Centraal station

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie artikel Zie Centraal Station (televisieserie) voor het artikel over de gelijknamige televisieserie.

Een centraal station is het belangrijkste spoorwegstation van een stad. Veelal komen er verschillende spoorlijnen op uit, zodat reizigers vanuit of naar verschillende richtingen er kunnen in-, uit- of overstappen.

In België en Nederland wordt een centraal station met het achtervoegsel "-Centraal" aangeduid (in België met, in Nederland zonder streepje). Niet veel stations hebben dit achtervoegsel: in België zijn dit drie stations, in Nederland zes.

Nederland[bewerken]

Amsterdam kreeg in 1889 een centraal station, Utrecht in 1938, Rotterdam in 1954 (al werd voor die tijd station Rotterdam Delftsche Poort ook wel 'centraal station' genoemd) en Den Haag pas in 1975. De term centraal station (in de twintigste eeuw vaak afgekort tot CS) is door de spoorwegen in het verleden altijd gereserveerd voor die stations waar voordien de onpraktische situatie bestond dat een stad werd bediend door meerdere stations.

In 1987 werd voor het eerst van dit principe afgeweken bij de opening van Almere CS aan een doorgaande lijn, die toen alleen nog aansluiting gaf op Amsterdam. Hier drukten de letters 'CS' de ambitie van de nieuwe stad Almere uit om tot de grote steden van Nederland te gaan behoren. Almere CS werd per 30 mei 1999 hernoemd in Almere Centrum.

Toen in 1997 in Leiden een nieuw station werd geopend claimde deze gemeente dat haar station, in reizigers gemeten het vijfde van Nederland, ook recht had op de aanduiding CS. NS heeft toen het beleid inzake naamgeving herzien: besloten werd alleen de stations met meer dan 40.000 in- en uitstappers per dag de aanduiding 'Centraal' te geven. Kleinere centraal in een stad gelegen stations zouden zo nodig de aanduiding 'Centrum' kunnen krijgen.[1] Het station in Leiden kreeg dus in 1997 als eerste de aanduiding 'Centraal' en werd omgedoopt in station Leiden Centraal.

Op 29 mei 2000 kregen Amsterdam CS, Rotterdam CS, Den Haag CS en Utrecht CS de aanduiding 'Centraal' in plaats van CS.

Tijdens de officiële opening op 19 november 2015 kreeg station Arnhem als zesde station van Nederland de aanduiding 'Centraal'. Vanwege de aansluiting op de HSL is station Breda flink uitgebreid en het zou de naam 'Breda Centraal' krijgen. De hogesnelheidstreinen stoppen echter bij nader inzien toch niet op Breda en de naam is bij de opening van het nieuwe station in september 2016 gewoon 'Breda' gebleven.

Officieuze namen[bewerken]

Andere partijen, waaronder stads- en streekvervoer, volgen over het algemeen niet de fijne nuances van de naamgevingspolitiek van de spoorwegen. Voor hen is 'CS' het belangrijkste station van een stad. Vaak wordt ook de voorkeur gegeven aan de aanduiding 'CS' boven 'Centraal', waarschijnlijk omdat het korter is en de S verwijst naar Station. Zo is het heel normaal een bus te zien met als eindbestemming 'Amersfoort CS'. Langs de A1 staat een bord met Amersfoort Centraal. Hiermee wordt aan 'centraal station' dezelfde betekenis gegeven als in het Duitse taalgebied aan Hauptbahnhof (afgekort Hbf) oftewel Hoofdstation, wat het belangrijkste station van een stad is en in die zin consequent wordt toegepast.

De aanduiding Hoofdstation is in Nederland nooit gebruikelijk geweest. Alleen in de grensstreek met Duitsland spreekt men soms van hoofdstation als het belangrijkste station van een stad wordt bedoeld, vooral in Groningen-Stad waar Station Groningen algemeen bekend is als het Hoofdstation. In het verleden bestond Stadskanaal Hoofdstation.

België[bewerken]

In België kent men drie centraal stations: Antwerpen-Centraal, Brussel-Centraal en Verviers-Centraal (altijd met een streepje ertussen). Niet alle grote stations krijgen het bijvoegsel "-Centraal". Voorbeelden zijn de drukke stations Gent-Sint-Pieters, Brugge, Kortrijk, Leuven, Namen en Luik-Guillemins.

Antwerpen-Centraal is een voormalig kopstation waar alle treinen moesten keren. Tegenwoordig heeft het station 14 perronsporen waarvan 4 op doorgaande sporen, dankzij de opening van een tunnel in 2007 als onderdeel van de hogesnelheidsverbinding BrusselAmsterdam, ook wel genoemd de HSL-Zuid.

Het centraal station van Brussel is bescheidener (6 perronsporen), maar na Brussel-Zuid en Gent-Sint-Pieters het derde drukste station in België met bijna 300.000 opstappende reizigers per week. Jarenlang (tot 2013) was het zelfs het drukste. De perrons van dit station zijn ondergronds aangelegd in de ondertunneling van de Kunstberg op het traject tussen het Noordstation en het Zuidstation.

Het kleinste centraal station is dat van Verviers, met dagelijks zo'n 5000 instappende reizigers.

Zie ook[bewerken]