The Tempest

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
The Tempest, Act I, Scene 1. Gravure uit 1797 gebaseerd op een schilderij van George Romney. Rechts staan de magiër Prospero die de storm oproept, en zijn dochter Miranda

The Tempest (De storm) werd lange tijd traditioneel gezien als William Shakespeares laatste toneelstuk, maar volgens modern onderzoek zouden Henry VIII, Cardenio en The Two Noble Kinsmen nog van latere datum zijn.[1] Waarschijnlijk was het wel het laatste stuk dat hij alleen schreef. The Tempest is een van Shakespeares 'late romances'. Het werd voor de eerste keer opgevoerd in 1611 en gepubliceerd in de First Folio van 1623. Daarin kreeg het als openingsstuk een ereplaats, wellicht doordat het de recentste komedie was en omdat het bij trouwfeesten zo populair was sinds het ter gelegenheid van prinses Elizabeths huwelijk in 1612 was opgevoerd.

Datering[bewerken]

De eerste opvoering van het stuk was door de King's Men, het gezelschap waartoe Shakespeare behoorde, op 1 november 1611 in het Palace of Whitehall in Londen. Een andere bekende opvoering is die tijdens het huwelijksfeest van Elizabeth Stuart en Keurvorst Frederik V van de Palts in de winter van 1612-1613. Het zou ook opgevoerd zijn in het Globe Theatre en het Blackfriars Theatre.

Bronnen en invloeden[bewerken]

Shakespeare maakt in The Tempest gebruik van bronnen die niet vóór 1610 beschikbaar waren, zodat hij het zeker na die datum schreef. Wat de hoofdplot betreft, zijn er geen bekende bronnen. Shakespeare maakte wel gebruik van:

Het materiaal voor The Tempest lijkt te zijn samengesteld uit een amalgaam van bronnen. Zo lijken sommige woorden en uitbeeldingen in het stuk afkomstig te zijn uit Richard Edens: The Decades of the New World Or West India (1555), en Erasmus Naufragium (1523). Sommige onderzoekers menen ook parallelle beeldspraak aan te treffen in William Stracheys ooggetuigenverslag van de schipbreuk van de Sea Venture in 1609 op de eilanden van Bermuda toen ze op weg was naar Virginia.

Prospero en Miranda door William Hogarth, circa 1728.

Strachey schreef zijn verslag in 1610, maar het werd pas gepubliceerd in 1625. Het werk circuleerde weelderig in manuscriptvorm, en leden van de Shakespearegenootschap geloven dat William Shakespeare waarschijnlijk door zo'n manuscript werd geïnspireerd. Literatuurwetenschappers als Kenneth Muir verklaren echter dat de invloed van de 'Bermudapamfletten' op het werk van Shakespeares The Tempest, toch niet zo sterk was. Muir citeert 13 thematische en verbale parallellen tussen The Tempest, en een werk over een schipbreuk op Malta. Studenten van de Oxford Universiteit zouden dan weer eerder de invloed van Erasmus en Eden voorrang geven op het werk van William Strachey.

Het stuk is ook beïnvloed door de traditie van de romance. Romances werden typisch gebaseerd op thema’s zoals het bovennatuurlijke, verlangen en ontdekkingen. Ze speelden zich vaak af in kustrijke regio's en typische exotische locaties rondom weerkerende thema's als verlies en terugkomst, verbanning en reünie. Vandaar dat The Tempest in de First Folio-uitgave van 1623 origineel ingeschreven werd als een komedie. Moderne onderzoekers plaatsen komedies als The Tempest nu vaak in een aparte categorie werken met een eigen aard, de late romances van Shakespeare.

