Goor

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Goor
Plaats in Nederland Vlag van Nederland
Vlag van Goor Wapen van Goor
(Details) (Details)
Goor
Goor
Situering
Provincie Vlag Overijssel Overijssel
Gemeente Vlag Hof van Twente Hof van Twente
Coördinaten 52° 13' NB, 6° 35' OL
Algemeen
Inwoners 12.430 (01-01-2012)
Naam inwoners Gorenaren
- Bijnaam Het Twentse Haagje (stad)
Meerpoet'n (inwoners)
Portaal  Portaalicoon   Nederland

Goor is een stad en hoofdplaats in de Overijsselse gemeente Hof van Twente (Nederland). Tot de gemeentelijke herindeling op 1 januari 2001 was Goor een zelfstandige gemeente in de streek Twente. Goor had op 1 januari 2012 12.430 inwoners en is binnen de gemeente Hof van Twente de grootste kern.

De bevolking bestond vroeger voornamelijk uit oude inheemse families en de nakomelingen van de rond Goor wonende boerenfamilies. Sinds de vestiging van de textielindustrie in de 19e eeuw en de Eternit-fabriek in de jaren '30 is Goor aanzienlijk gegroeid en is de bevolking aangevuld door nieuwe inwoners uit Drenthe en andere delen van Nederland. Sinds de jaren 60 kent Goor ook een kleine gemeenschap van mensen van Turkse afkomst.

Geschiedenis[bewerken]

De naam Goor is een Middelnederlands woord voor moeras of plaats in drassig laagland.[1] In de loop van de eeuwen is de stad onder de varianten Gore, Ghoer, Ghoor en tenslotte Goor gedocumenteerd geworden. De eerste vermelding is tijdens de regering van bisschop Bernold van Utrecht, tussen 1027 en 1054, als deze oorkondt dat de edelman Adolfus met toestemming van zijn erfgename Wicburga zijn goederen in het graafschap Twente aan de Sint-Maartenskerk heeft overgedragen.[2]
Goor verwierf in 1263 stadsrechten van bisschop Hendrik I van Vianden van Utrecht, de territoriale heerser over het Oversticht (het latere Overijssel). In 1273 had de stad een gedocumenteerde plebanus (pastoor met volmachten) en dus een parochiekerk. Het stadje fungeerde tijdens de Middeleeuwen een tijdlang als centrum voor het bestuur van de landstreek Twente (drostambt Twente). Onder meer de drost van Twente resideerde er. In 1560 vervaardigde Jacobus van Deventer een kaart van Overijssel, waarin de stadsplattegrond van Goor een belangrijk plaats innam. In 1581 probeerden de Staatsen tevergeefs de stad in te nemen tijdens de Slag om Goor.

Gezicht op Goor binnenkomende vanuit de rijrichting Markelo-Rijssen.

Goor ging tijdens de Reformatie en de Tachtigjarige Oorlog over naar het protestantisme. De oorspronkelijke rooms-katholieke kerk werd protestants nadat Goor tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621) onverwacht overging van de kant van de Spanjaarden naar die van de Staatse Troepen onder leiding van Maurits van Oranje. Door de oorlogswoelingen en de overgang naar het protestantisme verloor de Goorse parochiekerk Sint-Petrus (huidige Hofkerk) haar oorspronkelijke katholieke kunst en karakter. In 1647 ging waarschijnlijk bij de stadsbrand tevens op het Schild, een burchtheuvel, een kleinere capella (kapel) verloren.[1] Verder werd de parochiekerk deels vernield door Spaans geschut.

De Hofkerk (PKN) aan de Kerkstraat.
Rooms-katholieke parochiekerk H.H. Petrus en Paulus.

In het westen van Twente stapte onder invloed van de adel een aanzienlijk deel van de bevolking over naar het protestantisme, in de overige delen van Twente behield men de rooms-katholieke religie. Goor werd in tegenstelling tot grote delen van Twente (Hengelo, Oldenzaal) bevolkt door een meerderheid van protestanten. De nabij Goor gelegen havezate Heeckeren, eigendom van een van de weinige katholiek gebleven edelen, fungeerde lang als schuilkapel voor de geringe rooms-katholieke gemeenschap, aan wie de publieke uitoefening van de godsdienst verboden was door de calvinistische overheden. Priesters uit het prinsbisdom Münster trokken vermomd als marskramers rond in de landstreken aan de grens. De nabijgelegen katholieke buurtschappen Zeldam en Wiene zouden later voor een langzame toename van het aantal katholieken in Goor zorgen. Als gevolg hiervan werd in Goor een katholieke gemeenschap opgericht die in 1811 een kleine kerk in gebruik kon nemen en later een eigen grote parochiekerk bouwde; eind 19e eeuw kon tevens aan de Iependijk een parochieel kerkhof aangelegd ingewijd worden. Rond 1900 kwam in de havezate een klooster van de zusters Dominicanessen tot stand, vanwaar een grote impuls voor het lokaal katholiek onderwijs zou uitgaan. Eind 20e eeuw verlieten de zusters het klooster.

