1830-1839

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De jaren 1830-1839 (van de christelijke jaartelling) zijn een decennium in de 19e eeuw.

Belangrijke gebeurtenissen[bewerken]

Europa[bewerken]

Lage Landen[bewerken]

  • 1831 : Leopold I legt de eed af en wordt de eerste koning der Belgen.
  • 1831 : Tiendaagse Veldtocht. Nederland probeert de opstand alsnog te onderdrukken, maar als Engeland en Frankrijk een ultimatum stellen, moet Nederland zich terugtrekken. In de Volhardingspolitiek weigert Nederland lange tijd om zich bij de afscheiding van België neer te leggen. Maar in de loop van de jaren gaat de discussie steeds meer over de voorwaarden van de scheiding. Hoe wordt de staatsschuld verdeeld? Wat wordt de grens?
  • 1832 : Koning Leopold huwt in Engeland met Louise Marie van Orléans, oudste dochter van de Franse koning Louis-Philippe.
  • 1832 : Beleg van Antwerpen. Met steun van de Fransen moeten de Nederlanders Antwerpen verlaten, de Sluiting van de Schelde is terug van toepassing.
  • Afscheiding van 1834: Na de schorsing van de dominee van Ulrum Hendrik de Cock scheiden de gereformeerden zich af van de Hervormde Kerk. De regering probeert de alternatieve diensten te voorkomen door het samenscholingsverbod uit de napoleontische tijd weer uit de kast te halen. Maar de eenheid van de protestanten in Nederland is voltooid verleden tijd.
  • 1835 : Eerste Belgische treinrit. België is de tweede industriële macht van Europa geworden, na het Verenigd Koninkrijk. De Belgische textielindustrie verliest door de afscheiding haar afzetmarkt in Nederlands-Indië. Een aantal fabrieken verruilt het onafhankelijke België voor de omgeving van Haarlem, Gemert en de Achterhoek (Bredevoort en Aalten).
  • 1839 : Verdrag van Londen. Willem I der Nederlanden erkent het Koninkrijk België. Limburg is tussen 1830 en 1839 in Belgische handen, op de vestingen Maastricht en Mook na. In 1839 wordt het hertogdom Limburg gesticht. De facto is Limburg dan een Nederlandse provincie. De voortdurende mobilisatie van het leger brengt Nederland op de rand van een staatsbankroet. Internationaal raakt de regering van Willem I in een isolement.

Ottomaanse Rijk[bewerken]

  • 1830 : Begin van de Franse verovering van Algerije.
  • 1831 : Oprichting van het Frans Vreemdelingenlegioen.
  • 1832 : Abd al-Kader begint een guerrillaoorlog tegen het koloniaal bestuur.
  • 1832 : Slag bij Konya. De Wadi Mohammed Ali van Egypte verovert Palestina en Syrië, waar hij een modern, centraal bestuur instelt. Mohammed Ali komt in opstand tegen de Osmaanse Sultan, die hem niet wil belonen voor zijn steun bij het onderdrukken van de Griekse opstand. Christenen en joden krijgen meer rechten.
  • 1834 : Beleg van Al-Karak. Er breekt een opstand uit de moslimbevolking, de minderheden worden beschouwd als "collaborateurs".
  • 1839-1841 : Tweede Egyptisch-Ottomaanse Oorlog. De Ottomanen proberen de Levant te heroveren.
  • 1839 : Begin van het Tanzimaat. Christenen en joden zullen voortaan aanspraak hebben op dezelfde behandeling door de overheid en de justitie. Belastinghervorming en dienstplicht moeten een einde maken aan willekeur. De hervormingen worden tegengewerkt vanuit de top van het regeringsapparaat.

Kolonialisme en slavenhandel[bewerken]

Afrika[bewerken]

Amerika[bewerken]

Azië[bewerken]

Economie[bewerken]

  • 1831 : Willem de Clercq wordt directeur van de Nederlandse Handelmaatschappij. Onder zijn beleid de textielfabrieken verplaatst van Haarlem en Leiden naar Twente, waar de boerenbevolking dankzij haar huisnijverheid over enige technische kennis beschikt. Hij weet tijdens een bijeenkomst in Hengelo de Engelse katoenfabrikant Thomas Ainsworth ertoe te bewegen de Twentse bevolking het gebruik van nieuwe Engelse machines zoals de snelschietspoel aan te leren. Op zijn raad wordt in Goor een weefschool gesticht met dependances elders in Twente. In korte tijd komt het arme Twente tot enige welvaart. In Brabant, met name Tilburg en Helmond, bloeien op die manier ook fabrieken van katoenen en wollen stoffen op. De handel in textiel is noodzakelijk om te voorkomen dat de Britten binnen korte tijd de Indische markt zullen heroveren.
  • 1834 : Oprichting van de Sphinxfabrieken. Gedwongen door het economisch isolement waarin Maastricht na de Belgische Opstand is terechtgekomen en het importverbod op Belgische producten dat door de Nederlandse regering is ingesteld, vestigt Petrus Laurentius Regout in korte tijd een industrieel imperium aan de Boschstraat. Hij koopt hij een stoommachine en ronselt slijpers uit Wallonië en Frankrijk, waarmee hij een kristalslijperij begint. In 1834 sticht hij een spijkerfabriek, in 1836 een aardewerkfabriek en in 1838 een glasblazerij. Daarna volgen een geweerfabriek, een gasfabriek en diverse toeleverende bedrijven. Maastricht wordt daarmee de eerste Nederlandse industriestad.
  • 1837 : Paniek op de beurs in de VS.
Medisch
  • Veel militairen keren besmet met pokken terug van het Belgisch front naar het militaire hospitaal in Utrecht. Van uit Utrecht gaat de verspreiding naar de andere grote steden Amsterdam, Rotterdam, Den Haag met honderden pokkengevallen. Dat is 20 jaar na het begin van grootscheepse inentingscampagnes; het immuunproces is ook onder reeds eerder gevaccineerden zodanig afgenomen dat ze opnieuw voor het pokkenvirus vatbaar blijken te zijn.
  • Een cholera-epidemie die in 1817 in Brits-Indië is uitgebroken, bereikt in 1831 Europa. In Nederland overlijden tot 1833 5000 mensen aan de ziekte, vooral in Scheveningen en omgeving.
Het corioliseffect zichtbaar bij de orkaan Elena
Wetenschap en techniek
Innovatie
Spoorwegen
Kunst en cultuur
  • De componist Giacomo Meyerbeer en zijn librettist Eugène Scribe winnen Parijs en heel Europa voor zich met opera's als Les Huguenots.
Mode
  • Dames uit de hoogste kringen dragen op hun bals en partijtjes een "ferronière", een dun gouden kettinkje rond het hoofd, met op het voorhoofd een juweel. Zowel het verschijnsel als de naam zijn ontleend aan het laat-15e-eeuwse schilderij La Belle Ferronière van Leonardo da Vinci.