Notre-Dame van Parijs
| Notre-Dame van Parijs | ||||
| Westgevel van de Notre-Dame bij nacht | ||||
| Plaats | Parijs, Île de la Cité | |||
| Coördinaten | 48°51′N 2°21′E | |||
| Gebouwd in | 1345 | |||
| Restauratie(s) | 1845 | |||
| Gewijd aan | Maria | |||
| Monumentale status | Monument historique sinds 1862 Werelderfgoed sinds 1991 |
|||
| Architectuur | ||||
| Stijlperiode | Vroeggotiek | |||
| Afmeting | 130m lang 69m hoog |
|||
| Interieur | ||||
| Diverse | Drie relikwieën van Christus Orgel van Cavaillé-Coll |
|||
|
||||
De Cathédrale Notre-Dame de Paris (Onze-Lieve-Vrouwekathedraal van Parijs) is een in vroeggotische stijl opgetrokken kathedraal op het eiland in de Seine, Île de la Cité, in het centrum van Parijs.
Inhoud |
[bewerken] Toelichting
De kathedraal werd in opdracht van bisschop Maurice de Sully gebouwd in de tijd van Lodewijk VII. De eerste steen werd in 1163 door paus Alexander III geplaatst. De bouw werd in 1345 voltooid. De kerk werd op 27 februari 1805 verheven tot basiliek (basilica minor).
De Notre-Dame is 130 meter lang. De twee niet-afgebouwde torens, die een hoogte hebben van 69 meter, kunnen beklommen worden en bieden een uitzicht over de stad. De kerk was een van de eerste gebouwen ter wereld waar de luchtbogen gebruikt werden. Het originele ontwerp bevat deze bouwkundige onderdelen echter niet. Toch zijn zij toegepast rond het koor en het schip. In de gotiek werden dunne muren erg populair, deze zijn dan ook toegepast in de Notre-Dame, echter bij de bouw kwam men er achter dat deze dunne muren zonder externe steun niet overeind kunnen blijven staan, er kwamen scheuren in de muren en ze begonnen naar buiten te leunen door hun eigen gewicht. Als reactie begonnen de architecten steunen te bouwen rond de buitenmuren. Bij latere edities bleven deze steunen terugkomen.
In de kathedraal worden drie relikwieën van Christus bewaard: de doornenkroon, een stuk uit het kruis en één van de nagels waarmee Christus gekruisigd werd.
Het boek De Klokkenluider van de Notre Dame, dat Victor Hugo in 1831 schreef, gaf de Notre Dame de Paris wereldbekendheid.
Het orgel van de kerk is gebouwd door Aristide Cavaillé-Coll. Dit orgel bestaat uit meer dan 7000 pijpen. Het orgel is in de jaren 90 van de 20e eeuw compleet gerenoveerd. Van de 700 kilometer bekabeling die er werd gebruik voor de voorheen electro-pneumatische registratietechniek, is niets meer over. Het orgel in de Notre Dame is het enige orgel ter wereld waar computertechniek en orgelbouw volledig samen zijn gekomen. Er loopt 500 meter aan LAN bekabeling door het orgel om de pijpen uiteindelijk van lucht te kunnen voorzien, wat het orgel onderscheidt van andere "computergestuurde" orgels. Verder zijn door de eeuw heen de horizontale pijpen (chamades) toegevoegd aan dit prachtige instrument. Dit gebeurde al in de tijd van Pierre Cochereau (Organist Titularis t/m 1984) Dit zijn eigenlijk Spaanse trompetten die overigens op veel franse orgels terug te vinden zijn. Het orgel wordt bespeeld door 4 organist-titularissen: Olivier Latry, Philippe Lefebvre en Jean-Pierre Leguay en Thijs Sandman.
[bewerken] Restauratie door Viollet-le-Duc
De kathedraal onderging vanaf 1845 een 23 jaar durende restauratie door Eugène Viollet-le-Duc, nadat ze beschadigd werd tijdens de Franse Revolutie. Viollet-le-Duc verving de deels vernielde koningsbeelden in het voorfront door zelfontworpen beelden. Hij plaatste ook een nieuwe vieringtoren of flèche op het dak van de kathedraal. Sinds 1991 is er een nieuwe restauratie aan de gang die bijna beëindigd is.
[bewerken] Staatsbegrafenissen
Staatsbegrafenissen (Funérailles Nationales) van Fransen die vanuit de Notre-Dame zijn begraven (selectie):
- Marie François Sadi Carnot (president van Frankrijk 1887-1894) - 1894[1]
- Maurice Barrès (schrijver, politicus) - 1923
- Maarschalk Ferdinand Foch (Frans militair, held uit de Eerste Wereldoorlog - 1929
- Maarschalk Joseph Joffre (Frans militair, held uit de Eerste Wereldoorlog) - 1931
- Raymond Poincaré (president van Frankrijk 1913-1920) - 1934
- Paul Doumer (president van Frankrijk 1931-1932) - 1932[1][2]
- Maarschalk Philippe Leclerc de Hauteclocque (Frans militair, held uit de Tweede Wereldoorlog) - 1947
- Albert Lebrun (president van Frankrijk 1932-1940) - 1950
- Maarschalk Jean de Lattre de Tassigny (Frans militair, held uit de Tweede Wereldoorlog) - 1952
- Paul Claudel (schrijver, dichter en diplomaat) - 1955
- Maarschalk Alphonse Juin (Frans militair, held uit de Tweede Wereldoorlog) - 1967
- Generaal Charles de Gaulle (Frans militair, president van Frankrijk 1959-1969) - 1970[3]
- Abbé Pierre, geb. Henri Grouès (Frans geestelijke, verzetsstrijder, stichter Emmaüs-beweging) - 26 januari 2007
[bewerken] Galerij
[bewerken] Verwijzingen
- ↑ a b Vermoord
- ↑ Gevolgd door een plechtigheid in het Panthéon
- ↑ Herdenkingsdienst, de besloten begrafenis vond plaats in de Rooms-katholieke Kerk te Colombey-les-Deux-Églises
[bewerken] Bibliografie
- Pascal Tonazzi, Florilège de Notre-Dame de Paris (anthologie), Editions Arléa, Paris, 2007, ISBN 2-86959-795-9
| Zie de categorie Notre-Dame de Paris van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |
| Gotische kathedralen in Frankrijk |
|---|
|
Kathedraal van Amiens · Kathedraal van Beauvais · Kathedraal van Bourges · Kathedraal van Chartres · Kathedraal van Le Mans · Kathedraal van Meaux · Notre-Dame van Parijs · Kathedraal van Reims · Kathedraal van Rouen · Kathedraal van Straatsburg |