Koor (zang)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Gregoriaans koor (Ronse)

Een koor is een groep zangers en/of zangeressen, doorgaans bestaande uit meerdere zangstemmen. De term vocaal ensemble wordt wel gebruikt voor kleine koren.

Het woord koor is waarschijnlijk via het Oudfranse cuer (dat zowel een groep zangers, de altaarruimte in een kerk, als koorzang betekent) ontleend aan het middeleeuws Latijnse chorus (met dezelfde betekenis), dat op zijn beurt voorkomt uit het Oud-Griekse khorós (een groep zangers of dansers die tijdens religieuze feesten en toneelstukken optrad; tevens de aanduiding van de plek waar dat gebeurde).[1]

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het Kathedraalkoor Hasselt (België)

Koren vinden hun oorsprong in de Vroeg-christelijke liturgie, waarin het vrouwen en meisjes niet was toegestaan deel te nemen. Een schola cantorum is een koor in de allervroegste vorm toen er nog geen meerstemmige muziek bestond. Dit koor zong eenstemmige kerkmuziek (Gregoriaans) en bestond voornamelijk uit mannelijke geestelijken. Tijdens de misviering bevonden zij zich het koorgedeelte van de kerk.

In de middeleeuwen en de vroege renaissance vindt men meerstemmig geestelijk repertoire geheel voor mannenkoor, waarbij de hoogste stem een countertenor of altus is (van het Latijnse altus cantus, dat 'hoge zang' betekent), namelijk de derde stem boven de tenor die de melodie zingt (tenere betekent 'vasthouden', dat wil zeggen, de stem die de melodie 'vasthoudt') en de bas (bassus betekent diep, laag) die de baslijn zingt. Ook kwam het regelmatig voor dat de mannenpartijen aangevuld werden met blaasinstrumenten.

Op een gegeven moment gaat men jongens inzetten om een vierde stem aan de driestemmigheid toe te voegen, namelijk de superius (Latijn, 'de hoogste'), tegenwoordig sopraan genoem (van het Italiaanse sopra, 'boven').

In de 19e eeuw komt koorzang als burgerlijk tijdverdrijf op (zie bijvoorbeeld de oprichting van het Toonkunstkoor Amsterdam in 1829). Omdat koorzang niet langer alleen gerelateerd is aan kerkmuziek en kerkzang kunnen ook vrouwen nu in koren zingen.

Bezetting[bewerken | brontekst bewerken]

Surinaams zangkoor, ca. 1880-1900

Men spreekt in de regel van een koor bij minimaal twaalf zangers die minstens in twee stemmen zingen. De 'stemmen' zijn de verschillende zangstemmen in de groep, van hoog tot laag; meestal zingen koren vierstemmig: sopraan, alt, tenor en bas (SATB). Als deze partijen solistisch bezet worden spreekt men van een kwartet, bij een dubbele bezetting per stemsoort van een dubbelkwartet.

De sopraan- en altpartijen worden in de regel door vrouwen uitgevoerd. De tenor- en baspartijen worden vrijwel altijd door mannen gezongen. In sommige koren (met een tekort aan mannen) worden lage vrouwenstemmen ingezet om de tenorpartij te versterken. De klankkleur van een lage vrouwenstem is echter heel anders dan de typisch heldere kleur van de hoge mannenstem.

Er zijn ook aparte vrouwen- en mannenkoren, waarbij men de partijen in de regel verdeeld over 2 tot 4 stemmen: Sopraan - mezzosopraan - alt 1 - alt 2, en bij een mannenkoor: Tenor 1 - tenor 2 - bariton - bas. Bij een kinderkoor dat meerstemmig kan zingen is meestal sprake van een verdeling in sopraan 1 - sopraan 2 - alt.

Bij veel Engelse koren, met name de universiteits- en kathedraalkoren met een eeuwenoude traditie zoals het King's College Choir in Cambridge, wordt de sopraanpartij door jongens en de altpartij door countertenoren uitgevoerd. De kinderen in deze koren zingen enkel de sopraanpartij, en er zingen geen vrouwen mee.

Goed getrainde koren, zowel kamerkoren, oratoriumkoren als opera- en operette-koren kunnen wel 6-tot 8-stemmige werken zingen. De stemverdeling is dan als volgt: Sopraan 1 - sopraan 2/mezzosopraan - alt 1 - alt 2 - tenor 1 - tenor 2/bariton - bas 1 - bas 2.

Een 8-stemmig koorwerk kan echter ook verdeeld zijn over twee SATB-koren. Men spreekt dan van dubbelkorigheid. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de koorpartijen van Bachs Matthäus-Passion.

