Epos

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kleitablet met een passage uit het Gilgamesj-epos (ca. 2000 v.Chr.).
De eerste verzen van de Odyssee van Homerus (ca. 800 v.Chr.).
De goddelijke komedie van Dante Alighieri (14e eeuw), uitgave van 1529.

Een epos (Grieks, meervoud epen of - minder gebruikelijk - epossen) of heldendicht is een lang, verhalend gedicht over belangrijke mythologische of historische personen en gebeurtenissen. Het kan ook gaan over een al dan niet legendarische gebeurtenis, zoals in de Ilias van Homeros en de Aeneis van Vergilius.

De naam[bewerken]

De oorsprong van het Nederlandse woord 'epos' ligt in het Oud-Griekse woord 'ἔπος' (épos), dewelke zich vertaald kan laten worden als '(gesproken) woord', 'bewering', 'raad', 'wens', 'bevel', 'voorschrift', 'gerucht', 'epos', 'lied', 'epische versregel' of zelfs '(orakel)spreuk'. Het Griekse woord 'ἔπος' is verwant aan het onvolledige werkwoord 'εἶπον' (eîpon), wat men vertaalt met 'spreken' of 'zeggen'.

Epen in de klassieke oudheid[bewerken]

De Grieken[bewerken]

De Griekse epen zijn de oudste bewaarde Griekse teksten. Ze werden neergeschreven kort na de herontdekking van het schrift, rond het einde van de achtste eeuw v.Chr. De twee eerste staan op naam van de dichter Homerus. De verhalen werden echter alleen door hem in definitieve vorm gegoten, want de Ilias en Odyssee werden immers al eeuwenlang mondeling overgeleverd.

De Romeinen[bewerken]

Het epos werd in Rome geïntroduceerd in 270 V.C. door Livius Andronicus. De Romeinen begonnen met de Griekse verhalen te vertalen. In Livius' geval betrof het een vertaling van de Odyssee. Later gingen de Romeinen de concurrentie aan: ze bootsten de Grieken eerst na en probeerden ze vervolgens te overtreffen.

Kenmerken oude epen[bewerken]

Eeuwenlang werden de homerische kenmerken in ere gehouden. Alleen Ovidius' Metamorfosen beantwoorden niet aan die kenmerken.

Vormelijke kenmerken[bewerken]

  • Verhalend en lang
  • Geschreven in dactylische hexameter
  • Verheven stijl
  • Epische breedvoerigheid

Inhoudelijke kenmerken[bewerken]

  • Belangrijke historische en mythologische gebeurtenissen
  • De helden zijn koningen en legerleiders
  • De goden nemen deel aan de actie en hebben er invloed op

Bekende epen[bewerken]

De onderstaande epen zijn in chronologische volgorde weergegeven.

Oude epen (tot 500)[bewerken]

Middeleeuwse Epen (500-1500)[bewerken]

Recentere Epen (na 1500)[bewerken]

Genres epiek: anekdote · ballade · epos · fabel · gedicht · genre · inleiding · kort verhaal · legende · mythe · novelle · parabel · raamvertelling · reisverhaal · roman · saga · sage · sprookje · verhaal · vignet · volksballade · volksverhaal
Verloop: catharsis · cliffhanger · climax · deus ex machina · epiloog · fabel · plot · plotpoint · proloog · synopsis · verhaallijn
Begin en einde: ab ovo · in medias res · in ultimas res · incipit · openingszin · terminus
Personage: aangever · alter ego · alteriteit · antagonist · antiheld · bijfiguur · bijrol · booswicht · byroniaanse held · copresentator · deuteragonist · flat character · held · hoofdpersoon · hoofdrol · personage · protagonist · round character · tritagonist · typetje · uitverkorene · underdog
Spanning: cliffhanger · spanning
Vertelperspectief: afwisselende perspectief · auctoriële verteller · ik-perspectief · onbetrouwbare verteller · personele verteller · point of view
Vertelinstantie: focalisatie · homodiëgetische vertelling · heterodiëgetische vertelinstantie · rhema · vrije indirecte rede
Samenhang & verband: plot · rode draad · verhaallijn
Motief & thema: abstract motief · concreet motief · leidmotief · motto · thema
Tijd & ruimte: eenheidsconventie · kalendertijd · mise en abyme · opschuivende tijdlijn · praesens historicum · tijdverruiming · verteltijd · vertelde tijd
Stijl: dramatische ironie · red herring · shooting the messenger · register · stijl · stream of consciousness · suspension of disbelief · show, don't tell · verteltechniek
Stijlperiode: middeleeuwen · renaissance · maniërisme · barok · verlichting · sentimentalisme · preromantiek · romantiek · realisme · impressionisme · naturalisme · neoromantiek · symbolisme · expressionisme · constructivisme · dadaïsme · surrealisme · nieuwe zakelijkheid · magisch realisme · existentialisme · vijftigers · modernisme · postmodernisme
Studie: driehoek van Petersen · narratologie · verhaalanalyse