Permanent Hof van Arbitrage

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Permanent Court of Arbitration - Cour permanente d'arbitrage.svg

Internationaal Recht

Het Permanente Hof van Arbitrage (Engels: Permanent Court of Arbitration; Frans: Cour Permanente d'Arbitrage) is een internationale organisatie die in 1899 werd opgericht naar aanleiding van de internationale Vredesconferentie van Den Haag. Het Hof heeft als doel arbitrage als conflictoplossing van internationale geschillen te faciliteren. Anders dan de naam suggereert is het zelf geen scheidsgerecht dat aan arbitrage doet, maar bestaat het Hof uit een lijst van personen die door partijen bij het Verdrag voor de vreedzame regeling van de internationale geschillen tot leden van het Hof worden benoemd (maximaal vier arbiters per verdragspartij) en waaruit in het geval van een geschil een keuze gemaakt kan worden.[1]

De oprichting van het Hof was de eerste stap tot institutionalisering van de oplossing van geschillen door vreedzame middelen. Het Hof faciliteert niet alleen arbitrale geschilbeslechting tussen staten, maar ook staten en andere partijen, waaronder intergouvernementele organisaties en private partijen.[2]

Huisvesting[bewerken]

In 1901 werd het Hof gevestigd aan de Prinsegracht 71 te Den Haag. Er was toen niet meer dan een secretariaat en een lijst van beschikbare arbiters uit de aangesloten staten. Landen die om arbitrage vroegen, konden uit die lijst elk een arbiter kiezen, deze beiden moesten het vervolgens eens worden over de keuze van een voorzitter. Het Hof is sinds 1913 gevestigd in het Vredespaleis in Den Haag, dat speciaal werd gebouwd als huisvesting voor het Permanente Hof van Arbitrage alsmede voor een bijbehorende bibliotheek. De Amerikaanse staalkoning Andrew Carnegie maakte de bouw mogelijk door een schenking van 1,5 miljoen dollar in 1903.

Jurisdictie en werkwijze[bewerken]

Het Verdrag voor de vreedzame regeling van de internationale geschillen kent zelf geen dwingende arbitrage-regeling. Daardoor zullen de partijen onderling afspraken moeten maken wanneer zij een geschil via arbitrage willen oplossen. Dit kan op twee manieren. Ten eerste kunnen de partijen, na het ontstaan van een geschil over internationaal recht, besluiten bij verdrag (ook wel 'compromis') een tribunaal op te richten die het geschil moet beslechten. Bijvoorbeeld het geschil tussen België en Nederland over de aanleg van een spoorlijn (de IJzeren Rijn). Ten tweede kan bij het sluiten van een verdrag reeds besloten worden dat toekomstige geschillen via arbitrage opgelost zullen worden.[3] Zo bevatten de Entente Cordiale tussen Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk een arbitrageregeling. En ook het VN-zeerechtverdrag kent bepalingen voor arbitrale geschilbeslechting.

Het Permanente Hof van Arbitrage heeft zelf echter geen rechtsmacht een geschil te beslechten. Het Hof heeft inhoudelijk geen bemoeienis met de beslissingen van de arbiters die aan een zaak zijn toegewezen. Het Hof fungeert slechts als griffie en biedt administratieve ondersteuning aan partijen die een geschil via arbitrage willen oplossen. Arbitragetribunalen worden ad hoc opgericht onder de auspiciën van het Hof en zijn bevoegd in één concreet geschil. De samenstelling van de tribunalen verschilt qua leden en qua aantal per zaak. Gebruikelijk is echter een tribunaal dat bestaat uit een oneven aantal leden, meestal drie of vijf. Elke partij kiest dan een of twee arbiters en deze kiezen gezamenlijk een neutrale arbiter. Indien een van de partijen geen arbiter aanwijst, of indien er geen overeenstemming over de neutrale arbiter is, wordt die keuze soms overgelaten aan de President van het Permanente Hof van Arbitrage.[4] Het tribunaal heeft alleen die bevoegdheden die de partijen aan het tribunaal hebben toegekend en zullen meestal vervat zijn in het verdrag of compromis.[5]

Zaken waarbij het Permanente Hof van Arbitrage betrokken was[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties[bewerken]

  1. D.A. Ijalaye, The Extension of Corporate Personality in International Law, Oceana Publications 1978, p. 269; P.H. Kooijmans, Internationaal publiekrecht in vogelvlucht, Deventer: Kluwer 2008, p. 135.
  2. Website van het Permanente Hof van Arbitrage.
  3. A. Nollkaemper: Kern van het Internationaal Publiekrecht, BJU: Den Haag 2011, p. 444.
  4. A. Nollkaemper 2011, p. 445.
  5. A. Nollkaemper 2011, p. 445-446.