De algemene structuur ontleent het stuk mogelijk uit de traditionele commedia dell'arte opvoeringen. Een van Gonzalo's dialogen uit het tweede bedrijf is een bijna woordelijke weergave van een fragment uit Des Cannibales (Over de kannibalen) een essay van Michel de Montaigne dat de samenleving schetste van de Caribische bevolking. Shakespeare las het in een vertaling van John Florio uit 1603 met de titel 'On cannibals'. De beschrijving die Montaigne geeft van een soort ideale staat, superieur aan die van Plato, wordt weerspiegeld in Gonzalo's beschrijving van zijn ideale commonwealth:

It is a nation ... that hath no kinde of traffike, no knowledge of Letters, no intelligence of numbers, no name of magistrate, nor of politike superioritie; no use of service, of riches, or of poverty; no contracts, no successions, no dividences, no occupation but idle;

Shakespeares 'Caliban' is blijkbaar ook een anagram van 'Cannibal', maar hij neemt afstand van Montaignes verheerlijking van het primitivisme door van zijn Caliban een mismaakte slaaf te maken. Andere toespraken van Prospero zijn dan bijna weer woord voor woord overgenomen uit Ovidius' Metamorphosen.

Verhaal[bewerken]

The Tempest onderscheidt zich van andere toneelstukken van Shakespeare doordat hij de neoklassieke stijl navolgt en dus deze keer de eenheid van tijd, plaats en actie respecteert. Shakespeares andere stukken spelen zich vaak af op verschillende locaties en de actie bestrijkt soms jaren. In The Tempest komt de vertelde tijd overeen met de echte tijd zoals het publiek die ervaart.

Het hele stuk door heeft Prospero de touwtjes in handen. Hij gedraagt zich als een machtige regisseur die alle gebeurtenissen en alles wat de personages overkomt tot in details regelt. Hij is ook op de hoogte van alle complotten en intriges die de drenkelingen onder elkaar en tegen hem smeden doordat de onzichtbare geest Ariel voor hem spioneert. Op die manier zijn de andere personages, zonder dat ze zich ervan bewust zijn, slechts machteloze marionetten in het spel dat Prospero bedacht heeft. Nadat zijn broer Antonio hem als rechtmatige hertog van Milaan heeft afgezet, spendeert Prospero al zijn tijd op het eiland om zijn magische kunsten te vervolmaken. Na twaalf jaar studie is hij klaar om zijn vijanden te verslaan en wanneer het lot hun schip tot nabij de kust van het eiland brengt, ontketent Prospero met zijn magie een storm, waaraan het stuk zijn titel ontleent.

Lijst van personages[bewerken]

Prospero en Ariel naar een schilderij van William Hamilton, circa 1797.
  • Alonso: koning van Napels
  • Sebastian: broer van Alonso
  • Prospero: de rechtmatige hertog van Milaan, en hoofdrolspeler van het stuk
  • Antonio: broer van Prospero, de onderdrukkende hertog van Milaan
  • Ferdinand: zoon van de koning van Napels
  • Gonzalo: optimistische, eerlijke adviseur van de koning
  • Caliban: slaaf van Prospero en zoon van Sycorax

De naam komt van Carabieën, en uitgaande van een 17de-eeuwse spelling is het een anagram van kannibaal. Beide suggereren dat Caliban de inboorlingen van de nieuwe wereld representeert.

  • Trinculo: een nar en een van de twee dronkaards is in het toneelstuk
  • Stephano: een dronken butler

Stephanos of Στέφανος is Grieks voor Kroon of Krans

  • Miranda: dochter van Prospero, door Caliban een nonpareil (onvergelijkbare) genoemd
  • Ariel: een luchtgeest

De naam suggereert het element lucht, en staat tegenover de aarde die volgens Prospero wordt vertegenwoordigd door Caliban. In het Hebreeuws betekent de naam leeuw van God.

  • Sycorax: heks en moeder van Caliban (maar zij is al overleden als het stuk begint)

De naam is een afleiding van het Latijnse woord voor raaf een dier waarmee ze vaak verbonden wordt in het stuk. Het eerste deel van de naam klinkt als het Engelse woord sick (ziek) en het tweede deel als het Engelse woord voor wrakken wracks. Ziekelijkheid sickness en van mensen wrakken maken wracking people zijn twee van de meer sinistere termen om te beschrijven dat Prospero zijn eigen magie gebruikt.

