Clovis I

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Clovis
465 - 511
Clovis, koning der Franken (465-511)
Clovis, koning der Franken (465-511)
Koning der Franken
Periode 481 - 511
Voorganger Childerik I
Opvolger Reims

Theuderik I
Parijs
Childebert I
Orléans
Chlodomer
Soissons
Chlotarius I

Koning van de Ripuarische Franken
Periode 509 - 511
Voorganger Chloderich
Opvolger Theuderik I
Vader Childerik I
Moeder Basina van Thüringen
Veldslagen van Chlodovech

Soissons · Tolbiac · Dijon · Vouillé

Clovis of Chlodovech (c. 466-511) was de eerste koning der Franken die alle Frankische stammen verenigde onder één heerser. Hij was ook de eerste katholieke koning die heerste over Gallië (Frankrijk). Hij was de zoon van Childerik I en Basina. In 481, toen hij vijftien jaar oud was, volgde hij zijn vader op.

De Salische Franken waren een van de twee Frankische stammen die het gebied ten westen van de lagere Rijn bezetten, met hun centrum in een gebied bekend als Toxandrië, tussen de Maas en de Schelde (in wat nu België en Nederland is). Clovis' machtsbasis was ten zuidwesten hiervan, in de buurt van Doornik en Kamerijk, langs de moderne grens tussen Frankrijk en België. Clovis veroverde de naburige Salisch Frankische koninkrijken en vestigde zichzelf als enige heerser van de Salische Franken voor zijn dood. De kleine kerk waarin hij werd gedoopt heet nu het klooster van Saint-Remi en er staat een standbeeld van hem, tijdens zijn doop door Remigius van Reims. Clovis en zijn vrouw Clothilde werden begraven in de basiliek van de Heilige Apostelen in Parijs, op de plek waar later de kerk van Sint-Genevieve kwam te staan (Rue Clovis, 5e arrondissement). Na de sloop van deze kerk in 1807, is de tombe van Clovis overgebracht (in 1816) naar de abdijkerk van Saint Denis. Het is echter niet bekend waar zijn stoffelijke resten zijn, omdat deze nooit zijn teruggevonden. Een belangrijk deel van Clovis nalatenschap is dat hij in 486 de macht van de Romeinen verminderde door de Romeinse heerser Syagrius te verslaan in de Slag bij Soissons.

Clovis werd bekeerd tot het katholicisme op initiatief van zijn vrouw, Clothilde, een Bourgondisch Gotische prinses die, ondanks het arianisme dat haar aan het hof omringde, katholiek was. Het arianisme was de voornaamste godsdienst onder de Goten die in die tijd over het grootste gedeelte van Gallië heersten. Clovis werd gedoopt in een kleine kerk die zich bevond op de plaats van, of naast de Kathedraal van Reims, de kerk waar de meeste toekomstige Franse koningen gekroond zouden worden. Deze daad was van enorm belang in de latere geschiedenis van West- en Centraal-Europa in het algemeen, omdat Clovis zijn domein uitbreidde over bijna de hele oude Romeinse provincie Gallië (ruwweg modern Frankrijk). Komende uit het huis van Merovech wordt hij beschouwd als de stichter van de Merovingische dynastie die heerste over de Franken voor de volgende twee eeuwen. Naar hem verwijst de naam van vele Franse koningen die later regeerden (CLOVIS - LOVIS - LOUIS).

Verovering van Gallië[bewerken]

Gallië in 481

Op 15-jarige leeftijd, in 481 volgde Chlodovech zijn vader op als koning van de Salische Franken in Doornik. In het begin was zijn grondgebied nog bescheiden. De Franken beheersten alleen het uiterste noorden van Gallië. Hij moest zijn macht bovendien delen met andere, deels aan hem verwante hertogen, leiders van naburige Salische stamgroepen. Bekend zijn Chararik en Ragnachar, van wie de laatste in Kamerijk resideerde. Bij de Rijn leefden de Ripuarische Franken, een zelfstandige stam.

Gallië was verder verdeeld in een Romeins restgebied onder Syagrius, rondom Parijs en Soissons, het zuiden en zuidwesten, dat deel uitmaakte van het koninkrijk van de Visigoten, en zelfstandige koninkrijken van de Alemannen en Bourgondiërs in het oosten en Bretagne in het westen.

Syagrius[bewerken]

Door de dood van de Visigotische koning Eurik wordt het machtsevenwicht in Gallië tijdelijk verstoord en heeft Clovis de mogelijkheid om zijn macht uit te breiden. Hij weet de meeste andere Salische Franken en de Ripuarische Franken te verenigen en in 486 verslaat hij (mogelijk samen met de Alemannen) Syagrius bij Soissons. De Franken breiden hun gezag uit tot de Loire. Clovis heeft nu duidelijk een leidende rol onder de Franken, maar is formeel nog gelijkwaardig aan de andere Frankische leiders, die ook delen van de nieuwe gebieden krijgen. De Franken heersen nu over een groot gebied met een nog min of meer intacte Gallo-Romeinse samenleving en economie (steden, kerk, onderwijs, geschoolde ambachtslieden) wat de basis vormt voor hun verdere expansie. Syagrius vlucht naar de Visigoten maar wordt in 487 uitgeleverd aan Clovis en ter dood gebracht.

Het verhaal van de Vaas van Soissons illustreert dat in deze tijd iedere vrije Frank nog de wil van de koning kon trotseren, als hij het recht aan zijn zijde had.

Na deze campagne keert Clovis zich tegen Chararik die hem niet tegen Syagrius had willen volgen. Hij ontneemt hem en zijn zoons hun macht en scheert hun lange haren en baarden af (teken van de koninklijke waardigheid). Als hij vervolgens een gerucht hoort dat ze tegen elkaar hebben gezegd dat ze gewoon moeten wachten tot hun haren weer aangroeien, laat hij ze alsnog vermoorden.[1]

In 491 verslaat hij een leger van de Thüringers, de oostelijke buren van de Franken, die daarna ook zijn gezag erkennen. In 493 trouwt Clovis met de Bourgondische prinses Clothilde. Zij is katholiek terwijl hij nog de oude Germaanse goden vereert. Clovis wordt nu algemeen als een belangrijk vorst erkend. Hij huwelijkt zijn zuster, Audofleda, uit aan Theoderik de Grote, koning van de Ostrogoten. Zijn vrouw, Clothilde, probeert Clovis tot 496 tevergeefs tot het christelijk geloof te bekeren. Wel worden hun kinderen gedoopt, maar het feit dat deze gedoopte kinderen ziek worden en sterven is voor Clovis een extra reden om zich niet te bekeren.

De Alemannen[bewerken]

In 496 vallen de Alemannen de Ripuarische Franken aan. Hun koning Sigebert roept de hulp in van de Salische Franken. Aan het kruispunt van de heerbanen Bavay - Keulen, en Straatsburg - Keulen, komt het nabij Tolbiac, nu Zülpich, tot een treffen. In eerste instantie lijken de Alemannen de slag te winnen, maar uiteindelijk weten de Franken de overwinning te behalen.

Volgens de legende heeft Clovis op het dieptepunt van de slag Wodan aangeroepen en om een overwinning gevraagd. Maar de Frankische verliezen bleven doorgaan. Toen dacht hij aan zijn christelijke echtgenote Clothilde, en zei hij het volgende: "God van mijn vrouw: als gij echt zo sterk zijt als mijn vrouw beweert, kom mij dan helpen en laat mij winnen. Dan zal ik mij tot het christendom bekeren." Het tij keerde als bij donderslag. Hij heeft zijn gelofte gehouden en zou zich in 496 bekeerd hebben.

In 506 verslaat Clovis de Alemannen opnieuw, ditmaal bij Straatsburg. De Franken achtervolgen de Alemannen tot in het gebied van de Ostrogoten. De gebieden van de Alemannen in het westen van hun koninkrijk en het Rijnland (behalve de Elzas) worden door de Franken geannexeerd. Deze oorlog van Clovis lijkt bedoeld om het gevaar van de Alemannen in zijn rug weg te nemen, voor zijn oorlog tegen de Visigoten in het volgende jaar.

De bekering van Clovis[bewerken]

De doop van Clovis, van een onbekende Franse schilder uit Saint-Gilles

De bekering van Clovis tot het katholieke christendom is van groot politiek belang. Daar waar alle Germaanse vorsten ariaans of heidens zijn, maakt dit hem tot de held van de katholieke Gallo-Romeinse bevolking. Het jaar van zijn doop is omstreden en ook 497, 498, 499, 507 en 508 worden als mogelijkheid genoemd.[2] [3]

De doop van Clovis, Miniatuur uit Grandes Chroniques de France, ca. 1375

Clovis werd gedoopt door de heilige Remigius of St. Remi. Zijn twee zusters, Abboflede en Lantechilde, en volgens Gregorius 3000 van zijn krijgers, volgden zijn voorbeeld. Dit aantal lijkt echter meer geïnspireerd door het Bijbelboek Handelingen 2:41, waar ook ongeveer drieduizend bekeerlingen genoemd worden. Een leger van bisschoppen en priesters zou hen allen hebben gedoopt. Een christen werd koning Clovis uit het geslacht van de Merovingers allerminst. Zijn wreedheid bleef onveranderd groot, iedereen die hij beschouwde als een potentiële belager van zijn macht werd vermoord. En zijn opvolgers zouden wat dat betreft weining voor hem onderdoen. De geschiedenis van de Merovingers werd een aaneenschakeling van moorden en wreedheden.[4]

