Koninkrijk Granada

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
ليهود
Garnat Al-Yahud
 Almoraviden 1238 — 1492 Kroon van Castilië 
Kaart

Afbeelding:LocationGranada.png
(1480)

Algemene gegevens
Hoofdstad Granada
Oppervlakte 24 000 km²
Talen Arabisch en Spaans
Religie(s) Islam en Rooms-Katholiek
Regering
Regeringsvorm Monarchie
- 1492
Het Alhambra, paleis van de Nasriden
Het Alhambra, paleis van de Nasriden


Granada of het Koninkrijk Granada was een Moors koninkrijk dat van 1238 tot 1492 het zuiden van het huidige Spanje besloeg. Deze regio was al in 711 door de Moren veroverd op de West-Goten en het zou eerst deel uitmaken van het Emiraat van Córdoba dat in 929 tot Kalifaat werd verheven. Na het ineenstorten van de Kalifaat werd de Taifa van Granada gesticht in 1013 totdat deze in 1091 door de Almoraviden werd veroverd. Na het vertrek van de Almoraviden 150 jaar later werd Granada eindelijk weer onafhankelijk en in 1238 werd het Koninkrijk Granada gesticht door Mohammed I ibn Nasr. De hoofdstad was het gelijknamige Granada. Voertaal was voor zowel joden als moslims het Arabisch.

[bewerk] Geschiedenis

Vanaf het begin tot het einde werd het koninkrijk geregeerd door de Nazari-dynastie of Nasriden en was een van de langstregerende moslimdynastieën in Al-Andalus. Deze dynastie liet in Granada het Alhambra bouwen.

In 1306 wist Mohammed III (regerend van 1302 tot 1309) Ceuta en Gibraltar te veroveren, maar dankzij interventie van Castilië en haar bondgenoten werd Granada teruggedrongen tot in 1340 een overeenkomst werd bereikt tussen de Kastiliaanse koning Ferdinand III en de Nazarische sultan Ibn al-Ahmar, hierin werd Granada min of meer een vazalstaat van de koning van Castilië. Islamitisch Granada vocht zo aan de Kastiliaanse zijde mee tegen andere rebellerende moslims.

Hoewel Granada redelijk eenvoudig in te nemen zou zijn geweest, hebben de christelijke vorsten daar waarschijnlijk lang vanaf gezien, vanwege de gunstige handel die via Granada met de islamitische wereld gedreven kon worden. Nadat Portugal een handelsroute had gevonden om goud uit Afrika te halen, verviel het nut van dit islamitische koninkrijk.

Na het huwelijk tussen Ferdinand II van Aragón en Isabella van Castilië, ook bekend als de Katholieke Majesteiten, in 1469 werden plannen gesmeed om de moslims van het schiereiland te verdrijven. Granada werd na een maandenlang beleg op 2 januari 1492 ingenomen. Boabdil, de laatste moslim-vorst had godsdienstvrijheid voor zijn onderdanen gevraagd en toegezegd gekregen. Echter, het echtpaar liet, overtuigd van hun katholieke geloof, al na 4 maanden na het vertrek van de vorst beginnen met het vervolgen van joden. Niet veel later werden ook de moslims gedwongen zich te bekeren; de Arabische taal werd verboden, evenals kenmerkende kleding en ook de islam mocht niet meer beleden worden. Joden en moslims moesten katholieke namen nemen, hun identiteit verhullen en onder dwang, in beide geloven verboden, varkensvlees gaan eten.

[bewerk] Etymologie

Over het ontstaan van de naam Granada zijn verschillende theorieën. Het kan van de naam van een lokale fruitsoort granaatappel of pomegranate komen; deze komt ook in het wapen van de stad voor. Daarnaast kan het ook van de Moorse naam Karnattah komen, dat zoveel als "heuvel van de vreemdelingen" zou betekenen.

[bewerk] Heersers

 
Persoonlijke instellingen