Naar inhoud springen

Radboud Universiteit

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Radboud Universiteit Nijmegen)
Radboud Universiteit
Radboud University
Logo
Radboud Universiteit
Afkorting RU
Latijnse naam Universitatis Radbodianae Noviomagensis
Statutaire naam Stichting Radboud Universiteit
Motto In Dei Nomine Feliciter (Moge het ons in Gods naam voorspoedig gaan)
Locatie Nijmegen, Nederland
Opgericht 15 mei 1923Bewerken op Wikidata
Genoemd naar Sint-Radboudstichting/Radboud van Utrecht
Type openbaar / rooms-katholiek
Eigendom Stichting Katholieke Universiteit
Rector José Sanders
Studenten 24.104 (2024)[1]
Personeel 6.147 fte (2022)[2]
Lid van EUA, IFCU, The Guild of European Research-Intensive Universities
Officiële website
Portaal  Portaalicoon   Onderwijs

De Radboud Universiteit is een rooms-katholieke, Nederlandse universiteit. Op 17 oktober 1923 ging ze van start als Katholieke Universiteit Nijmegen.[3] De universiteit is voortgekomen uit de katholieke gemeenschap. Ze draagt haar oorsprong uit in haar onderzoeks- en onderwijsprogramma. Daarnaast participeert zij in vele landelijke katholieke en algemeen-christelijke verbanden. De universiteit behoort consistent tot de top 200 universiteiten ter wereld in de vier grootste universitaire rangschikkingen.[4]

De universiteit telt zeven faculteiten en ruim honderd opleidingen (bachelor en master). Op 1 oktober 2022 stonden 24.633 studenten ingeschreven, waarvan 10,6% internationale studenten.[1] In 2022 had de universiteit 6.147 voltijdsequivalenten personeel in dienst, waarvan 3.467 wetenschappelijk personeel.[2]

Zowel de Radboud Universiteit zelf als het Radboud universitair medisch centrum zijn gevestigd op het Nijmeegse landgoed Heijendaal, in de gelijknamige stadswijk.

Naam en wapen

[bewerken | brontekst bewerken]
Wapen volgens beschrijving
Modern logo gebaseerd op het wapen

De huidige naam van de universiteit verwijst naar de Sint-Radboudstichting (tegenwoordig de Stichting Thomas More geheten). Deze werd in 1905 opgericht door de Nederlandse Bisschoppen, met als doel de bevordering van het katholiek hoger onderwijs in Nederland en in het bijzonder de oprichting van een katholieke universiteit. De Sint-Radboudstichting was op haar beurt vernoemd naar de bisschop, geleerde, dichter en heilige Radboud van Utrecht, die omstreeks het jaar 900 leefde. Hij was geboren in een adellijke Frankische christelijke familie en vernoemd naar een van zijn voorvaderen, de Friese koning Radboud. In Nederland is dit ook de patroonheilige van de katholieke wetenschapsbeoefening.

De naam Radboud betekent letterlijk ‘boodschapper van raad’.

Bij de oprichting in 1923 heette de universiteit de Roomsch Katholieke Universiteit Nijmegen. In 1956 volgde het daartoe behorende Sint-Radboudziekenhuis (nu Radboudumc). Sinds 1 september 2004 draagt de universiteit officieel haar huidige naam, maar statutair bleef dit de Katholieke Universiteit Nijmegen. Als afkorting wordt nu RU Nijmegen gehanteerd. Volgens de toenmalige voorzitter van het college van bestuur, ir. Roelof de Wijkerslooth, verduidelijkte de nieuwe naam van de universiteit de samenwerking tussen de universiteit en het Radboud universitair medisch centrum (voorheen het Universitair Medisch Centrum St Radboud). Iets eerder, in 2002, had de Katholieke Universiteit Brabant al haar naam veranderd in Universiteit van Tilburg.

Vanaf september 2014 is de universiteit het gebruik van de plaatsnaam 'Nijmegen' in de naam gaan afbouwen. De bedoeling hiervan was dat deze kortere en minder plaatsgebonden naam de uitstraling van de universiteit binnen de internationale wetenschappelijke wereld verder zou verbeteren.

