Emil Theodor Kocher

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nobelprijswinnaar  Emil Theodor Kocher
25 augustus 184127 juli 1917
Emil Theodor Kocher.jpg
Geboorteland Zwitserland
Geboorteplaats Bern
Overlijdensplaats Bern
Nobelprijs Fysiologie of Geneeskunde
Jaar 1909
Reden Voor onderzoek naar de schildklier
Voorganger(s) Ilja Iljitsj Metsjnikov
Paul Ehrlich
Opvolger(s) Albrecht Kossel

Emil Theodor Kocher (Bern, 25 augustus 1841 – aldaar, 27 juli 1917) was een Zwitsers arts die in 1909 de Nobelprijs voor de Fysiologie of Geneeskunde kreeg voor "zijn werk in de fysiologie, pathologie en chirurgie van de schildklier".

Biografie[bewerken]

Kocher studeerde in Zürich, Berlijn, Londen en Wenen, en promoveerde in 1865 in Bern. In 1872 volgde hij Georg Albert Lücke op als gewoon hoogleraar chirurgie en directeur van de chirurgische kliniek van de Universiteit van Bern. Hij publiceerde werken over verschillende onderwerpen buiten de schildklier zoals hemostase, antiseptische behandeling, heelkundige infectieziekten, over schotwonden en acute osteomyelitis, de theorie van beknelde hernia en buikchirurgie. Zijn nieuwe ideeën over de schildklier waren in eerste instantie controversieel, maar zijn succesvolle behandeling van krop met een geleidelijk afnemende mortaliteit gaf hem erkenning. Het prijzengeld van de Nobelprijs stelde hem in staat het Kocher Instituut in Bern op te richten.

Een aantal instrumenten (klem of arterieklem van Kocher) en chirurgische technieken (kraagsnede van Kocher, manoeuvre van Kocher) zijn naar Kocher genoemd, en ook het syndroom van Kocher-Debré-Semelaigne.

Externe links[bewerken]