Goor vervulde een belangrijke rol in de regio. Lange tijd waren justitie en douane er gevestigd en Goor bezat een levendige haven aan de rivier de Regge. In 1833 richtte Thomas Ainsworth in Goor de eerste weefschool op. Tot de jaren '60 bloeide de textielindustrie in Goor en voorzag Goor en wijde omgeving van werk. Deze industrietak was vrijwel geheel in handen van de familie Jannink (Fa. Jannink Arntzenius & Co.). Het Goors textielcomplex aan de Stationslaan werd door een brand in 1962 geheel vernietigd. Enige jaren later zou het bouwrijp gemaakt worden en sedert medio jaren '80 verrees er langzaamaan een woonwijk op (Het Jannink).

Langs Goor loopt sinds 1936 het Twentekanaal, oorspronkelijk Twente-Rijn-kanaal genoemd, dat aanleiding gaf tot de vestiging van de fabrieken van Eternit.

Goor kende begin 20e eeuw een landelijk bekende gemeentepolitiek. De in Goor dominante linkse Sociaaldemocratische Arbeiderspartij lag herhaaldelijk in conflict met de markante Joodse gemeentepoliticus Abraham Lobstein.

Begin 20e eeuw werd in Goor aan de Schoolstraat een nieuwe synagoge gebouwd. De Joodse gemeenschap in Goor was sterk aanwezig. De historische Joodse begraafplaats aan de Molenstraat dateert uit 1720. Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd een groot deel van hen gedeporteerd, hoewel relatief velen konden onderduiken bij boeren in de omgeving van Goor; 62,5 % van de Goorse joden overleefden de onderduiktijd of concentratiekamp.[3]

Op 24 maart 1945 werd het centrum van Goor weggevaagd door een geallieerd bombardement. Goor was een doorvoerplaats van de Duitse bezetter. Bij de aanval werden munitiedepots geraakt, 82 burgers en enkele Duitse soldaten vonden de dood. Eind jaren 40 werd het centrum van het stadje herbouwd, waarbij ook ruimte werd geschapen voor het snelverkeer. Jarenlang - tot de aanleg van de A1 in de jaren zeventig - zou de autosnelweg E8 door het hart van Goor lopen, waarbij geregeld verkeersslachtoffers vielen.

In 2013 vierde Goor haar 750-jarige bestaan als stad. Koning Willem-Alexander en koningin Maxima bezochten in dat jaar de plaats.

Economie en infrastructuur[bewerken]

Eternit[bewerken]

In Goor is de asbest verwerkende Eternit-fabriek gevestigd. De aanwezigheid van deze fabrikant van dakbedekking en andere bouwmaterialen heeft er toe geleid dat in en om Goor veel asbestvervuiling aanwezig is, met alle ernstige ziektegevallen van dien. Bij het bedrijf kon men lange tijd gratis asbestafval afhalen om bijvoorbeeld te gebruiken voor het verharden van erven en landwegen. Eind 20e eeuw is men begonnen met de sanering van deze wegen.

Voorzieningen[bewerken]

Perron van station Goor, zicht richting Delden. Links medisch centrum De Oliphant

Het stadje heeft een eigen treinstation -Station Goor- met aanpalend een busstation. Vanuit hier vertrekken de buslijnen 91 richting Almelo en Holten, lijn 95 naar Borculo, lijn 97 door Goor naar Haaksbergen en lijn 99 naar scholengemeenschap Twickel te Hengelo. In het station is de VVV gevestigd. Er is een openbare middelbare school, De Waerdenborch, en verder is er een ruime keuze uit zowel confessioneel als openbaar basisonderwijs. Culturele evenementen vinden plaats in het Verenigings- en Evenementencentrum (VEC) De Reggehof. In Goor bevindt zich ook het gemeentehuis voor de gehele Gemeente Hof van Twente. Goor telt drie voetbalverenigingen naargelang de zuilen, namelijk de vroeger socialistische SV Hector, de van oorsprong rooms-katholieke club vv Twenthe, en de oudste voetbalclub van Goor, GFC. De hockeyclub GMHC (Goorse Mixed Hockey Club) werd opgericht in 1960 en is de enige hockeyclub in de Hof van Twente.