Het wapen van de universiteit is van keel: een kruis van zilver, met een schildhoofd van lazuur beladen met een gehalode duif met uitgestrekte vleugels met zeven stralen, alles van zilver. Het schild is gedekt door de kroon van Karel de Grote. De wapenspreuk luidt: In Dei Nomine Feliciter ("Gelukkig in Gods Naam"). De wapenspreuk is ontleend aan bekende overgeleverde geschriften uit de Karolingische periode.[5][6] Ook wordt de spreuk in verband gebracht met Willibrord. Het wapen werd bij de stichting van de universiteit ontworpen door edelsmidse Brom in Utrecht. De onderste helft van het wapen is het wapen van de Nederlandse kerkprovincie. De duif in het schildhoofd is het symbool van de Heilige Geest.[7]

Voorgeschiedenis

[bewerken | brontekst bewerken]

Eerdere universiteit

[bewerken | brontekst bewerken]
Bij de opening op 17 oktober 1923: de pedel en de professoren op weg naar de Sint-Ignatiuskerk

De huidige Radboud Universiteit is de tweede universiteit in Nijmegen. In 1655 was al de Kwartierlijke Academie van Nijmegen opgericht, die echter geen lang leven beschoren is geweest. In 1665 trof een epidemie de stad inclusief de universiteit. Na het beleg van 1672 werd Nijmegen ook nog door de Fransen bezet, waarna de financiering voor de Kwartierlijke Academie van Nijmegen al snel was afgelopen. In 1679 verliet de laatste hoogleraar, Gerard Noodt, de Kwartierlijke Academie van Nijmegen. De universiteit werd na bijna 25 jaar te hebben bestaan opgeheven.[8]

Het gebouw aan de Snijderstraat dat fungeerde als universiteitsbibliotheek, tot aan de verwoesting bij het bombardement van 1944

Op 15 mei 1923 werd de Roomsch Katholieke Universiteit Nijmegen opgericht, later kortweg Katholieke Universiteit Nijmegen (KUN) genoemd. Tevens was dit de eerste rooms-katholieke universiteit in heel Nederland. Het initiatief voor de oprichting was genomen door de hiervoor genoemde Sint-Radboudstichting.[9] Het Nijmeegsch Studenten Corps Carolus Magnus (nu N.S.V. Carolus Magnus) werd in hetzelfde jaar opgericht als de universiteit. Iedere nieuwe student werd automatisch verplicht lid van deze vereniging. In 1928 volgden de S.S.N. 'Roland' en de S.V.N. 'de Meisjesclub' waarbinnen de universitaire studenten zich verenigden.

De oprichter was Jos Schrijnen. Aanvankelijk had hij de naam Keizer Karel Universiteit in gedachten, een verwijzing naar Karel de Grote.[10] Dit is uiteindelijk niet de officiële naam geworden, wel is de universiteit officieus soms zo genoemd.[11]

Als eerste hoofdgebouw werd een villa aan het Keizer Karelplein aangekocht van de familie De Gruyter. In 1927 stelde de gemeente het deel van de Wedren tussen de Bijleveldsingel, Wilhelminasingel en Waldeck Pyrmontsingel gratis ter beschikking, maar het universiteitsbestuur besloot hier geen gebruik van te maken. In 1929 werd er overgegaan tot de bouw van een eerste aula op de hoek van de Bijleveld- en Wilhelminasingel, dat een jaar later af was. Het ontwerp hiervoor was van M.H.W.J. van Ooijen, een architect uit Haarlem. Het gebouw viel niet erg in de smaak, niettemin zou het hierna tot 1988 als aula in gebruik blijven.[12] :157[13]:115 Terwijl het hoofdgebouw aan het Keizer Karelplein stond, stond de universiteitsbibliotheek op de hoek van de Platenmakersstraat en Snijderstraat.[14]

De Tweede Wereldoorlog trof de universiteit in meerdere opzichten zwaar. Diverse bekende hoogleraren verloren het leven, zoals Robert Regout, hoogleraar Volkenrecht, en Titus Brandsma, hoogleraar Geschiedenis der wijsbegeerte en mystiek en verdediger van de vrije pers. Zij werden vanwege hun verzetsactiviteiten gearresteerd en overleden in het concentratiekamp te Dachau. In 1943 weigerde rector magnificus Hermesdorf de loyaliteitsverklaringen die de Duitse bezetter eiste aan de studenten voor te leggen; de universiteit sloot op bevel van aartsbisschop De Jong haar deuren. Tijdens het bombardement op 22 februari 1944, waarbij een groot deel van de Nijmeegse binnenstad werd verwoest, verloor ook de universiteit veel van haar gebouwen. Sommige studenten gingen tijdens de oorlog in het verzet.

