Pieter Coecke van Aelst
| Pieter Coecke van Aelst | ||||
| Hieronymus Wierix. Portret van Pieter Coecke van Aelst. Gravure. | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | 14 augustus 1502, Aalst ( |
|||
| Overleden | Brussel, 6 december 1550, Brussel ( |
|||
| Beroep(en) | architect, beeldhouwer, prentkunstenaar, schilder, auteur, tekenaar | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Jaren actief | 1517-1550 | |||
| Stijl(en) | Renaissance | |||
|
||||
Pieter Coecke van Aelst (Aalst, 14 augustus 1502 - Brussel, 6 december 1550) was een Vlaams architect, beeldhouwer, prentkunstenaar, schilder, auteur en tekenaar. Ook ontwierp hij wandtapijten en werkte hij met gebrandschilderd glas.
Levensloop [bewerken]
Hij was van 1517 tot 1521 leerling van Bernard van Orley in Brussel en verbleef midden jaren '20 enige tijd in Italië waar hij kennis maakte met de Italiaanse renaissancekunst. In 1527 werd hij lid van het Antwerpse Sint-Lucasgilde en in 1533 vertrok hij voor een jaar naar Constantinopel in een mislukte poging zakenrelaties te verwerven voor zijn tapijten.
Coecke zette in 1544 een atelier op in Brussel; daar maakte hij o.a. zijn schilderijen, prenten en tapijten. Pieter Brueghel de Oude was een gezel in dit atelier en trouwde in 1563 Van Aelsts dochter Maycken. Andere leerlingen waren Willem Key en Nicolas de Neufchâtel, en zijn zonen Pieter II, Michiel en Pauwels.
Coecke heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan het verspreiden van de Renaissance naar het Noorden met zijn werken maar ook door zijn boeken. Hij vertaalde Sebastiano Serlio's Architettura dat in 1539 werd gepubliceerd. Hans Vredeman de Vries fungeerde als zijn heraut.
Coecke was vlak voor zijn dood nog korte tijd hofschilder van keizer Karel V.
Werk [bewerken]
Van Coecke zijn onder meer historiestukken, genrestukken en portretten bekend. Veel van zijn werken werden vernietigd tijdens de beeldenstorm en er zijn nu nog weinig werken van hem bekend.
Ook aan hem toegeschreven is het ontwerp van een serie tapijten met voorstellingen die geïnspireerd zijn op werk van de Bossche schilder Jheronimus Bosch, die een generatie voor hem leefde.[1] Deze serie werd uitgevoerd door een onbekend Brussels atelier en is te herkennen aan het classicistisch kader waarin de voorstellingen geplaatst zijn. De serie moet ontworpen zijn voor 1542, want dat jaar worden vijf tapijten ‘des devys de Hieronyme’ genoemd in de verzameling van Frans I van Frankrijk.[2] Na zijn dood werd de serie nog enkele keren uitgevoerd; bijvoorbeeld in 1566 voor Antoine Perrenot de Granvelle[3] en in 1567-1568 voor de hertog van Alva.[4] Omstreeks 1568 werd van Lamoraal van Egmont een Bosch-serie, waaronder De triomf van de Zeven Hoofdzonden, in beslag genomen en geschonken aan Filips II van Spanje.[4] In het Koninklijk Paleis in Madrid bevindt zich tegenwoordig voor zover bekend de meest complete verzameling wandtapijten naar Bosch.
-
Onbekend Brussels atelier - Hooiwagen - Madrid, Koninklijk Paleis
-
Het hoofd van Druon Antigoon, in het Museum aan de Stroom, vervaardigd door Pieter Coecke van Aelst in 1534-35 uit papier-maché, touw, metaal en haar
Externe link [bewerken]
|
| Zie de categorie Pieter Coecke van Aelst van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |