Hertogdom Kleef

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hertogdom Kleef
Personele unie met Mark 1391-1461,
met Gulik, Berg en Ravensberg 1511-1795,
met Gelre en Zutphen 1538-'43
Vanaf 1666 in bezit van Brandenburg/Pruisen
 Graafschap Kleef
 Graafschap Mark
 Heerlijkheid Ravenstein
1417 – 1795 Groothertogdom Berg 
Roer (departement) 
Wapen Kleef-Mark 1368-1521
(Details)
Kaart
±1350
±1350
Algemene gegevens
Hoofdstad Kleef
Talen Nederfrankisch, Nedersaksisch
Religie(s) Rooms-katholicisme, lutheranisme, calvinisme
Regering
Regeringsvorm Hertogdom
Dynastie Huis Kleef (11e eeuw-1368)
Huis van der Mark (1368-1609)
Staatshoofd Hertog

Kleef (Duits: Herzogtum Kleve) was een hertogdom in de Nederrijns-Westfaalse Kreits, gelegen aan beide kanten van de Rijn, tussen het prinsbisdom Münster, de abdij Essen, en de hertogdommen Berg, Brabant, Gelre en Gulik. Het hertogdom omvatte ongeveer de huidige districten Kleef, Wesel en de stad Duisburg alsmede in Nederland een deel van de Liemers, Huissen, Malburgen en de Kleefse Waard in het zuidoosten van Gelderland en Mook in het uiterste noorden van Limburg. Hoofdstad was de gelijknamige stad Kleef.

In Kleef en omstreken wordt (met name door ouderen) het Kleverlands gesproken, een Nederfrankisch dialect.[1]

Geschiedenis[bewerken]

Omstreeks 1020 stichtte keizer Hendrik II het graafschap Kleef. Mogelijk waren de graven tot de elfde eeuw ook graaf van Teisterbant, dat vervolgens aan het prinsbisdom Utrecht viel.

De kern van het oorspronkelijke graafschap bestond uit Kleef, Kalkar en Monreberg. Later werd het gebied uitgebreid ten koste van het keurvorstendom Keulen. In de dertiende eeuw breidde het bezit zich uit op de rechter Rijnoever (Wezel, Duisburg, de heerlijkheid Dinslaken). In de veertiende eeuw kwam daar Emmerik bij.

Kleef-Mark[bewerken]

Na het uitsterven van de graven van Kleef in 1368 kwam het graafschap ten gevolge van het huwelijk van Margaretha van Kleef met graaf Adolf II van der Mark aan hun zoon Adolf III. Na de dood van zijn oudere broer Engelbert III in 1391 werden Kleef en Mark in personele unie verenigd. In 1461 werden beide gebieden ook bestuurlijk verenigd.

In 1417 werd het graafschap Kleef tot hertogdom verheven. Tijdens de Soester Twist (1444-1449) werd Xanten verworven van het keurvorstendom Keulen.

Kleef-Gulik-Berg[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Verenigde Hertogdommen Gulik-Kleef-Berg voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Ten gevolge van het huwelijk van hertog Johan III van Kleef met hertogin Maria van Gulik-Berg, dochter van Willem II van Gulik-Berg, kwamen in 1511 ook het hertogdom Gulik, het hertogdom Berg en het graafschap Ravensberg in personele unie met Kleef en Mark. Het land ging al vroeg tot het Lutheranisme over en later gedeeltelijk tot het Calvinisme. De meerderheid bleef echter Rooms-katholiek.

Na de dood van Karel van Gelre in 1539 werd de Kleefse hertog tevens hertog van Gelre en graaf van Zutphen. Hiermee was een uitgestrekte staat aan de Neder-Rijn ontstaan.

Na de Gelderse Oorlogen moest Kleef in 1543 Gelre en Zutphen afstaan aan keizer Karel V.

Kleefse erfstrijd[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Gulik-Kleefse Successieoorlog voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Hertog Johan Willem stierf in 1609 zonder erfgenamen. Verschillende vorstenhuizen maakten aanspraak op zijn landen (Kleef, Gulik, Berg, Mark, Ravensberg en de heerlijkheid Ravenstein). Dit leidde ertoe dat Kleef en Mark in handen kwam van de keurvorsten van Brandenburg (in 1609, definitief in 1666). In 1635 werd Kleef veroverd door de Spanjaarden, maar een jaar later heroverd door de Republiek.

