1570-1579

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De jaren 1570-1579 (van de christelijke jaartelling) zijn een decennium in de 16e eeuw.

Belangrijke gebeurtenissen[bewerken]

De Bartholomeusnacht
Door Giorgio Vasari

Frankrijk[bewerken]

Ottomaanse Rijk[bewerken]

Heilig Roomse Rijk[bewerken]

Spaanse Nederlanden[bewerken]

Portugese Rijk[bewerken]

Afrika[bewerken]

Amerika[bewerken]

Azië[bewerken]

  • 1579 : Het Sultanaat Bantam verovert het hele grondgebied van Soenda in West-Java. Malauna Yusuf verwoest de Soendanese hoofdstad Pakuan Pajajaran. De heilige steen (watu gigilang) die als troon van de Soendanese heersers heeft gediend, wordt meegenomen naar Bantam en daar op het koninklijke plein geplaatst om symbolisch het einde van Soenda te markeren.

Ontdekkingsreizen[bewerken]

  • 1577-1580 : De "Golden Hinde" is het schip waarmee Sir Francis Drake in 34 maanden als eerste Engelsman om de wereld zeilt. De expeditie vertrekt met vijf schepen, maar nog voor men Vuurland bereikt is er nog maar één over.

Kunst & wetenschappen[bewerken]

  • 1572 - 11 november - Tycho Brahe ontdekt een nieuwe ster in Cassiopeia (de latere Ster van Brahe) en schrijft hierover een verhandeling: De Nova Stella Anni. Er wordt een begin gemaakt met de talloze planetenwaarnemingen door Brahe waardoor Kepler ten slotte in staat is zijn befaamde wetten te vinden.
  • Michel de Montaigne trekt zich in 1572 terug op zijn voorvaderlijk kasteel en gaat de Essais schrijven. In 1580 verschijnt de eerste uitgave in twee delen.
  • De Portugese dichter Luís de Camões publiceert "Os Lusiados", een nationaal epos in tien cantos, naar de Aeneis van vergilius. De Fransman Pierre de Ronsard geeft de eerste vier boeken uit van wat zijn nationaal epos moet worden: "La Franciade", maar daar blijft het bij. Ook de Antwerpenaar Jan van der Noot begint aan een nationaal epos van het Habsburgse Europa. Zijn werk loopt vast als de Noordelijke Nederlanden de koning van Spanje afzweren (1581).
  • In zijn belangrijkste werk, Les six livres de la république (1576), stelt Jean Bodin dat de soevereiniteit van de staat de hoogste, meest absolute en tijdloze macht is. Hiermee legt Bodin de basis voor de theoretische grondslag van het absolutisme en het moderne staatsgezag. Tegenover hem staan de protestantse monarchomachen, die in hun boek Vindiciae contra tyrannos uit 1579, een belangrijke stap zetten in de protestantse visie op burgerlijke ongehoorzaamheid.