  • Adrian en Fransisco: edellieden
  • Claribel: dochter van Alonso
Miranda en Ferdinand Angelica Kauffmann circa 1782.

Synopsis[bewerken]

Prospero is de rechtmatige hertog van Milaan. Hij wijdt zijn leven aan de studie van de magie en laat beheerszaken over aan zijn broer Antonio. Deze trekt echter met behulp van Alonso, de koning van Napels alle macht naar zich toe en laat Prospero en zijn driejarige dochter Miranda verbannen. Ze worden op een gammel bootje op zee gezet en stranden op een van de eilanden van de Bermuda's. Prospero maakt van de tijd op het eiland gebruik om zijn magische krachten te ontwikkelen. Dankzij Gonzalo, de raadsheer van de hertog, beschikt hij nog over al zijn magische boeken. Op het eiland bevrijdt hij ook een luchtgeest, Ariel, die door de heks Sycorax gevangen is gezet in de holte van een boom. Prospero verzekert zich van de loyaliteit van Ariel door herhaaldelijk te beloven om de luchtige geest te verlossen van de dienstbaarheid. Berekenend schuift hij echter die belofte vooruit naar een vage toekomstige datum, zoals in act 1, scène 2, vv. 574-577:

Prospero: Thou shalt be free
As the mountain winds; but then exactly do
All the points of my command.
Ariel: To the syllable

Sycorax' zoon Caliban is een misvormd monster en de enige niet-spirituele bewoner van het eiland voor de komst van Prospero. Aanvankelijk is Prospero vriendelijk tegenover het wezen, en geeft hem water en voedsel. Caliban leert Prospero hoe hij moet overleven op het eiland, terwijl Prospero en Miranda hem onderwijzen in hun eigen taal. Omdat Caliban in het verleden heeft gepoogd om Miranda te verkrachten, verplicht Prospero hem nu om als slaaf te dienen, om hout te sprokkelen en 'varkensnoten' (eikels) te zoeken. Caliban ziet de tovenaar als een tiran en heeft een diepe afkeer van zowel hem, als zijn dochter. Prospero en Miranda wantrouwen en verafschuwen op hun beurt Caliban.

Het toneelstuk opent met Prospero, die erachter komt dat zijn broer Antonio op het schip is dat het eiland passeert. Het schip is op terugreis van het huwelijk tussen Alonso's dochter Claribel met de koning van Tunis. Prospero doet een storm ontsteken waardoor het schip zinkt. Op het schip zijn aanwezig:

  • Antonio, hertog van Milaan en broer van Prospero
  • Antonio's vriend en samenzweerder, Alonso, de koning van Napels
  • Sebastian: Alonso's broer
  • Gonzalo: de koninklijke adviseur
  • Ferdinand: de zoon van Alonso.

Prospero slaagt er met zijn toverspreuken en met de hulp van Ariel in om de overlevenden van het wrak in verschillende groepjes op het eiland te laten aanspoelen. Alonso en Ferdinand raken van elkaar gescheiden en geloven ieder dat de ander dood is.

Het toneelstuk heeft vervolgens drie subplots. In het eerste subplot valt Caliban Stephano en Trinculo bij, twee dronken matrozen, waarvan Caliban gelooft dat ze van de maan komen. Hij besluit met hen een opstand te ontketenen tegen Prospero, wat uiteindelijk mislukt.

In het tweede subplot werkt Prospero om een liefdesrelatie tot stand te laten komen tussen Ferdinand en Miranda. Deze twee worden onmiddellijk verliefd op elkaar, maar Prospero maakt zich zorgen om het feit dat ze het te gemakkelijk krijgen. Prospero behandelt Ferdinand daarom aanvankelijk streng en zorgt er zo voor dat die zijn dienaar wordt.

In het derde subplot beramen Antonio en Sebastian een samenzwering om Alonso en zijn adviseur Gonzalo te vermoorden. Wanneer zij dit proberen, worden ze op Prospero's bevel tegengewerkt door Ariel. Ariel verschijnt aan de drie mannen van zonde als een harpij, om hen wederom te straffen voor hun verraad aan Prospero. Alonso, Sebastian en Antonio zijn diep aangedaan terwijl Gonzalo stoïcijns blijft.