Beelden van de in 1951 opgerichte medische faculteit en de eerste promotieplechtigheid binnen deze faculteit in 1955

In maart 1945 was de oorlog inmiddels bijna voorbij, en werden de colleges hervat. Niet lang daarna werd besloten dat de universiteit vanuit het stadscentrum zou verhuizen naar het Landgoed Heyendael (de latere stadswijk Heijendaal). De nieuwe bouwopdracht hiervoor werd gegund aan de vier architecten Marinus Jan Granpré Molière, J.van der Laan, J.G. Deur en Cees Pouderoyen. Zij gingen uit van de destijds populaire gedachte (overgewaaid vanuit de Verenigde Staten) dat iets als een universiteit nog het beste in natuurgebied gevestigd kon zijn, een eind uit de buurt van het echte stadsleven. In 1949 kocht het universiteitsbestuur het landgoed Heijendaal op van de erfgenamen van Frans Jurgens.[15]:157

De eerste ontwerpen betroffen die voor de medische faculteit, een project dat onder leiding stond van J. van der Laan. Het hiervoor voorziene terrein lag meteen ten zuiden van de spoorlijn Nijmegen-Venlo. Ook de faculteiten Wis- en Natuurkunde moesten op deze plek komen. De daadwerkelijke bouwwerkzaamheden begonnen op 21 december 1950. Nadat op het landgoed Heyendael de medische faculteit in 1951 als eerste was opgeleverd, volgden gaandeweg de andere faculteiten: Wis- en Natuurkunde, ontworpen door het Heerlense bureau F.P.J. Peutz (deze faculteit werd opgericht in 1957; nu is dit Natuurwetenschappen, Wiskunde & Informatica), Sociale Wetenschappen (opgericht in 1963), Wijsbegeerte, Letteren en Godgeleerdheid (aanvankelijk door het Rotterdamse bureau Kraaijvanger; in 1974 verplaatst naar het toen nieuwe Erasmusgebouw), Rechtsgeleerdheid (begin jaren 80 verhuisd naar de Thomas van Aquinostraat), en ten slotte Beleidswetenschappen (opgericht in 1988; nu Managementwetenschappen). Het hele project werd in deze tijd bekend als het "Kelkplan"; het universiteitsterrein als geheel moest de vorm van een kelk krijgen, verwijzend naar de symboliek in het rooms-katholicisme.[13]:115-116

Het nabijgelegen Canisiusziekenhuis aan de St. Annastraat was voorzien als academisch ziekenhuis; de campus van de medische faculteit zou rechtstreeks hieraan gaan grenzen. Voorts was in de oorspronkelijke plannen ook de aangrenzende wijk Galgeveld voorbestemd om een zeer belangrijk deel van de universiteitscampus te worden, met een plein van 140 bij 200 meter waar tevens het nieuwe hoofdgebouw zou komen, evenals de universiteitsbibliotheek en een kapel. De nieuwe gebouwen van de A-faculteit zouden ook allemaal in Galgeveld komen. In 1960 werd echter definitief besloten dat het universitaire hoofdgebouw in Heijendaal moest komen te staan. Galgeveld werd daarmee als plek voor de campus veel minder belangrijk; hier werden uiteindelijk enkel de Mensa, een deel van de studentenflats en de studentenkerk gebouwd.

Voor een andere, zeer ingrijpende wijziging moest zelfs het hele stratenplan in Heijendaal op de schop. De Driehuizerweg, die tot dan toe de hoofdverbindingsweg was tussen het zuidelijker gelegen landgoed Brakkenstein en het stadscentrum in het noorden, vormde de oostgrens van de nieuwe universiteitscampus. Ter hoogte van het Toernooiveld werd deze weg nu geheel afgesloten in noordelijke richting. Er zou anders namelijk onvoldoende ruimte zijn geweest voor de faculteiten Wis- en Natuurkunde, nu ook de A-faculteiten volgens het gewijzigde plan volledig in Heijendaal zouden komen te liggen. De Heyendaalseweg werd nu de nieuwe hoofdverbindingsroute vanaf de campus richting het noorden; deze weg werd in noordelijke richting een heel stuk langer gemaakt en ook iets verlegd. Als gevolg van al deze aanpassingen viel de bouw van de B-faculteiten in de periode 1962-1965 stil. Het eerste laboratoriumgebouw hiervan was op dat moment al gerealiseerd, en kwam nu enigszins merkwaardig te liggen. Ook raakte het Toernooiveld enigszins geïsoleerd.[13]:115-117

Demonstrerende studenten bezetten in 1972 de universiteitsaula
Overzicht van het universiteitsterrein in 1976.

