Massospondylus

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Massospondylus
Status: Uitgestorven, als fossiel bekend
Massospondylus BW.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Infraklasse: Archosauromorpha
Superorde: Dinosauria (Dinosauriërs)
Orde: Saurischia
Onderorde: Sauropodomorpha
Familie: Massospondylidae
Geslacht
Massospondylus
Owen, 1854
Typesoort
Massospondylus carinatus Owen, 1854
Soorten
Afbeeldingen Massospondylus op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Massospondylus op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Massospondylus is een geslacht van vroege plantenetende dinosauriërs uit de groep van de Prosauropoda. Het geslacht leefde zo'n 200-185 miljoen jaar geleden. Vondsten zijn gedaan in Zuid-Afrika, Lesotho en Zimbabwe. Met een lengte van 4-6 meter waren het kleine vertegenwoordigers van deze groep langnekkige dinosauriërs.

De eerste soort van het geslacht, Massospondylus carinatus, werd in 1854 beschreven door Richard Owen. Hij kreeg een aantal fossiele botten uit Zuid-Afrika toegestuurd, waaronder een aantal grote wervels. De naam Massospondylus die Owen aan het dier gaf, refereert aan de grote afmetingen van de botten, het is afkomstig van het Latijnse woord massa en het Griekse woord spondulion (wervel). Owen herkende de botten overigens niet als afkomstig van een dinosauriër, pas in de twintigste eeuw werden de botten herkend als die van een vroege vertegenwoordiger van de Sauropodomorpha.

Bouw[bewerken]

Massospondylus
Massospondylus-schedel

De voorpoten van Massospondylus waren kleiner dan de achterpoten, hij had een lange staart die aan het begin dik was, en naar het einde toe steeds dunner werd. Hij had een lange nek met een opvallend kleine kop met grote ogen en neusgaten, waar niet veel ruimte overbleef voor hersenen.

De achterpoten hadden vier tenen en een gereduceerde vijfde teen. De voorpoten hadden relatief grote handen met uit elkaar staande vingers en grote klauwen aan de duimen. De schouderhoogte van een volwassen dier was ongeveer één meter.

Leefwijze[bewerken]

Er is geen zekerheid of Massospondylus op vier of op twee poten liep. Wat betreft voedsel was het waarschijnlijk een planteneter met stenen in zijn maag als hulpmiddel bij de vertering van voedsel. Mogelijk at hij vooral varens en bladeren. Ze bleven gedurende hun hele leven groeien. Gemiddeld werden ze 17 jaar oud, maar sommige exemplaren werden 70 jaar oud.

Kleine eieren[bewerken]

Er zijn verschillende fossiele eieren van Massospondylus gevonden, sommige zelfs met complete (ook gefossiliseerde) embryo's er nog in. Opvallend is dat de eieren slechts 6 centimeter lang zijn, terwijl de volwassen dieren tot 5 meter lang kunnen worden. Dat betekent dat de jongen waarschijnlijk in zeer hoog tempo groeiden. Ook de onderlinge verhoudingen van de lichaamsdelen van de embryo's en het volwassen dier verschillen. De gevonden fossiele embryo's hebben een korte staart, lange voorpoten en een grote kop. Het volwassen dier heeft juist een lange staart, korte voorpoten en een opvallend kleine kop.

Opvallend is ook het ontbreken van tanden bij de embryo's. Dat betekent dat ze zichzelf waarschijnlijk niet konden voeden, en dus door hun ouders verzorgd moesten worden.

Een juveniel

Externe links en bronnen[bewerken]