Van Peteghem (orgelbouwers)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Orgel uit 1763 van Pieter Van Peteghem in de Sint-Martinuskerk (Aalst)
Orgel uit 1786 van Lambertus-Benoit Van Peteghem in de Sint-Martinuskerk (Berlare)

De familie van Peteghem was een Vlaanderen geslacht van kerkorgelbouwers in de achttiende en negentiende eeuw.

Situering[bewerken]

De Gentse orgelbouwersfamilie Van Peteghem was vier generaties lang in heel Vlaanderen, Frans-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen actief. Van ca. 1733 tot ca. 1870 hebben de Van Peteghems de Vlaamse rococo-orgelbouw een eigen gestalte gegeven. Binnen hun globale oeuvre, dat uit een 400-tal werkstukken bestaat, is er een vanzelfsprekende continuïteit, waar binnenin een ongelooflijke diversiteit waarneembaar is. Hun oeuvre laat zich dan ook zeer moeilijk in 'stijlperiodes' indelen. De Van Peteghems passen zich zeer soepel aan bij bepaalde eisen van hun opdrachtgevers i.v.m. de architectuur van het orgelmeubel, en, wat eigenlijk nog minder bekend is gebleven: zij experimenteerden veelvuldig met mensuren. De bijzonder rijke verscheidenheid van hun oeuvre valt te verklaren door een grote variatiekunde binnen een welbepaalde stijloptie, met name deze van het rococo[1].

Pieter d'Oude Van Peteghem[bewerken]

Pieter d'Oude (Wetteren, 1708 - Gent, 4 juni 1787) was zoon van een brouwer. Hij kwam voor het eerst in contact met orgelbouw, toen de Antwerpse orgelbouwer Davidts in 1723 een orgel bouwde in Wetteren en bij de brouwer Van Peteghem logeerde. Hij ging in de leer bij de Brabantse orgelbouwer Jean-Baptiste Forceville en vestigde zich in 1733 in Gent.

Hij bouwde onder meer:

  • In 1738-1739 een orgel voor de Sint-Martinuskerk in Massemen.
  • In 1741 een orgel voor de Sint-Jan Baptistkerk in Ouwegem, dat rond 1867 werd overgebracht naar de Sint-Pieterskerk in Outrijve, waar het nu nog steeds te vinden is.
  • In 1753 een orgel voor de Sint-Eligiuskerk (Kruishoutem).
  • Van 1758 tot 1763 een orgel in de Sint-Martinuskerk van Aalst.
  • Rond 1767 een orgel in de Sint-Bavokerk van Zingem, afkomstig uit de Abdij van Beaupré in de omgeving van Grimminge.
  • Ca. 1770 een orgel in de Sint-Laurentiuskerk (Ename). Het 18de-eeuwse orgelfront verdween bij restauratiewerkzaamheden in 1992, toen oude fresco's achter het orgelfront tevoorschijn kwamen.
  • Ca. 1770 een orgel voor de Sint-Michielskerk in Keerbergen. Het werd oorspronkelijk als balustrade-orgel gebouwd en aldus in de voormalige Sint-Michielskerk opgesteld. In 1996 werd het orgel verplaatst naar de nieuwe Sint-Michielskerk.
  • Van 1774 tot 1782 een orgel voor de Sint-Katelijnekerk in Mechelen.
  • In 1776-1787 een orgel voor de Sint-Audomaruskerk in Alveringem.
  • In 1776 een orgel voor de Sint-Martinuskerk in Oekene.
  • In 1776 een orgel voor de Sint-Niklaaskerk in Moere (Gistel).
  • Ca. 1777 een orgel voor het klooster van Elsegem, dat in 1782 werd aangekocht door de kerk van Sint-Kornelis-Horebeke.
  • In 1778 een orgel voor de Sint-Martinuskerk in Haringe, bekend als een van de meest authentiek bewaarde achttiende-eeuwse orgels.
  • In de oude Sint-Vincentiuskerk in Buizingen staat eveneens een origineel Van Peteghemorgel.

Naarmate zijn atelier uitbreiding nam en ook zijn zonen mee begonnen te werken, werd het werkterrein uitgebreid tot het huidige Frans-Vlaanderen, Zeeuws-Vlaanderen en het toenmalige Brabant.

De zonen van Pieter d'Oude Van Peteghem[bewerken]

Vader Pieter en zijn beide zonen Lambert-Benoît en Egidius-Franciscus werkten nauw samen in dezelfde orgelmakerij. Toch valt op dat de beide zonen geografisch gezien zowat elk een territorium afbakenen.