Er brak na 1945 een langdurige periode van grote bloei aan voor de universiteit. Hoogleraren als Lodewijk Rogier, Jac. van Ginneken S.J., Alphons Mulders, Bernard Alfrink, Reinier Post, Frans Haarsma, Anton van Duinkerken, Willem Grossouw, David de Levita, Frits van der Meer, Gerard Brom, Jan van der Ploeg O.P., Piet Schoonenberg S.J., Han Fortmann, Wim van der Grinten, Edward Schillebeeckx O.P. en Jos van Kemenade werden bekende boegbeelden. Ook het aantal studenten groeide snel, van 3000 in 1960 tot 15.000 in 1980. Nijmegen kreeg uiteindelijk een brede universiteit met acht faculteiten.

De democratiseringsbeweging van de jaren zestig en zeventig verliep ook in Nijmegen stormachtig. Het ging om medezeggenschap van studenten en wetenschappelijk personeel, maar ook om de inhoud en oriëntatie van de studie. Het was de tijd van bezettingen, waarin de bestuursverhoudingen veranderden en veel werd vergaderd over vernieuwing en de relatie tussen universiteit en samenleving.

Vanaf de jaren tachtig kwam de universiteit in rustiger vaarwater en concentreerde ze zich op vernieuwing in onderwijs en onderzoek. Vanaf eind jaren negentig was er sprake van een bouwgolf: een van de vier sterkste magneten ter wereld werd in Nijmegen geïnstalleerd. Ook werd de universiteit verder uitgebreid met laboratoria voor de moleculaire levenswetenschap, een nieuwe bètafaculteit, een modern sportcentrum, en een nanolaboratorium waar ook natuur- en scheikundigen van het Institute for Molecules and Materials werkzaam zijn.

In september 2004 wijzigde de universiteit haar naam in Radboud Universiteit.

Uitbreidingen na 2004

[bewerken | brontekst bewerken]

Op 1 september 2006 kreeg de universiteit er een negende faculteit bij, Religiewetenschappen, als afsplitsing van de Faculteit der Theologie. Deze was bedoeld om met meer wetenschappelijke vrijheid alle wereldgodsdiensten te onderzoeken, in plaats van de bij theologie gebruikelijke studie van de zelfperceptie van het christendom. Vanwege deze verschillende uitgangspunten meende men Religiewetenschappen een eigen faculteit te moeten verschaffen.[16] Religiewetenschappen bleef wel met Theologie en Filosofie de Facultaire Unie vormen. Een uitbreiding van Religiewetenschappen met opleidingen van Sociale Wetenschappen is maar half verwezenlijkt (Islam en Arabisch wel, Culturele Antropologie niet). Er werd lang gediscussieerd of deze constructie wel de juiste was; een volledige fusie zagen de drie faculteitsbesturen aanvankelijk niet zitten, ook niet een integratie in de Faculteit der Letteren.[17][18] Op 1 januari 2011 werd de Facultaire Unie dan toch volledig gefuseerd tot de Faculteit der Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen.[19]

In de jaren 2009 en 2010 is de infrastructuur van de campus verbeterd na grootschalige verbouwingen.

In het laatste kwartaal van 2013 werd het Universitair Medisch Centrum St Radboud omgedoopt tot Radboudumc. De naam zou beter passen bij de sinds 2004 gevoerde naam Radboud Universiteit.

