Cultuur

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Voor gekweekte cellen, zie Celcultuur. Voor weefselcultuur, zie Weefselkweek (doorverwijspagina).
Wat is het nut van cultuur? - Universiteit van Vlaanderen

Cultuur is dat wat de mens schept. Het begrip staat tegenover "natuur" (dat wat aangeboren is, wat spontaan en zonder menselijk toedoen is ontstaan) en verwijst naar menselijke activiteit en de symbolen die deze activiteit betekenis geven. Cultuur is een basisbegrip in de sociologie, de antropologie, de archeologie en de geschiedschrijving.

Algemeen[bewerken | brontekst bewerken]

In brede zin duidt cultuur op hetgeen een samenleving voortbrengt en overdraagt, zowel materieel als immaterieel. In materiële zin gaat het om gebruikte methoden in de landbouw of agricultuur, tuinbouw of horticultuur, bosbouw of silvicultuur en wijnbouw of viticultuur. Cultuur staat hier tegenover de door mensen onbewerkte 'natuur', waarin de prehistorische jager-verzamelaar zijn voedsel verzamelde en bejaagde. "In cultuur brengen/nemen" of ontginnen verwijst naar het geschikt maken van de wilde natuur voor de domesticatie en de teelt van planten en dieren ten behoeve van de menselijke voedselvoorziening. Bij uitbreiding, in overdrachtelijke zin, verwijst cultuur naar de ambachten, kunst, religie, wetenschap, gewoonten en gebruiken in een samenleving. Deze overdrachtelijke betekenis is in het Nederlands de huidige, belangrijkste denotatie van de term 'cultuur'. De cultuurgeschiedenis beschrijft de culturele geschiedenis van een samenleving in al zijn facetten.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Het woord komt van het Latijnse cultura dat is afgeleid van colere: ploegen, bewerken, bebouwen (van het land); agri cultura is het bewerken van de akkers. In 45 v. Chr. gebruikt Cicero, in zijn boek Tusculanae Disputationes, 'cultura' in overdrachtelijke zin. In dit boek vindt een gesprek plaats over het nut van de filosofie; een leerling twijfelt daaraan, omdat 'filosofen nogal eens een liederlijke levenswandel hebben'. Cicero antwoordt: "Evenmin als alle akkers die je bewerkt vrucht dragen, brengen alle zielen die je bewerkt vruchten voort. Maar de bewerking van de geest is de filosofie (cultura animi, philosophia est)". In de middeleeuwen krijgt een andere (eveneens reeds Latijnse) overdrachtelijke betekenis van 'colere' (bebouwen van het land, verzorging van de gewassen > onderhouden van relatie met godheid) : vereren, aanbidden (cultus) de overhand. De Vulgaat (de Bijbel in het Latijn) heeft het over cultura Domini (vereren van de Heer) en cultura Dei (aanbidden van God). Vanaf de renaissance gebruiken veel schrijvers Cicero's cultura animi weer, maar dan als een vast begrippenpaar. Soms letterlijk vertaald als bebouwing van de geest, maar begrepen als vorming van de geest.

Cultura is tot in de achttiende eeuw een actief woord: het vormen van. In de achttiende eeuw, de eeuw van de Verlichting, krijgt 'cultura' geleidelijk aan de betekenis 'geestelijke vorming'; het Duitse Cultur (nog gespeld met C) gaat vervolgens verwijzen naar het resultaat van die intellectuele vorming (Johann Gottfried Herder). Daarmee is vanuit het dynamische vorming, via metonymie, het resultatieve beschaving of cultuur ontstaan.

Nog steeds heeft Cultur dan nog niet de huidige betekenis van 'levensvisie en levenswijze van een volk' (de manier van zien, zijn en doen). Deze betekenisontwikkeling voltrekt zich vooral in Frankrijk, waarvoor dan eerst het woord civilisation wordt gebruikt (1756). Dat Franse woord civilisation staat in betekenis dicht bij het Duitse woord Kultur, inmiddels met een K geschreven.

In 1871, in de openingszin van het boek Primitive Culture van Edward B. Tylor, krijgen beide woorden ook een antropologische betekenis: "Culture or Civilization, taken in its wide ethnographic sense, is that complex whole which includes knowledge, belief, art, morals, law, custom, and any other capabilities and habits acquired by man as a member of society."

Cultuurpolitiek[bewerken | brontekst bewerken]

Cultuurpolitiek en cultuurbeleid omvat in Nederland drie beleidsterreinen:

Voor de periode 2006-2009 hanteerde de Raad voor Cultuur een onderverdeling in de volgende sectoren[1]:

  • Amateurkunst en cultuureducatie
  • Archieven
  • Beeldende kunst en vormgeving
  • Bibliotheken
  • Cultuurbezit
  • Dansen
  • eCultuur
  • Films
  • Internationaal en intercultureel beleid
  • Landschapsarchitectuur, architectuur en stedenbouw
  • Letteren
  • Media
  • Monumenten en archeologie
  • Musea
  • Muziek en muziektheater
  • Theater

Actuele cultuurpolitieke thema's zijn internationaal cultuurbeleid en culturele diversiteit.

Cultureel erfgoed[bewerken | brontekst bewerken]

Cultureel erfgoed is deel van de groepsidentiteit van een samenleving of volk; het laat zien waar een samenleving vandaan komt, en draagt bij aan de sociale cohesie binnen een samenleving. Onder cultureel erfgoed vallen objecten als monumenten en immateriële zaken als sommige tradities.

Volksgewoonten (tradities) als volksmuziek, volksdansen, klederdracht, traditionele bouwkunst, religieuze rituelen behoren tot het cultureel erfgoed van een volk. Bedrijfscultuur in een organisatie of overlegcultuur op een kantoor zijn vormen van cultuur op micro-niveau.

In de archeologie en de geschiedschrijving betekent cultuur beschaving (civilisatie), bijvoorbeeld de 'trechterbekercultuur', waarvan het kenmerkend aardewerk met een trechtervorm de enig overgebleven, bekende culturele uitingsvorm is.

Zie ook Archeologische cultuur

Media, letteren, bibliotheken[bewerken | brontekst bewerken]

De media bieden informatie en inzichten en bieden daarmee de mogelijkheid tot meningsvorming. Onder media vallen de schrijvende pers en de radio- en televisieomroep; onder de letteren vallen auteurs, uitgeverijen en podia (festivals); onder bibliotheken vallen zowel openbare bibliotheken, als openbaar toegankelijke, private boekencollecties.

Kunsten[bewerken | brontekst bewerken]

Kunst wil de verbeeldingskracht prikkelen en vergezichten scheppen die kunnen inspireren, en uitzicht bieden op de zin van het bestaan. Onder de kunsten vallen de beeldende kunst (schilderkunst, beeldhouwkunst, nieuwe media, prentkunst); mode en design; de podiumkunsten: de muziekkunst (popmuziek, jazz, wereldmuziek, klassieke muziek) en het theater (toneel, kleinkunst, bewegingstheater, straattheater); en organisaties als theaters, musea en festivals.

De studie van cultuur[bewerken | brontekst bewerken]

Zie cultuurwetenschappen voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

Cultuurwetenschappen zijn de wetenschappen, die bepaalde facetten van de cultuur bestuderen. Hiertoe rekent men de geschiedschrijving, kunstgeschiedenis, de studie van literatuur en filosofie. Er zijn ook raakvlakken met de communicatiewetenschap, met name de vraag: Hoe brengen we cultuur bij de mensen?

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]

Zie de categorie Culture van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.
Zoek cultuur op in het WikiWoordenboek.