Goor telt 5 supermarkten, te weten: Albert Hein Brandenbarg, Aldi, Lidl, Emté (voorheen Sanders) en Jumbo Leussink.

Cultuur[bewerken]

Bezienswaardigheden[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Lijst van rijksmonumenten in Goor voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
de Braakmolen

In Goor zijn het Goorse klompenmuseum en het Goors Historisch Museum gevestigd. Bezienswaardig zijn de Braakmolen, de gerestaureerde toren van de protestantse Hofkerk en het enorme gietijzeren grafmonument van Thomas Ainsworth op oude gemeentelijke begraafplaats aan de Laarstraat - Herman Heijermansstraat. Op de Algemene Begraafplaats aan de Twikkelerweg is nog een uniek aantal van 35 zogenoemde graftrommels aanwezig.

De PKN Hofkerk is een in oorsprong gotische kerk met een sterk verbouwd, witgepleisterd schip.

De rooms-katholieke parochiekerk van de H.H. Petrus en Paulus[4] bevindt zich buiten het centrum en dateert van 1894. De neogotische kerk werd ontworpen door J.W. Boerbooms. Vanuit deze kerk werd in 1971 prinses Armgard von Sierstorpff-Cramm - moeder van Prins Bernhard - na een plechtig requiem ter aarde besteld onder grote publieke belangstelling vanwege de aanwezigheid van vrijwel alle leden van het Koninklijk Huis.

Goor is gelegen in een omgeving met pittoreske dorpjes, landbouwgronden, bossen, kastelen en havezaten, zoals het voormalige klooster Huis Heeckeren en het kasteel Weldam. Rond Goor bevinden zich dan ook talrijke campings en recreatiegelegenheden; deze zijn echter voornamelijk in de voormalige gemeenten Diepenheim en Markelo gelegen.

Evenement[bewerken]

Het belangrijkste jaarlijkse feest in Goor is het School- en Volksfeest, dat door mensen van buiten Goor wel eens "Goors carnaval" wordt genoemd. Dit feest ontstond in 1875 op initiatief van de Goorse scholen en de gemeente. Bij dit jaarlijkse festijn, dat altijd in het laatste volle weekeinde van juni plaatsvindt, wordt drie tot vier dagen lang stevig gedronken in de Teènte, een grote tijdelijke feesttent op de zogenaamde "Schoolfeestweide", midden in Goor. Naast de kermis vormt vooral de in geheel Twente bekende Goorsche allegorische Optocht op zondagmiddag het klapstuk van dit feest. Daarbij trekken vele wagens en verklede groepen langs een vastgelegde route door Goor. De bekendste groep die al sinds begin jaren vijftig meedoet, is de zogenaamde Rellie, een groep die met grote wagens, vreemdsoortige tweewielers en veel lawaai de optocht afsluiten.

Media[bewerken]

Goor heeft een eigen lokale omroep, respectievelijk Hofstreek Omroep. Er wordt lokale radio gemaakt, en een enkele keer een lokaal tv-programma. Daarnaast kent Goor ook een eigen nieuwssite[5]

Bekende Gorenaren[bewerken]

Plein voor de r.k. parochiekerk van Goor op 30 april 1971 voorafgaand aan het Requiem voor Prinses Armgard zur Lippe-Biesterfeld.

Geboren in Goor[bewerken]

Woonachtig of gewoond in Goor[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

  1. a b G.J. Geerts, 'Goor, de oude en de nieuwe stad' in Overijsselse Historische Bijdragen, 105e stuk, Zwolle, 1990, p.7-13
  2. G.J. Ter Kuile, 'Bijdragen tot een oorkondenboek van Overijssel. III Regesten 751-1200 C. 1021-1110' in Bijdragen en mededeelingen van de Vereeniging tot Beoefening van Overijsselsch Regt en Geschiedenis, 56e stuk, Deventer, 1940, p.20-22
  3. M. Croes & Tammes, T. (2004) 'Gif laten wij niet voortbestaan.' Een onderzoek naar de overlevingskans van joden in Nederlandse gemeenten. NWO: Groningen., p. 40
  4. RK HH Petrus en Pauluskerk Goor
  5. goorsnieuws.nl