De oudste zoon, de 'Brabantse Van Peteghem', Egidius-Franciscus Van Peteghem (Gent, 27 maart 1737 - 5 maart 1797), bracht bestellingen binnen voor het Gentse atelier in de meer noordoostelijke richting, tot diep in Brabant en Noord-Brabant.

De jongste van de twee, Lambert-Benoît Van Peteghem (Gent, 5 juni 1742 - 5 september 1807) bestreek het gebied ten westen van Gent: het westelijk en zuidelijk deel van Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen, Frans-Vlaanderen en Zeeuws-Vlaanderen. Hij trad hiermee in het voetspoor van zijn vader.

Vanaf 1776 werkte Lambert-Benoît samen met zijn vader en nam de feitelijke leiding van het atelier op zich. In 1776 was Pieter Van Peteghem te oud geworden om nog vaak op het terrein te gaan werken, en associeerde hij zich contractueel met zijn zoon Lambertus-Benoit. Van toen af zijn veel bouwcontracten ondertekend met "L.B. Van Peteghem et Père".

Tussen 1776 en 1787 ligt het hoogtepunt in de productie van de Van Peteghem-dynastie.

Lambert-Benoît bouwde onder meer:

De zonen van Lambert-Benoît Van Peteghem[bewerken]

Later waren nog van belang:

  • Pierre-Charles Van Peteghem (Gent, 1776 - Waarschoot, 1852),
  • Lambert-Corneille Van Peteghem (Gent, 1779 - Waarschoot, 1855),
  • Pierre-Charles Van Peteghem I (1792-1863),
  • Pierre-Charles Van Peteghem II,
  • Maximilien Van Peteghem (1822-1870), zoon van Pierre-Charles Van Peteghem.

Ze bouwden onder meer:

  • Tussen 1810 en 1830 het orgel van de Sint-Audomaruskerk in Westkerke.
  • In 1815 het orgel voor de Sint-Blasiuskerk in Vlissegem.
  • In 1820 het orgel voor de Sint-Niklaaskerk in Menen.
  • In 1826 het orgel voor de Sint-Niklaaskerk in Koolkerke.
  • In 1827 het orgel voor de Sint-Eligiuskerk in Ettelgem.
  • In 1827 het orgel voor de Onze-Lieve-Vrouwkerk in Oudenburg.
  • In 1827 het orgel voor de Sint-Mauritiuskerk in Varsenare.
  • In 1832 het orgel voor de Sint-Joriskerk in Sint-Joris-ten-Distel.
  • In 1830 bouwde de Van Peteghem-familie een orgel ten behoeve van de Zusters van Keizersberg (Gent). In 2005 werd het door de zusters geschonken aan de Sint-Vincentiuskerk in Eeklo, waar het in de kruisbeuk is opgesteld.
  • In 1835 bouwden Pierre-Charles en Lambert-Corneille Van Peteghem het orgel voor de Sint-Clemenskerk in Klemskerke.

Orgel in Alden Biesen[bewerken]

In de kerk van de landcommanderij Alden Biesen werd in 1998 een zogenoemd balustrade-orgel uit 1788 geïnstalleerd, dat door Egidius-Franciscus Van Peteghem was geplaatst in de kloosterkapel van de Alexianen in Diest. Het uit eik gesculpteerd orgel voorzag men van twee nieuwe klavieren. Meer dan de helft van het oude pijpwerk werd bewaard. Dankzij de nieuwe pijpen is het nu tot op 20 registers uitgebreid.

Literatuur[bewerken]

  • Ghislain POTVLIEGHE, Levensschets der Van Peteghems, in: Vlaanderen, 1972.
  • Ghislain POTVLIEGHE, Werklijsten der Van Peteghems, in: Vlaanderen, 1972.
  • Ghislain POTVLIEGHE, "Reflectie op recente Van Peteghem-restauraties in Oost-Vlaanderen", in: Orgelkunst, jg.10, nr.1, maart 1987.
  • Patrick ROOSE, "AEgidius-Franciscus van Peteghem", in: Orgelkunst, jg.10, nr.2, juni 1987.
  • Luc LANNOO & Kamiel D'HOOGHE, West-Vlaamse orgelklanken, Brugge, 1997.
  • http://svenvermassen.wixsite.com/orgelvlaamseardennen