Kanne

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kanne
Deelgemeente in België Vlag van België
Kanne
Kanne
Situering
Gewest Flag of Flanders.svg Vlaanderen
Provincie Flag of Limburg (Belgium).svg Limburg
Gemeente Flag of Riemst.svg Riemst
Coördinaten 50° 48' NB, 5° 40' OL
Overig
Postcode 3770
Netnummer 012
Detailkaart
Kanne
Kanne
Portaal  Portaalicoon   België
Het Albertkanaal ter hoogte van Kanne, gezien vanaf het Plateau van Caestert

Kanne (Limburgs: Kan) is een plaats in het zuidoosten van Belgisch-Limburg. Het is een deelgemeente van de gemeente Riemst en ligt pal aan de Belgisch-Nederlandse grens, onder de rook van Maastricht. Kanne ligt aan de Jeker en wordt in tweeën gedeeld door het Albertkanaal. Het gedeelte aan de (noord-)oostelijke kant van het kanaal, heet Neerkanne, het andere, aan de (zuid-)westelijke kant, heet Opkanne.

Kanne ligt in het dal tussen het Plateau van Caestert (de Sint-Pietersberg) en de Muizenberg.

Kanne telt 1156 inwoners (2005). Een aanzienlijk deel hiervan bezit de Nederlandse nationaliteit. Deels zijn dit mensen die fiscaal voordeel zoeken of eenvoudigweg gecharmeerd zijn van het aantrekkelijk gelegen dorp en deels zijn het studenten, die het kamertekort en de hogere huurprijzen in Maastricht ontwijken.

Etymologie[bewerken]

De naam Kanne verscheen voor het eerst in 965 in schriftelijke documenten, en wel als Cannes. In 1079 was sprake van apud Kanne. Wellicht heeft de naam betrekking op zoiets als bakaarde.

Geschiedenis[bewerken]

De geschiedenis van Kanne gaat terug tot de Romeinen die de plaatselijke mergelsteen reeds ontgonnen. Ook een Romeinse begraafplaats werd er gevonden.

Kanne is ontstaan uit twee domeinen: Het ene was Opkanne, een prinsbisschoppelijk domein, in 965 geschonken aan het kapittel van de Sint-Martinuskerk te Luik.

Het andere was Neerkanne. Dit was oorspronkelijk een allodium dat door het Allodiaal Hof van Luik in leen gegeven werd aan achtereenvolgens de families: van Liers (1351), Chabot (1454), de Villers (1477), Pité (1496), Vander Straten (1575), de Pallant (1607), de Wansoulle (1643), van Dopff (1697), de Coenen (1761), en de Thier (1792).

In Opkanne stond, aan de huidige Bovenstraat, het Kasteel Harff, waar de Heren van Kanne verbleven. In 1391 kreeg hier de familie Van den Bosch de heerlijke rechten. Eén der latere heren was Gijs van den Bosch (Guy de Canne) (1443-1486) die in de strijd tussen het Huis Horne en het Huis van der Mark aan de zijde van Willem I van der Marck Lumey streed, in het Prinsbisdom de functie van voogd bekleedde en in 1486 te Luik door een woedende menigte werd vermoord.

Aldus waren er twee heerlijkheden. Deze werden in 1794 verenigd. Toen echter, in 1843, de grens tussen Nederland en de jonge staat België werd vastgesteld, kwam Kasteel Neerkanne -door toedoen van de kasteelheer- op Nederlands grondgebied te liggen.

De nabijheid van de belangrijke vesting Maastricht maakte dat, in de 17e en de 18e eeuw, ook Kanne te lijden had van, voornamelijk Franse, troepen, die Maastricht belegerden.

Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Het 2e regiment Grenadiers had in april 1940 de opdracht gekregen om het gebied rond de brug over het Albertkanaal te Kanne te verdedigen. Deze was van springladingen voorzien. De bevelhebber van het fort Eben-Emael majoor Jean Fritz Lucien Jottrand, kon in de vroege ochtend van 10 mei 1940, toen het fort werd aangevallen door Duitse troepen, de soldaten van het Fort van Eben-Emael, die in de bruggenbunker van Kanne zaten, verwittigen, waardoor de brug kon worden opgeblazen. De bruggen te Veldwezelt en Vroenhoven bleven echter intact. Daardoor kon het 6e leger onder leiding van generaal Walter von Reichenau tanks aan de overkant van het kanaal overbrengen. Door de snelle doorstoot aan het kanaal kon dit leger de Z-flank van het Belgisch leger bedreigen. Op woensdagavond 11 mei gaf het plaatselijke bevel zich over. In Kanne sneuvelden 10 officieren, 207 onderofficieren, korporaals en grenadiers.