Prospero manipuleert de koers van zijn vijanden terwijl ze over het eiland rondzwerven. Uiteindelijk worden alle hoofdpersonages voor hem gebracht. Prospero vergeeft Alonso, maar straft ook Antonio's verraad en Sebastians moordpoging. Uiteindelijk gebruikt Prospero zijn magie om te verzekeren dat iedereen terugkomt in Italië. Deze conclusie wordt uiteindelijk overgelaten aan de verbeelding van het publiek dat beslist of zij het verdienen terug te keren of niet. Prospero zal, nadat al zijn plannen gelukt zijn, zijn staf breken en begraven, en zijn boek van magie verdrinken. Hiermee neemt hij symbolisch afstand van de magie.

Thema's[bewerken]

In The Tempest komen veel onderwerpen aan de orde die Shakespeare al in eerdere toneelstukken had behandeld, zoals de pogingen om een koning af te zetten en de legitimering daarvan (Macbeth, Richard II, en Julius Caesar), nature versus nurture[2] (The Winter's Tale en King Lear), en de onschuld (Twelfth Night). Omdat het een romance is, is de thematiek duisterder dan die van een typische komedie en worden er ook meer filosofische kwesties in besproken, maar het is geen typische tragedie, omdat het stuk eindigt met een happy end.

Magie[bewerken]

Magie wordt in The Tempest aangewend als structuurelement omdat het ook dient om de plot samenhang te geven. Prospero gebruikt al bij de aanvang van het stuk magie om een storm op te wekken die zijn vijanden schipbreuk doet lijden en hen bovendien op het eiland laat stranden. Hij beheerst er niet alleen de personages Ariel en Caliban mee, maar ook alle gebeurtenissen op het eiland. De sfeer van het stuk wordt grotendeels bepaald door de magische aspecten van de masque, de openingsscène en de betoverende muziek van Ariel.

Vanwege het in zijn tijd controversiële van magische praktijken, was Shakespeare wel zo voorzichtig om Prospero voor te stellen als een rationeel magiër en niet als een in het duister werkende occultist. Sycorax daarentegen representeert de destructieve kant van de magie; zij zou de duivel aanbeden hebben en daarom uit het Afrikaanse Algiers zijn verbannen naar het eiland. Zij slaagt er ook niet in om de geest Ariel te beheersen, dat kan alleen met de magie waar Prospero over beschikt. Prospero maakt op een dusdanige manier gebruik van zijn magische krachten dat hij er de wereld mee verbetert. Als dit volbracht is laat hij ook Ariel vrij.

Het Theater[bewerken]

Shakespeare houdt ervan om het leven te vergelijken met een toneelstuk. Zowel in zijn komedies als in zijn tragedies gebruikt hij het theater als metafoor, als simile, voor de rollen die mensen in de maatschappij moeten spelen. Een van de centrale thema's van The Tempest is de verhouding tussen werkelijkheid en illusie. Op die manier is het theater zelf een thema van dit toneelstuk. Sommige onderzoekers -zoals Thomas Campbell in 1838- vatten het stuk zelfs op als een allegorie, waarbij de figuur van Prospero Shakespeare zelf uitbeeldt, die zijn 'magie', zijn toneelkunst' aanwendt om de wereld in de verbeelding van de toeschouwers te veranderen. Mogelijk verwijst Prospero zelf expliciet naar Globe Theatre ('The Globe') als hij deze woorden uitspreekt waarin hij de wereld als een illusie beschrijft:

the great globe ...
shall dissolve ...
like this insubstantial pageant

Deze theorie zou kunnen impliceren dat Shakespeare met dit stuk zijn afscheid van het theater wilde nemen, net zoals Prospero ervan afzag van zich nog langer met magie bezig te houden. De boodschap die Shakespeare met The Tempest meegeeft aan de toeschouwer is dat de fysieke werkelijkheid die we zo vanzelfsprekend nemen, niets meer is dan een illusie (ACT IV,1):

(...) We are such stuff As dreams are made on;
and our little life is rounded with a sleep

Onderdrukking en macht[bewerken]

Prospero's aan magie ontleende macht over iedereen op het eiland roept als vanzelf vragen op over dienstbaarheid en vrijheid. In het stuk onderdrukt Prospero Ariel en Caliban en maakt hen dienstbaar aan hem om zijn eigen doelen te kunnen verwezenlijken.