Onder Pruisen[bewerken]

De Verenigde Provinciën behield tot 1672 een garnizoen in Kleef. In 1701 werd de stad Pruisisch bezit, als voortzetting van Brandenburg. Ook na de Pruisische annexatie bleef het Nederlands de officiële taal van bestuur, onderwijs en kerk. Pas in 1739 moest de correspondentie met Berlijn in het Hoogduits gevoerd worden.[1] Pruisen bleef, met een korte onderbreking van 1757 tot 1762, heerser over Kleef.

Franse tijd[bewerken]

In 1795 werd de hele Westelijke Rijnoever geannexeerd door Frankrijk. Pruisen erkende deze annexatie in de Vrede van Bazel. Het hertogdom Kleef ging op in de Cisrheniaanse republiek.

Op 15 december 1805 doet Pruisen in een geheim verdrag met Frankrijk te Schönbrunn afstand van het hertogdom aan Frankrijk. De exclaves bij Arnhem werden door Frankrijk aan de Bataafse Republiek overgedragen, het ging hierbij om Zevenaar, Huissen en Malburgen.

Op 30-3-1806 stond Napoleon het hertogdom Berg en het op de oostelijke oever van de Rijn gelegen deel van het hertogdom Kleef bij decreet af aan zijn zwager Joachim Murat. Deze ging de titel voeren van hertog van Kleef en hertog van Berg. Deze gebieden vormden daarmee de kern van het latere groothertogdom Berg.

Restauratie[bewerken]

Na de val van Napoleon en het congres van Wenen werd in 1813 het Pruisische gezag over Kleef hersteld. Mede om een mogelijke invloed van het nieuwe Verenigd Koninkrijk der Nederlanden tegen te gaan werd het gebruik van het Nederlands ingeperkt, en werd het Duits de officiële taal van bestuur en scholing. Kleef deelde de verdere geschiedenis met Pruisen, en maakt thans deel uit van de Bondsrepubliek Duitsland.

Bestuurlijke indeling[bewerken]

  • De stedenkreis ten westen van de Rijn, nederwaarts: de steden Kleef, Emmerik, Kranenburg, Zevenaar, Huissen, Gennep, Griethausen en Goch.
  • De stedenkreis ten westen van de Rijn, bovenwaarts: de steden Xanten, Orsoy, Kalkar, Sonsbeck, Uedem, Büderich, Kervenheim en Grieth.
  • De stedenkreis ten oosten van de Rijn: de steden Wesel, Duisburg, Rees, Dinslaken, Ruhrort, Schermbeck, Holten en Isselburg.
  • De landsraadkreis Kleef:
    • de rechterambten Kleef, Kleveham, Kalkar, Grieth, Goch, Asperden, Gennep, Kranenburg, Duiffeld, Uedem, Sonsbeck, Schravelen.
    • de jurisdicties Huisberden, Halt, Hennepel, Niedermörmter, Moyland, Till, Heyen, Mook, Kessel en Mörmter
    • de adellijke heerlijkheden Appeldorn, Wees, Zyfflich-Wyler en Wissen
  • De landraadkreis Wesel:
    • de rechterambten Wesel, Brünen, Bislich, Büderich, Wallach, Xanten, Winnenthal, Dinslaken, Gotteswickerham, Spellen, Holten, Beeck en Schermbeck
    • de adellijke heerlijkheden Hammikel, Meyderich, Diersfort, Gahlen, Bühl, Hünke, Voerde, Haffen, Mehr, Borth en Veen met de vrijheid Winnenthal.
  • De landraadkreis Emmerik:
    • de ambten Emmerik, Lobith, Rees, Hetter, Grieterbusch, Liemers, Huissen en Malburg
    • de jurisdicties Millen en Hurl, Sonsfeld, Halderden, Offenberg, Bienen, Weel, Hüllhasuen en Groin

zie ook Wapen van Gulik-Kleef-Berg

Heersers van Kleef[bewerken]

Nuvola single chevron right.svg Zie Lijst van heersers van Kleef voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Huis Kleef[bewerken]

Huis van der Mark[bewerken]

V.l.n.r. de hertogen Adolf IV, Jan I, Jan II, Jan III, Willem V en Johan Willem

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen