Pomelo

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pomelo
Pomelo Open 02.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade: Malviden
Orde: Sapindales
Familie: Rutaceae (Wijnruitfamilie)
Geslacht: Citrus
Soort
Citrus maxima × Citrus ×paradisi
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De pomelo (Citrus maxima × Citrus ×paradisi) is een boom die ontstaan is uit een kruising tussen pompelmoes en grapefruit. De pomelo komt oorspronkelijk uit Thailand en Maleisië en heeft zich van daaruit verspreid over China, India en Iran. In de achttiende eeuw werd de plant vanuit Azië naar de Caraiben gebracht door de Britse scheepskapitein Shaddock. De vrucht van de pomelo wordt in het Engels ook wel shaddock genoemd. Ze wordt in Nederland voornamelijk aangevoerd uit China en Vietnam.

De vrucht van de pomelo is een grote ronde of peervormige, 10 tot 30 cm grote citrusvrucht met een gladde, dikke, witgele schil. De smaak is lichtbitter, maar zoeter dan die van de gele grapefruit.

Voedingswaarde[bewerken]

Pomelo bevat per 100 gram:[1]

Energetische waarde 159 kJ (38 kcal)
Koolhydraten 9,62 gram
Eiwit 0,76 gram
Vet 0,04 gram
Cholesterol 0 mg
Voedingsvezels 1 g
Natrium 1 mg
Kalium 216 mg

Boom[bewerken]

De pomelo is een brede, stekelige boom, die 5 tot 15 meter hoog kan worden. De jonge takken zijn behaard. De grote, ovale tot elliptische bladeren hebben een gevleugelde bladsteel. De bloemen zijn crèmekleurig en 3 tot 7 cm groot.

Bewaren[bewerken]

Omdat pomelo's gevoelig zijn voor lage-temperatuurbederf en kunnen uitdrogen, moeten ze goed geventileerd en buiten de koelkast bewaard worden. Als de schil van de vrucht nog glanzend is, betekent dit dat de vrucht nog niet helemaal rijp is. Wanneer de schil dof begint te worden, is de pomelo klaar om gegeten te worden.