Het thema van onderdrukking was zeer actueel in Shakespeares tijd toen het Engelse kolonialisme op gang kwam. 20e-eeuwse postkoloniaal geïnspireerde commentaren zien het personage van Caliban als representatief voor de Caribische bevolking, die veroverd en onderdrukt werd door de grote imperialistische mogendheden van die tijd. Het thema van politieke legitimiteit, bron van macht, en onderdrukking komt aan de oppervlakte in Act II. Prospero gelooft vast dat de enige legitieme macht de macht was die verkregen werd door kennis en hard werk. Antonio echter gelooft dat de macht die hij afdwingt bij zijn broer legitiem is omdat hij het meer verdient, en de vaardigheid had om die macht van zijn broer weg te nemen. Kijk hoe goed mijn uitrusting mij past, veel sterker dan voorheen, schept Antonio op tegen Sebastian. De autoriteit die Caliban aanvankelijk over 'zijn' eiland bezit bij Prospero's aankomst wordt door Prospero in Act I voorgesteld als afkomstig van een 'wilde' die een nieuwe meester zoekt. Hiermee legitimeert Prospero voor zichzelf de machtsovername en het tot slaaf maken van Caliban. De afkeer voor de donkerhuidige Caliban die zowel Prospero als Miranda tonen, was de houding van het merendeel van de toenmalige Europeanen toen ze in contact kwamen met vreemdelingen (autochtonen) van 'West-India' en andere koloniën. Shakespeares behandeling van Caliban liep vooruit op interessante sociale studies over de kolonisatie.

Matiging versus overdaad[bewerken]

Het stuk toont in verschillende scènes de noodzaak van matiging aan. Prospero zet herhaaldelijk Ferdinand en Miranda aan om niet toe te geven aan lust, maar om hun liefde wat te temperen. Hij waarschuwt Ferdinand met de woorden

If thou dost breake her virgin knot before
All sanctimonious ceremonies may
With full and holy rite de minister'd...
Sourey'd disdain, and discourt, shall bestrew
The union of your bed
.

Het toneelstuk waarschuwt ook tegen ongeduldigheid. Het best wordt dit aangetoond met de dronkaards Stephano en Trinculo, die gerechtigheid krijgen, maar ook door Prospero's straf aan Caliban, wanneer hij probeert om Miranda te verkrachten. Prospero zegt zelf zo vol woede en ongeduld te zijn. Hij leert doorheen het toneelstuk om zijn opvliegend temperament in toom te houden en uiteindelijk de hemel te doen opklaren door de storm (Tempest), die de eerste manifestatie was van zijn woede.

Kolonialisme[bewerken]

In Shakespeares tijd moest het een groot deel van de wereld nog door Europeanen ontdekt worden. Er werden verhalen verteld over ver afgelegen landen, met mythes over kannibalen van de Cariben, verre plaatsen vergelijkbaar met het Hof van Eden en tropische Utopia’s. Met het personage van Caliban biedt Shakespeare een diepe kijk op de aard van het kolonialisme. Verschillende filosofische kwesties worden besproken, zoals Gonzalo's Utopia, Prospero's slavernij van Caliban en Calibans afkeer ervan. Caliban is ook een van de natuurlijkste personages in het toneelstuk. Hij is zeer nauw betrokken bij de natuurlijke wereld (en van een veel nobelere inborst dan zijn twee vrienden Stephano en Trinculo)

...the isle is full of noises,
Sounds and sweet airs, that give delight and hurt not.
Some times a thousand twangling instruments
will hum about mine ears
Miranda - The Tempest; schilderij van John William Waterhouse, 1916.