Uitbreiding Frankische heerschappij over Gallië onder Clovis

De Bourgondiërs[bewerken]

In 499 sluit Clovis een verdrag met de Bourgondische deelkoning Godigisel tegen diens rivaal Gundobad. Dit is voor Clovis ook een persoonlijke kwestie omdat Gundobad de moordenaar van zijn schoonouders is, terwijl Godigisel zijn vrouw Clothilde toen juist in bescherming heeft genomen. In 500 verzekert hij zijn rugdekking door een verdrag met Bretagne en trekt op tegen Bourgondië. Clovis en Godigisel verslaan Gundobad in de Slag bij Dijon. Gundobad vlucht naar Avignon maar een opmars van de Visigoten dwingt Clovis en Godigisel om zich terug te trekken. Nadat Godigisel is gedood, wordt door Theoderik van de Ostrogoten een vrede bemiddeld. De uitkomsten van de onderhandelingen zijn:

  • Gundobad wordt koning van geheel Bourgondië maar moet in de praktijk een sterke invloed van Clovis accepteren
  • Gundobad en Clovis sluiten een bondgenootschap
  • de Visigoten krijgen Avignon

De Visigoten[bewerken]

Nadat de Franken Syagrius hadden verslagen werd het snel duidelijk dat zij de belangrijke rivalen van de Visigoten om de macht in Gallië zouden worden. Deze rivaliteit werd nog veel sterker na de bekering van Clovis waarna de katholieke onderdanen van de Visigoten regelmatig een beroep op hem deden. Al in 498 had Clovis een veldtocht ondernomen tegen de Visigoten die hem tot Bordeaux bracht maar uiteindelijk geen resultaten opleverde. Na de confrontatie over Bourgondië in 500 volgt een periode van toenadering. Er vindt een persoonlijke ontmoeting plaats tussen Clovis en Alarik II en in 502 trouwt Clovis' zoon Theuderik met een dochter van Alarik.

In 507 maakt Clovis afspraken met keizer Anastasius I om gezamenlijk de Goten aan te vallen. De keizer schenkt Clovis in dat verband een diadeem en een mantel. Clovis profileert zich in deze oorlog sterk als de verdediger van het katholieke geloof en de katholieke onderdanen van de ariaanse Visigoten. Hij versloeg samen met de Bourgondiërs, de Auvergners en de Ripuarische Franken, de Visigoten in de slag van Vouillé (Voulan bij Poitiers) en doodde zelf hun koning Alarik II. [5] Anastasius erkende zijn succes door hem tot ereconsul te benoemen. Hoewel de Bourgondiërs Narbonne wisten te veroveren, en ook tot 511 bezet zouden houden, lukt het hen niet om Septimanië te veroveren door interventie van Theoderik van de Ostrogoten. Clovis overwinterde in Bordeaux. Hij veroverde in 508 samen met de Bourgondiërs Toulouse en krijgt de schat van de Visigoten in handen. Zijn zoon Theoderik bezet de Auvergne. Afgezien van Septimanië hadden de Franken nu alle gebieden van de Visigoten in Gallië in handen.

Het bouwen van een staat[bewerken]

Verdeling van Clovis' rijk onder zijn zonen.

██ Theuderik I (Reims)

██ Chlodomer (Orléans)

██ Childebert I (Parijs)

██ Chlotarius I (Soissons)

Al in 486 had Clovis de Salische vorsten die hem niet hadden gesteund, geëlimineerd. Na zijn overwinning op de Visigoten in 508 begon hij een campagne om alle Frankische koningen en aanvoerders, die in theorie gelijkwaardig aan hem waren, uit de weg te ruimen en alleen koning van de Franken te worden - hoewel ze meer dan twintig jaar lang zijn trouwe bondgenoten waren geweest. De Salische koningen Ragnachar, Ricchar en Rignomer, die grote gebieden bestuurden in het westen van Frankrijk, werden verslagen en vermoord. Tijdens de oorlog tegen de Visigoten had Clovis Cloderic, de kroonprins van de Ripuarische Franken, opgestookt om de macht te grijpen ten koste van zijn vader Sigebert de Lamme. Als Cloderic de raad van Clovis opvolgt en in 509 zijn vader vermoordt, laat Clovis (die voorwendt verontwaardigd te zijn) Cloderic op zijn beurt ter dood brengen (510) als straf voor zijn schandelijke misdaad. Clovis roept zich daarna ook tot koning van de Ripuarische Franken uit en is daarmee alleen koning van alle Franken.

In 508 geeft Clovis rijke giften aan het klooster van St. Martin in Tours. Hij maakt Parijs tot hoofdstad en sticht daar de kerk van Petrus en Paulus (Saints-Apôtres). Dit is vrijwel zeker een nabootsing van Constantijn de Grote die in Constantinopel was begraven in de kerk van de apostelen. Clovis en Clothilde zullen in deze kerk worden begraven. Omdat de heilige Geneviève ook in deze kerk wordt begraven, wordt de kerk later naar haar vernoemd. Op de plaats van deze kerk staat tegenwoordig het Panthéon. In 511 roept Clovis de synode van Orléans bijeen om de hechte band tussen kerk en staat te bevestigen. Bisschoppen zullen door een synode onder voorzitterschap van de koning worden benoemd, en ze zijn belastingplichtig. Clovis zendt een votiefkroon aan de paus.

Clovis laat een wetboek opstellen dat is gebaseerd op het Salische gewoonterecht maar introduceert daarin wel een systeem van hovelingen en kerkelijke en burgerlijke bestuurders (graven), in plaats van het oude adelsbegrip. Hij maakt in het wetboek een apart onderscheid voor de Gallo-Romeinse bevolking. Met zijn wetboek neemt Clovis definitief afscheid van het oud-Germaanse idee van koningschap en introduceert hij het middeleeuwse model.

Na zijn dood werd het Frankische Rijk, naar Salisch recht, verdeeld onder zijn mannelijke nakomelingen Theuderik I (Reims), Childebert I (Parijs), Chlodomer (Orléans) en Chlotarius I (Soissons).

Familie en nakomelingen[bewerken]

Clovis was tweemaal getrouwd:

Clovis is een voorvader van Karel de Grote via Bilichilde Van Keulen, dochter van Chlotarius I. De mannelijke lijn van zijn nakomelingen eindigt ten tijde van Karel Martel en diens zoon Pepijn de Korte. Wel is bekend dat vrouwelijke nakomelingen van Clovis in het koningshuis van Kent zijn getrouwd en dat Clovis zodoende één van de voorouders van de Engelse koning Alfred de Grote is. Omdat diens dochters en kleindochters op hun beurt weer huwelijken in Frankrijk en Duitsland sloten, zijn Clovis' nakomelingen in heel West- en Midden-Europa te vinden.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Gregorius van Tours, II 40, 41, pp. 155-156.
  2. Shanzer, D., p. 29-57
  3. De historicus Ian N. Wood suggereert dat Clovis pas in 508 werd bekeerd (I.N. Wood, p. 48.). Ook Danuta Shanzer vindt hier bij Avitus van Vienne sterke aanwijzingen voor(Shanzer, D., p. 29-57).
  4. Otten, D., Hoe god verscheen in Saksenland p. 31
  5. Gregorius van Tours, II 37, pp. 153-154. Cf. I.N. Wood, p. 46.

Historische bronnen

Literatuur

  • Amalvi, C. (1989): Le baptême de Clovis: heurs et malheurs d'un mythe fondateur de la France contemporaine, 1814-1914, in Bibliothèque de l'école des chartes lien 147, pp. 583-610.
  • Bautz, F.W. (1990): Chlodwig I., Frankenkönig (466-511), in Biographisch-Bibliographisches Kirchenlexikon I, pp. 996-997.
  • Cawley, C. (2006-2007): Franks, Merovingian Kings
  • Ewig, E. (1983): Chlodwig I. (Chlodovechus), in Lexikon des Mittelalters II, coll. 1863-1868.
  • Wilson, E. (1998): The rise of the Carolingians or the decline of the Merovingians?, in Access: History 2, pp. 4-24.
  • Shanzer, D. (maart 1998): Dating the baptism of Clovis: the bishop of Vienne vs the bishop of Tours in Early Medieval Europe, Volume 7 Issue 1, pp. 29-57, ISSN 0963-9462
  • Wood, I.N. (1994): The Merovingian Kingdoms, 450-751, Londen, ISBN 0-582-21878-0

Voor de revisie van het artikel in juni 2009 is gebruikgemaakt van de Engels-, Frans- en Duitstalige versies van dit artikel in Wikipedia. Tevens is gebruikgemaakt van: