Billy Graham

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Voor professioneel worstelaar "Superstar" Billy Graham, zie Eldridge Wayne Coleman
Billy Graham in Düsseldorf in de zomer van 1954
Billy Graham in De Kuip (1955)
Billy Graham in 1966
Amerikaanse president Richard Nixon en Billy Graham op 28 mei 1970
Billy Graham in 1994
Evangelisatiecampagne in 1994 in Cleveland (Ohio)
Billy Graham Amerikaanse president Barack Obama 2010

William Franklin (Billy) Graham jr. (Charlotte (North Carolina), 7 november 1918) is een Amerikaans evangelist, predikant en christelijk schrijver. Hij adviseerde verschillende Amerikaanse presidenten.

Levensloop[bewerken]

Evangelist[bewerken]

Graham had van huis een presbyteriaanse achtergrond. In 1934 bekeerde hij zich tot het christelijk geloof tijdens een bijeenkomst die geleid werd door Mordecai Ham. Nadat Graham in mei 1936 zijn diploma aan de middelbare school haalde, ging hij studeren aan de Bob Jones College (tegenwoordig Bob Jones University).[1] Hij vond deze school te fundamentalistisch en stapte over naar het Bible Institute (tegenwoordig het Trinity College of Florida). Hier voegde hij zich bij de Southern Baptist Convention (Conventie van Zuidelijke Baptisten). In 1939 werd Graham door deze kerk aangesteld als predikant. Later studeerde hij aan het Wheaton College in Illinois. In 1943 studeerde hij af met een bachelor in de Antropologie.[2] Gedurende deze tijd nam hij het besluit om de Bijbel als het onfeilbare woord van God te beschouwen. Hij trouwde op 13 augustus 1943 met Ruth Bell, dochter van missionarissen in China. Graham en zijn vrouw kregen drie dochters en twee zonen (waaronder Franklin Graham), 19 kleinkinderen en 28 achterkleinkinderen.

In de periode 43-44 diende hij korte tijd als predikant van een gemeente in Western Springs, Illinois. De evangelist hoorde via een bevriende predikant dat het radioprogramma Songs in the Night door een gebrek aan geld zou worden opgeheven. Hij besloot om zelf het programma te maken en won daardoor aan bekendheid. In 1945 werd hij gevraagd als rector van de Northernwestern College in St. Paul, Minnesota. Deze functie vervulde Graham tot 1947.

Na Grahams afstuderen van Wheaton College raakte hij betrokken bij Youth for Christ. Voor deze organisatie reisde hij als evangelist door de Verenigde Staten en Europa. Landelijke bekendheid kreeg Graham door een evangelisatie-campagne in Los Angeles in 1949. Het was de bedoeling dat deze campagne drie weken zou duren, maar het werden er acht. Eén van de belangrijkste redenen daarvoor was dat mediatycoon William Randolph Hearst zijn kranten de opdracht gaf veel aandacht aan de campagne te besteden.[1] In de jaren daarna organiseerde Graham wereldwijd campagnes. In Londen en New York (op Madison Square Garden) moesten deze ook worden verlengd naar respectievelijk twaalf en zestien weken vanwege de enorme interesse.

Billy Graham richtte in de Verenigde Staten een organisatie op, de Billy Graham Evangelistic Association, die onder meer wekelijkse radio-uitzendingen (al meer dan 50 jaar), tijdschriften, films, columns in kranten en televisiespecials verzorgt. In 1956 begon Graham met het uitgeven van Christianity Today, vandaag de dag één van de meest invloedrijke bladen binnen de evangelische beweging. Dit deed hij om een tegenwicht te bieden aan het liberale tijdschrift The Christian Century.