2018: Universiteit viert 95-jarig bestaan in Stevenskerk

Omstreden predicaat "katholiek" (2020-2022)

[bewerken | brontekst bewerken]

De Radboud Universiteit had van 15 november 2020 tot halverwege november 2022 niet langer het predicaat "katholiek". In oktober 2020 werd dit predicaat door de Nederlandse bisschoppen per 15 november 2020 ingetrokken, omdat zij meenden dat hun bestuurlijke invloed op de instelling te gering was geworden. Nederlandse Bisschoppenconferentie besloot op 19 oktober 2020 aan de Stichting Katholieke Universiteit (koepelorganisatie van de universiteit en het Radboudumc) per decreet het predicaat te ontnemen.[20][21] Dit was het resultaat van de uitkomst van een langslepend geschil tussen de koepelorganisatie en de Nederlandse bisschoppen over de 'katholiciteit' van bestuursleden. De bisschoppen weigerden jarenlang in te stemmen met bestuursbenoemingen die uitsluitend rustten op kwalificaties en niet op katholiciteit. Het bestuur was daardoor onderbezet geraakt, en de stichting vroeg aan de Ondernemingskamer toestemming om, buiten de statuten om, zelf het bestuur te mogen aanvullen. Die kregen ze, waarna de intrekking van het predicaat volgde.[22] Tijdens het Ad liminabezoek van de Nederlandse bisschoppen aan Rome in november 2022 bleek de Heilige Stoel daar anders over te denken; ook de universiteit zelf wilde het predicaat behouden.[23] De universiteit gaf aan het besluit van de geestelijken te betreuren.

Op 15 mei 2022 werd de oud-hoogleraar en oud-rector magnificus Titus Brandsma door paus Franciscus in Rome heilig verklaard. De voorheen katholieke Radboud Universiteit was met een grote bestuurlijke delegatie bij de heiligverklaring aanwezig. In november 2022 floot het Vaticaan de Nederlandse Bisschoppenconferentie terug; alleen de paus zou mogen bepalen of een universiteit al dan niet "katholiek" is. Kardinaal Wim Eijk verklaarde op 11 november bij een persconferentie in Rome dat "de Heilige Stoel het laatste woord heeft", en hij beloofde om met de Radboud Universiteit te gaan onderhandelen om de 'katholiciteit van de universiteit te versterken'.[24] Volgens de Heilige Stoel was de Radboud Universiteit nog steeds katholiek.[25][26]

Demonstraties (2024-2025)

[bewerken | brontekst bewerken]

In 2024 en 2025 werden er – net als op andere universiteiten [27] – diverse protesten en demonstraties gehouden tegen de aanhoudende samenwerking van de universiteit met Israëlische universiteiten na het uitbreken van de oorlog in Gaza.[28] Er werden in 2025 Kamervragen gesteld over herhaald antisemitisme en oproepen tot geweld door een aan de Radboud Universiteit verbonden docent, Harry Pettit.[29] In de middag van 7 oktober 2025 ontstond er korte tijd een gevaarlijke situatie toen demonstranten het Goudsmitpaviljoen bezetten, waar zich een magnetenlaboratorium bevond.[30] Er werden 23 mensen gearresteerd.[31]

De vleugels van het Huygensgebouw
Huize Heyendaal gelegen op de campus.

De Radboud Universiteit heeft haar campus, die bijna het gehele Landgoed Heyendaal binnen de wijk Heijendaal, bestrijkt, onderverdeeld in drie gebieden: Heyendaal Zuid, Heyendaal Oost en de medische faculteit waar het Radboudumc gevestigd is. Op het terrein van het Radboudumc staan dienstwoningen, twee hotels voor personeel en gasten en de studentenkerk. Het Huize Heijendaal vervult een representatieve rol.

Heyendaal Zuid huisvest voornamelijk studierichtingen in de geesteswetenschappen en maatschappijwetenschappen. Het hoogste gebouw van Nijmegen, het 88 meter hoge Erasmusgebouw, staat op dit gedeelte van de campus. Ook vindt men hier het universitair sportcentrum, horeca en detailzaken.

De universiteit verwierf in 2013 aan de zuidzijde van het universiteitscomplex het voormalige jezuïetenklooster Berchmanianum aan de Houtlaan. Dat werd na renovatie en de bouw van een nieuwe toegang in 2018 het nieuwe bestuursgebouw van de universiteit.

Op Heyendaal Oost worden over het algemeen de natuurwetenschappelijke studies aangeboden en staan de onderzoeksgebouwen (Huygensgebouw). Ook bevindt zich hier het studentencomplex Sterrenbosch waar de Stichting Studenten Huisvesting Nijmegen de kamers van verhuurt.

Voor de aula van de Radboud Universiteit (Comeniuslaan) bevindt zich een standbeeld van Thomas van Aquino (1926), vervaardigd door de beeldhouwer August Falise.