Er bestaat kerkmuziek uit de Renaissance die oploopt tot wel 40 stemmen (het motet Spem in Alium, voor acht 5-stemmige koren van Thomas Tallis) en zelfs 64-stemmigheid.

De grootte van koren hangt samen met het repertoire: een kamerkoor dat kamermuziek uitvoert zal gemiddeld een bezetting hebben van 3 à 6 stemmen per stemsoort, dus in totaal 12 à 24 zangers. Een oratoriumvereniging of opera/operettekoor is in de regel veel groter, met 10 à 20 zangers per stemsoort, dus 40 à 80 zangers, soms oplopend tot 120. Dergelijke aantallen zijn gebruikelijk voor grotere koorwerken zoals in de Negende Symfonie van Beethoven (Ode an die Freude), Carmina Burana van Carl Orff en Bachs Matthäus-Passion. In de (professionele) authentieke uitvoeringspraktijk van Barokmuziek wordt echter gewerkt met kleinere koren.

Een koor zingt in principe onversterkt. Alleen bij koren die moderne muziekstijlen zingen zoals gospelkoren en popkoren wordt gebruik gemaakt van geluidsversterking.

Soorten koren[bewerken | brontekst bewerken]

Gospelkoor

De benaming van een koor kan op basis zijn van de bezetting, zoals gemengde koren (mannen en vrouwen), vrouwenkoren, mannenkoren, jongenskoren (meestal van 7 - 14 jaar, tot de stembreuk), meisjeskoren (meestal van 13 - 20 jaar), kinderkoren, jeugdkoren en ouderenkoren. Ook kan de benaming op basis van het repertoire zijn zoals een kamerkoor, oratoriumkoor, opera-/operettekoor, popkoor, wereldmuziekkoor, shantykoor, barbershopkoor, smartlappenkoor, gospelkoor of een kerkkoor, cantorij of schola cantorum (Gregoriaans).

Engelse traditie[bewerken | brontekst bewerken]

Er zijn in Nederland ook koren die zich toeleggen op de Engelse Anglicaanse koortraditie zoals bijvoorbeeld de Martinuscantorij uit Zwaag. In dit genre zijn er ook regelmatig projectkoren actief die naar het buitenland reizen om in een Engelse of Amerikaanse kathedraal de dagelijkse gezongen Choral Evensong te verzorgen terwijl het vaste koor op vakantie is bijvoorbeeld. In Nederland bestaat steeds meer belangstelling voor deze vorm van koorzang[2], zoals bijvoorbeeld uitgevoerd door op Engelse leest geschoeide jongenskoren als de Kampen Boys Choir en het Roder Jongenskoor. De jongens treden op in typisch Engelse koorkleding.

Koorscholen[bewerken | brontekst bewerken]

Jongenskoor in Engelse koorkleding

Voor hun muzikale training gaan de kinderen van een dergelijk koor meerdere keren per week naar een koorschool. In Nederland kent het Muziekinstituut van de kathedraal Sint Bavo in Haarlem de Koorschool Haarlem volgens dit Engelse systeem. In Utrecht is een basisschool gelieerd aan het Kathedrale Koor (Kathedrale Koorschool Utrecht), waar de kinderen dagelijks muziekonderricht krijgen en meezingen in het koor van de Catharijnekerk, de kathedraal van Utrecht. In het Noorden van Nederland bestaat de Stichting Koorschool Noord Nederland.

In Nederland bestaan zowel kinderkoren en aparte jongens- en meisjeskoren (zoals de Roden Girl Choristers) die volgens dit systeem werken. De reden voor aparte koren is klanktechnisch: een koor dat puur uit jongens bestaat heeft een andere klank dan een koor dat uit meisjes bestaat of een gemengd kinderkoor.

Voor de toelating tot een koorschool moeten de kinderen auditie doen. Het koorlid zijn van een dergelijk koor vraagt veel discipline, en geldt vaak als opstap voor een levenslange muzikale carrière (niet persé ook als zanger).

Repertoire[bewerken | brontekst bewerken]

Bij de uitvoering van een oratorium of passie wordt het koor aangevuld met zangsolisten. Een dergelijk werk wordt altijd begeleid door een orkest. De solisten vertolken bepaalde personen uit het verhaal; het koor vervult vaak de rol van het volk.

Als koren zonder instrumentale begeleiding zingen noemt men dit a capella. Alle koormuziek uit de Renaissance is a capella. Vanaf de Barok wordt koormuziek begeleid door instrumenten waaronder in ieder geval orgel (basso continuopraktijk), al blijft in de kerkelijk praktijk ook het a capella gezongen motet in zwang. In de 19e eeuw ontstaat het koorlied, een meerstemmige versie van het kunstlied (zoals de liederen van Schubert), dat zowel a capella als met pianobegeleiding gezongen wordt.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Choirs van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.