In 1959 organiseerde Graham de eerste van een aantal 'kruistochten' in Australië. Deze 'kruistocht' leidde tot een groei van het evangelische christendom in Australië. Verschillende kerken en Bijbelgroepen werden gevormd en bestaan ruim 50 jaar later nog steeds.[3]

Tijdens de Koude Oorlog hield Graham verschillende samenkomsten in Oost-Europa en in de Sovjet-Unie.[4] Hij sprak ook in Noord-Korea. Tijdens het apartheidsbewind in Zuid-Afrika weigerde hij een tijd dat land te bezoeken. In 1973 stond de Zuid-Afrikaanse overheid toe dat de samenkomsten gemengd waren, en Graham hield daar toen zijn eerste evangelisatiecampagne, waarin hij afstand nam van de apartheid. In de jaren zestig betaalde Graham verschillende keren de borg voor Martin Luther King toen deze gevangengenomen was.

Graham sprak in totaal voor meer dan 210 miljoen mensen in meer dan 185 landen live over het geloof. Daarnaast bereikte hij met zijn televisietoespraken, films, video's en podcasts honderden miljoenen mensen.

Politiek[bewerken]

Graham was zijn leven lang aanhanger van de Democratische Partij, maar heeft het met presidenten van beide gezindten goed kunnen vinden. Zijn eerste optreden op het politiek gebied was een ontmoeting met president Harry S. Truman, waarbij hij Truman opriep op te treden tegen het oprukkende communisme uit Noord-Korea. Zich niet bewust van het protocol, onthulde Graham aan journalisten alles wat was besproken toen hij naar buiten kwam. Truman was zo boos, dat hij een aantal jaren niet meer sprak met de evangelist.[1] Graham vermeldde het voorbeeld vaak als waarschuwing nooit zomaar iets te onthullen van wat met wereldleiders besproken is.

Graham was goed bevriend met presidenten Dwight D. Eisenhower en Richard Nixon. Regelmatig verzocht hij Eisenhower om het federale leger in te zetten ter bescherming van de negen van Little Rock.[1] Eisenhower wilde hem zelfs zien op zijn sterfbed.[4] Nixon bezocht de campagnes van Graham. Op zijn beurt steunde Graham Nixon in zijn strijd tegen John F. Kennedy tijdens de presidentsverkiezingen in 1960.[1] Door het Watergate-schandaal ontstond er echter een breuk tussen beiden, vanwege de grove taal die Nixon uitte op de tapes en de terechtwijzing die Graham hem gaf in het openbaar. Ook gaf Graham pastorale steun aan presidenten Lyndon B. Johnson, Gerald Ford, Jimmy Carter, Ronald Reagan, Bill Clinton en de Bush-familie. Zo was hij bijvoorbeeld aanwezig in het Witte Huis in de nacht dat president George H.W. Bush aankondigde dat de Golfoorlog begonnen was. De enige president sinds de Tweede Wereldoorlog aan wie Graham geen pastorale steun heeft gegeven is John F. Kennedy. Dat kwam door diens rooms-katholieke achtergrond. Wel gingen ze samen golfen. Hij sprak ook bij de begrafenissen van president Lyndon Johnson in 1973 en Richard Nixon in 1994. Bij de begrafenis van Ronald Reagan moest Graham verstek laten gaan, omdat hij in het ziekenhuis lag vanwege een heupoperatie. In april 2010 had Graham ook een ontmoeting met president Barack Obama, die hem thuis in Asheville bezocht.[5]

Nooit heeft Graham zich geheel willen associëren met Religieus Rechts, met als belangrijkste argument dat Jezus ook niet lid was van een politieke partij.[1] Daarom wilde hij ook publiekelijk geen politieke kandidaten steunen, hoewel hij dit in sommige gevallen uiteindelijk wel deed. In 1979 weigerde hij toe te treden tot Jerry Falwells Moral Majority. Hij zei: “Evangelisten mogen niet te veel met een bepaalde partij of persoon geïdentificeerd worden. Wij moeten in het midden staan en het evangelie prediken aan alle mensen, rechts en links. Ik ben in het verleden niet trouw geweest aan mijn eigen advies, maar zal dat wel zijn in de toekomst”.[4]

Ondanks deze woorden sprak Graham bij monde van zijn zoon Franklin bij de presidentsverkiezingen van 2012 toch zijn steun uit voor de Republikein Mitt Romney.