Het onafhankelijke universiteitsmedium Vox, bedoeld voor studenten en medewerkers, verschijnt dagelijks op internet en een aantal keren per jaar op papier. Het papieren blad wordt gratis verspreid op de campus. Tot 2024 verscheen er een paar keer per jaar Radboud Magazine,[32] een blad voor de alumni van de universiteit.

Op de RU maken de studenten ook een onafhankelijk studentenblad dat zevenmaal per jaar verschijnt: het Algemeen Nijmeegs Studentenblad (ANS). Daarnaast publiceert de Faculteit der Filosofie het wijsgerige tijdschrift Splijtstof.

Studentenleven

[bewerken | brontekst bewerken]
De Batavierenrace, een jaarlijkse studentenestafette van Nijmegen naar de Universiteit Twente, is het grootste studentensportevenement van Nederland

Naar algemener gebruik organiseren de studenten zich in verschillende aan de universiteit en hogeschool verbonden verenigingen. Stad en universiteit tellen een groot aantal studie- en studentenverenigingen.

In de jaren 60 en 70 nam de belangstelling voor de gezelligheidsverenigingen af door de toenmalige heersende linkse niet-traditionele geest. De studieverenigingen namen de plaats in het studentenleven goeddeels over. Evenwel groeien de gezelligheidsverenigingen langzaam weer tot enige omvang, met als grootste drie Carolus Magnus, Phocas en Ovum Novum met alle drie enkele honderden leden. Daarnaast zijn er studentensportverenigingen (De Loefbijter, Apeliotes, N.S.L.T.C. Slow, Ha-Stu enz.), de disputenfederatie Argus, onafhankelijke disputen, studentenvakbond AKKU, het alternatieve Karpe Noktem, internationale en levensbeschouwelijke studentenverenigingen.

Ondernemerschap

[bewerken | brontekst bewerken]

Sinds 1980 zijn er ongeveer 350 bedrijven ontstaan uit de Radboud Universiteit.

Het Erasmusgebouw huisvest de faculteiten Letteren en Filosofie, Theologie en Religiewetenschappen

Het onderwijs aan de universiteit vindt overwegend plaats in kleine groepen, waarin studenten en docenten intensief contact met elkaar hebben. Bij alle opleidingen zijn er minimaal vijftien tot twintig contacturen per week in de vorm van hoorcolleges, werkcolleges of begeleiding. De universiteit heeft 14 onderzoeksinstituten en telt 134 opleidingen (37 bachelor- en 75 masteropleidingen en 22 postinitiële opleidingen) in de alfa-, bèta- gamma- en medische wetenschappen, verdeeld over zeven faculteiten. Deze zeven faculteiten zijn (oprichtingsjaar tussen haakjes met eventueel oude naam):

De Radboud Universiteit heeft een eigen theologische opleiding, waarvan aartsbisschop Wim Eijk de grootkanselier is. De universiteit besloot in 2005 om niet te participeren in één gezamenlijke theologische faculteit, die mede toegang zou geven tot het priesterambt. In haar theologische opleiding zette ze de traditie voort van de Nijmeegse theologie, die mede dankzij theologen als prof. dr. Edward Schillebeeckx wereldwijd gekend is. Vanaf december 2006 was de theologische faculteit niet langer bevoegd om canonieke graden te verlenen, omdat de faculteit geen statuten had opgesteld die voldeden aan de apostolische constitutie Sapientia christiana. In 2011 fuseerde de theologische faculteit met filosofie en religiewetenschappen.[19] Onderdeel van de theologische faculteit is het Nijmeegs Instituut voor Missiewetenschappen (NIM).

In september 2009 werd gestart met de Radboud Honours Academy (RHA), een tweejarig academisch onderwijsprogramma voor de meest getalenteerde en gemotiveerde studenten.

Uitzicht over het Science Park
Het Goudsmitpaviljoen voor Nuclear Magnetic Resonance-onderzoek

Onderzoeksinstituten van de universiteit zijn:

Filosofie, Theologie & Religiewetenschappen
  • Research Institute for Philosophy, Theology and Religious Studies
Letteren
Rechtsgeleerdheid
Managementwetenschappen
  • Institute for Management Research (IMR)
Sociale Wetenschappen
Natuurwetenschappen, Wiskunde & Informatica
  • Radboud Institute for Molecular Life Sciences
  • Radboud Institute for Biological and Environmental Sciences (RIBES)
  • Institute for Molecules and Materials (IMM)
  • Institute for Mathematics, Astrophysics and Particle Physics (IMAPP)
  • Institute for Computing and Information Sciences, voor computerwetenschap en informatica (ICIS)
Medische Wetenschappen
  • Radboud Institute for Health Sciences (RIHS)
  • Radboud Institute for Molecular Life Sciences (RIMLS)
  • Donders Institute for Brain, Cognition and Behaviour

