Onomatopee
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Een onomatopee of klanknabootsing is een stijlfiguur waarbij in een of meerdere woorden een geluid wordt nagedaan. De term 'onomatopee' zelf is afkomstig van het Oud-Griekse ονομα (naam) + ποιεω (ik maak). Soms wordt ook de term onomatopoësis gebruikt.
Zo kan iemand het geluid van een brullende leeuw of een piepende muis nadoen. Brullen, donderen, druppelen, fluisteren, gakken, gillen, klateren, knallen, knerpen, knetteren, knisteren, kwaken, kwekken, murmelen, piepen, plonzen, ritselen, rommelen, sissen, slurpen, spatten, tikken, tjilpen, en zoemen zijn voorbeelden van dit soort onomatopeeën.
Ook in andere talen komen onomatopeeën voor. Zo is piepen in het Latijn pipiare en in het Engels to beep. Vaak ook wordt reduplicatie toegepast; een voorbeeld uit het Turks is cırt cırt voor klittenband, evenals het Nieuwgriekse τσιρτ τσιρτ. Een opmerkelijk voorbeeld uit India is de tablataal, met voor elke slagwerkklank een eigen lettergreep.
Een koekoek heet zo omdat hij dat geluid maakt, evenals de tjiftjaf, de kievit, de oehoe en de grutto.
Ouders die hun kinderen leren spreken maken vaak gebruik van onomatopeeën voordat ze de echte woorden leren. Een toetoet is een auto, een waf of woef is een hond, een mauw is een poes. Overigens is een kat in het Chinees daadwerkelijk "māo" (貓/猫).
In de literatuur worden onomatopeeën ook toegepast:
- En dan aten we: smak, glap, slop, slok, slurp, sjiet (een kies). (Simon Vestdijk)
- Panda krulde haar lippen en liet de lollie haar mond inglijden. Toen er weer uit. En er weer in. Slip-slup. Sliep-slap. Sliep-sloep. (Remco Campert)
- Het galopperende paard in: "Quádrupedánte putrém sonitú quatit úngula cámpum" (Vergilius, Aeneïs 8, vers 596)
- De Lycische boeren nadat ze veranderd zijn in kwakende kikkers: "Quámvis sínt sub aquá, sub aquá maledícere témptant" (Ovidius, Metamorphoses 6, vers 376)
Er zijn ook technische termen die als onomatopee kunnen worden aangemerkt, zoals de hifi-termen jitter, wow en flutter.
[bewerken] Strip
De bekendste toepassing van de onomatopee vindt men in het stripverhaal. Veel striptekenaars zoeken naar zo origineel mogelijke vormen.
- Blerk (als er iets valt bij De familie Doorzon, eigenlijk in alle strips van Gerrit de Jager)
- Reldekedel (idem, bij De Generaal van Peter de Smet - behalve bij het gebruik van de splinterbom, deze klinkt als splinterdesplint)
- Knots (als Suske en Wiske tegen elkaar aan botsen)
- Blab (geluid dat de Teletijdmachine van Professor Barabas maakt)
- TSJRRRRAAAAAAKKKKK (Asterix en zijn dorpsgenoten die de Romeinen aanvallen)
- VROAAA (geluid van de raceauto's in de strip Michel Vaillant)
- VRÔÔÔÔT (geluid van een scheet in de strips van Urbanus)
- BRATATA (geluid van een machinegeweer in henry's dagboek)