Zending[bewerken]

Graham is altijd een warm voorstander van zending geweest. Bij bijna alle evangelisatie-campagnes wijdde hij minstens één avond aan het belang van de zending. Op initiatief van Graham kwamen in 1974 150 christelijke leiders uit de gehele wereld bij elkaar in Lausanne, Zwitserland. Daar stelden zijn het zogeheten Lausanne Covenant op. Het Lausanne Covenant is een christelijk manifest dat wereldwijd een grote invloed op de christelijke zending heeft gehad.

Ook begon Graham met de organisatie van internationale congressen die de nadruk legden op het belang van de zending. Het eerste grote congres was het World Evangelical Congress en vond plaats in Berlijn in 1966. Twee andere grote congressen, waarbij respectievelijk 5.200 en 8.000 aanwezigen waren, voor het grootste deel lokale evangelisten afkomstig uit ontwikkelingslanden, vonden plaats in de RAI in Amsterdam.

Laatste jaren[bewerken]

Graham lijdt sinds 1992 aan de ziekte van Parkinson. Daarnaast had hij last van vocht in de hersenen, een longontsteking en gebroken heupen. Recent werd bekendgemaakt dat Graham aan prostaatkanker lijdt. In maart 2006 hield hij zijn laatste campagne op Flushing Meadows in New York. Onverwachts sprak Graham nog in juli 2006 tijdens een evangelisatiecampagne in Baltimore.

De 27 miljoen dollar kostende Billy Graham Library werd op 31 mei 2007 ingewijd. Daarbij waren, naast Graham zelf, de voormalige presidenten Jimmy Carter, George H.W. Bush en Bill Clinton aanwezig.

Ruth Graham overleed op 14 juni 2007 op 87-jarige leeftijd. Zij werd begraven naast de Billy Graham Library in hun woonplaats Charlotte, een plek die ook bestemd is als laatste rustplaats van Billy Graham.

Van de hand van Graham verscheen in 2012 nog het boek Bijna thuis (Nearing home) dat gaat over naderende levenseinde.

Billy Graham in Nederland[bewerken]

Billy Graham bezocht Nederland verschillende keren. De eerste keer was in 1946. Een Youth for Christ-team reisde door verschillende landen van het van de oorlog herstellende Europa. In Nederland had Graham een ontmoeting met verschillende kerkelijke leiders. Op 22 juni 1954 vond in het Olympisch Stadion in Amsterdam een bijeenkomst met ruim veertigduizend mensen plaats. Deze bijeenkomst werd georganiseerd door een organisatiecomité met Jan Buskes aan het hoofd. In 1955 hield Graham een meerdaagse campagne in De Kuip in Rotterdam. Later in zijn leven bezocht Graham nog verschillende malen Nederland tijdens de verschillende zendingscongressen die op zijn initiatief georganiseerd werden. De laatste keer dat hij Nederland aandeed was in 2000.[6]

Kritiek[bewerken]

Graham wordt vanuit verschillende hoeken bekritiseerd om zijn standpunten. Fundamentalistische protestanten verwijten hem te nauwe banden met de rooms-katholieke Kerk en zijn vriendschap met paus Johannes Paulus II.

Graham wordt weinig tolerantie jegens andere religies verweten. In 2002 kwamen stiekem opgenomen gesprekken met president Richard Nixon in the Oval Office openbaar. Daarin doet Graham een aantal antisemitische uitspraken.[7] Hij spreekt onder andere over de 'synagoge van Satan'. De uitspraken waren opvallend omdat bekend is dat Graham zijn leven lang Israël steunt en heeft geweigerd mee te doen bij oproepen tot bekering van de Joden. Toen deze gesprekken boven water kwamen, verontschuldigde Graham zich hiervoor en vroeg vergeving. Hij zei dat hij waarschijnlijk president Nixon naar de mond had willen praten.[8]

Boeken (selectie)[bewerken]

Een keuze uit zijn in het Nederlands vertaalde werken:

Externe links[bewerken]

Noten