Onderzoeksfaciliteiten

[bewerken | brontekst bewerken]
Het High Field Magnet Laboratory, magneetlaboratorium

De Radboud Universiteit heeft twee Europese onderzoeksfaciliteiten: het High Field Magnet Laboratory (HFML) en de LifeScience Trace Gas Facility.

De combinatie van het opwekken van zeer hoge magneetvelden (60 tesla) voor korte tijd en continue velden (33 tesla) over langere tijd, maakt het HFML een bijzonder lab voor materialenonderzoek in magnetische omstandigheden. Er zijn op de wereld slechts een paar vergelijkbare laboratoria. De hoofdgebruikers zijn onderzoekers van het Institute for Molecules and Materials, en zij richten zich op het meten van kwantumeffecten, magnetische manipulatie van moleculen en optische en ver-infrarood spectroscopie.

Het Donders Institute for Brain, Cognition and Behaviour is een instituut voor hersenonderzoek, meer in het bijzonder de informatieverwerking in het brein.

Spinozawinnaars

[bewerken | brontekst bewerken]
Theo Rasing ontvangt zijn Spinozapremie in 2008

De onderstaande hoogleraren van de Radboud Universiteit hebben elk een NWO-Spinozapremie verworven.

  • Pieter Muysken (1998), hoogleraar Taalwetenschap, verbonden aan het Centre for Language Studies. Bij ontvangst van zijn prijs was Muysken nog verbonden aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij besloot tot een overstap naar Nijmegen vanwege de prima onderzoeksfaciliteiten. Hij werd internationaal erkend als leider in de creolistiek en de verwante terreinen van tweetaligheid, taalverwerving en sociolinguïstiek.
  • Anne Cutler (1999), hoogleraar Vergelijkende taalpsychologie en directeur van het Nijmeegse Max Planck Institut für Psycholinguïstik. Ze ontving de Spinozapremie voor haar taalvergelijkend onderzoek en haar onderzoek naar de taalontwikkeling van baby’s. Ze richtte in Nijmegen het Baby Research Center op, met faciliteiten voor gedragsobservatie en voor EEG-onderzoek.
  • Bert Meijer (2001), hoogleraar Organische chemie aan de TU Eindhoven en Nijmegen. Hij is de grondlegger van de macro-organische chemie, het gebied tussen de 'gewone' organische chemie van kleine moleculen en de macromoleculaire chemie (polymeerchemie).
  • Henk Barendregt (2002), hoogleraar in de Grondslagen van de Wiskunde en de Informatica, ontving de prijs vanwege zijn buitengewone prestaties op het terrein van de wiskunde, logica en informatica. Internationale reputatie verwierf hij door baanbrekend werk op het gebied van de zogeheten lambdacalculus. Dit is een taal waarin wiskundigen algoritmes opschrijven en bestuderen.
  • Peter Hagoort (2005), hoogleraar Cognitieve Neurowetenschap en directeur van het F.C. Donders Centre for Cognitive Neuroimaging, ontving de prijs vanwege zijn onderzoek naar het menselijk taalvermogen én de manier waarop hij het FC Donders Centre in vijf jaar naar wereldfaam heeft geleid.
  • Carl Figdor (2006), hoogleraar Experimentele Immunologie Radboud Universiteit en hoogleraar Celbiofysica Universiteit Twente, directeur van het Nijmegen Centre for Molecular Life Sciences. Ontving de NWO-Spinozapremie voor zijn baanbrekende onderzoek naar het gebruik van afweercellen tegen kanker en voor de manier waarop hij fundamenteel onderzoek weet te vertalen naar het bed van de patiënt.
  • Theo Rasing (2008), hoogleraar Spectroscopie van vaste stoffen en grensvlakken van het Institute for Molecules and Materials. Rasing is een toonaangevend pionier in het ontwikkelen van nieuwe technieken om met licht materialen op nanometerschaal te bestuderen en te manipuleren. Zijn recentste en succesvolste onderzoek is dat naar manipulatie van magnetisme met licht.
  • Heino Falcke (2011), hoogleraar Radioastronomie en astrodeeltjesfysica.
  • Mike Jetten (2012), hoogleraar Ecologische microbiologie en directeur van het Institute Water & Wetland Research.
  • Ieke Moerdijk (2012), hoogleraar Algebra en topologie.
  • Mikhail Katsnelson (2013), hoogleraar Theorie van de vastestoffysica.
  • Wilhelm Huck (2016), hoogleraar Fysisch-Organische Chemie.
  • Mihai Netea (2016), hoogleraar Experimentele Interne Geneeskunde.
  • Klaas Landsman (2022), hoogleraar Mathematische Fysica
  • Karin Roelofs (2026), hoogleraar Cognitieve Neurowetenschap en hoofdonderzoeker bij het F.C. Donders Centre for Cognitive Neuroimaging, ontving de prijs vanwege haar onderzoek naar de totaal verschillende manieren waarop mensen reageren op extreme stress.

