Edith Stein

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Teresia Benedicta van het Kruis)
Ga naar: navigatie, zoeken
Edith Stein op een Duitse postzegel (1983)
Wrocław (Breslau) 2006, huidige Ul. Nowowiejska 38:
het huis in de toenmalige Michaelisstraße, waar de familie Stein woonde
Edith-Stein-monument in Keulen
Edith Stein en Maximilian Kolbe, glas-in-lood door Alois Plum in Kassel
Reliëf van Edith Stein in Praag

Edith Stein of Teresa Benedicta van het Kruis (Breslau in Silezië, 12 oktober 1891Auschwitz-Birkenau, vermoedelijk 9 augustus 1942) was een Joods-Duitse filosofe en heiligverklaarde karmelietes.

Levensloop[bewerken]

Stein werd als jongste van elf kinderen geboren in een orthodox joodse familie. In 1904 werd ze, naar eigen zeggen onder invloed van de moderne denkers en biologische wetenschap, atheïste. Zij studeerde Duits, filosofie, psychologie en geschiedenis aan de Universiteiten van Breslau, Göttingen en Freiburg im Breisgau. Na de verdediging van haar proefschrift in 1916 op het thema Zum Problem der Einfühlung werd zij wetenschappelijk medewerkster van haar promotor Edmund Husserl in Freiburg.

De kennismaking met de autobiografie van de heilige Theresia van Ávila betekende een keerpunt in haar leven. Stein bekeerde zich tot het katholicisme, liet zich op 1 januari 1922 dopen, gaf haar assistentschap op en ging in de Palts aan het werk op een meisjesschool van de Dominicanen te Speyer.

In 1932 verhuisde ze naar het Instituut voor Pedagogiek in Münster, waar ze intensief de kerkleraar Thomas van Aquino bestudeerde. Op 15 april 1934 trad zij in bij de orde van de Ongeschoeide Karmelietessen in Keulen en nam de kloosternaam Teresa Benedicta van het Kruis aan. Twee jaar later liet ook Steins zus Rosa zich dopen.

Vervolging[bewerken]

Als raciaal geclassificeerde Jodin viel Stein onder het Berufsverbot en moest zij haar baan in Münster opgeven.

In een brief aan paus Pius XI vroeg zij hem het nationaalsocialisme te veroordelen. Volgens het persbureau ZENIT was dat ook wat de pauselijke nuntius in Duitsland was opgedragen te doen door Eugenio Pacelli, de latere paus Pius XII, in een brief van 4 april 1933. Drie dagen daarvoor werden echter nog hulpverzoeken van Duitse burgers afgewezen. Kort daarvoor hadden de nationaalsocialisten tot een boycot van joodse winkels opgeroepen als wraak voor een joods-Amerikaanse oproep tot boycot van Duitse goederen wegens de benoeming van Hitler tot rijkskanselier.

Stein ging in 1938 naar een klooster in het Nederlandse Echt in een poging zo aan de Jodenvervolging te ontsnappen. Een jaar later volgde ook haar zus Rosa. Twee jaar na Duitse bezetting van Nederland werden beiden op 2 augustus 1942 opgepakt door de Gestapo en naar Auschwitz gedeporteerd. Deze actie van de Gestapo paste in een landelijke vergeldingsactie na een herderlijk schrijven van 20 juli 1942 van de gezamenlijke bisschoppen van Nederland, waarin ze de deportatie van Joden aanklaagden. Een paar dagen later, op 9 augustus, werden de twee zusters in de gaskamer omgebracht.

Men zegt dat Stein de kans om vanuit Echt naar Zwitserland te ontsnappen heeft laten schieten omdat zij haar zus Rosa niet mee zou kunnen nemen.

Heiligverklaring[bewerken]

Op 1 mei 1987 werd zij door Paus Johannes Paulus II zaligverklaard in Keulen en op 11 oktober 1998 heilig. De paus typeerde haar als: Dochter van Israël en trouwe Dochter van de Kerk. Zij geldt samen met Catharina van Siena en Birgitta van Zweden als beschermheiligen van Europa. Haar kerkelijke feestdag is 9 augustus.

Vernoemingen[bewerken]

Prijs[bewerken]

De Edith-Stein-Prijs waarmee een geldbedrag van € 5000,- en een medaille gemoeid zijn, wordt sinds 1995 tweejaarlijks toegekend

Bibliografie[bewerken]

  • Zum Problem der Einfühlung (dissertatie) Halle, 1917
  • Potenz und Akt (Habilitationsschrift), 1931
  • Endliches und ewiges Sein, 1937, postuum: Herder Verlag, Freiburg im Breisgau, 1950
  • Kreuzeswissenschaft. Studie über Johannes vom Kreuz, postuum: Herder Verlag, Freiburg im Breisgau, 2003

Externe links[bewerken]