Bourgondiërs

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Bourgondiërs, Boergondiërs of Bourgonden (Latijn: Burgundii of Burgundiones [1]; Grieks: Βουργούντες, Bourgoúntes; Fries: Boergonden; Duits: Burgunden of Burgunder; Frans: Burgondes) waren een Oost-Germaans volk dat oorspronkelijk in Scandinavië woonachtig was, waar zij Bornholm (Burgundarholm) bevolkten.[2][3] Rond het begin van de 1e eeuw leefden zij in het westen van de huidige Republiek Polen. Tijdens de volksverhuizingen vestigden zij zich in het gebied dat tegenwoordig hun naam draagt, Bourgondië. Vanaf hun onderwerping door de Franken in 534 zouden ze zich met dezen assimileren.

Geschiedenis[bewerken]

Bourgondische woongebieden gedurende hun 'volksverhuizing' van Bornholm naar Sapaudia.

Aan het begin van de 1e eeuw arriveerden de Bourgondiërs aan de benedenloop van de Weichsel. Daar waren zij voortdurend betrokken in conflicten met de omwonende Goten, Vandalen en Semnonen. Vanaf 150 werden de Bourgondiërs naar het westen verdreven en omstreeks 250 verschenen zij aan de bovenloop van de Main. Hier raakten zij slaags met de Alemannen die het onderspit dolven. De Bourgondiërs namen een deel van het Alemaans gebied in bezit en vestigden zich hier.

Invallen in het Romeinse Rijk[bewerken]

Gebruik makend van de chaotische toestand aan de grenzen van het Romeinse Rijk, die het gevolg waren van grote interne problemen, voerden de Bourgondiërs vanaf 260 (evenals hun buurvolk de Alemannen) voor het eerst plundertochten uit op Romeinse bodem, in de provincie Gallië. Het herstel van de Romeinse macht door de Gallische keizer Postumus in 262 maakte een voorlopig einde aan die invallen. Toen de grenzen na 276 opnieuw zwak verdedigd werden, drongen de Bourgondiërs wederom Gallië binnen. Ditmaal maakte keizer Probus een einde aan de invallen. Hij trok ten strijde tegen de oorlogszuchtige Germaanse volken en omstreeks 280 was de Rijngrens weer hersteld. In de winter van 287/288 vielen de Romeinen het gebied van de Bourgondiërs binnen om deze van nieuwe invallen te weerhouden.


Aan het einde van de 3e eeuw was de rust aan de Rijngrens zodanig hersteld dat de Bourgondiërs geen invallen meer waagden. Een tiental jaren later sloten de Romeinen een verdrag met hen. Ze traden toe in de Romeinse legers en gedurende de 4e eeuw lieten de Bourgondiërs zich kennen als trouwe bondgenoten. In tegenstelling tot de Alemannen en Franken steunden zij de wettige keizers.

Het koninkrijk Bourgondië[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Koninkrijk Bourgondië voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
Het Bourgondische Rijk 443-532

Tijdens de Grote Volksverhuizing in de 5e eeuw was het Romeinse gezag door interne chaos weer ernstig verzwakt en drongen de Bourgondiërs opnieuw het Romeinse Rijk binnen. Ze vestigden zich aan de Midden-Rijn. In 413 sloten zij een nieuw verdrag met de Romeinen en kregen ze de status van foederati waarbij ze hun bezette Romeinse gebieden en steden mochten behouden maar niet verder mochten uitbreiden. Na een tijdje gingen de Bourgondiërs toch weer op plundertocht buiten de hun toegewezen gebieden en de Romeinen stuurden toen de Hunnen op hen af om hen te straffen. De Bourgondiërs leden een verpletterende nederlaag waarbij hun koning en een groot deel van de strijdende elite sneuvelde. Hierdoor was de Bourgondische macht in het Midden-Rijngebied gebroken en trok het overlevende deel van het volk verder Gallië in. Deze gebeurtenissen worden beschreven in het Nibelungenlied (circa 1230).

Omstreeks 440 kregen de Bourgondiërs opnieuw de status van foederati, nu aan de Midden-Rhône bij Genève, maar het Romeinse gezag stelde in werkelijkheid niets meer voor en de Bourgondiërs waren de facto de enige en onbetwiste machthebbers in hun territorium waar de Romeinen niets meer in te brengen hadden. Van hieruit breidden ze hun territorium verder uit tot Bazel in het noorden, en Avignon in het zuiden. Ook verdreven zij de Alemannen uit Langres. Ze drongen in 481 naar het zuiden langs de Saône en Rhône tot de Middellandse Zee en verspreidden zich omstreeks 485 in Champagne.

Einde aan de zelfstandigheid[bewerken]

Na 500 kregen de Bourgondiërs te maken met de machtshonger van de Frankische Merovingische koningen. Uiteindelijk werden ze door de Franken verslagen en in 534 werden ze ingelijfd bij het Frankische rijk. De oorspronkelijke Bourgondiërs gingen op in de omringende Gallo-Romeinse bevolking, maar ze gaven hun naam aan het gebied dat tenslotte de kern werd van het hertogdom Bourgondië, dat in de late middeleeuwen nog een belangrijke zelfstandige rol zou spelen.

Overige[bewerken]

Taal[bewerken]

De Bourgondiërs spraken het Bourgondisch, een uitgestorven Oost-Germaanse taal waarvan nooit geschriften zijn gevonden.

Bourgondië[bewerken]

Zie in volgorde

Bourgondiërs in de geschiedenis van de Nederlanden[bewerken]

De laatmiddeleeuwse Bourgondiërs waren de Franssprekende aristocratie van het Franse hertogdom Bourgondië die zich tegen het jaar 1400 meester maakten van het hele gebied tussen het Franse en het Duitse rijk (waartoe ook de Nederlanden behoorden). De Bourgondiërs waren een zijtak van het Franse koningshuis van Valois en wilden zich in feite losmaken van de Franse koning en stonden in hun eigen gebieden voor een meer centraal bestuur, met eenheid in rechtspraak en financiën. Belangrijke impulsen voor het (Nederlandse) cultuurbesef zijn kenmerkend voor deze periode. Veel Nederlandse kunstenaars zoals de schilders de gebroeders Van Limburg werkten aan het Bourgondische hof. In de tweede helft van de 15e eeuw, stelden de Bourgondiërs zich als doel om hun rijk uit te breiden vanuit Bourgondië, met Dijon als hoofdstad, tot aan de Waddenzee. Dit is gedeeltelijk gelukt. In 1473 bereikte Bourgondië een hoogtepunt, toen ten noorden van de grote rivieren niet alleen Holland en Zeeland, maar ook Gelre veroverd was. Hertog Karel de Stoute ambieerde zelfs de koningstitel van het vroegere Karolingische Middenrijk (zie ook koninkrijk Lotharingen) en wilde dit land in feite herstellen in zijn oude status. Hij sneuvelde echter in 1477 bij de slag bij Nancy. Na de dood van Karel verbond zijn enige erfgename Maria van Bourgondië zich met de Oostenrijkse Habsburgers, waarna het met de zelfstandigheid van Bourgondië weer snel gedaan was. Voordat de Bourgondische gebieden tot een levensvatbare staat konden uitgroeien werden deze weer verdeeld tussen Frankrijk en het Duitse rijk. Aldus kwamen de Lage Landen onder Habsburgs bewind, dat zich in de loop van de 16e eeuw over alle gewesten heeft uitgestrekt. Het eigenlijke Bourgondië werd meteen weer opgeslokt door Frankrijk.

Bourgondiërs als zuidelijke Nederlanders[bewerken]

Bourgondiërs kan ook staan voor de (volgens een clichébeeld) gemoedelijke en van het leven genietende zuidelijke Limburgers, Brabanders en Vlamingen. Volgens sommigen zou deze levensstijl ontleend zijn aan de overdadige luxe en weelderige levensstijl van het Bourgondische hof, vooral toen dit hof in de 15de eeuw verplaatst was naar Brussel, dat toen één van de rijkste steden van West-Europa was. De 'Bourgondische' levensstijl richt zich vooral op goed eten en drinken met op z'n tijd een flink feest zoals carnaval. Althans volgens de opvatting van de, volgens een ander clichébeeld, zuinige en sobere 'Hollandse calvinisten'.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Encarta - Encyclopedie (1993-2002) Bourgondiërs. Microsoft Corporation/Het Spectrum.
  2. (en) Arnold-Baker, Charles 1996 Longcross Press Ltd. The companion to British History p. 205
  3. (da) Lademanns Leksikon, 1970, Lademanns Forlagsaktieselskab, Deel 3 p.82