Beleg van Zutphen (1591)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Beleg van Zutphen (1591)
Onderdeel van de Tachtigjarige Oorlog
Gevechten tijdens het beleg
Gevechten tijdens het beleg
Datum 19 - 30 mei 1591
Locatie Zutphen, Gelre, Nederlanden
Resultaat Inname van de stad Zutphen door het Staatse leger
Strijdende partijen
Prinsenvlag.svg Staatse leger Flag of Cross of Burgundy.svg Spaanse leger
Commandanten
Maurits van Nassau
Troepensterkte
9000 soldaten, 1600 ruiters
Maurits' veldtocht van 1591

Zutphen · Deventer · Delfzijl · Knodsenburg · Hulst · Nijmegen

De grote schans bij verrassing op 24 mei en de stad op 30 mei 1591 ingenomen door Maurits

Het Beleg van Zutphen is een belegering van de stad Zutphen door Staatse troepen onder leiding van Maurits van Nassau, tijdens de Tachtigjarige Oorlog.

Aanloop naar het beleg[bewerken]

Zutphen was een Hanzestad aan de oostoever van rivier de IJssel. Op de westoever van de IJssel lag nog een grote, sterke schans. Het had een roerige periode achter de rug. In het jaar 1572 werd de stad eerst veroverd door Staatse troepen onder leiding van Willem IV van den Bergh, waarna de stad later werd heroverd door de Spanjaarden onder leiding van Don Frederik, en de bevolking werd gestraft voor de overgave eerder dat jaar. Zutphen kwam vervolgens weer in handen van de Staatsen, waarna de Engelse officier Rowland York in 1586 de stad aan de Spanjaarden overdroeg.

Maurits begon in 1591 een veldtocht in het oosten van de Nederlanden. Het jaar ervoor had hij nog Breda met een list weten te veroveren. Zutphen was zijn eerste doel in 1591. Hij wilde tijdens zijn veldtocht steden aanvallen die langs waterwegen lagen, om zo snel mogelijk de troepen en het geschut te kunnen verplaatsen en ook de vijand zo min mogelijk tijd te kunnen geven om versterkingen te kunnen halen. Met 100 schepen liet hij 9000 soldaten en nog eens 1600 ruiters naar Zutphen transporteren.[1] Door het snelle werken kon Maurits in vijf dagen 29 kanonnen gereed stellen.[2]

Belegering[bewerken]

Tijdens de belegering van de stad gebruikte Maurits wederom een list. Hij liet een aantal van zijn soldaten zich verkleden als boer. Deze liet hij opjagen door zijn ruiterij, waardoor ze als vluchtelingen door de Spaanse troepen de Grote Schans in werden gelaten.[3] Hierdoor konden de troepen in de schans overmeesterd worden. Niet lang erna gaf de stad zich ook over aan de Staatse troepen.

Nasleep[bewerken]

Na het beleg trok Maurits met zijn troepen richting het noorden. Coevorden was eerst zijn volgende doel, maar hij besloot onderweg om Deventer te belegeren en veroverde deze stad tijdens het Beleg van Deventer. Daarna ging hij door naar Delfzijl, zodat hij daarna Groningen kon gaan belegeren.

Bronnen, noten en/of referenties

Referenties

  1. J Buisman, A.F.V. van Engelen (1998): Duizend jaar weer, wind en water in de Lage Landen. Deel 4: 1575-1675 Franeker: Van Wijnen ISBN 9051941439
  2. J. Hoffenaar, Joep van Hoof, Jaap de Moor (2002): Vuur in beweging: 325 jaar veldartillerie, 1677-2002 Uitgeverij Boom. ISBN 9053527354
  3. Ronald P. de Graaf (2004): Oorlog, mijn arme schapen Uitgeverij van Wijnen. ISBN 9051942729

Gedichten over het beleg