Toneelbewerkingen[bewerken]

  • In 1667, tijdens de periode van de restauratie, maakten John Dryden en William Davenant er een sterk aangepaste versie van met de titel The Tempest or, The Enchanted Island. Ze voegden verhaallijnen toe en andere personages zoals een zuster voor Caliban die ook Cycorex heette.
  • The Tempest heeft verschillende latere werken beïnvloed, inclusief korte gedichten als dat van Robert Browning, en het lange gedicht The sea and the mirror van W.H. Auden. De titel van het boek Brave New World door Aldous Huxley is afgeleid uit Miranda's dialoog:
"O, wonder, How many goodly creatures are there here!How beauteous mankind is! O brave new world That has such people in't!" (V.i184-1)

Bewerkingen voor film en tv[bewerken]

  • Forbidden Planet is een sciencefictionfilm uit 1956 van Fred M. Wilcox, die zijn personages modelleerde naar The Tempest. Zo is Ariel te herkennen in Robby the Robot.
  • In 1991 regisseerde Peter Greenaway Prospero's Books, een filmadaptatie waarin Prospero alle dialogen voor zijn rekening neemt.
  • In 1994 schreef Garen Ewing een bewerking voor een zwart-wit geïllustreerd stripboek.
  • In 1994 publiceerde Tad Williams een roman, Calibans Uur, waarin Caliban een nu volwassen Miranda opzoekt in haar land (Italië) en erop staat om zijn eigen versie van de gebeurtenissen te mogen vertellen, om zo wraak te kunnen nemen. Ariel is in dit verhaal een gevallen engel.
  • De televisieserie Lost (2004-2010) lijkt beïnvloed te zijn door The Tempest. Het gaat ook over een groep mensen die stranden op een eiland, op een nogal mystieke manier zonder blijkbare reden.
  • In 2010 schreef en regisseerde Julie Taymor een film gebaseerd op het stuk. Prospero is het hoofdpersonage.

Andere toneelbewerkingen[bewerken]

  • The Tempest or, The Enchanted Island. door John Dryden en William Davenant (1670)
  • The Mock Tempest, The Enchanted Castle. door Thomas Duffet (1675)
  • The Tempest, An Opera, door David Garrick (1756)
  • The Shipwreck, anoniem (1780)
  • The Virgin Queen, Francis Godolphin Waldron (1797)
  • The Enchanted Isle, William en Robert Brough (1848)
  • Caliban, Ernest Renan (1877)
  • L'Eau de Jouvence, Ernest Renan (1879)
  • Une Tempête Aimé Césaire (1969)
  • This Island's Mine, Phillipe Osment (1988)
  • Return to the Forbidden Planet van Bob Carlton is een rockmusical, oorspronkelijk genaamd Shakespeare's forgotten rock n' roll masterpiece.
  • The Tempest, Peter Evans (2006)
  • STORMISH – Who the f*** ISHakespeare?, regisseur Titus Muizelaar, uitgevoerd door ISH (2010).

Muzikale bewerkingen[bewerken]

In de schilderkunst[bewerken]

Bronnen

  • The Riverside Shakespeare Second Edition (1997), General Editors G. Blakemore van Harvard University en J.J.M. Tobin van de University of Massachusetts - Houghton Mifflin Company, Boston, ISBN 0-395-75490-9
  • The Oxford Anthology of English Literature Volume I,William Shakespeare:The Tempest, p. 944 e.v. - Oxford University Press, 1973, ISBN 0-19-501657-2

Voetnoten

  1. The Riverside Shakespeare 2nd edition: 'Chronology and sources'. Deze 3 stukken schreef hij waarschijnlijk in samenwerking met John Fletcher.
  2. Natuur tegenover opvoeding

Literatuur

  • The Oxford Shakespeare 'The Complete Works', 1994, Clarendon Press- Oxford, ISBN 0-19-818284-8