In 2010 ontving de bijzonder hoogleraar natuurkunde Andre Geim samen met zijn promovendus Konstantin Novoselov de Nobelprijs voor Natuurkunde vanwege hun onderzoek naar de eigenschappen van grafeen.

Sinds 1 januari 2021 zijn de Radboud Universiteit en het Radboudumc twee aparte organisaties met elk een eigen Raad van Toezicht. De Raad bestaat uit vijf leden, die benoemd worden voor een periode van vier jaar.[34][35]

Het college van bestuur[36] is statutair verantwoordelijk voor de universiteit en is het bestuurlijke orgaan dat het algemene beleid voor de zeven faculteiten vaststelt. Prof. José Sanders, hoogleraar Communicatie in organisaties, is sinds 17 oktober 2023 de rector magnificus van de Radboud Universiteit. Zij is de opvolger van prof. dr. Han van Krieken.[37] Vicevoorzitter is sinds 1 januari 2022 Agnes Muskens, collegevoorzitter was sinds 1 mei 2017 Daniël Wigboldus. Wigboldus is sinds 1 februari 2025 opgevolgd [38] door drs. Alexandra van Huffelen.[39]

De Raad houdt toezicht op en adviseert het college van bestuur. Elk faculteitsbestuur leidt en beheert de faculteit en bepaalt de koers die de faculteit als geheel vaart. De Stichting Radboud universitair medisch centrum wordt bestuurd door de Raad van Bestuur van het Radboudumc.[40]

De Radboud Universiteit kent tevens een aantal overlegorganen waarin de medezeggenschap en inspraak van studenten en medewerkers is geregeld: de Gezamenlijke Vergadering (GV), de Ondernemingsraad (OR) en Onderdeelcommissies (OC), de Universitaire Studentenraad (USR) en Facultaire Studentenraden (FSR) en de Opleidingscommissies (OLC).[41]

Ondersteunende diensten

[bewerken | brontekst bewerken]

Ter ondersteuning van onderwijs, onderzoek en bedrijfsvoering heeft de Radboud Universiteit verscheidene diensten met tientallen medewerkers, die ondergebracht zijn in Radboud Services.[42]

De volgende diensten en afdelingen vallen onder Radboud Services:

  • Academic Affairs
  • Bedrijfsbureau Radboud Services
  • Campus & Facilities
  • Finance & Control
  • Human Resources
  • Information & Library Services
  • Marketing & Communications
  • Programma Kwaliteitsverbetering

Publicaties (selectie)

[bewerken | brontekst bewerken]
  • Jan Brabers: Een zoet juk. Rectores magnifici van de Radboud Universiteit over hun rectoraat 1923-2014. Nijmegen, Valkhof Pers, 2014. ISBN 9789056254292
  • 80 jaar KU Nijmegen - 80 objecten. Tachtig jaar Katholieke Universiteit Nijmegen in voorwerpen van wetenschap, geschiedenis en kunst. Nijmegen, 2003. ISBN 90-5710-154-8
  • Proeven van eigen cultuur. Vijfenzeventig jaar Katholieke Universiteit Nijmegen 1923-1998. Dl. 1: 1923-1960, door Jan Brabers. Dl. 2: 1960-1998, door O. Schreuder. Nijmegen, Valkhof Pers, 1998. ISBN 90-5625-040-X
[bewerken | brontekst bewerken]
Zie de categorie Radboud University Nijmegen van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.