William Wyndham Grenville

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
William Wyndham Grenville
1e baron van Grenville
25 oktober 175912 januari 1834
1st Baron Grenville.jpg
Premier van het Verenigd Koninkrijk
Periode 1806 - 1807
Voorganger William Pitt de Jongere
Opvolger William Cavendish-Bentinck

William Wyndham Grenville (Wotton House, 25 oktober, 1759Burnham, Buckinghamshire, 12 januari, 1834), 1e baron van Grenville, was een Brits Whig-politicus en eerste minister van het Verenigd Koninkrijk van 1806 tot 1807.

Leven[bewerken]

Hij was de zoon van de eerste minister George Grenville. Grenville is een vertrouweling van de eerste minister, zijn neef William Pitt de Jongere en wordt lid van de regering als hoofd van het secretariaat voor Ierland van 1782 tot 1783, penningmeester van het leger (Paymaster of the Forces) van 1784 tot 1789 en ondervoorzitter van het handelsraad (Board of Trade) van 1786 tot 1789. In 1789 is hij korte tijd Speaker van het Britse Lagerhuis alvorens minister van binnenlandse zaken (Home Secretary) te worden (tot 1791). Hij wordt voorzitter van het Hogerhuis (1790-1801) en wordt het volgende jaar "baron" Grenville en voorzitter van de controleraad (Board of Control) van 1790 tot 1793. In 1791 wordt hij minister voor buitenlandse zaken (Foreign Secretary, tot 1801) en vervolgens auditeur van de schatkist (Auditor of the Exchequer) van 1794 tot 1834. Het decennium dat Grenville op buitenlandse zaken doorbrengt is de periode, waarin zich de oorlogen van de Franse Revolutie afspelen. Tijdens deze oorlogen is Grenville leider van de groep die een interventie op het continent verdedigt en staat hij tegenover Henry Dundas, die voorstander is van een oorlog op zee en in de koloniën. Bij het vertrek van Pitt in 1801, verliest Grenville zijn functies.

De volgende jaren zoekt hij toenadering tot de leider van de whig-oppositie, Charles James Fox, en wanneer William Pitt in 1804 opnieuw aan het hoofd van de regering komt, maakt Grenville er geen deel van uit. Na de dood van Pitt in 1806 komt Grenville aan het hoofd van de regering van alle talenten, een coalitie van aanhangers van Grenville, foxisten (aanhangers van Fox) en aanhangers van de vroegere eerste minister Lord Sidmouth. Grenville, als "First Lord of the Treasury", en Fox, op buitenlandse zaken, staan aan het hoofd van het kabinet. De neef van Grenville, William Windham, is staatssecretaris voor oorlog en koloniën, en zijn jongere broer, Thomas Grenville, korte tijd hoofd van de admiraliteit.

Deze regering verdwijnt na een jaar zonder veel te verwezenlijken, zonder vrede met Frankrijk te sluiten en de emancipatie van de katholieken te regelen (dat gebeurt pas in maart 1807). Met de afschaffing van de slavenhandel in 1807 boekte ze wel een succes.

Na de val van de regering blijft Grenville in de oppositie en behoudt hij zijn bondgenootschap met Lord Grey en de whigs. Hij geeft kritiek op Spanje en weigert, samen met Grey, deel uit te maken van de regering van Lord Liverpool in 1812. In de naoorlogse jaren zoekt Grenville enige toenadering tot de Tories, maar zonder toe te treden tot de regering. Zijn politieke carrière eindigt na een beroerte in 1823.