Bezienswaardigheden[bewerken]

  • Château Neercanne, (voorheen Château Agimont geheten), vlakbij het dorp, maar op Nederlands grondgebied (in de gemeente Maastricht). Het kasteel is het enige terrassenkasteel van Nederland. Het werd in 1698 op de resten van een oudere burcht gebouwd door de militair gouverneur van Maastricht Daniël Wolff baron van Dopff. Na Belgiës onafhankelijkheid ijverde de toenmalige eigenaar, Baron van Thier, ervoor dat zijn bezit bij het Koninkrijk bleef. De mergelstenen muren rond de zuidelijke boomgaarden van het kasteel werden zo de landsgrens tussen België en Nederland. Van deze muren staan nog enkele delen overeind. De Heilig-Grafkapel en het voormalige Kanunnikenhuis van de Sepulchrijnen pal naast de boomgaard werden echter Belgisch. Het kasteel en de buitenplaats zijn nu in het bezit van Stichting Het Limburgs Landschap. De binnenplaats, de bossen en enkele delen van de tuinen zijn vrij te bezoeken.
  • De barokke Heilig-Grafkapel, die volledig uit mergel of kalksteen opgetrokken is. De kapel werd door Herman Jekermans, een timmermanszoon en bezoeker van het heilige land in 1647 gebouwd als kleine kopie van de Heilig Grafkerk te Jeruzalem om zijn belofte bij behouden terugkeer na te komen. Vooral de gevel van de kapel is sterk geornamenteerd met onder meer Toscaanse pilasters en beeldhouwwerk. De kapel werd in de Tweede Wereldoorlog zwaar beschadigd.

Natuur en landschap[bewerken]

De omgeving van Kanne, kent aanzienlijke hoogteverschillen. Het dorp ligt in het dal van de Jeker dat is ingesneden in het Plateau van Caestert, waartoe ook de Sint-Pietersberg behoort. Ook het Albertkanaal is diep ingesneden. Van groot natuur- en cultuurhistorisch belang is het voorkomen en dagzomen van mergelsteen, waardoor een bijzondere flora en fauna van kalkminnende soorten ontstaat, zoals op de kalkgraslanden. De mergelsteenwinning leidde bovendien tot het ontstaan van uitgebreide gangenstelsels, die vervolgens weer voor allerlei doeleinden werden benut, zoals de champignonteelt, maar ook voor smokkel, voor het verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog, en later zelfs voor een militair hoofdkwartier. Ook vormen de gangenstelsels een toeristische attractie.

  • In Kanne zijn mergelgroeves te bezichtigen. Deze groeves zijn ontstaan door de winning van mergelsteen blokken, die er plaatsvond vanaf de Romeinse tijd tot aan het begin van de 20e eeuw. De oudste delen van het huidige gangenstelsel dateren uit de 14e eeuw, en het oudste opschrift is uit 1468. Vooral van de 16e tot de 18e eeuw was er veel mergelwinningsactiviteit. Daarna nam de winning af, om na de Tweede Wereldoorlog geheel te verdwijnen. Uit het mergelgesteente zijn in de wijde omgeving veel huizen en monumentale gebouwen, zoals kerken, opgetrokken. Vanaf omstreeks 1900 werden in de groeves ook champignons gekweekt, waar de gangen door hun stabiele temperatuur (10 à 11°C) en vochtigheidsgraad (98%) bijzonder geschikt voor zijn. Momenteel worden deze mergelgroeves door plaatselijke boeren als koeienstal en voor opslag gebruikt, terwijl ze ook functioneren als toeristische attractie. Verder vormen ze een overwinteringsplaats voor vleermuizen. Cultuurhistorisch zijn de gangen van groot belang, mede door de daarin aangebrachte inscripties en afbeeldingen.

De belangrijkste gangenstelsels in het Belgische deel van het plateau zijn:

  1. De Caestertgroeve, met tot 12 meter hoge gangen.
  2. Ternaaien-Boven, waarvan de oudste delen uit 1601 stammen.
  3. Ternaaien-Beneden, het nieuwste gedeelte.
  • In het dorp Kanne vindt men een aantal merkwaardige mergelstenen woningen en grotwoningen.
  • De omgeving van Kanne is een bijzonder wandelgebied met tientallen kilometers gemarkeerde wandelingen. Onder meer wandelaars die het eindpunt van het Pieterpad bereiken, verkennen hier de omgeving.

Evenementen[bewerken]

  • De jaarlijkse rommelmarkt op Pinkstermaandag trekt zo'n 10.000 bezoekers.

Nabijgelegen kernen[bewerken]

Maastricht, Vroenhoven, Eben-Emael, Zichen-Zussen-Bolder

Externe links[bewerken]

Galerij[bewerken]