-Duitse rivaliteit in Europa.

Aanleiding[bewerken]

Verdeling van het Frankische Rijk bij het Verdrag van Verdun (843):

██ Karel de Kale (West-Francië)

██ Lotharius I (Midden-Francië)

██ Lodewijk de Duitser (Oost-Francië)

Toen Karel de Grote na de dood van zijn broer Carloman in 771 het Frankische Rijk herenigde, ontstond in West-Europa een supranationaal rijk. Bij de dood van Karel ging het koningschap over op zijn zoon Lodewijk de Vrome. Deze kreeg in totaal vier zonen: Lotharius, Lodewijk de Duitser, Pepijn en Karel de Kale. Om zijn erfopvolging te regelen vaardigde Lodewijk de Vrome de Ordinatio Imperii uit. Deze was erop gericht de eenheid in het rijk te bewaren, omdat volgens Frankische gewoontes het rijk anders onder de erfgenamen zou verdeeld worden. Karel de Kale werd pas geboren na de uitvaardiging hiervan en zijn vader wenste een aanpassing te doen aan zijn eerdere regeling om ook Karel een stuk van de erfenis te geven. Dit leverde echter alleen maar conflicten op.

Na de dood van Pepijn (838) lagen de kaarten helemaal anders en toen Lodewijk de Vrome uiteindelijk stierf in 840, trachtte Lotharius het hele rijk in zijn bezit te krijgen. Dit stuitte op het verenigde verzet van zijn twee broers. Bij de Slag bij Fontenoy (841) werd Lotharius verslagen door zijn broer Lodewijk en halfbroer Karel. Hun alliantie werd definitief door de Eed van Straatsburg in 842.

Lotharius zag zich verplicht tot onderhandelen. Wegens zijn militaire nederlaag, kreeg hij naar het Salische gewoonterecht slechts het rechtmatige part uit het vaderlijke gebied. Als eerstgeborene gunden zijn broers hem echter wel de keizerskroon.

Territoriale verdeling[bewerken]

Het Frankische Rijk werd in drie delen verdeeld.

De rijksgrens liep voornamelijk langs rivieren. Zo vormden de Schelde, de Maas, de Saône en de Rhône de grens tussen Lotharingen en het Franse koninkrijk. De Rijn vormde de grens tussen Lotharingen en het Duitse rijk.

Nadien[bewerken]

Het Middenrijk werd na de dood van Lotharius in 855 verdeeld tussen zijn zonen: Lodewijk II, Lotharius II en Karel de Jonge.

Deze driedeling en het zwakke middenrijk is oorzaak van de eeuwenlange twist tussen het Duitse en Franse rijk. De vele oorlogen zijn uiteindelijk hierop terug te leiden.

In 870 volgde een verdere tweedeling van het Frankische Rijk bij het Verdrag van Meerssen.

Conclusie[bewerken]

Het Verdrag van Verdun leidde tot de verdeling van West-Europa in vijf grote delen, waarvan het Middenrijk weldra werd opgeslokt door het Duitse Keizerrijk. Uit het Middenrijk ontstonden Nederland, België, Luxemburg, Elzas-Lotharingen, Zwitserland en Italië.

Veeleer dan de Frankische rijksverdeling bij de dood van Clovis (511) in Neustrië en Austrasië, heeft het Verdrag van Verdun de fundamenten gelegd voor het moderne Europa.